Tag Archief van: Theater

Theater / Voorstelling

Indrukwekkende musicalklassieker van hoog niveau

recensie: West Side Story
WSS-cast-1920x1080px liggendDaan Kaan

Eindelijk toert er weer een grote musicalklassieker langs de Nederlandse en Vlaamse theaters: West Side Story. Dit welbekende liefdesverhaal wordt groots gebracht, met veel acteurs, een indrukwekkend decor en een mooi orkest.

Deze musical vertelt het welbekende liefdesverhaal van Tony en Maria in het New York van de jaren ’50, gebaseerd op Romeo en Julia. Hun liefde is verboden, want hun vrienden en familie behoren tot de rivaliserende bendes de Sharks (de Puertoricanen) en de Jets (de Pools-Amerikanen).

Musical van hoog niveau

In West Side Story wordt van iedere artiest het uiterste gevraagd: zang, dans én acteren moeten van hoog niveau zijn wil de show indruk maken en dat is zeker gelukt. Vooral de zang en dans zijn van het hoogste niveau, klassiekers als ‘Vannacht’, ‘Maria’, ‘Een plaats voor ons’ en ‘Amerika’ maken veel indruk. Thijs Snoek als Tony en Silvana Rocha als Maria zijn vooral vocaal heel sterk en maken daardoor veel indruk. Het ensemble, de Jets en de Sharks, danst de sterren van de hemel. Alleen het acteerwerk van de gangsters komt niet altijd goed uit de verf, maar het is ook wel erg veel gevraagd om zeer goed dansende en zingende gangsters ook nog geloofwaardig als moorddadige gasten over te laten komen.

Het koppel dat daadwerkelijk van het podium afspat, omdat zang, dans, acteren én chemie helemaal samenvallen, zijn Anita en Bernardo: Esmée Dekker en Joey Ferré. Dit powerkoppel steelt de show en Esmée zorgt hier en daar ook nog eens voor een komische noot.

Kleine veranderingen

De musical is gemoderniseerd en volgt hierin vooral de filmversie uit 2021. Toch zijn er een paar opvallende regiekeuzes die geslaagd en minder geslaagd uitpakken. De nummers van de Jets, ‘Cool’ en ‘Wijkagent Krupke’, zijn omgedraaid, waardoor dit laatste komische nummer vrij slecht getimed voelt, omdat het pas komt nadat er al doden zijn gevallen.

Een andere opvallende keuze is om de twee doden na het gevecht te laten liggen op het toneel, ook na de pauze. Ze dansen zelfs nog even mee bij ‘Een plaats voor ons’, terwijl hun lichamen blijven liggen. Een geslaagde keuze, want het maakt hun dood nog dramatischer. Zeker ook als ze onder aan het balkon blijven liggen als Maria boven het luchtige nummer ‘Ik voel me heerlijk’ zingt. Al komt dat nummer niet helemaal lekker uit de verf door Maria met een handmicrofoon te laten zingen als een soort popster (wat even doet denken aan de nieuwe versie van Evita op West End), in plaats van dromerig voor een spiegel of bij een kledingkast.

Daarnaast is het decor indrukwekkend en speelt het door de uitschuivende en bewegende balkons echt een goede ondersteunende rol in de musical.

WSS_96-Foto Karlijn de Kok

©Daan Kaan

Tijdloze klassieker?

West Side Story is een echte musicalklassieker, gemaakt door musicalgrootheden Leonard Bernstein (componist) en Stephen Sondheim (liedteksten). Maar hoe tijdloos is deze musical uit 1957? Het liefdesverhaal is populair, zeker wanneer er in 1961 een iconische filmversie wordt gemaakt met Natalie Wood als Maria en Richard Beymer als Tony. In Nederland is er in 1996 een succesvolle Nederlandse bewerking te zien met Maaike Widdershoven en Addo Kruizinga, en in 2017 is er een Engelstalige internationale tourproductie in Nederland te zien. Ivo van Hove maakt in 2020 een totaal nieuwe Broadway-versie, die door de pandemie slechts een paar weken heeft gedraaid. In 2021 is er een verfilming door Steven Spielberg, met Rachel Zegler als Maria, die niet erg veel afwijkt van het origineel. Deze versie van De Graaf en Cornelissen Producties lijkt op die moderne filmversie gebaseerd te zijn.

Dit liefdesverhaal lijkt tijdloos, want onmogelijke liefde is van alle tijden. Toch voelt de klassieker hier en daar wat afstandelijk. Met ingewikkelde liefde kun je je makkelijk identificeren, maar twee vechtende New Yorkse bendes uit de jaren ’50 zijn toch een behoorlijke ver-van-je-bedshow. Maar moet elke klassieker dan helemaal gemoderniseerd worden? Denk aan de nieuwe Sunset Boulevard of Evita op West End en Broadway. Of dichter bij huis: Ivo van Hoves Jesus Christ Superstar. En diezelfde Van Hove heeft natuurlijk al die totaal andere versie van West Side Story gemaakt in 2020. Had die versie de musical dichter bij de Nederlander gebracht of blijft deze show een typisch Amerikaans liefdesverhaal?

Al met al is West Side Story zeker een aanrader om te zien. De productie pakt groot uit, is van hoog niveau en doet deze klassieker echt eer aan.

Theater / Voorstelling

Indrukwekkende musicalklassieker van hoog niveau

recensie: West Side Story
WSS-cast-1920x1080px liggendDaan Kaan

Eindelijk toert er weer een grote musicalklassieker langs de Nederlandse en Vlaamse theaters: West Side Story. Dit welbekende liefdesverhaal wordt groots gebracht, met veel acteurs, een indrukwekkend decor en een mooi orkest.

Deze musical vertelt het welbekende liefdesverhaal van Tony en Maria in het New York van de jaren ’50, gebaseerd op Romeo en Julia. Hun liefde is verboden, want hun vrienden en familie behoren tot de rivaliserende bendes de Sharks (de Puertoricanen) en de Jets (de Pools-Amerikanen).

Musical van hoog niveau

In West Side Story wordt van iedere artiest het uiterste gevraagd: zang, dans én acteren moeten van hoog niveau zijn wil de show indruk maken en dat is zeker gelukt. Vooral de zang en dans zijn van het hoogste niveau, klassiekers als ‘Vannacht’, ‘Maria’, ‘Een plaats voor ons’ en ‘Amerika’ maken veel indruk. Thijs Snoek als Tony en Silvana Rocha als Maria zijn vooral vocaal heel sterk en maken daardoor veel indruk. Het ensemble, de Jets en de Sharks, danst de sterren van de hemel. Alleen het acteerwerk van de gangsters komt niet altijd goed uit de verf, maar het is ook wel erg veel gevraagd om zeer goed dansende en zingende gangsters ook nog geloofwaardig als moorddadige gasten over te laten komen.

Het koppel dat daadwerkelijk van het podium afspat, omdat zang, dans, acteren én chemie helemaal samenvallen, zijn Anita en Bernardo: Esmée Dekker en Joey Ferré. Dit powerkoppel steelt de show en Esmée zorgt hier en daar ook nog eens voor een komische noot.

Kleine veranderingen

De musical is gemoderniseerd en volgt hierin vooral de filmversie uit 2021. Toch zijn er een paar opvallende regiekeuzes die geslaagd en minder geslaagd uitpakken. De nummers van de Jets, ‘Cool’ en ‘Wijkagent Krupke’, zijn omgedraaid, waardoor dit laatste komische nummer vrij slecht getimed voelt, omdat het pas komt nadat er al doden zijn gevallen.

Een andere opvallende keuze is om de twee doden na het gevecht te laten liggen op het toneel, ook na de pauze. Ze dansen zelfs nog even mee bij ‘Een plaats voor ons’, terwijl hun lichamen blijven liggen. Een geslaagde keuze, want het maakt hun dood nog dramatischer. Zeker ook als ze onder aan het balkon blijven liggen als Maria boven het luchtige nummer ‘Ik voel me heerlijk’ zingt. Al komt dat nummer niet helemaal lekker uit de verf door Maria met een handmicrofoon te laten zingen als een soort popster (wat even doet denken aan de nieuwe versie van Evita op West End), in plaats van dromerig voor een spiegel of bij een kledingkast.

Daarnaast is het decor indrukwekkend en speelt het door de uitschuivende en bewegende balkons echt een goede ondersteunende rol in de musical.

WSS_96-Foto Karlijn de Kok

©Daan Kaan

Tijdloze klassieker?

West Side Story is een echte musicalklassieker, gemaakt door musicalgrootheden Leonard Bernstein (componist) en Stephen Sondheim (liedteksten). Maar hoe tijdloos is deze musical uit 1957? Het liefdesverhaal is populair, zeker wanneer er in 1961 een iconische filmversie wordt gemaakt met Natalie Wood als Maria en Richard Beymer als Tony. In Nederland is er in 1996 een succesvolle Nederlandse bewerking te zien met Maaike Widdershoven en Addo Kruizinga, en in 2017 is er een Engelstalige internationale tourproductie in Nederland te zien. Ivo van Hove maakt in 2020 een totaal nieuwe Broadway-versie, die door de pandemie slechts een paar weken heeft gedraaid. In 2021 is er een verfilming door Steven Spielberg, met Rachel Zegler als Maria, die niet erg veel afwijkt van het origineel. Deze versie van De Graaf en Cornelissen Producties lijkt op die moderne filmversie gebaseerd te zijn.

Dit liefdesverhaal lijkt tijdloos, want onmogelijke liefde is van alle tijden. Toch voelt de klassieker hier en daar wat afstandelijk. Met ingewikkelde liefde kun je je makkelijk identificeren, maar twee vechtende New Yorkse bendes uit de jaren ’50 zijn toch een behoorlijke ver-van-je-bedshow. Maar moet elke klassieker dan helemaal gemoderniseerd worden? Denk aan de nieuwe Sunset Boulevard of Evita op West End en Broadway. Of dichter bij huis: Ivo van Hoves Jesus Christ Superstar. En diezelfde Van Hove heeft natuurlijk al die totaal andere versie van West Side Story gemaakt in 2020. Had die versie de musical dichter bij de Nederlander gebracht of blijft deze show een typisch Amerikaans liefdesverhaal?

Al met al is West Side Story zeker een aanrader om te zien. De productie pakt groot uit, is van hoog niveau en doet deze klassieker echt eer aan.

Theater / Voorstelling

Vrolijke musical over de roerige jaren 80

recensie: AFAS Theater - Doe Maar! de nederpopmusical
Doe maar - de nederpopmusical castSet Vexy

‘Pink goes good with green’, zei Glinda in Wicked, maar wie in het Nederlandse musicallandschap neongroen en roze combineert met een vleugje geel, reist terug naar de jaren 80 onder begeleiding van de muziek van de populaire band Doe maar. Momenteel is er een gelijknamige nederpopmusical te zien met de muziek van deze band in het AFAS Theater in Leusden. Een energieke show die ook leuk is voor mensen die niet in het bijzonder fan zijn van Doe maar.

Doe maar! de nederpopmusical is een echte jukeboxmusical, een musical op basis van de muziek van een of meerdere artiesten. Het stuk is echter geen biografische musical, want het vertelt niet de ontstaansgeschiedenis van de band Doe maar, maar een geheel nieuw verhaal (zoals Mamma Mia! dit doet met de muziek van ABBA).

Lastige en grappige situaties

Doe maar - de nederpopmusical

Beeld: Set Vexy

De musical speelt zich af in de roerige jaren 80, waarin we twee vriendinnen volgen en drie totaal verschillende huishoudens zien. De vriendinnen Janis (Isha Ferdinandus) en Alice (Maaike Franken) worden verliefd op de oudere Rits (Wolter Weulink), die worstelt met zijn eigen problemen. Janis heeft een hippie als moeder (Brigitte Heitzer) en Alice komt juist uit een heel strikt en traditioneel gezin met hardwerkende vader Rob (Han Oldigs) en ongelukkige moeder Ria (Ellen Pieters). Daarnaast moet Rits voor zijn jongere broertje (Jelmer de Groot) zorgen en staat zijn vader (Daniël Boissevain) na decennia ineens voor de deur.

Deze totaal verschillende gezinnen hebben elk hun eigen problemen en dat zorgt voor de nodige lastige en grappige situaties, die prima gevat worden in de nummers van Doe maar. Thema’s als protesteren tegen kernwapens, emancipatie, verliefdheid en drugs komen aan de orde. En dan blijken er ineens ook best veel parallellen te zijn tussen de jaren 80 en de huidige situatie in de wereld.

Groots aangepakt

In 2007 was deze musical ook al te zien, maar dit was een veel kleinere versie met weinig decor en een kleine cast (met onder anderen Jan Rot en Kim-Lian van der Meij). Deze versie van de Doe maar-musical is echt groots aangepakt: een cast met een groot ensemble, met op het podium het complete interieur van de drie huishoudens waar de musical over gaat.

Met het decor en de kleding waan je je zo in de jaren 80, en het grote kleurrijke ensemble draagt hier goed aan bij. Bovendien worden de draaischijven en lopende band goed ingezet in de choreografie, waardoor er bijvoorbeeld bedden of steps voorbijkomen op de juiste momenten.

Te midden van deze vrolijk gekleurde chaos blijft de sterke cast fier overeind staan. Wolter Weulink zingt als Rits schijnbaar moeiteloos allerlei Doe maar-hits en spat echt van het podium af. Brigitte Heitzer speelt een lieve zorgzame moeder en de hele cast is samen met de band vocaal sterk. Bovendien blijkt ook Daniël Boissevain een aardig nootje te kunnen zingen. De gehele musical is behoorlijk komisch, maar vooral Ellen Pieters en Han Oldigs hebben als het strikte echtpaar echt een goede humoristische dynamiek die voor veel gelach zorgt.

Doe maar - de nederpopmusical

Beeld: Set Vexy

Na het slotapplaus is de finale en kan het publiek lekker meezingen met nog wat bekende hits van de band. Wie Doe maar-fan was of die tijd bewust heeft meegemaakt, kan zijn pret niet op. Maar is de musical ook leuk voor mensen die Doe maar nauwelijks kennen? Ja, want het is een goed, energiek en vrolijk verhaal met aanstekelijke muziek. Hier en daar zijn de nummers wat anders gearrangeerd waardoor ze prima in het moderne gehoor liggen. Daarnaast is de muziek van Doe maar geschikt voor iedereen en je leert ook nog eens iets over de jaren 80.

Theater / Voorstelling

Hoe een tevreden burger tot een bange vluchteling verwordt

recensie: Prophet Song - ITA Ensemble/Mina Salehpour
Prophet Song © Andreas Schlager (13)Andreas Schlager

Hoe ontstaan vluchtelingen? Normale mensen die hun hele hebben en houden achterlaten in de hoop elders een nieuwe start te maken? Niet van de ene dag op de andere, in elk geval. De indrukwekkende voorstelling Prophet Song van ITA Ensemble laat het geleidelijke proces zien waarin een tevreden burger verandert in een angstige vluchteling.

Hoe reageren normale burgers wanneer de machthebbers zich opeens tegen hen keren? Bij de Ierse burgers in Prophet Song heerst eerst ongeloof: het zal zo’n vaart niet lopen, toch? Vervolgens zijn ze verontwaardigd: ja zeg, dat kan zomaar niet. Maar stukje bij beetje zet de neergang door, neemt rechteloosheid met bruut geweld de macht over en gaat de democratie ten onder. Het is niet moeilijk in Prophet Song alle hedendaagse oorlogen te zien, plus het regime van Donald Trump.

Noodwetvoorziening

In deze voorstelling van de Iraans-Duitse regisseur Mina Salehpour worden de burgers van Ierland overvallen door autoritaire machthebbers. Met een plots ingevoerde ‘noodwetvoorziening’ in de hand grijpen ze hard en redeloos in tegen burgers die hen onwelgevallig zijn. Na aanvankelijke verbazing en verontwaardiging om het rechteloze tekeergaan van agenten en soldaten, blijkt al snel dat tegenspraak, protesten of rechtszaken geen nut hebben.

Mannen worden zonder duidelijke aanklacht opgepakt. Vervolgens verdwijnen zij in het ondoorgrondelijke rechtssysteem – als er al sprake is van een rechtssysteem. Misschien komen ze nog ooit terug, misschien zijn ze ook al op dag één om het leven gebracht.

Onzichtbare baby

Zo wordt ook Larry (Sanne den Hartogh) opgepakt. Larry is de man van Eilish. Hij is voorzitter van de onderwijsvakbond en bereidt een staking voor. Reden om hem zonder pardon op te pakken. Net als een vriend, die al eerder in het gevang verdween.

Spil van de plot is vervolgens zijn echtgenote Eilish (Janni Goslinga), moeder van hun vier kinderen. De jongste is nog een baby. Eilish houdt baby Ben rechtop midden vóór haar lichaam vast. Met haar linkerhand ondersteunt ze het hoofdje, met de rechter de billetjes. Baby Ben is echter ‘onzichtbaar’: Goslinga draagt geen kind, geen pop, geen bundeltje doeken, maar een imaginair kind. Een baby is een symbool voor nieuw leven, voor de toekomst. In het onzichtbaar zijn van die baby kunnen we de twijfel zien aan de mogelijkheid van nieuw leven, aan de vraag of er wel sprake zal zijn van een toekomst.

Stapje voor stapje

Eilish gelooft niet in de plotselinge rechteloosheid. Ze gaat ervan uit dat haar man weer wordt vrijgelaten. Ze probeert ondertussen haar kinderen op koers te houden en voor haar dementerende vader (Gijs Scholten van Aschat) te zorgen. Heel langzaam, stapje voor stapje, na een reeks van nare incidenten, begint deze alledaagse vrouw in te zien dat er geen weg terug is, dat de situatie alleen maar erger zal worden.

Bewerkt boek

Prophet Song is een bewerking van het gelijknamige boek uit 2023 van de Ierse schrijver Paul Lynch. De internationaal vermaarde regisseur Mina Salehpour, als kind met haar ouders gevlucht uit Iran, bewerkte het boek samen met Lea Goebel tot een theatertekst.

Scenograaf Andrea Wagner geeft de spelers alleen een tafel, een stel sobere stoelen en een plastic teil als decor. Desondanks is de vormgeving groots, overweldigend, mede dankzij de subtiele belichting (lichtontwerp Mark Van Denesse) en een zeer zware, dreigende soundscape (componist Sandro Tajouri).
In het stuk volgen de gebeurtenissen elkaar in een razend tempo op, en Salehpour houdt er een moordend tempo in door de scènes bijna ongemerkt in elkaar te laten overvloeien. Daardoor vliegen de twee uur die de voorstelling duurt om.

Zwijgende massa

Mooie vondst is een soort klassiek Grieks ‘koor’ van figuranten op het podium. Nu eens lopen ze tussen de acteurs door, soms staan ze op een rij, of ze keren de spelers de rug toe. De figuranten symboliseren de zwijgende massa, de wereld die ziet hoe de ramp zich voltrekt, maar niet ingrijpt.

Salehpour heeft een hele roedel ijzersterke acteurs tot haar beschikking. Vooral Janni Goslinga als moeder Eilish levert een topprestatie. Goslinga staat feitelijk de volle twee uur in de schijnwerpers. We zien haar geleidelijk veranderen van liefdevol, vrolijk en strijdlustig in bang en wanhopig. Goslinga trekt alle registers van haar grote talent open, van lachend naar huilend, van beweeglijk naar stram.

Gijs Scholten van Aschat zet volkomen geloofwaardig en naturel een verwarde, eigenwijze dementerende vader neer. Jesse Mensah speelt oudste zoon Mark met toepasselijke bravoure, speels in stemgebruik en lichaamstaal. Maria Kraakman zet zo’n beetje alle vrouwenrollen neer, met groots gemak schakelend van personage naar personage.

Lichtvoetigheid

Opvallend is Roman Derwig als de speelse twaalfjarige zoon Bailey, en als een licht schmierende soldaat. Hij zet een mooie bokkige puber neer, en een irritante, spottende soldaat. Derwig speelde eerder dit jaar de titelrol in Hamlet bij Theater Rotterdam. Toen stond hij er vooral bij als een jammerende jongen, met hangende wenkbrauwen en een pruillip. In Prophet Song stuitert Derwig met jeugdige lichtvoetigheid over het podium.

De enige die niet goed uit de verf komt, is ‘Ntianu Stuger als dochter Molly. Stuger heeft zich de afgelopen jaren bewezen als groot talent, maar ze krijgt van Salehpour nauwelijks de ruimte om méér te doen dan het meisje nogal hangerig neerzetten.

Vreedzaam

De apocalyps waar de voorstelling op afstevent, is niet louter inktzwart. Er is een uitweg. Vluchtelingen zetten in een lange sliert koers naar de grens met een vreedzaam buurland. Misschien hebben ze tóch een toekomst.

Tekst: Paul Lynch
Bewerking: Mina Salehpour en Lea Goebel
Scenografie: Andrea Wagner
Componist: Sandro Tajouri
Lichtontwerp: Mark Van Denesse
Kostuumontwerp: Maria Anderski

Theater / Voorstelling

Sommige Nederlanders zijn Nederlandser dan andere Nederlanders

recensie: FIRST MAN. Hoe ik bijdroeg aan de omvolking van Nederland - SADETTIN K/Nicole Beutler Projects
FIRST MAN - Bart Grietens-7Bart Grietens

‘Moeten opa en oma nu het land uit?’ vraagt het zoontje van de Turkse man in FIRST MAN als in 2023 de PVV de verkiezingen wint. Het zoontje voelt zich ‘plotseling’ een vreemdeling. De vader reageert met verbijstering, vertwijfeling en woede: ‘Belachelijk dat ik moet nadenken over zo’n vraag.’

In de solovoorstelling FIRST MAN. Hoe ik bijdroeg aan de omvolking van Nederland bekijkt een vader de verrechtsing vanuit het standpunt van de Nederlander met een niet-westerse achtergrond. FIRST MAN is een coproductie van SADETTIN K en Nicole Beutler Projects.

Niet-Nederlands

Leg het maar eens uit aan je kind, geboren uit een Nederlandse moeder en een Turkse vader. Dat er bepaalde Nederlanders zijn die vinden dat ze Nederlandser zijn dan dit biculturele kind, dat dit hún land is, en niet dat van het kind. En wat de vader vooral moet uitleggen: dat het kind in die storm van tegenwerking overeind moet blijven, moet blijven wie het is, inclusief zijn anders-klinkende naam, inclusief niet-Nederlandse voorouders.

Onalledaags onderwerp

In FIRST MAN. Hoe ik bijdroeg aan de omvolking van Nederland laat acteur Sadettin Kirmiziyüz (Zutphen, °1982) aan zijn publiek zien hoe hij denkt dat gesprek met zijn tienjarige zoon te zullen voeren aan de keukentafel. Die keukentafel is denkbeeldig, het decor bestaat uit niet meer dan een hoge witte lichtzuil, plus een vierkant zwart blok om op te zitten en op te staan (scenografie Emin Batman). De afwezige, spreekwoordelijke keukentafel staat symbool voor een alledaags gesprek over een onalledaags onderwerp.

Radicaal-rechts wint in Nederland jaar na jaar meer terrein, stelt Kirmiziyüz. Dat, terwijl hij, toen zijn zoon werd geboren, toch verwachtte dat de wind wel weer zou gaan liggen. Maar het racisme neemt toe. Iedereen met zogenoemde ‘niet-westerse’ roots krijgt de schuld van alles wat misgaat. Hoe goed je ook je best doet, je hoort er nooit bij; de klappen vallen altijd in jouw hoek. Probeer daarin nog maar eens normaal te blijven functioneren.
En toch: dit is ook het land van de Turkse grootouders, van de vader en van de biculturele zoon. Zelfs al zouden ze kúnnen ‘repatriëren’, zelfs dan: Nederland is hun thuis.

Politiek cabaret

De vader, de ik-figuur, valt samen met Sadettin Kirmiziyüz, die deze voorstelling zelf zowel heeft geschreven als speelt. Daarmee ontstaat een nogal hybride schouwspel, dat het midden houdt tussen toneel en politiek cabaret; niet zozeer geacteerd, als wel verteld. De tekst heeft duidelijk een lange ontstaansgeschiedenis, met als voorlopige slotsom de actuele verkiezingsuitslag, waarin de middenpartij D66 nipt won van de radicaal-rechtse PVV.

Vreemd element

Het is jammer dat Kirmiziyüz zich in zijn tekst echt te lang laat meeslepen door een toekomstfantasie waarin onoverwinnelijke superhelden van Superman tot Star Trek-types ten strijde zullen trekken tegen boze krachten, om hem en de zijnen te redden. Het doel van deze zijstraat in de verhaallijn is niet echt helder. Er moet een superheldenpak aan te pas komen, dat Kirmiziyüz moet aantrekken. In de tekst springt hij van de hak op de tak met associatieve oneliners. Ook een stuk spel zonder woorden, ondersteund door een zware soundscape, duurt erg lang.

Een vreemd element is ook de stem van HAL, de computer uit Stanley Kubricks klassieke sciencefictionfilm 2001: A Space Odyssey. Computer HAL (je kunt er in het heden AI in zien) neemt in de film de macht over van de menselijke astronauten, totdat ze hem eindelijk de baas worden.

Hartverscheurend

Deze zijstappen vormen verwarrende onderbrekingen in het overigens uiterst zinnige betoog van Kirmiziyüz. Zijn persoonlijke boodschap en de zorgen om de toekomst van zijn zoon, tegen de achtergrond van een radicaliserend Nederland, zijn raak. Pijnlijk. Hartverscheurend. Kirmiziyüz brengt die passages met afwisselend vertwijfeling, angst, kwaadheid, verontwaardiging, frustratie… en hij heeft gelijk. Zijn uiteenzetting over het wij-zij-denken van Nederlanders met een Nederlandse achtergrond snijdt beslist hout. Zulke Nederlanders proberen mensen buiten te sluiten met wie ze al decennialang samenleven. Hoog tijd om de kinderen van de ‘nieuwe’ Nederlanders onomwonden gerust te kunnen stellen.

Tekst: Sadettin Kirmiziyüz
Dramaturgie: Liet Lenshoek
Scenografie: Emin Batman
Licht: Gé Wegman
Compositie: Gary Shepherd

Theater / Voorstelling

Het roofdier is weer vrij

recensie: Hoge Bomen – Bellevue productie/Het Nationale Theater
Hoge Bomen - © Juliette de Groot - Bellevue _ HNT 1Juliette de Groot

‘Waarom moet jij weer dingen maken? Waarom kun je niet gewoon onzichtbaar blijven?’ Aldus actrice Leyla, #MeToo-slachtoffer tegen regisseur Sven, de man die haar belaagde. In de interessante lunchvoorstelling Hoge Bomen van Het Nationale Theater/Bellevue producties staat de vraag centraal of een gecancelde ‘dader’ ooit weer terug kan en mag komen in zijn oude beroep.

Nu het ergste stof is neergedaald rond de storm van #MeToo-kwesties, nu er gedragsregels zijn opgesteld om herhaling te voorkomen, schuift schrijver Koen Caris in Hoge Bomen een gestrafte, gecancelde dader naar voren. Mag een #MeToo-dader ooit nog een podium krijgen, een voorstelling maken? En zo ja: onder welke voorwaarden? En wat doet zo’n terugkeer met de slachtoffers?

Vieze vingers

Caris voert in Hoge Bomen de gevierde regisseur Sven op. Alom geloofd en geprezen om zijn werk, maar achter de schermen een hork, die bovendien met zijn vieze vingers aan spelers zat. Onder anderen aan actrice Leyla, met wie hij zelfs een relatie had; al was die totaal ongelijkwaardig, begrijpen we.

Op het moment dat de voorstelling begint, is het vier jaar geleden dat Sven aan de schandpaal werd genageld wegens seksueel geweld. Best lang alweer, vindt Sven zelf. Hij heeft besloten dat hij een voorstelling wil maken over zijn daden en de nasleep ervan. Maar dan wel met goedkeuring en zelfs met medewerking van zijn slachtoffers. Hij klopt aan bij de zwaar getraumatiseerde, afwerende Leyla om haar dit plan voor te leggen.

Grenzen

Dat bezoek gaat gepaard met allerlei, zeer herkenbare, gedragsregels die naar aanleiding van #MeToo zijn opgesteld. Gedragsregels die potentiële slachtoffers in de gelegenheid moeten stellen hun grenzen aan te geven.
Sven verschijnt voor Leyla’s deurbelcamera: ‘Het spijt me dat je mij moet zien’. Vraagt expliciet om toestemming om binnen te mogen komen; maar hij haalt bij binnenkomst tegelijkertijd met een vies gezicht zijn neus op, alsof het in het huis van Leyla stinkt. Hij moet verplicht de deur openlaten om te voorkomen dat zij zich opgesloten of in het nauw gedreven zal voelen, maar hij onderhandelt over hoe vér die deur open moet blijven.

Neerbuigend

Raygin Fullinck, een jaar geleden afgestudeerd aan de regieopleiding, laat dader Sven (Bram Coopmans) zijn schijnbaar vriendelijke teksten veelal spelen met een vileine onderstroom in mimiek en lichaamstaal.
Coopmans is zeer fascinerend als de regisseur die zijn agressie en zijn libido niet in de hand had. Meteen tijdens zijn eerste pogingen om slachtoffer Leyla te benaderen, geeft Coopmans Sven een arsenaal aan glimlachjes en blikken mee die verglijden van meewarig, cynisch en sarcastisch tot neerbuigend. Hij fleemt, slijmt. Het mooie daaraan is dat je als toeschouwer denkt: ik geloof er niks van dat deze man zijn lesje heeft geleerd. Hij is nog even manipulatief als toen hij in de fout ging. Hij heeft zich alleen het deemoedige vocabulaire aangeleerd dat het roofdier moet bezigen om nog aan de bak te kunnen komen.
Door deze tweeslachtigheid wordt de vraag of Sven ook maar íéts heeft geleerd van zijn neergang, en van de jaren waarin hij niet heeft kunnen werken. Hij vindt nog steeds dat hij deze vrouw mag domineren.

Ongenuanceerd kwaad

Soumaya Ahouaoui als Leyla heeft helaas een te klein palet aan kleuren om een heel genuanceerd personage neer te zetten. Wat betreft haar lichaamstaal, maar vooral: voor wat betreft haar stemgebruik. Ze is eigenlijk de hele voorstelling boos, agressief, gefrustreerd. De beweging moet vooral komen uit haar armen en uit haar vooruitgestoken nek. Het volume van haar stem varieert weinig. Mogelijk verkiest regisseur Fullinck niet méér emoties voor het personage van de belaagde actrice, maar heel geloofwaardig is dat niet: Leyla moet nu vier jaar verder zijn, en dan zou ze nog even ongenuanceerd kwaad zijn.

Bijten

Hoge Bomen is zowel een spel als een gevecht. Het decor (scenografie: Nina Kay) is een ruitvormige, knalrode verhoging, waarin je een podium of een boksring kunt zien. De spelers benaderen elkaar erop, of scheppen er juist afstand mee. Fraai is in de achterwand een boog van beeldschermen waarop onder anderen een vervaarlijk happende dobermann pinscher is te zien.

Het roofdier is weer vrij. De vraag is of het ooit zal begrijpen dat het nooit meer mag bijten. Als we de cynische ondertoon van de regisseur mogen geloven, valt dat te betwijfelen.

Tekst: Koen Caris
Dramaturgie: Kyra Mol
Scenografie: Nina Kay
Lichtontwerp: Floriaan Ganzevoort
Muziek: Jin Hoogerwerf

Theater / Voorstelling

Als de draad van Ariadne

recensie: Zachtop lachen – Kobratheater
Zachtop lachenAnnemieke van der Togt

Deze recensie verschijnt in medias res; de première van het toneelstuk Zachtop lachen ligt al enige tijd achter ons, maar de dernière is pas op 21 december 2025 in Maastricht. Tijd genoeg dus om nog een bezoekje aan de sterke voorstelling te plannen. En het gelijknamige boek waarop het is gebaseerd, van Malou Holshuijsen – ook op deze site besproken – erbij te pakken.

Esther Scheldwacht (Het Nationale Theater) bewerkte het boek en regisseerde de voorstelling met slechts drie personages: Malou (gespeeld door Emma Buysse), haar psychiater (geacteerd door Kees Hulst) en haar jeugdvriendin Madé (Minouk Beekman, tevens akoestische en elektrische gitaar en zang).

Malou en Indië

Malou is een vrouw die lijdt aan PTSS, angststoornissen en waarschijnlijk ook nog eens baarmoederhalskanker. Voor de psychische aandoeningen is ze onder behandeling van een psychiater, die haar EMDR-therapie geeft. Geslaagd of niet? Voor een antwoord moet je het stuk zien of het boek lezen.

De zetting op toneel is een steriel witte, halfronde bank met hoge rug waarin een lichtbalk is aangebracht (decor van Lidwien van Kempen). Fel licht, dat niet altijd fijn is voor de ogen. Slechts een keer baadt de bank in warm licht (ontwerp van Yuri Schreuders). Namelijk op het moment dat het gaat over het Indië van oma Helana (zeg niet Indonesië, meent ze). Zij zat in een jappenkamp.
Een achtergrond die een grote rol speelt in het intergenerationele verhaal en in de stilte over dat verleden. Er vallen ook geladen stiltes in de opvoering, en de grappen die Malou tegen de psychiater maakt, zijn in de toneelbewerking minder nadrukkelijk aanwezig dan in het boek.

In de zaal wordt slechts een keer echt uitbundig gelachen. Op het moment namelijk dat Malou op de vraag van de psychiater wat ze zou doen als ze alles wist, antwoordt: ‘Meedoen met De slimste mens’. Verder wordt er zachtop gelachen, zoals oma in het boek doet in de ambulance op weg naar het ziekenhuis, ‘een lachje, zachtop’. Alleen wanneer Malous vier jaar jongere broer oma voor de voeten werpt dat ze toch wel vier jaar vakantie heeft gehad in een kamp, schatert ze het uiteindelijk uit. Alles weglachend, zoals Malou grappen maakt.

Madé en het muziekontwerp

Bijzonder treffend is het muziekontwerp van Moos de Walle, met dank aan Lucky Fonz III. Zoals de tekst van de drie spelers werkt als recitatieven (verhalende gedeeltes) in bijvoorbeeld de passionen van Joh. Seb. Bach, zo werken de gitaarmuziek en zang van Madé als aria’s (reflecties op de tekst).
Verder ondersteunt musique concrète (geluiden uit de werkelijkheid, zoals van treinen, omroepberichten op een perron) het geladen verhaal.

Een verhaal dat zich ontvouwt als een draad van Ariadne, zoals Madé aan het begin van het stuk al breiend op het podium zit en al breiend rondloopt. Ze breit iets roods, de kleur van zowel gevaar als de liefde. Die dubbelslag zit in het stuk en wordt ook door Kees Hulst invoelend over het voetlicht gebracht.

Een knappe bewerking, kortom, gespeeld door drie ijzersterke acteurs. Ga!

Theater / Voorstelling

Clash van culturen en van rollenpatronen

recensie: Gedeelde grond – Stichting Nox/Meervaart/Theaterbureau De Mannen
Mouna en Walid_Gedeelde Grond (c) Richard Beukelaar (1)Richard Beukelaar

‘De lucht, de geur, het eten’, verzucht Mounir. De hele atmosfeer maakt dat hij het gevoel heeft dat hij thuiskomt als hij vanuit Den Haag naar Marokko reist. Maar zijn vrouw Salma maakt in Den Haag carrière. Voor haar betekent Nederland thuis en Marokko vakantie. Gedeelde grond, een fascinerende voorstelling van de combinatie Stichting Nox/Meervaart/Theaterbureau De Mannen, toont een koppel in een culturele spagaat.

Behoren tot de tweede of tot de derde generatie immigranten in Nederland maakt dat je onvermijdelijk bungelt tussen meerdere culturen. Vaak biedt Nederland werk, een inkomen en hopelijk een toekomst voor de kinderen. Maar ook stress, discriminatie, weggezet worden als iemand met ‘een niet-westerse achtergrond’. Het land van herkomst is echter voor vrouwen vaak minder ideaal.

Toekomst

Gedeelde grond, geschreven door Max Wind, laat een echtpaar zien dat zeer aan elkaar gewaagd is. Allebei ambitieus en succesvol in de eigen branche, allebei vastbesloten het te maken in de maatschappij. Alleen: diep in hun hart hebben ze verschillende visies over hoe hun toekomst eruit moet zien.

Mounir is in Nederland weliswaar een succesvolle ondernemer, hij vindt het ook een vervelend land, met vervelende mensen die vervelend discrimineren en die in hem altijd de allochtoon zien.
Salma is een rijzende ster in de politiek, ziet hoe haar kinderen het behoorlijk doen in Nederland. Voor haar betekent Noord-Afrika een plek om met vakantie te gaan; maar daarna wil ze weer naar huis, naar Den Haag.
Stof voor een fundamenteel conflict: hij wil de verhuizing naar Marokko afdwingen, zij is met haar hoofd alweer bij terugvliegen naar Nederland, naar haar werk.

Rollenpatronen

Het stuk is de acteurs op het lijf geschreven: Mouna Laroussi is van Nederlands-Marokkaanse komaf, haar personage ook. Walid Benmbarek heeft een Marokkaans-Tunesische achtergrond. Vooral Benmbarek spreekt tijdens de voorstelling hier en daar een paar zinnen Arabisch – die hij vervolgens zelf vertaalt naar het Nederlands.

De wrijving tussen het koppel gaat niet alleen over de hang naar Marokko of die naar Nederland, maar ook over gender- en rollenpatronen. Terwijl Mounir zijn vrouw graag gewoon zou verwennen – zo mag ze van hem best stoppen met werken – is Salma juist vastbesloten een sterke maatschappelijke functie op zich te nemen.

Vanzelfsprekende chemie

Behalve met tekst vertellen de personages het verhaal ook met oogstrelende acrobatiek-achtige dans (choreografie Jakop Ahlbom). Deze acteurs zijn ook in het dagelijks leven een koppel. Die vanzelfsprekende chemie werpt hier beslist haar vruchten af.

In de regie van Zorba Huisman is vooral Laroussi zeer overtuigend. Haar timing, stemgebruik, lichaamstaal zijn puntgaaf. Zij is helemaal in het zwart gekleed, met halfblond geverfd haar.
Benmbarek is in zwart-wit gekleed, met een zwart shirt en een witte broek en schoenen; zijn kleren symboliseren het dilemma waarmee hij kampt. Hij is onrustig, beweegt erg veel met zijn armen. Benmbarek zet het macho personage met wat overdrijving neer, hier en daar moet hij een beetje trekken om geloofwaardig te zijn.

Liefdevolle sfeer

Mouna en Walid_Gedeelde Grond (c) Richard Beukelaar (3)

© Richard Beukelaar

Het decor, dat een villa in Marokko voorstelt, is vormgegeven als een soort grijze apenrots, opgebouwd uit staande en liggende gemarmerde blokken. Buitengewoon functioneel: de acteurs lopen, buitelen, stuiteren, dansen over de blokken, benaderen elkaar of scheppen juist afstand met behulp van die blokken. Het licht ondersteunt de sfeer van liefdevol warm oranjegeel tot onbehaaglijk strak wit.

Sterk aan de plot van Gedeelde grond is dat de vrouw en de man in zekere zin allebei gelijk hebben en krijgen. De spagaat is onvermijdelijk. Het moeten combineren van twee zó verschillende culturen is lastig. Zie er maar eens mee om te gaan.

 

Tekst: Max Wind
Choreografie: Jakop Ahlbom

Theater / Voorstelling

Hoe houden vrouwen zich staande in een door mannen ontworpen wereld?

recensie: Phaedra in vlammen – Het Nationale Theater
Phaedra in vlammenBart Grietens

Midden op de speelvloer staat een grote transparante bak met water. Een bad waarin je je kunt reinigen. Een privéplek waarin je je ongezien kunt wanen en die de gelegenheid biedt voor intimiteit. Maar in een bad kun je ook het lichaam van een dierbare overledene wassen. Het bad krijgt al deze functies in de genadeloze Phaedra in vlammen van regisseur Ola Mafaalani bij Het Nationale Theater.

Phaedra is het zat, ze krijst het uit van ellende. Al twintig jaar speelt ze de gedweeë koningin in de poppenkast die het hof van haar man Theseus is. Theseus is de held die op Kreta het monster Minotaurus doodde. Maar hij is ook saai. En hij houdt er een stoet minnaressen op na. Hij heeft allang geen oog meer voor zijn vrouw, er is alleen nog obligate intimiteit die eerder afstandelijk is dan warm.

Theseus schenkt Phaedra groteske kledingstukken. Hij belemmert opzettelijk haar bewegingsvrijheid door enorme tulen kostuums voor haar mee te brengen. Die passen over de bruidsjurk die ze altijd draagt, symbool voor het onherroepelijk gebonden zijn aan haar man. In die tulen kooi kan Phaedra niet alleen niet vrijuit bewegen, ze kan daardoor ook niet dicht bij anderen komen, kan niet intiem worden en raakt zo onvermijdelijk geïsoleerd (kostuumontwerp: Regine Standfuss).

Steen in de vijver

De aankomst van de jeugdige Persea aan het hof is de steen die in die stilstaande vijver wordt gegooid. Persea is door Theseus uitverkoren als verloofde voor zijn troonopvolger Demophon. Maar met Persea komt een jonge vrouw binnen die maling heeft aan de heersende mores in deze mannenwereld. Zij ziet het lijden van Phaedra en probeert haar te helpen met geneeskrachtige kruiden. Persea is zuiver, eerlijk, onbedorven door intriges en gekonkel, immuun voor de giftige hofcultuur. En ze valt buiten de invloedssfeer van hogepriester Panopeus, die Theseus in de tang houdt. Tot haar eigen verbazing wordt Phaedra verliefd op deze verloofde van haar zoon, met alle noodlottige gevolgen van dien.

Vrouwenstuk

Phaedra in vlammen is geschreven door Nino Haratischwili (Georgië, 1983). De plot is losjes gebaseerd op Hippolytos (428 v.Chr.) van Euripides en Phèdre (1677) van Racine. In die stukken wordt Phaedra verliefd op haar stiefzoon Hippolytus. Haratischwili actualiseert het drama en maakt er een vrouwenstuk van, mede door de liefde van Phaedra te laten uitgaan naar een vrouw.

Verantwoordelijkheid

Regisseur Ola Mafaalani (Syrië, 1968) heeft een lange staat van dienst als regisseur van maatschappelijk relevante, geëngageerde voorstellingen. Vrijblijvendheid, zo naïef zijn dat je de consequenties van je keuzes en je daden niet overziet, waardoor je zomaar onbedoeld ongeluk en kwaad veroorzaakt… Mafaalani gelooft er niet in. Iedere mens heeft een verantwoordelijkheid voor zijn eigen geluk en dat van de ander, en voor de samenleving als geheel. Met die verantwoordelijkheid moet je zorgvuldig en integer omgaan.

Mafaalani laat de personages in Phaedra in vlammen onverantwoorde keuzes maken die uiteindelijk anderen of de samenleving schaden. De enige die zich volledig bewust is van de consequenties van zijn daden is de hogepriester Panopeus, prachtig vilein gespeeld door Rick Paul van Mulligen.

As

Rode draden door de hele voorstelling heen zijn de muziek van de strijkers van het New European Ensemble, en de as die gestaag vanuit het plafond op het podium en de spelers dwarrelt. Die as is de voorbode van de onafwendbare rampspoed die over Phaedra zal worden uitgestort. Malou Gorter speelt de koningin afwisselend woedend, cynisch, verbaasd, liefdevol. Van fluisterend tot krijsend.
Yela de Koning als Persea draagt een sobere, rechte grijze jurk en lange grijze kousen. Ze heeft grote zware bergschoenen, waardoor ze letterlijk op haar tenen door deze mannenwereld kan lopen. Yela de Koning zet de verloofde kalm en onverstoorbaar neer: puur, eerlijk, integer, onbedorven, kwetsbaar.

Op Van Mulligen na krijgen de mannenrollen van Mafaalani minder ruimte. Gustav Borreman in de rol van Theseus, en Yamill Jones als troonopvolger Demophon hebben vooral korte, kleine teksten, waardoor weinig diepgang kan ontstaan. Sander Plukaard als de jongere zoon Acamas komt beter uit de verf. Plukaard overtuigt als de verwende, verliefde, jaloerse, puberale verrader die uiteindelijk het laatste duwtje geeft aan de neergang van Phaedra en Persea.

Feminiene ambities

De portee van Phaedra in vlammen is helder. Aangezien de wereld niet is ontworpen door vrouwen, rekening houdend met wat voor hen het meest zinvol is, maar door mannen en vanuit hun verlangens, kunnen vrouwen hooguit optimaal functioneren door zich zo goed mogelijk aan die mannelijke norm aan te passen. Vrouwen die feminiene ambities vooropzetten, zullen dat bezuren. Dat is de boodschap die regisseur Ola Mafaalani brengt met haar noodlotsdrama bij Het Nationale Theater. Betekenisvol theater maken: dit is hoe je dat doet.

 

Tekst: Nino Haratischwili
Muziek: Emlyn Stam, Santiago Velo, Matthijs Broersma, Willem Stam, Astrid Haring, Ernestine Stoop, Rada Ovcharova, Jellantsje de Vries
Decorontwerp: Jeffrey Kranen, Ola Mafaalani
Kostuumontwerp: Regine Standfuss

Kunst / Achtergrond
special: Maurizio Cattelan: A Clever Way into the Heart
Maurizio CattelanSilke van Kamp

Verscholen onder de spotlight

Gehuld in een vilten maatpak rollen er lovende woorden over de tong van Silke van Kamp. Dat een voordracht van een essay over een hedendaagse kunstenaar zó meeslepend en leuk kan zijn, bewijst deze onder de spotlight gestapte regisseur. De laatste week van september is haar theatrale voordracht A Clever Way into the Heart te zien in de zalen van Frascati in Amsterdam – en gedurende oktober ook in verschillende theaters in de Randstad. Haar manifest werd bekroond met de Lucian T. Armozatia Award. Iedereen die Silkes voordracht heeft gezien, begrijpt precies waarom.

‘Alles is fout, alles is slecht, alles is al gemaakt en jij bent slechts een schil die iedereens tijd verspilt.’ In A Clever Way into the Heart word je meegezogen, en vind je jezelf, naast Van Kamp, vastgelijmd aan haar bed. Moe van het bluffen, zakelijk gelul en geldzaken. Bang en verdrietig, om de onbeantwoorde vraag: ‘Wat betekent kunst nog voor mij?’ Silke, theatermaker en schrijfster van dit manifest, houdt wél van kunst. ‘Misschien wel zoveel dat ik er bang voor was en het ging haten’, vertelt ze over het moment dat ze thuis in bed ligt met een burn-out. Opgebrand. Totdat ze op het werk van Maurizio Cattelan stuit en haar ‘held’ ontmoet. Iemand die zich verzet tegen alle mogelijke autoriteit in de wereld van de kunst, in plaats van zich erdoor te leiden.

Stupid

Silke droomt van eeuwig beginnen, verzucht ze. ‘Zolang ik niet begin, blijf ik voor altijd briljant in mijn hoofd.’ Ze heeft last van faalangst, is haar plezier en eigenwijsheid verloren. Bang voor de meningen van anderen, bang om te horen dat haar werk niet goed genoeg is, dat het niet bijzonder, of simpelweg stom, is. Ze slaat steil achterover als ze ontdekt dat het juist de angst om iets stoms te maken is wat haar held, Cattelan, in zijn kunstpraktijk omarmt. ‘Toen wist ik dat ik écht van kunst hield’, roept ze, wanneer ze leert dat de stoerste rebel die ze kende, het bangst was van iedereen.

Eeuwig beginnen

Silkes held was letterlijk doodsbang om de ruimte met zijn kunstenaarschap te vullen. Dat blijkt in Torno Subito. In 1986 kreeg de steiloor de kans om een solo-expositie in te vullen in een galerie in Bologna. Maurizio was slechts vier jaar geleden als kunstenaar begonnen en vulde de lege expositieruimte enkel met één klein bordje. ‘TORNO SUBITO‘, las je erop. De klassieke ‘BE RIGHT BACK‘ tekst van winkeliers. De galeriebezoekers stonden in een lege ruimte gespannen te wachten op kunst of een kunstenaar die nooit verscheen. Wachtend op ‘het briljante werk van een kunstenaar die nog moest beginnen’, pleit de essayschrijfster met twinkelende ogen op het podium.

Kwetsbaar

Silkes bewondering werkt aanstekelijk als ze stapsgewijs uitlegt welke zes terugkerende elementen van Cattelan een grootmeester maken. Niet alleen meester van de kunst, maar ook – of misschien wel vooral – meester van zijn publiek.

This is the one profession in which I can be a little bit stupid, and people will say ‘Oh you’re so stupid; thank you, thank you for being so stupid’

Cattelans woorden prikkelen de tot burn-out verslagen Silke tot haar diepste. Ze voelt zich verwant aan zijn werk, de onopvallende kwetsbaarheid die schuilgaat achter de steile oren van Cattelan raakt haar.

Net als bij de Italiaanse grootmeester, is het ook de kwetsbaarheid achter Silkes bravoure waarmee ze haar publiek om haar vinger windt. Met ongeremde trefzekerheid zet ze het kleinste en meest ongemakkelijke van zichzelf en Cattelan in de spotlight. Haar theatrale essaylezing is doordrenkt van een meeslepend spanningsveld tussen zelftwijfel en het verlangen naar bevestiging, en stuurt je naar huis met een grote dosis materie om over na te denken.

Nog te zien tot: 14/10/2025 (Het Nationale Theater, Den Haag), 30/10/2025 (Theater Kikker, Utrecht).

Theater / Voorstelling

Zingend op de bouwplaats van het leven

recensie: Hoe overleef ik alles wat ik niemand vertel? de Musical
scènebeeld Hoe Overleef Ik-musicalAnnemieke van der Togt

Anno 2025 zijn de survivaltips van de Hoe overleef ik-serie weer helemaal terug en nu gericht op (jong)volwassenen. Na het succes van het boek Hoe overleef ik alles wat ik niemand vertel? (2023) van bestsellerauteur Francine Oomen is er nu de gelijknamige musical. Laat het boek zich goed vertalen naar het toneel?

Op 14 september 2025 ging Hoe overleef ik alles wat ik niemand vertel? de Musical feestelijk in première in Theater aan de Parade in Den Bosch. Amper twee jaar geleden kwam het boek uit en in deze zeer korte tijd is het verhaal bewerkt tot een musical.

Nostalgie naar de HOI-serie

Het HOI-universum (hoe overleef ik) is deze maand weer helemaal terug met een tweede boek voor jongvolwassenen én een musical. Aan het begin van deze eeuw brak auteur Francine Oomen door met haar HOI-boeken voor tieners over de vriendengroep Rosa, Esther en Jonas. Een hele generatie jongeren is groot geworden met deze boekenserie bestaande uit titels als Hoe overleef ik het jaar 2000?, Hoe overleef ik mezelf? en Hoe overleef ik mijn eerste zoen? Deze boekenserie mondde destijds ook al uit in een film en twee musicals.

Inmiddels zijn Rosa en haar vrienden volwassenen geworden. Francine Oomen liet zich een paar jaar geleden namelijk inspireren door een tiktok van een jongen die behoefte had aan volwassen survivaltips van de HOI-boeken. Zo verscheen in 2023 het succesvolle boek waar deze musical op is gebaseerd. Twee jaar later is er een nieuw boek Hoe overleef ik alles wat anders gaat dan gedacht?, terwijl in dezelfde maand het eerste boek voor volwassenen op het toneel verschijnt in de vorm van een musical.

Quarterlifecrisis

Rosa is inmiddels 25, ze worstelt met de problemen in haar leven, en haar vriendschappen zijn verwaterd. In een opwelling mailt ze Esther, die in Amerika woont, en stelt voor om samen op vakantie te gaan naar Portugal in de buurt bij Joya. Ze spoort Jonas op en maakt samen met hem een lange roadtrip naar Portugal, waar ze Esther en Joya ontmoeten. Aan de buitenkant zien hun levens er goed uit, maar als ze in gesprek gaan, blijkt iedereen met grote problemen te worstelen en lijken ze allemaal in een quarterlifecrisis te zitten.

© Annemieke van der Togt

De musical laat zien dat het leven op sociale media er nog zo mooi kan uitzien, maar dat iedereen worstelt met problemen en het juist kan helpen om er met elkaar over te praten. Het boek blijft dan ook prima overeind als musical. Natuurlijk zijn er veranderingen, maar die komen de show ten goede. Af en toe missen de vrienden van Rosa wat diepgang in de musical, want deze focust vooral op de problemen van Rosa, terwijl het boek wel wat meer achtergrondinformatie geeft over de andere personen.

Een bouwplaats

Wat meteen in het oog springt als je de theaterzaal binnenloopt, is dat het podium is omgetoverd tot bouwplaats. Het verhaal speelt zich juist af op verschillende plekken in Nederland en Portugal en een reis door Europa, maar niet op een bouwplaats. De bouwplaats van het leven, de bouwplaats van de problemen in je hoofd, de bouwplaats in het hoofd van Rosa, vul zelf maar in. Het abstracte decor van Joris van Veldhoven is ijzersterk en lost natuurlijk ook het ‘probleem’ op van al die verschillende locaties die anders op het toneel verbeeld moeten worden.

Het is een kleine musical, die slechts door vijf acteurs wordt gespeeld en waarin slechts één iemand een dubbelrol vertolkt (Twan Bosschaart als Abel en Jurriaan). De acteurs hebben een goede chemie en komen over als een gezellige vriendengroep. Mitch Blaauw, die Jonas speelt, valt erg op door zijn goede komische timing en krijgt daardoor de hele zaal mee, zonder dat hij een karikatuur maakt van de onzekere Jonas.

Het boek laat zich goed tot een musical vertalen, doordat de vele gedachten van Rosa in verschillende nummers worden vertolkt. Zo blijft het verhaal vaart houden en komt de gedachtestorm van Rosa ook duidelijk naar voren. Kortom, Hoe overleef ik alles wat ik niemand vertel? de Musical is een geslaagde show, die een inkijkje geeft in het leven van de moderne twintigers met een quarterlifecrisis.