Berichten

Theater / Voorstelling

Superheld zkt. Schurk

recensie: BOS Theaterproducties - Marvellous

Je kunt er niet omheen: superhelden zijn hot! Tenminste, zo redeneert ook supernerd en comicbookverkoper Giel in Marvellous, de nieuwe komische muziekvoorstelling van de makers van Watskeburt?!. Het belooft een episch verhaal te worden. Ondanks alle spannende effecten, is het bij lange na niet half zo vermakelijk als Watskeburt?!.

Wat als alle superschurken zijn verslagen? Ondanks alle peis en vree, betekent dit op de lange termijn een verlies voor de superhelden. Door gebrek aan werk, moeten ook zij eraan geloven en meedraaien in de maatschappij. De Liga, bestaande uit het 11-jarige meisje Daisy in een mannenlichaam (Testostero gespeeld door Tarikh Janssen), Gods dochter Ilana (Anna Keuning), de rechtvaardige Justitia (Kweja Kwestro), de met de tijd spelende Tijdsgeest Detlev (Rogier in ’t Hout) en De Denker/Joost (Maurice Vonk), slijten hun dagen met menselijke, alledaagse bezigheden.

De ooit zó grote, belangrijke vijf figuren houden zich nu bezig met barbecueën en botsen op dezelfde huwelijkse perikelen als gewone mensen. Als Justitia te horen krijgt dat ze is ontslagen bij Pink Ribbon, besluit ze dat het tijd is om haar menselijkheid van zich af te schudden. Ze gaat naar het museum, steelt de uitrusting van de verslagen schurk De Astronaut en schakelt haar buurman Giel (Daniel Cornelissen) in om deze tot leven te brengen als De Kosmonaut. Een schijnschurk, aangezien De Kosmonaut zo geprogrammeerd is dat Justitia de controle over hem heeft en hem keer op keer kan uitschakelen. Het ligt natuurlijk in de lijn der verwachting dat de hedendaagse technologie roet in het eten gooit. Giels technologie crasht, waardoor De Kosmonaut een vrije wil krijgt en de mensen begint aan te vallen… Dé kans voor De Liga om zich één laatste keer te bewijzen: De Liga to the rescue!

Oppervlakkige flauwiteiten

De grote vraag is: wie redt de acteurs van het eindeloze gekibbel over ditjes en datjes? Er zijn maar weinig écht spannende en actieve dialogen. Wat het publiek voorgeschoteld krijgt, heeft meer weg van oppervlakkig geneuzel over de voorbeeldfunctie die de superhelden hebben. Zo blijft Ilana net iets te lang drammen tegen het besluit om de superheldenpakjes weer uit de kast te trekken. De welles-nietes-discussie tussen De Liga-helden gaat maar door, waardoor je als toeschouwer soms wordt gedwongen om een lome houding aan te nemen. Op den duur werken de flauwe grapjes  niet meer om het publiek uit die houding te verlossen. Dit in groot contrast met Watskeburt?!, de vorige voorstelling van schrijvers Lucas de Waard en Daan Windhorst, waarin ze voor melige taferelen zorgden. Het spel en de dialogen die destijds voor knetterend vuurwerk zorgden, bleven nu uit. Het tempo van de voorstelling ligt laag – niet echt wat je verwacht bij superhelden – het is een afspiegeling van de loomheid waarin de helden zijn beland. Deze superhelden vechten hun ruzies uit mét woorden, niet met hun vuisten.

Op stelten staan

Toch blijft de voorstelling in zijn geheel een genot om naar te kijken. Zo past het decor, bestaande uit donkere skyscrapers en huizen, goed bij het superheldenthema. De acteurs dragen grappige superheldenpakjes en het ene na het andere opzienbarende attribuut wordt uit de coulissen getrokken. Het pak van slechterik De Kosmonaut is opzienbarend: op hoge stelten en in zwart pak met talloze kleine lampjes erop stampvoet acteur Denzel Goudmijn over de toneelvloer. Daarnaast horen we de gedachten van de personages, die Joost De Denker kan horen, als voice-overs terug. Dit zorgt voor grappige scènes, waarin Giel zijn fantasieën loslaat op Justitia of Ilana een erotisch boek leest.

De magie van deze grappige voice-overs wordt enigszins doorbroken door de niet altijd even zuivere zang. Giel heeft na Justitia de meeste zangpartijen en kantelt op de grens tussen zuiver en vals. Het is maar goed dat de liedjes zo aanstekelijk zijn dat je die ene valse noot hier en daar voor lief neemt. Justitia heeft wel een bekorende stem die ze in enkele solo’s laat horen.

Superslecht of superpotentieel?

Na de eerdere voorstelling van BOS Theaterproducties (Watskeburt?!) zijn de verwachtingen hoog opgelopen. Daar wordt voor het grootste gedeelte aan voldaan. Zowel de kleding van de personages als het decor zijn indrukwekkend en de vrolijke liedjes blijven nog lang in je hoofd hangen. Toch rest een knagend gevoel. Dat heeft vooral te maken met de energie van de acteurs en hun spel: wanneer spat nu écht de actie van het podium? Er is sprake van een hoop gelul en weinig actie. Dit zijn superhelden met een meer vredelievende aanpak: ze kibbelen maar voort, terwijl de wereld te grazen wordt genomen door De Kosmonaut. Show, don’t tell!

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Superheld zkt. Schurk

recensie: BOS Theaterproducties - Marvellous

Je kunt er niet omheen: superhelden zijn hot! Tenminste, zo redeneert ook supernerd en comicbookverkoper Giel in Marvellous, de nieuwe komische muziekvoorstelling van de makers van Watskeburt?!. Het belooft een episch verhaal te worden. Ondanks alle spannende effecten, is het bij lange na niet half zo vermakelijk als Watskeburt?!.

Wat als alle superschurken zijn verslagen? Ondanks alle peis en vree, betekent dit op de lange termijn een verlies voor de superhelden. Door gebrek aan werk, moeten ook zij eraan geloven en meedraaien in de maatschappij. De Liga, bestaande uit het 11-jarige meisje Daisy in een mannenlichaam (Testostero gespeeld door Tarikh Janssen), Gods dochter Ilana (Anna Keuning), de rechtvaardige Justitia (Kweja Kwestro), de met de tijd spelende Tijdsgeest Detlev (Rogier in ’t Hout) en De Denker/Joost (Maurice Vonk), slijten hun dagen met menselijke, alledaagse bezigheden.

De ooit zó grote, belangrijke vijf figuren houden zich nu bezig met barbecueën en botsen op dezelfde huwelijkse perikelen als gewone mensen. Als Justitia te horen krijgt dat ze is ontslagen bij Pink Ribbon, besluit ze dat het tijd is om haar menselijkheid van zich af te schudden. Ze gaat naar het museum, steelt de uitrusting van de verslagen schurk De Astronaut en schakelt haar buurman Giel (Daniel Cornelissen) in om deze tot leven te brengen als De Kosmonaut. Een schijnschurk, aangezien De Kosmonaut zo geprogrammeerd is dat Justitia de controle over hem heeft en hem keer op keer kan uitschakelen. Het ligt natuurlijk in de lijn der verwachting dat de hedendaagse technologie roet in het eten gooit. Giels technologie crasht, waardoor De Kosmonaut een vrije wil krijgt en de mensen begint aan te vallen… Dé kans voor De Liga om zich één laatste keer te bewijzen: De Liga to the rescue!

Oppervlakkige flauwiteiten

De grote vraag is: wie redt de acteurs van het eindeloze gekibbel over ditjes en datjes? Er zijn maar weinig écht spannende en actieve dialogen. Wat het publiek voorgeschoteld krijgt, heeft meer weg van oppervlakkig geneuzel over de voorbeeldfunctie die de superhelden hebben. Zo blijft Ilana net iets te lang drammen tegen het besluit om de superheldenpakjes weer uit de kast te trekken. De welles-nietes-discussie tussen De Liga-helden gaat maar door, waardoor je als toeschouwer soms wordt gedwongen om een lome houding aan te nemen. Op den duur werken de flauwe grapjes  niet meer om het publiek uit die houding te verlossen. Dit in groot contrast met Watskeburt?!, de vorige voorstelling van schrijvers Lucas de Waard en Daan Windhorst, waarin ze voor melige taferelen zorgden. Het spel en de dialogen die destijds voor knetterend vuurwerk zorgden, bleven nu uit. Het tempo van de voorstelling ligt laag – niet echt wat je verwacht bij superhelden – het is een afspiegeling van de loomheid waarin de helden zijn beland. Deze superhelden vechten hun ruzies uit mét woorden, niet met hun vuisten.

Op stelten staan

Toch blijft de voorstelling in zijn geheel een genot om naar te kijken. Zo past het decor, bestaande uit donkere skyscrapers en huizen, goed bij het superheldenthema. De acteurs dragen grappige superheldenpakjes en het ene na het andere opzienbarende attribuut wordt uit de coulissen getrokken. Het pak van slechterik De Kosmonaut is opzienbarend: op hoge stelten en in zwart pak met talloze kleine lampjes erop stampvoet acteur Denzel Goudmijn over de toneelvloer. Daarnaast horen we de gedachten van de personages, die Joost De Denker kan horen, als voice-overs terug. Dit zorgt voor grappige scènes, waarin Giel zijn fantasieën loslaat op Justitia of Ilana een erotisch boek leest.

De magie van deze grappige voice-overs wordt enigszins doorbroken door de niet altijd even zuivere zang. Giel heeft na Justitia de meeste zangpartijen en kantelt op de grens tussen zuiver en vals. Het is maar goed dat de liedjes zo aanstekelijk zijn dat je die ene valse noot hier en daar voor lief neemt. Justitia heeft wel een bekorende stem die ze in enkele solo’s laat horen.

Superslecht of superpotentieel?

Na de eerdere voorstelling van BOS Theaterproducties (Watskeburt?!) zijn de verwachtingen hoog opgelopen. Daar wordt voor het grootste gedeelte aan voldaan. Zowel de kleding van de personages als het decor zijn indrukwekkend en de vrolijke liedjes blijven nog lang in je hoofd hangen. Toch rest een knagend gevoel. Dat heeft vooral te maken met de energie van de acteurs en hun spel: wanneer spat nu écht de actie van het podium? Er is sprake van een hoop gelul en weinig actie. Dit zijn superhelden met een meer vredelievende aanpak: ze kibbelen maar voort, terwijl de wereld te grazen wordt genomen door De Kosmonaut. Show, don’t tell!

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Mannenmusical scoort punten

recensie: MORE Theater Producties - All Stars de Musical

Voetbal en musicals, niet de combinatie die je meteen zou verwachten, maar met deze eigenaardige samenvoeging scoort MORE Theater Producties veel (hoogte)punten. All Stars de Musical belooft makkelijke grappen, die een tikkeltje beledigend kunnen zijn, en veel vermakelijke vertoningen. Een musical waarvoor je je man van de bank trekt…

Al bij het beginakkoord is het raak. Uit de grote boxen schalt het openingslied van The Lion King. Het is een knipoog naar de wereldberoemde – van oorsprong – Broadway Show. Daar waar je in The Lion King wilde dieren verwacht, reken je in All Stars op een paar fanatieke voetballers. De negen voetballers van de Swift Boys 8 zijn inmiddels tegen de dertig en vertonen eerder lui dan energiek gedrag. De enige die nog zin heeft om een balletje te schoppen, is aanvoerder Bram (Alex Hendrickx). Hoewel hij voor zijn werk de hele wereld rondreist, rent hij zich rot om de 500ste wedstrijd van zijn voetbalteam in goede banen te leiden – van nieuwe shirtjes tot een teamuitje op een golfbaan. Zijn teamgenoten zijn ondertussen met geheel andere zaken bezig. Hero (Jim Bakkum), ex-filosofische student, is een hopeloze romanticus die liedjes schrijft totdat hij kan werken in zijn vaders bedrijf. Samen met Johnny (Lucas Hamming), die op zijn beurt zowel zijn vader ‘Meeuwse’ (Kees Boot) als zijn vriendin Deborah (Ruth Sahertian) tevreden moet zien te houden. Dat laatste geldt al helemaal voor notoire vreemdganger Mark (Urvin Monte) die ‘zijn laatste kans’ bij zijn zwangere vriendin Roos (Withney Sawyer) dreigt te verspelen. Niet dat het huwelijk van Willem (Mike Weerts) met Anja (Sara Janneh) nu zo’n succes is; Anja ziet graag dat Willem op zijn dierbare zondagen ook eens met haar meegaat naar zijn schoonmoeder. De enigen die niet kampen met relatieproblemen, zijn vrouwenversierder Paul (Jasper Demollin) en de nerd-achtige Peter (Bart van den Donker).

Niets verhullende dansjes

De vluchtige interactie tussen de acteurs maakt deze voorstelling zo humoristisch. Steeds maken de jongens gemene opmerkingen als Peter zijn mond opentrekt om een voorstel in de groep te gooien: hij hoort er als laatkomer ‘toch niet echt bij’. Het begint als een echte mannenmusical: flauwe grappen met een neiging naar racisme en discriminatie (‘Homo’s!’) – waar buiten de voetbalwereld om veel controverse over is – vliegen je om de oren. Daarnaast wordt de doorgaande begroeting van deze voetballers, die stoer willen ogen, niet diepgaander dan ‘Hé pik’. Vrouwen schijnen in de ogen van de mannen voornamelijk zeurderige wijven te zijn. Het leuke is dat dit steeds meer verschuift. De mannen moeten op den dure boeten voor hun luie gedrag. De vrouwen – die op hilarische wijze op Whatsapp via spraakberichten contact hebben (‘Aapje met handen voor zijn gezicht’; ‘Deborah is aan het typen!!!’) – komen in actie. Hun plan om voor hun rechten op te komen? Een potje voetbal tegen hun eigen mannen.

Aan die allesbepalende wedstrijd, gaat natuurlijk van alles vooraf. Het grootschalige decor wordt hierbij functioneel ingezet. Van flatappartement gaan we naar voetbalveld en bejaardentehuis en van bedrijf naar woonkamer en golfbaan: het decor beweegt net zo snel als de voeten van de acteurs. Het is letterlijk een dynamische voorstelling, waarin de verhalen van zeven voetbalvrienden worden uitgelicht. Deze vrienden hebben allemaal een geheel divers, eigen karakter en komen daardoor ook als geloofwaardig voetbalteam over. Niet alleen is het spel goed getimed en ontzettend grappig, het gezelschap trakteert het publiek op (niets verhullende) opzwepende en onverwachte dansjes – shout outnaar de geweldige choreografie van Daan Wijnands – en liedjes (die Thomas Acda voor zijn rekening nam). De afwisseling in spel, muziek en dans, maar ook de samenkomst daarvan, is een genot om te zien.

Bombarie buiten de vloer

Niet alleen de voorstelling pakt uit. Het beïnvloedt geenszins de receptie van deze musical, maar het is het vernoemen waard dat het rondlopend personeel in het Luxor Theater geheel in voetbaltenue is gehuld. Ook het gros van de bezoekers heeft zich uitgedost als nooit tevoren: de voetbalsokken zijn hoog opgehesen en buiten de zaal flitsen de kleuren kleurt het van de verschillende soorten voetbalt-shirts. En alsof dat nog niet al genoeg kostelijk vermaak is voor het oog, staat een “hoempapa band” ouderwetse Nederlandse liedjes te spelen. Hierdoor waan je je met het omringend publiek net in een voetbalkantine. Een feestje in de voetbalkantine, om precies te zijn, want deze musical is meer dan geslaagd.

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Het is nog niet gesleten, of nou ja….

recensie: Stage Entertainment – MAMMA MIA!

Is het toeval of een commerciële zet? Bij elke wereldwijde ABBA-herleving doet Stage Entertainment er in Nederland een schepje bovenop door de musical MAMMA MIA! opnieuw op te voeren. Het argument voor deze periodieke revivals dat vaak wordt aangehaald, is dat de muziek van ABBA tijdloos is. Is dat zo, of is de musical na 15 jaar zelf ook aan een revival toe?

Rond 2000 begon de eerste mondiale populariteitsgolf van MAMA MIA!. Nederland kon niet achterblijven, dus bracht Stage Entertainment in 2003 de musical naar Nederland. Toen in 2008 de filmbewerking met o.a. Meryl Streep en Amanda Seyfried een wereldwijde hit werd, presenteerde Stage ongeveer een jaar later een tweede MAMMA MIA!-productie. Die timing is nu nog beter. De vervolgfilm, MAMA MIA! 2: Here we go again, draait slechts enkele maanden in de filmzalen, en de derde MAMMA MIA!-revival is nu al een feit.

 Een te zoete cocktail

Dat het argument van ABBA’s ‘tijdloze’ muziek wordt aangehaald is overigens niet zo gek. Niet voor niets is de musical vernoemd naar een van ABBA’s grootste hits. Welgeteld 22 nummers zijn er in tweeëneenhalf uur durend verhaal gepropt (volgens een snelle berekening ongeveer om de zes minuten één nummer). En dat is te merken. Het verhaal heeft weinig om het lijf. Met die talloze musicalversies voelt het bijna overbodig om het verhaal nog uit te leggen, maar enfin: ‘Happy’ single moeder Donna (Antje Monteiro) woont samen met haar dochter Sophie (Jolijn Henneman) op een Grieks eiland. Sophie staat op het punt te gaan trouwen en wil graag door haar vader naar het altaar worden begeleid, alleen weet ze niet wie haar vader is. Om daarachter te komen, nodigt ze drie voormalige liefdes van haar moeder uit, met alle gevolgen en oud zeer van dien.

Volgens Trouw staat de musical met dit format ‘als een huis’. De krant noemt het zelfs een ‘romantisch’ verhaal, maar dat is juist het pijnlijke aan de musical: er moeten zoveel ABBA-nummers de revue passeren dat er nauwelijks ruimte is voor romantiek, laat staan voor diepgang. Terwijl er wel genoeg aspecten zijn om de personages karakter te geven. Neem bijvoorbeeld het gegeven dat Donna een zogenaamd hedonistisch leven leidt, maar soms – vooral in de eerste akte – met de harde, financiële werkelijkheid wordt geconfronteerd. Of dat Donna als product van de jaren ’70 niet helemaal begrijpt dat haar dochter zoiets burgerlijks als trouwen wil. Bovendien is de (problematische) vader-dochterrelatie en de bijbehorende zoektocht naar identiteit een interessant uitgangspunt. Helaas worden al die ingrediënten met elkaar vermengd tot een kluchtige, iets te zoete cocktail, die vooral wil dat je aan het einde een beetje aangeschoten mee gaat zingen.

Oppervlakkige personages

Mede door al die frivoliteit worden de acteurs vaak beperkt, vooral in hun acteerwerk. Antje Monteiro krijgt met Simone Kleinsma en Lone van Roosendaal als haar voorganger-Donna’s een pittige taak, maar ze slaagt erin een andere, zachtere Donna neer te zetten. Vocaal staat ze weliswaar stevig in haar schoenen, maar haar spel is nogal gedicteerd en aangezet. In het nummer ‘t Glipt me door mijn vingers combineert ze spel en zang echter heel subtiel, ja, zelfs ontroerend. Waarschijnlijk is dat mede te danken aan de mooie vertaling van Coot van Doesburgh.

Oké, niet alle nummers zijn even overtuigend vertaald. In de titelsong, bijvoorbeeld, zingt Donna, wanneer ze vader Sam na 21 jaar (!) weer ziet nadat hij haar abrupt had verlaten: ‘Mamma Mia, help daar ga ik weer/ oh jee, het is nog niet gesleten’. Wat één ogenblik wel niet met geloofwaardigheid kan doen… Het nummer Als ‘k maar weet hoe het heet tussen Sophie en vader Bart is zelfs zo klef dat je je afvraagt of dit nog wel over een vader-dochterrelatie kan gaan.  Daartegenover staat gelukkig dat Van Doesburgh met nummers als ‘t Glipt me door mijn vingers, Weet je moeder dat, Onze zomer, S.O.S. en Pak je kans bij mij prima werk aflevert en karakter aan de personages geeft.

Jolijn Henneman overtuigt overigens als Sophie. Hier en daar komt ze iets te verlegen over, vooral in haar zang. Ze zingt mooi, maar haar stem is soms nog te dun, wat ten koste gaat van de verstaanbaarheid. Sophia Wezer en Hilke Bierman, als respectievelijk Donna’s vriendinnen Tanja en Roos, zijn bijna het tegenovergestelde. Ze zijn platter, brutaler en hebben daarmee terecht de lachers op hun hand. Een enkele keer wordt het te clownesk. Dat geldt ook voor de vaders. Dieter Troubleyn (als vader Sam) wint het weliswaar op vocaal gebied wint en Emiel de Jong (als vader Bart) levert het meest gevarieerde acteerwerk van de drie, maar dan nog ontsnappen ze niet aan de oppervlakkigheid van hun personage.

Achterhaalde vrouwbeelden

In het NRC stond dat deze uitvoering ‘vetter en sneller’ is, waarbij de ‘seksuele toespelingen explicieter zijn’ en de musical met de tijden is mee veranderd. Zeker, de tijden zijn veranderd, maar deze musical laat daardoor juist zien dat de personages van MAMMA MIA! in de tijdsgeest van de jaren ’90 zijn blijven hangen. Drie belangrijke personages zijn alleenstaande vrouwen/moeders die beweren het zonder man prima voor elkaar te hebben, maar in werkelijkheid de bevestiging van de man nodig hebben. Tanja die al drie huwelijken heeft ‘verslonden’ en haar exen blut achterlaat; Roos, die een vrijgevochten feministe blijkt te zijn, maar vijf minuten voor de bruiloft nog een van de vaders wil verleiden; Donna, die in haar eentje een kind heeft opgevoed en een taverne runt, maar uiteindelijk zowel de financiële als de fysieke steun van een man accepteert – het zijn vrouwen die anno 2018 niet zelfstandig zijn, maar juist afhankelijk, bijna naïef. Ironisch genoeg zit daar juist de (onbedoelde) tragiek van de musical. Achter al dat meezingen zit dus zeker wel een urgent thema over man-vrouwverhoudingen. Hopelijk speelt een volgende revival daar meer op in.

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Musicalhelden aan het precisiewerk

recensie: SENF Theaterpartners en Kemna Theater – From Sammy with love

In From Sammy with love kruipen Nederlands meest geliefde mannelijke musicalhelden Freek Bartels en Stanley Burleson al dansend, zingend en swingend in de rol van topentertainer Sammy Davis jr. De zwarte artiest, die faam maakte met het nummer Mr. Bojangles moest in de jaren 60 en 70 de raciale opmerkingen doorstaan om te kunnen doen wat hij het liefst wilde: optreden. Bartels en Burleson nemen het publiek mee naar vroegere tijden en tonen hoe problematische én verrassende momenten in zijn leven, van Sammy zo’n passievolle performer maakten en een boegbeeld voor de Afro-Amerikanen. Hoewel de musical zeer vermakelijk is en de heren strak getimed werk afleveren, ga je er niet van swingen tot in je tenen.

Heart breaking American Dream

Wie de zaal inloopt, kan zomaar de wild enthousiaste Burleson tegen het springerige lijf lopen. De musicalster staat niet op de toneelvloer, maar plant zich gezellig tussen de toeschouwers op de eerste rij. Bartels komt nonchalant het podium oplopen, frutselend aan de knopen van zijn mouwen. Het losse karakter van de opening, kenmerkt ook de rest van de voorstelling. De auteurs springen namelijk gedurende de anderhalf uur durende voorstelling steeds uit de rol die ze spelen en worden weer zichzelf. De rolverdeling wordt bepaald aan de hand van een zwart bolhoedje. Wie het frivole hoedje op zijn hoofd heeft, speelt Sammy Davis jr. De ander vertolkt afwisselend de rol van grote vriend en idool Frank Sinatra, de vader van Sammy,  en Sammy’s vrouw May Britt.

In het begin is er wat onenigheid over die rolverdeling: wie mag als eerste Sammy spelen? Burlesons wint die eerste strijd op basis van zijn leuke kunstjes met de hoed. Dan begint de show. Sammy’s levensverhaal van zijn vierde tot aan (ongeveer) zijn 43ste levensjaar wordt door Bartels en Burleson verteld, bezongen en uitgebeeld. Het verhaal begint als één grote American Dream: een kleine, lelijke, zwarte jongen uit de wijk Harlem in New York weet zich te ontpoppen tot een ware cultheld in de muziek- en filmwereld, nadat hij jaren van leed heeft doorstaan. Beschermd door zijn vader, oom en dierbare oma – zijn moederfiguur na het vertrek van zijn eigen moeder – wordt de kleine Sammy behoed voor het racisme dat aan de orde van de dag is. Als Sammy in dienstplicht gaat tijdens de Tweede Wereldoorlog, worden zijn ogen én oren pas geopend voor het geweld tegen de zwarte populatie. Medesoldaten sloegen hem regelmatig het ziekenhuis in, maar wilden hem wel iedere vrijdagavond zien optreden. De ‘witte mensen’ vonden Sammy fantastisch…op het podium. In het licht van de schijnwerpers was Sammy een ster, maar voor en na zijn optreden werd hij door de achterdeur naar buiten gesmokkeld. Door dezelfde deur als het afval…

Vleugje Sammy

In de musical wordt duidelijk neergezet hoe verongelijkt Sammy Davis jr. in zijn tijd is. De gehele musical krijgt een treurig randje doordat er zoveel medelijden met de artiest wordt opgewekt. Er is echter ook ruimte voor opgewektheid: Burleson en Bartels hebben grote danskunsten en ze slijten hun tapschoenen wild aan de grond. De dans waar zij zich geregeld alleen of samen (spiegelend aan elkaar) aan wagen, heeft het meeste weg van de jive. Op die momenten pakken ze de toeschouwer helemaal in, want dan krijgt het publiek een ‘vleugje’ van de in 1990 gestorven Sammy Davis jr. te zien. De twee musicalsterren lichten met z’n tweeën de gehele toneelvloer op die sober oogt. Het decor bestaat uit enkele stalen vierkante tafels, verlichte staven en borden met daarop foto’s uit Sammy’s leven. Hoewel sober overkomend, werkt het heel goed omdat het toch steeds gestileerd lijkt. Daarnaast is er een vierkoppig orkest in de ruimte aanwezig, die ook nog eens de stemmen van de Amerikaanse soldaten en Amerikaanse en Engelse presentatoren vertolken.

Bartels en Burleson tonen niet alleen Sammy, maar ook zichzelf in deze voorstelling. Ze maken een parallel tussen het leven van de artiest en dat van henzelf. Soms krijgt dit een iets te dramatische ondertoon en is de vergelijking vergezocht. Het feit dat de acteurs zelf ook – naar eigen zeggen – ‘halfbloed’ zijn, kan niet de enige overeenkomst zijn waar de hele musical op stoelt. De misère die de jonge Sammy meemaakte, is gezien zijn tijd, haast onevenaarbaar voor de twee heren die zich vergelijken met de grote ster. De verhalen die ze vertellen, zijn echter wel interessant en aandoenlijk om te horen. Niemand kan vermijden dat er een glimlach op zijn of haar gezicht komt bij het aanhoren van Bartels humoristische anekdote over zijn coming out tegenover zijn oma.

Het is spijtig dat het levensverhaal van Sammy niet tot een einde wordt gebracht. De toeschouwer blijft met veel onbeantwoorde vragen zitten. Het einde van de voorstelling lijkt dan ook onaf en vooral bij de eindscène gaat de eens zo flakkerde vlam als een dovende kaars uit. From Sammy with love biedt de toeschouwer veel mooie muziek en dans die het publiek ontroert, maar zorgt niet voor dat lange, extatische nagevoel dat je ervaart bij grootse musicals waar alle toeters en bellen uit de kast worden getrokken.

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Fiddler on the Roof bespeelt je hart en zet je aan het denken

recensie: Theateralliantie en Stage Entertainment - Fiddler on the Roof

Hoe komt het dat de nieuwe Fiddler on the Roof nog zoveel zeggingskracht heeft? De musical is immers een halve eeuw oud en gemaakt in een land en cultuur die niet de onze is. Toch voelt de nieuwe versie van de Theateralliantie en Stage Entertainment nergens gedateerd aan. De groep alledaags geklede spelers die we bij aanvang zien maakt een helder statement: dit verhaal gaat ook over ons.

Traditie

Buiten de grenzen dreigt een revolutie, maar daar hebben de bewoners van Anatevka geen boodschap aan. Traditie, daar draait alles om. Vaders, moeders, zoons en dochters: ze weten precies wat hun plek in de gemeenschap is. Melkboer Tevye (Thomas Acda) is belast met het vinden van goede partijen voor zijn dochters Tzeitel (Eva van Gessel), Hodel (Hannah van Vliet) en Chava (Sarah Janneh). Zij hebben echter een andere toekomst voor ogen. Tzeitel verkiest haar jeugdliefde boven een rijke slager, Hodel valt voor een revolutionaire intellectueel en Chava verlaat haar familie voor een christen. Het lied Traditie, eerst nog een trotse ode aan het leven in de stetl, wordt uiteindelijk Tevyes wanhoopskreet. Het keert terug bij elke dochter die met zijn tradities breekt om een eigen leven te kunnen leiden, en onderstreept zijn machteloosheid.

Tragikomisch figuur

Bovendien draagt Tevye de zorg voor de Joodse gemeenschap op zijn schouders. De politie vertelt hem over een geplande pogrom, die uiteindelijk plaatsvindt op Tzeitels bruiloft. Na de verwoesting vraagt hij licht ironisch aan God of dat nou allemaal nodig was. ‘Jullie joden maken overal een grap van’ wordt hem verweten, en inderdaad: met humor wapent hij zich tegen alle ellende. Daarom past Thomas Acda zo goed bij deze rol. De relativering die hem zo makkelijk afgaat maakt van Tevye een tragikomische overlever. Het afscheid van Hodel en de verbanning van Chava zouden zelfs de meest geharde vaders doen breken, maar hier gebeurt het niet. Tevye houdt zich stug staande, waardoor deze scènes nog pijnlijker worden.

Vernieuwing

Fiddler on the Roof opent met een grote tafel waar de gehele cast omheen zit. Spelers van verschillende leeftijden en etniciteiten praten en lachen met elkaar. Ze zijn de fictieve nakomelingen van Anatevka, en benadrukken daarmee dat het verhaal van Tevye en zijn dochters ook een deel is van onze geschiedenis. Daarnaast is het vastklampen aan eigen tradities en de eigen gemeenschap, tegenover het omhelzen van vernieuwing vandaag nog steeds een actueel thema. De kleurblinde casting in deze voorstelling – een verademing in een theaterveld dat nog steeds worstelt met diversiteit – geeft daar een extra dimensie aan. We zien een gesloten gemeenschap uit 1905, gespeeld door een multiculturele cast in 2017. De onhoudbaarheid van een dorp als Anatevka, waar elke generatie een herhaling is van de vorige en elke invloed van buiten wordt geweerd, is al evident.

Reageer op dit artikel