Tag Archief van: Musical

14 musical
Theater / Voorstelling

Johan Cruijff Superster

recensie: 14 de musical
14 musical

Johan Cruijff, nummer 14, één van de grootste sporthelden die Nederland heeft gekend, heeft nu een eigen musical over zijn levensverhaal. Voetbal en musicals, gaat dat eigenlijk samen?

Als het publiek de zaal in loopt wordt het meteen warm ontvangen door een bandje dat de ene meezinger naar de andere zingt. De toon is gezet. Nog voor de musical begonnen is zingt iedereen al mee met verschillende Nederlandse en internationale klassiekers. De voetbalfan die zich misschien nog wat ongemakkelijk voelde in het theater, lijkt zich nu ook op zijn plek te voelen.

Dan komt Johan Cruijff (gespeeld door Tobias van Nierop) het toneel op lopen om ons uit te leggen dat we naar een musical over zijn leven kijken. Tobias zet Cruijff gelijk sterk neer, want zeker zijn stemgeluid is net Cruijf. Hij neemt het publiek mee door zijn levensverhaal en geeft er af en toe commentaar op. Zo zien we hem zijn eerste contract met Ajax sluiten, grote wedstrijden winnen, trouwen, stoppen met voetballen, opgelicht worden, weer verder gaan met voetballen tot dat er uiteindelijk een grote tijdsprong is naar zijn dood.

Voetbal en musical: een bijzondere combinatie

Met ‘You never walk alone’ zingen voetbalfans al decennia, zonder het te weten, een musicalliedje uit de musical Carousel. Toch lijkt de gemiddelde voetballiefhebber niets met musicals te hebben en vice versa. Desondanks gaan voetbal en musical best samen, zo was al te zien in All stars de musical (2018) en zo is dit nu ook te zien in 14 de musical.

De beste keuze is dat Johan Cruijff, de hoofdrolspeler, niet zingt en het publiek op een grappige en kritische manier meeneemt in het verhaal van zijn musical. Hij is kritisch op het genre musical, snapt er niet altijd wat van en voorziet het publiek van commentaar op zijn eigen leven. Het geeft de musical vaart en luchtigheid. En wie had nou een zingende Johan Cruijf geloofd?

JCS

De hoofdrol wordt met verve gespeeld door acteur Tobias Nierop, die vooral bekend is als tv-acteur. Hij zet een geloofwaardige Cruijf neer en dat doet hij vooral met zijn stem en accent. Hier valt of staat een biografische musical toch echt mee. In dit geval een erg goede casting.

De musical zit vol (muzikale en tekstuele) verwijzingen naar Jesus Christ Superstar, logisch want Cruijff is natuurlijk ook ‘JC’. Vooral in het begin ligt het er dik bovenop. Al zou dit misschien voorbijgaan aan de gemiddelde bezoeker van deze musical, maar aan ondergetekende gaan natuurlijk alle voetbalverwijzingen voorbij.

Het verhaal maakt grote tijdsprongen, maar is goed te volgen. Mede door de oude beelden die af en toe getoond worden, van onder andere oude voetbalwedstrijden. Cruijff wordt neergezet als een aandoenlijke superster die niet helemaal weet wat hij doet en die onder de plak zit bij zijn vrouw Danny (goed gespeeld door Myrthe Burger). Het samenspel tussen Danny en Johan zorgt regelmatig voor veel gelach en af en toe voor ontroering.

De musical is ook verfrissend, zo worden mannelijke of vrouwelijke ensemblerollen soms door acteurs van het andere geslacht gespeeld. Zo vertolken een aantal vrouwen ook mannenrollen in het elftal en speelt een man af en toe een vrouwenrolletje. Dit alles gaat heel natuurlijk.

Wat minder natuurlijk gaat zijn soms de toneelwisselingen of muziekovergangen. Soms komt een scene ‘uit het niets’ (zoals bij de verschillende reisscenes) en vraag ik me af of een decorwisseling echt nodig was. Het decor is minimaal, maar er wordt veel gewisseld. Wat centraal staat is de lopende band, die op een grappige en handige manier wordt ingezet. Een technisch hoogstandje is een voetballende Cruijff die in de lucht zweeft tussen de oude wedstrijdbeelden.

Nieuw theater in Leusden

14 de musical is de openingsvoorstelling voor een nieuw theater: het AFAS theater in Leusden. Dit theater is zeker het noemen waard, want het valt al op als je aan komt rijden. Het is een glazen koepel, die de aandacht trekt. Binnen in zijn de muren bekleed met (nep) groene planten en het theater straal luxe uit. Parkeren was ook nog nooit zo makkelijk onder het theater in een grote parkeergrage, die overdag vol staat met auto’s van werknemers van het softwarebedrijf AFAS. In de zaal zelf passen 850 mensen. Het theater ligt redelijk centraal, bij Amersfoort de snelweg af en je bent zo bij het theater in Leusden. Een mooie plek voor hopelijk nog vele andere theatershows.

Kortom, 14 de musical is een verrassende musical en heeft niet voor niets de eerste Musical Award voor Origineel Nederlandse Musical gewonnen. Het is een toegankelijke musical en zeker aan te raden, zeker aan voetbalfans. Een leuk uitje voor de voetbalfan of musicalfan, een fantastisch uitje voor die groep mensen die liefhebber is van beide!

14 musical
Theater / Voorstelling

Johan Cruijff Superster

recensie: 14 de musical
14 musical

Johan Cruijff, nummer 14, één van de grootste sporthelden die Nederland heeft gekend, heeft nu een eigen musical over zijn levensverhaal. Voetbal en musicals, gaat dat eigenlijk samen?

Als het publiek de zaal in loopt wordt het meteen warm ontvangen door een bandje dat de ene meezinger naar de andere zingt. De toon is gezet. Nog voor de musical begonnen is zingt iedereen al mee met verschillende Nederlandse en internationale klassiekers. De voetbalfan die zich misschien nog wat ongemakkelijk voelde in het theater, lijkt zich nu ook op zijn plek te voelen.

Dan komt Johan Cruijff (gespeeld door Tobias van Nierop) het toneel op lopen om ons uit te leggen dat we naar een musical over zijn leven kijken. Tobias zet Cruijff gelijk sterk neer, want zeker zijn stemgeluid is net Cruijf. Hij neemt het publiek mee door zijn levensverhaal en geeft er af en toe commentaar op. Zo zien we hem zijn eerste contract met Ajax sluiten, grote wedstrijden winnen, trouwen, stoppen met voetballen, opgelicht worden, weer verder gaan met voetballen tot dat er uiteindelijk een grote tijdsprong is naar zijn dood.

Voetbal en musical: een bijzondere combinatie

Met ‘You never walk alone’ zingen voetbalfans al decennia, zonder het te weten, een musicalliedje uit de musical Carousel. Toch lijkt de gemiddelde voetballiefhebber niets met musicals te hebben en vice versa. Desondanks gaan voetbal en musical best samen, zo was al te zien in All stars de musical (2018) en zo is dit nu ook te zien in 14 de musical.

De beste keuze is dat Johan Cruijff, de hoofdrolspeler, niet zingt en het publiek op een grappige en kritische manier meeneemt in het verhaal van zijn musical. Hij is kritisch op het genre musical, snapt er niet altijd wat van en voorziet het publiek van commentaar op zijn eigen leven. Het geeft de musical vaart en luchtigheid. En wie had nou een zingende Johan Cruijf geloofd?

JCS

De hoofdrol wordt met verve gespeeld door acteur Tobias Nierop, die vooral bekend is als tv-acteur. Hij zet een geloofwaardige Cruijf neer en dat doet hij vooral met zijn stem en accent. Hier valt of staat een biografische musical toch echt mee. In dit geval een erg goede casting.

De musical zit vol (muzikale en tekstuele) verwijzingen naar Jesus Christ Superstar, logisch want Cruijff is natuurlijk ook ‘JC’. Vooral in het begin ligt het er dik bovenop. Al zou dit misschien voorbijgaan aan de gemiddelde bezoeker van deze musical, maar aan ondergetekende gaan natuurlijk alle voetbalverwijzingen voorbij.

Het verhaal maakt grote tijdsprongen, maar is goed te volgen. Mede door de oude beelden die af en toe getoond worden, van onder andere oude voetbalwedstrijden. Cruijff wordt neergezet als een aandoenlijke superster die niet helemaal weet wat hij doet en die onder de plak zit bij zijn vrouw Danny (goed gespeeld door Myrthe Burger). Het samenspel tussen Danny en Johan zorgt regelmatig voor veel gelach en af en toe voor ontroering.

De musical is ook verfrissend, zo worden mannelijke of vrouwelijke ensemblerollen soms door acteurs van het andere geslacht gespeeld. Zo vertolken een aantal vrouwen ook mannenrollen in het elftal en speelt een man af en toe een vrouwenrolletje. Dit alles gaat heel natuurlijk.

Wat minder natuurlijk gaat zijn soms de toneelwisselingen of muziekovergangen. Soms komt een scene ‘uit het niets’ (zoals bij de verschillende reisscenes) en vraag ik me af of een decorwisseling echt nodig was. Het decor is minimaal, maar er wordt veel gewisseld. Wat centraal staat is de lopende band, die op een grappige en handige manier wordt ingezet. Een technisch hoogstandje is een voetballende Cruijff die in de lucht zweeft tussen de oude wedstrijdbeelden.

Nieuw theater in Leusden

14 de musical is de openingsvoorstelling voor een nieuw theater: het AFAS theater in Leusden. Dit theater is zeker het noemen waard, want het valt al op als je aan komt rijden. Het is een glazen koepel, die de aandacht trekt. Binnen in zijn de muren bekleed met (nep) groene planten en het theater straal luxe uit. Parkeren was ook nog nooit zo makkelijk onder het theater in een grote parkeergrage, die overdag vol staat met auto’s van werknemers van het softwarebedrijf AFAS. In de zaal zelf passen 850 mensen. Het theater ligt redelijk centraal, bij Amersfoort de snelweg af en je bent zo bij het theater in Leusden. Een mooie plek voor hopelijk nog vele andere theatershows.

Kortom, 14 de musical is een verrassende musical en heeft niet voor niets de eerste Musical Award voor Origineel Nederlandse Musical gewonnen. Het is een toegankelijke musical en zeker aan te raden, zeker aan voetbalfans. Een leuk uitje voor de voetbalfan of musicalfan, een fantastisch uitje voor die groep mensen die liefhebber is van beide!

Theater / Voorstelling

De geest swingt uit de fles

recensie: Stage Entertianment - Aladdin

Een geest die alles tovert wat je maar wenst. Leuk voor een tekenfilm, maar hoe breng je dit op het toneel? De musical Aladdin is het gelukt, want anders dan de naam doet vermoeden, steelt de geest de show.

De musical Aladdin is gebaseerd op de gelijknamige tekenfilm van Disney. De straatrat Aladdin wordt verliefd op prinses Yasmine en met de hulp van een geest probeert hij haar hart te veroveren. De musical vertelt hetzelfde verhaal, alleen enkele details zijn wat veranderd. Zo spelen dieren als het aapje Abu en voorwerpen zoals het kleedje een grote rol in de film en niet in de musical. Abu is nergens te bekennen, het kleedje komt alleen naar voren in het nummer ‘De Wereld wacht’ en Iago is het menselijke hulpje van Jafar geworden.

Arabisch sprookje met Nederlandse tint

Met kleurrijke kostuums en het decor probeert de show ons in Arabië te laten wanen. Dat lukt het grootste gedeelte van de tijd, zeker door de mooie kostuums, maar de erg Hollandse cast leidt hier weleens van af. Gelukkig heeft de show ook veel zelfspot, zo laten ze klompen zien als souvenirtje uit Agraba.

De Nederlandse vertaling van Erik van Muiswinkel is ook erg goed. De Engelse Disneyfilm had natuurlijk al een Nederlandse vertaling, maar de musical is weer hertaald en zit vol actuele grappen. Ook de bekende nummers zijn soms net anders ‘A whole new world’ is in de Nederlandse film ‘Een nieuw begin’ en in de musical ‘De wereld wacht’. De kwaliteiten van Van Muiswinkel als cabaretier klinken ook door in de vertaling, al lijken sommige grappen of verwijzingen aan een deel van het (jonge) publiek voorbij te gaan. Denk aan verwijzingen als ‘zo sterk zijn als Badr Hari’ of ‘Sammy kijkt nooit meer omhoog’.

Van moment naar moment

‘Hebben jullie me gemist?’ vraagt Stanley Burleson als de geest, wanneer hij na ruim 50 minuten na het openingsnummer weer op het podium verschijnt, omdat Aladdin over de fles wrijft. Een terechte vraag, want pas op dit moment met het nummer ‘Vriend als ik’ komt de show echt op gang. De show krijgt elke keer wat vaart als de geest op het podium is.  Dat is erg fijn, maar ook een nadeel, want op andere stukken is de show wat traag. Nummers die eruit springen zijn het openingsnummer ‘Arabische nacht’, ‘Vriend als ik’, ‘Prins Ali’ en het enige goede nummer waar de geest niet in zit: ‘De Wereld wacht’.  In dit laatste nummer stappen Yasmine en Aladdin op het kleedje en vliegen rond in een sterrenhemel, een bijzondere scene op het podium. Ook tijdens de andere genoemde nummers pakt de show groots uit met veel kostuumwisselingen en grootse choreografieën.

Het absolute hoogtepunt is het nummer ‘Vriend als ik’. Alleen al voor dit nummer verdient Aladdin Musical Awards voor kostuumontwerp, decorontwerp, choreografie en de acteerprestaties van Stanley Burleson als geest. Voor Nederlandse musicalbegrippen wordt er enorm groot uitgepakt in het nummer waarin de geest in een gouden grot uit de fles komt en zingt dat Aladdin nog nooit zo’n goede vriend heeft gehad als hij. Hierbij tovert hij van alles tevoorschijn, van eten, tot danseressen en meer. Dit nummer moet je live in het theater gezien hebben, om te begrijpen hoe geweldig het is.

Een gemiste kans ligt er voor de slechteriken Jafar en Iago, hun karakters zijn als slechteriken niet zo goed uitgewerkt. Zo hebbende meeste slechteriken van Disney een geweldig solonummer dat hun karakter vormt, dat is in het verhaal van Aladdin niet het geval. Daarnaast brengt met name Iago (Darren van der Lek) de nodige luchtigheid in de show met zijn niet altijd even geslaagde grappen. Wie ook aan deze luchtigheid bijdraagt is één van de boomlange vrienden van Aladdin, Babkak (Florian Avoux).

Een vergelijking met de musicalklassieker The Lion King lijkt snel gemaakt, maar de twee shows zijn totaal niet te vergelijken. Aladdin heeft een totaal eigen karakter met veel hoogtepunten die laten zien dat je een cartoon ook goed op toneel kan vertolken. Deze musical is een aanrader voor wie wil wegdromen bij een sprookje uit verre landen. Een familiemusical, die je gerust ook zonder kinderen kunt bezoeken.

 

Theater / Voorstelling

Klein dorp met groot hart

recensie: Medialane - Come From Away

Come from away  wordt ook wel ‘de 9/11 musical’ genoemd, omdat het over de nasleep van deze aanslagen gaat. De musical is veel meer dan dat en vertelt op dynamische wijze een actueel en hartverwarmend verhaal.

Op 11 september 2001 wordt na de aanslagen het Amerikaanse luchtruim dichtgegooid. Alle vliegtuigen boven de VS worden omgeleid, dit heeft grote gevolgen voor het Canadese dorpje Gander in Newfoundland. Het is een dorpje van een paar duizend inwoners en er worden meer dan dertig vliegtuigen, met in totaal duizenden reizigers, naar omgeleid. De ‘vliegtuigmensen’ zitten daar een aantal dagen vast en worden op gevangen door de ‘eilanders’. Hoe zal dit uitpakken? Come from away vertelt dit hartverwarmende verhaal waarin mensen in een noodsituatie elkaar helpen.

Actueel verhaal over een historische gebeurtenis

Het Canadese schrijversduo Irene Sankoff en David Hein reisde op 10 september 2011 af naar Gander om dit bijzondere verhaal op te schrijven. Tien jaar na de gebeurtenis was er namelijk een reünie van mensen die betrokken waren bij het opvangen van de ‘vliegtuigmensen’ en de ‘vliegtuigmensen’ zelf. Irene en David hebben allerlei persoonlijke verhalen verzameld en opgeschreven. Uiteindelijk vormen deze persoonlijke verhalen de basis voor de musical Come frome away.

Naast dit bijzondere waargebeurde verhaal, is het aspect dat de musical niet één hoofdpersoon heeft, maar heel veel personages, erg bijzonder. Over het algemeen is de voorwaarde voor een goed verhaal minimaal één hoofdpersonage waar het publiek zich mee kan identificeren. De musical vertelt het verhaal van de ‘eilanders’ die de ‘vliegtuigmensen’ opvangen. Stuk voor stuk identificeer jij je als publiek met de verschillende mensen. Zo zijn er de Amerikaanse Diane en Britse Nick, die verliefd op elkaar worden, is er de trotse vrouwelijke pilote die haar emoties probeert te onderdrukken en is er het koppel Kevin en Kevin, dat wil verbergen dat ze gay zijn.

De aanslagen van 11 september hadden vorig jaar hun 20-jarige gedenkdag, toch vertelt Come from away een verhaal dat actueler is dan ooit. Hoe gaat men om met een internationale ramp? De dorpsbewoners van het kleine Gander weten niet wat hen overkomt, als duizenden vliegreizigers onderdak nodig hebben. In deze noodsituatie komt een gevoel van saamhorigheid in de mensen naar boven en maken ze het beste van de situatie.

Een dynamisch geheel

Alles in de musical loopt goed in elkaar over: elke acteur speelt meerdere personages, deze wisselingen zijn duidelijk en dialoog loopt over in muziek en vice versa. Bovendien ondersteunt het decor deze dynamiek, doordat het de vorm heeft van een Romeinse theaterarena. Afwisselend zitten en staan de ‘vliegtuigmensen’ en de ‘eilanders’ in de arena.  Alle acteurs spelen meerdere rollen. Zo speelt Frank van den Hengel Kevin, de ene helft van het homokoppel, en Ali, de islamitische passagier die behoorlijk gewantrouwd wordt. Als publiek ben je geen moment in verwarring door al deze dubbelrollen en dat komt vooral door de goede staging en choreografie van Daan Wijnands.

Daarnaast lopen tekst en liedtekst in elkaar over en  op geen enkel moment is dit geforceerd. Bovendien is de muziek mooi gearrangeerd, met instrumenten en melodieën die niet vaak in musicals voorkomen. Zo bespeelt muzikaal leider Rosite van der Woude verschillende instrumenten en ze heeft zelfs speciaal voor de show een soort accordeon leren bespelen. Daarnaast komt er ook een bekend Newfoundlands volkslied in voor en horen we Ierse invloeden.

Come from away is dus niet alleen een mooi verhaal, de musical steekt ook nog eens erg goed in elkaar. Doordat alles zo dynamisch in elkaar overloopt zijn er geen personages of momenten die eruit springen, het gaat echt om de musical in zijn geheel. Alles is goed op elkaar afgestemd en ondanks dat het verhaal begint met een ramp, is het toch hartverwarmend verhaal dat focust op de positieve daden van mensen. Een kennismaking met deze nuchtere ‘eilanders’ op hun ‘rots’ in deze niet zo traditionele musical is zeker de moeite waard.

Leestip: meer weten over hoe een musical tot stand komt? Lees dan de special over het musicalcollege van Come from away.

Theater / Voorstelling

Humor met een roze glitter strik

recensie: The Book of Mormon

De makers van Southpark die een musical maken over het Mormoonse geloof. Het klinkt als een absurde grap uit de animatieserie zelf, maar niets is minder waar. The Book of Mormon is een wervelwind van een musical, die gegarandeerd staat voor heel wat gelach. Momenteel staat de Engelstalige versie van de musical in Carré.

De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, in de volksmond de mormonen, staat centraal in deze hilarische musical. Twee elders (net volwassen mormonen die op zending moeten) worden op missie gestuurd naar Oeganda, waar zij de bevolking moeten bekeren tot het geloof. Die bevolking blijkt erg koppig en druk bezig met andere belangrijke zaken. Dit leidt tot allerlei misverstanden en uiteindelijk tot massale bekering.

Bespottende maatschappijkritiek

De musical drijft de spot met alles: het Mormoonse geloof, andere musicals en het stereotype beeld dat mensen hebben van Afrika. Bovendien maakt het allerlei alledaagse situaties belachelijk en is er veel maatschappijkritiek. Een voorbeeld is de overdreven vrouwelijke homoseksuele mormoon die ‘Turn it off’ zingt over zijn verboden gevoelens. Ook speelt hij een hoofdrol in ‘Spooky Mormon Hell Dream’ tussen Djengish Kahn en Hitler. De grappen die gaan over zin seksuele geaardheid zijn totaal niet politiekcorrect, maar ze zijn wel hilarisch en ook zeer maatschappijkritisch. De musical is razendsnel: flauwe ‘poep en plas humor’ wisselt af met goed gevonden grappen en veel ironie, waar veel dubbele lagen in zitten. Een dubbele laag zit bij voorbeeld in hoe de reis naar Afrika uitgebeeld lijkt te worden met een show die erg op The Lion King lijkt. Dit is kritiek op deze musical, racisme én het cliché beeld dat de meeste mensen hebben van Afrika.

(C) Julieta Cervantes

Elder Cunningham (Conner Peirson) en Elder Price (Robert Colvin) hebben een goede chemie, of beter gezegd ‘anti-klik’, op het podium. Price is de perfecte populaire Mormoon die denkt dat de wereld om hem draait, Cunningham is zijn tegenpool en wordt wonder boven wonder juist succesvol. De toon voor hun vriendschap wordt duidelijk gezet in het nummer ‘You and me (but mostly me)’, waarin duidelijk wordt dat Price in Afrika de show moet gaan stelen en Cunnningham slechts een hulpje is. Vooral de vertolking van Conner Peirson valt op, met bijna elke (on)subtiele beweging zorgt hij voor lachsalvo’s.

Hoogstaande internationale kwaliteit

The Book of Mormon drijft ook de spot met het medium musical, vooral door zeer groots uit te pakken. De musical zit vol grote dansnummers, waarbij het grote ensemble choreografieën danst die doen denken aan grote musicalklassiekers. De musical voldoet aan alle eisen van een klassieke musical: grootse choreografieën, regelmatig kostuumwisselingen, veel zang en gevarieerde decorwisselingen. Het drijft de spot, maar is op zichzelf een perfecte musical van hoge kwaliteit. Bovendien past de inhoud natuurlijk niet in het stereotype beeld dat mensen hebben van musicals: zoetsappige liefdesverhaaltjes. De musical zit namelijk vol harde humor en gescheld.

In het kader van de serie Broadway in Carré  werd de Engelse versie van The Book of Mormon in 2019 naar Carré gehaald. Naar aanleiding van dit succes draait de musical nu weer drie weken in Carré. In de jaren daarvoor speelden onder andere de internationale versies van Sunset Boulevard en The Courious Case of the Dog in the Night-time kort in Carré. Een jonge traditie die hopelijk nog lang blijft bestaan, want deze hoogstaande grootse musicals hebben we zelden in Nederland. Er wordt nergens op bezuinigd: de ensembles zijn bestaan uit veel dansers en met kostuums en decor wordt ook groots uitgepakt. Bovendien is het erg leuk om zulke stukken eens in het Engels te zien, want dat is vaak toch de vorm waarin je de muziek al kent.

The Book of Mormon is een musical die iedereen belachelijk maakt, maar niemand beledigd. Na de voorstelling stonden er buiten Carré zelfs een paar Mormonen hun geloof te verspreiden. Kortom, deze musical is een must-see voor iedereen: of je nu van musicals houdt of ze haat, of je Southpark kijkt of niet, of je nou gelooft of niet!

 

 

Theater / Voorstelling

Koninklijk drama verdient kroon

recensie: Medialane & De Theateralliantie - Diana en zonen

Het Britse koninklijke huis staat tegenwoordig met allerlei schandalen in de kranten. De musical Diana en zonen laat echter zien dat dit niets nieuws is en vertelt het begin van het liefdesdrama van Prins Harry en Meghan.

Diana en zonen is een origineel Nederlandse musical, geproduceerd door Medialane en de Theateralliantie. De musical vertelt over de Britse royal family, waarin prinses Diana nog altijd een belangrijke rol lijkt te spelen. Het gaat niet goed met prins Harry, hij slaapt steeds slechter en praat nog steeds met zijn dode moeder Diana. Als hij verliefd wordt op de actrice Meghan Markle, dan willen prins Charles en prins William ingrijpen.

Prins Harry steelt de show

In Diana en zonen staat dus, anders dan de titel doet vermoeden, het liefdesleven van prins Harry centraal. Diana is al lang overleden en leeft voort in de gedachten van prins Harry en soms ook in die van prins William en prins Charles. Prinses Diana (Marlijn van de Weerdenburg) kijkt dus vanaf een afstandje mee en geeft in discussie met de personages commentaar op het familiegedoe en af en toe zien we een jonge Charles en Diana op het podium. Het klinkt wat ingewikkeld, maar op toneel wordt dit soepel neergezet en weet je als publiek duidelijk waar je aan toe bent. Een dergelijke constructie doet denken aan bijvoorbeeld de musical Was getekend, Annie M.G. Schmidt, waarbij de oude Annie voortleeft in de gedachten van mensen en ook naar het verleden kijkt.

De stem van Freek Bartels leent zich voor dramatische liedjes en die heeft hij genoeg als Harry. Freek weet het dramatische verhaal naar zijn hand te zetten. Marlijn van de Weerdenburg zet een mooie prinses Diana neer, maar de rol blijft een beetje kabbelen. Diana kijkt namelijk op een afstandje mee en heeft mooie nummers om te zingen, maar heeft niet één groot powermoment. Wie dit wel heeft is de nieuwe vrouw van Prins Charles, Camilla, gespeeld door musicalgrootheid Gerrie van der Klei. Wat is het héérlijk om te zien hoe zij het nummer ‘Lang gewacht’ vertolkt, waarbij ze mooi zingt én de lachers op haar hand heeft, zoals alleen zij dat kan.

IJzersterke ondersteuning van ensemble en decor

Diana en zonen zit erg goed en vlot in elkaar. De overgangen zijn snel, het ensemble is goed op elkaar ingespeeld en het minimale decor geeft de sfeer perfect weer. De choreografie van het ensemble zorgt voor een dreigende sfeer. Het ensemble speelt de lakeien of de dreigende pers en ze vormen het keurslijf van de familie. Ze zijn zoals ze zelf zingen: onzichtbaar en dienend. Het decor is minimaal en daar is goed over nagedacht. De panelen aan de zijkant veranderen per locatie en tonen vaak het portret van The Queen die het familiedrama aanschouwt. Een ondersteunende rol die opvalt is die van patatbakker Grace, gespeeld door Gitty Pregers: wat een stem!

Diana en zonen is een nieuwe originele Nederlandse productie met internationale allure. Het script van Dick van den Heuvel is vlot geschreven en pakt op het podium goed uit. De nummers, geschreven door André Breedland en gecomponeerd door Jeroen Sleyfer en Sophie Veldhuizen, pakken regelmatig groot en dramatisch uit. Toch is er niet één specifiek nummer of moment dat bij blijft. De muziek, de tekst, het decor, de rol van het ensemble, alles versterkt de dramatische sfeer van de musical.

Kortom, Diana en zonen is een koninklijk drama, dat ook geschikt is voor mensen die niet van het Britse koninklijk huis houden. Wie graag wil zwelgen in een familie- en liefdesdrama, heeft met deze musical het juiste stuk gevonden.

Theater / Voorstelling

Buitenaards mooi

recensie: Stage Entertainment - Lazarus

Op 10 januari 2016 overleed plots het grootse popicoon David Bowie. Achttien maanden lang vocht Bowie tegen leverkanker en al die tijd werd er met geen woord over gerept in de kranten. Waarom niet? Niemand was op de hoogte van zijn doodstrijd. Een van de weinigen die afwist van Bowie’s langdurige ‘ziekbed’, was Ivo van Hove, de regisseur van diens musical Lazarus. Hoewel het verhaal moeilijk te duiden is voor de kijker is Lazarus een waardig eerbetoon aan de gelauwerde rockmuzikant David Bowie.

Lazarus is een Bijbelse figuur die na zijn dood door Jezus tot leven wordt gewekt. Door met Ivo van Hove de musical Lazarus te schrijven in de ‘laatste dagen van zijn leven’, heeft David Bowie er in principe óók voor gezorgd dat hij na zijn dood voortleeft. Hij doet dat weliswaar alleen via de muzikale en audiovisuele weg (zijn woorden leven voort via een ander en zijn beeltenis is prominent aanwezig in de slotfase van de voorstelling), maar Lazarus is eigenlijk de wederopstanding van Bowie himself. In Lazarus zijn zowel oude liedjes van Bowie als speciaal voor de musical geschreven liedjes te horen. Vooral het nummer Lazarus zal de gemiddelde fan verwoed bezighouden, aangezien hier talloze verwijzingen naar Bowie’s eigen dood in te vinden zijn. Zo zingt hij: “Look up here, I’m in heaven.”

De hemel willen bereiken, dát is ook het doel van Thomas Newton (Dragan Bakema). Dit verknipte personage vliegt verloren over het gehele podium en hij kan de dagelijkse chaos niet de baas worden. Hij woont als buitenaards wezen op ‘Second Avenue’ in New York. Zijn levenslust is hem ontnomen, sinds zijn geliefde Mary Lou hem heeft verlaten. De enige troost die hij toelaat, is die van de gin. De enige urgente meubelstukken op het podium zijn dan ook de koelkast, die de genuttigde alcohol op de juiste temperatuur houdt, en zijn bed, waarop hij verslagen zijn hoofd ten ruste legt. Dertig jaar nadat zijn geliefde hem heeft verlaten, zien we een gebroken Newton die stellig gelooft in zijn eigen waanbeelden. Hij wil de aarde ontvluchten en teruggaan naar zijn eigen planeet. De enige die hem hierbij kan helpen, is een naamloos engelachtig meisje (Juliana Zijlstra), die zowel hem als het publiek inpalmt met haar zoetgevooisde keel.

Newton laat zich zó door dit meisje bekoren, dat hij geen aandacht meer heeft voor de gruwelijkheden die zich in zijn dagelijkse leven voltrekken (de slechterik Valentine (Pieter Embrechts) infiltreert langzaamaan in het leven van Newton) of voor een nieuwe kans in de liefde. Zijn assistente Elly (Noortje Herlaar) wordt namelijk tot over haar oren verliefd op Newton. Het publiek ziet hoe de afstand tussen Elly en haar vriend (Jorrit Ruijs) steeds groter wordt en hoe kleiner de fysieke afstand tussen Elly en Newton wordt. Geleidelijk aan neemt Elly de identiteit van de verdwenen Mary Lou over, om zo eindelijk de liefde en erkenning te kunnen krijgen van Newton, waarnaar ze zo verlangt.

Het spel van iedere acteur in de voorstelling is even geloofwaardig – iets wat je niet over het verhaal kunt zeggen. De rode draad van het verhaal is lastig te volgen, al merk je dat je dat de acteurs toespelen naar een climax. De scènes worden steeds heviger, mede doordat de emoties steeds grootser worden uitgedragen. De kleine, opspelende irritaties, zoals een stelletje dat elkaars telkens opgeilt op het podium (Jeroen C. Molenaar en Holly Mae Brood), worden overschaduwd door de prachtige visuele projecties op het scherm dat midden op het podium staat. Ook het vele hoofden tellende ‘orkest’, bestaande uit voornamelijk gitaristen en één enkele pianist, maakt dit gelaagde muziektheater zo’neen lust voor het oog.

Het jammere voor de die-hardfans blijft dat het stemgeluid van Bowie nooit wordt geëvenaard. Soms klinkt de zang zelfs heel krampachtig en merk je dat voornamelijk de mannelijke hoofdrolspelers in de eerste plaats acteurs zijn en geen zangers. Zo focus je je als publiek soms zo geconcentreerd op hoe Dragan Bakema of Thomas Cammaert (in de rol van Newtons vriend Michael) de noten zingen, dat je niet eens meer oog hebt voor de moderne dans-achtige pasjes die ze op het podium maken.

Voor een musical die staat of valt met de zang, is het dan ook een gewaagde keuze om te werken met voornamelijk mannelijke acteurs (de vrouwelijke speelster Juliana Zijlstra kun je hoogstens bekritiseren om haar té gepolijste, perfecte stem), wier stem zo nu en dan zo fragiel weerklinkt. Ach, met een voorstelling die op alle andere fronten zó perfectionistisch en vernieuwend is, kan alleen maar met positieve verwondering op worden teruggekeken. David Bowie zal vanuit zijn heaven goedkeurend knikken.

Theater / Voorstelling

Anastasia, een sprookje waarin je wilt geloven

recensie: Stage Entertainment – Anastasia

Altijd al door de prachtige straten van St. Petersburg willen lopen? Dat kan nu met de musical Anastasia, in het AFAS Theater in Scheveningen. Tegen een sprookjesachtig decor, ontwaar je hier de meest sprankelende en romantische musical die in jaren is opgevoerd. Hoewel het bekende verhaal over de vermiste tsarendochter Anastasia Nikolajevna Romanova niet echt wordt uitgediept, is deze musical zó gelikt dat hij je de adem beneemt. Hier kun je horen, zien en proeven wat perfectie is.

Overleefde Anastasia Nikolajevna Romanova, de jongste dochter van tsaar Nicolaas II van Rusland en tsarina Alexandra Fjodorovna, het vuurpeloton van de bolsjewieken? Na de executie van de laatste tsarenfamilie van Rusland op 17 juli 1918 ontbraken de lichamen van Anastasia en haar broertje Aleksej. Geruchten over haar grootse ontsnapping leidden ertoe dat honderden ‘neppe’ Anastasia’s zich meldden aan de deur van Anastasia’s grootmoeder, de Keizerin-moeder Maria Fjodorovna, die de bolsjewieken jaren eerder was ontvlucht.

Fictie boven waarheid

Foto: Annemieke van der Togt/Roy Beusker Fotografie

Voor deze broadway musical – die voor het eerst het licht zag op 27 mei 2016 op de planken van Broadway – verkoos toneelschrijver Terrence McNally fictie boven waarheid. De treurige waarheid is namelijk dat de 17-jarige Anastasia, tezamen met al haar familieleden, haar dood tegemoet ging in de nacht van 16 op 17 juli. Dat Russische onderzoekers in 2008 uitwezen dat restanten uit een nabijgelegen graf van de overige Romanovs toebehoorden aan Anastasia en Aleksej, wordt omwille van de nostalgie en romantiek maar even vergeten. Hiermee borduurt de voorstelling verder op de animatiefilms over Anastasia uit 1997, Anastasia en The secret of Anastasia.

De musical begint met een moment dat cruciaal zal zijn voor de verdere verloop van het verhaal. Keizerin-moeder Maria Fjodorovna neemt afscheid van haar jongste kleindochter Anastasia in diens slaapkamer en geeft haar als afscheidsgeschenk een speeldoos. Het is een ontroerend duet tussen Gerrie van der Klei (Maria) en de jonge versie van Anastasia, dat een écht prinsessenkind is met haar witte pyjamaatje en lange lokken gestrikt in een grote, blauwe strik. Als tsarina Alexandra Fjodorovna ook aan het bed komt staan om Anastasia op te dragen haar gebeden op te zeggen, zal menig Downtown Abbey-liefhebber stilvallen van de schoonheid van Anastasia’s moeder. Of, eerder gezegd, van diens belachelijk mooie en groteske jurk die is afgezet met wat lijkt een triljoen kleine diamanten.

Pracht en Praal

Foto: Annemieke van der Togt/Roy Beusker Fotografie

Wanneer het slaapkamerdecor in rap tempo verwisselt voor een sierlijke balzaal en alle lenige leden van het ensemble opkomen, is het puur genieten. Je voelt hoe de zaal stilvalt bij het zien van zoveel pracht en praal: het paleis, de prachtige jurken en broekpakken, het engelachtige gezang en de imponerende choreografieën. Met zulk een bombastisch begin rijst de vraag of de rest van de musical een slap aftreksel zal worden. Niets is minder waar: tot aan de laatste minuut van deze show wordt de zaal meegezogen in het fictieve verhaal over Anastasia.

De aantrekkingskracht van deze musical is vooral te danken aan de prachtige videoanimaties van Aaron Rhyne. Aan weerszijden van het podium staan twee enorme ramen die telkens kunnen draaien en worden omgetoverd tot andere decorstukken. Hierop wordt bovendien het ene na het andere mooie vergezicht getoond: wanen we ons eerst in paradijselijke sferen (van het paleis tot aan St. Petersburg en Parijs), later resteert alleen nog maar de vergane glorie (beelden van een smerig Leningrad en een grauw hoofdkantoor van het bolsjewistisch regime). De duizelingwekkend fascinerende projecties sluiten precies aan op de emoties die de voorstelling teweegbrengt. Na de vreselijke executie, vervolgt het verhaal zich zo’n tien jaar later verder. De twee meesteroplichters Vlad (Ad Knippels) en Dmitri (Milan van Waardenburg) ontmoetten straatveegster Anya, die haar geheugen kwijt is. Aangezien zij in Anya wel heel opmerkelijke prinsessentrekjes zien, besluiten ze om haar om te toveren tot haar ware zelf: hoogvorstin Anastasia.

Van Rusland naar roaring twenties Parijs

Foto: Annemieke van der Togt/Roy Beusker Fotografie

Met gevaar voor eigen leven – de gedreven Russische generaal Gleb (René van Kooten) zit het trio op de hielen – ondernemen ze de reis van Rusland naar Parijs om de keizerin-moeder op te zoeken. De treinreis belooft een van de meest memorabele scènes uit de musical te worden: in een ronddraaiend treintoestel bezingen de drie gelukszoekers hun lot en de hoop die ze hebben. Als ze eindelijk aankomen in Parijs, is er alleen nog maar ruimte voor glitter en glamour. We strijken neer in de roaring twenties en met een opzwepende charleston-dans maken we kennis met het humoristische karakter Lily, een verloren liefde van Vlad én dienaar van de Keizerin-moeder. De nimmer gestilde kriebels voor elkaar, borrelen bij Lily en Vlad weer op, wat leidt tot een komische rendez-vous.

Dat er ook zijpaden worden ingeslagen, zoals het liefdesverhaal van Vlad en Lily en de worsteling van Gleb met zijn missie (de laatste Romanov uitschakelen), geeft het verhaal iets meer body. De scènes met de hoofdrolspeelster (ditmaal geen Tessa Sunniva van Tol, maar een erg sprankelende en innemende Lois van der Ven), zijn echter het meest betoverend. Lang ronddwalend in het geheugen, blijft zeker de scène waarin zowel Anastasia als haar grootmoeder de balletvoorstelling Het Zwanenmeer bezoeken. Het ensemble heeft intussen al heel wat gedaanteverwisselingen doorgemaakt – van arme sloeber in Rusland, tot leden van de tsarenfamilie tot ferme bolsjewieken – en toont zich op dat moment in zijn meest bekoorlijke gedaante: die van de balletdansers van Het Zwanenmeer. Dit toneelstuk binnen een toneelstuk zorgt voor een zekere gelaagdheid, waardoor je almaar ‘bravo’ wilt blijven scanderen.

Met deze musical heeft Albert Verlinde wederom een succes behaald. Een American dream die – komisch genoeg – gesitueerd is in een Russische setting en mensen doet geloven dat sprookjes écht bestaan. Een musical met ietwat te overdreven dramatisch spel en soms schreeuwerige dialogen, maar met ongeëvenaarde prachtige solo’s en een ijzersterk visueel decor. Namens alle liefhebbers van sprookjes: spasiba!

Theater / Voorstelling

Mormoonse zaligheid

recensie: Tray Parker en Matt Stone - The Book of Mormon

De grondlegger van The Book of Mormon, Joseph Smith, zou zich in zijn graf omdraaien bij het zien van de broadway-musical The Book of Mormon. De geestelijk vaders van South Park, Tray Parker en Matt Stone, hebben hun zwaarste geschut – humor – ingezet en zo een fenomenale, uitzonderlijke musical op poten gezet, waarin ieder heilig huisje wordt neergehaald.

Toen de Amerikaanse Joseph Smith in 1823 bezoek kreeg van de engel Moroni, die hem Gods Gouden Platen liet vertalen tot Het Boek van Mormon, werd het mormoonse geloof geboren. Opmerkelijk is de eigen, christelijke geschiedenis waarover wordt verhaald in The Book of Mormon én de focus op de Amerikaanse cultuur. Zo’n ver doorgevoerd patriottisme in boekvorm is voor de makers van South Park, dankbaar materiaal geweest om de goedbedoelende, maar naïeve gelovigen flink te kakken te zetten.

De musical begint zoeter dan zoet. Hoofdrolspeler Kevin Clay (in de rol van Elder Price) is dé ideale Amerikaanse schoonzoon, met stralende witte tanden die hij continu showt door uitbundig te glimlachen. Als een scout die koekjes aan zijn buren wil slijten, belt hij aan bij bewoners om het woord van God door te geven. ‘Hello! My name is Elder Price!’ zingt hij als een boer met kiespijn, waarna een heel mannen-ensemble inzet om eveneens met het blauwe Book of Mormon langs de deuren te gaan. Eendrachtig in hun nette broeken, witte bloezen en stropdassen zingen ze vrolijk door elkaar keurig en christelijk een begroeting.

Na hun harde werken in vaderland Amerika, worden de jongens in tweetallen uitgezet als missionaris naar andere landen. Met kinderlijk enthousiasme springen de jongens in de lucht bij het horen van namen als ‘Noorwegen’ en ‘Frankrijk’. Tot het de beurt is aan Elder Price die, na te worden opgescheept met de mollige nerd Arnold Cunningham (Conner Peirson), te horen krijgt dat hij naar Oeganda moet.

‘Fuck you, God!’

Aldaar komen de twee brave jongens in aanraking met een armoedige bevolking. Hun oren staan niet naar het christelijke geloof of de Bijbel, gezien de dagelijkse bak ellende. Van de bakker tot de slager: niemand ontkomt aan aids. Daarom zingen de Oegandezen vrolijk in het Afrikaans: ‘Fuck you, God!’, wat overigens een geweldig lied oplevert tegen een decor van krakkemikkige huisjes. Arnold laat zich echter niet uit het veld slaan en vertrouwend op zijn veel te grote fantasie, besluit hij dat een leugentje of drie, vier, vijf geen kwaad kan om de Afrikanen de kerk in te lokken.

Deze musical is in de eerste plaats een grootschalige parodie op het genre musical, aangezien de hoofdpersonages zo belachelijk vrolijk doen over álles. ‘Having certain feelings that just don’t seem right?’ vraagt elder McKinley, de ‘leider’ van de kerk in Oeganda. Daar is maar één remedie voor: ‘Turn it off, like a light switch. Just go click! It’s a cool little Mormon trick!’ Een musical, waarin met heel veel conservatieve, typisch Amerikaanse idealen wordt afgerekend. Het verlangen om andere gebieden te indoctrineren met het ware geloof staat centraal, maar ook op andere terreinen wordt een grens overgegaan. Zo worden irrealistische vooroordelen over de Afrikanen uitvergroot: ze worden neergezet als beesten, die baby’s willen verkrachten en geweld als de enige oplossing zien.

Hilarische uitspattingen in knalroze glitter

Ook zijn de ‘elders’, de zendelingen van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, niet bepaald de ideale schoonzonen voor de reeds erg conservatieve, niet-open minded Amerikanen. Met veel omhaal proberen ze hun homoseksualiteit te verbergen, maar zo hier en daar vindt er een hilarische uitspatting plaats waarbij ze trots – gehuld in een knalroze glitter giletje – hun echte innerlijke zelf kunnen tonen. Ook vervult het mannenensemble vele kleine rolletjes en kruipen ze meerdere keren in de huid van vrouwen, wat voor groot vermaak zorgt.

Ook tussen de twee elders wordt een strijdmacht uitgevoerd en dit escaleert wanneer Arnold, in tegenstelling tot Price, de Afrikanen de kerk binnen weet te lokken. Hierbij krijgt Arnold hulp van de knappe Nabulungi, gespeeld door Nicole-Lily Baisden, die graag weg wil uit haar gewelddadige dorp. Bij hun gezamenlijke plan om de andere burgers ook enthousiast te maken voor de mormoonse kerk, groeien ze steeds dichter naar elkaar toe. De scène waarbij Arnold Nabulungi gaat ‘dopen’ is overladen met dubbelzinnige metaforen naar seks en hierbij krijgen de twee, meer dan verdiend, de lachers op de hand.

Duizelingwekkend tempo

Overmatige seksgrappen, grootse wartaal over de ontstaansgeschiedenis van het geloof en homoseksuele christenen: alles wat ook maar enigszins contrasteert met het christelijke geloof zie je in deze musical voorbijkomen. Zowel door het ijzersterke spel als door de geweldige choreografie, het duizelingwekkende doch briljante tempo en de uitzonderlijk goede zangsolo’s is het een voorstelling die nog lang zal rondwaren in je hoofd.

Het kan zijn dat je na de voorstelling met de werkelijkheid wordt geconfronteerd. Buiten Carré hebben enkele mormonen zich verzameld om flyers van hun kerk uit te delen. ‘Was het leuk?’ vragen ze goedwillig, al wapperend met de stapels flyers. Hoe erg hun geloof ook wordt geteisterd in de musical, vol moed zullen deze zendelingen hun werk verrichten. Feit is wel: iedereen die The Book of Mormon heeft gezien, denkt wel twee keer na voordat ze ook maar overwegen om zich bij deze geloofsgroep aan te melden…

Theater / Voorstelling

Superheld zkt. Schurk

recensie: BOS Theaterproducties - Marvellous

Je kunt er niet omheen: superhelden zijn hot! Tenminste, zo redeneert ook supernerd en comicbookverkoper Giel in Marvellous, de nieuwe komische muziekvoorstelling van de makers van Watskeburt?!. Het belooft een episch verhaal te worden. Ondanks alle spannende effecten, is het bij lange na niet half zo vermakelijk als Watskeburt?!.

Wat als alle superschurken zijn verslagen? Ondanks alle peis en vree, betekent dit op de lange termijn een verlies voor de superhelden. Door gebrek aan werk, moeten ook zij eraan geloven en meedraaien in de maatschappij. De Liga, bestaande uit het 11-jarige meisje Daisy in een mannenlichaam (Testostero gespeeld door Tarikh Janssen), Gods dochter Ilana (Anna Keuning), de rechtvaardige Justitia (Kweja Kwestro), de met de tijd spelende Tijdsgeest Detlev (Rogier in ’t Hout) en De Denker/Joost (Maurice Vonk), slijten hun dagen met menselijke, alledaagse bezigheden.

De ooit zó grote, belangrijke vijf figuren houden zich nu bezig met barbecueën en botsen op dezelfde huwelijkse perikelen als gewone mensen. Als Justitia te horen krijgt dat ze is ontslagen bij Pink Ribbon, besluit ze dat het tijd is om haar menselijkheid van zich af te schudden. Ze gaat naar het museum, steelt de uitrusting van de verslagen schurk De Astronaut en schakelt haar buurman Giel (Daniel Cornelissen) in om deze tot leven te brengen als De Kosmonaut. Een schijnschurk, aangezien De Kosmonaut zo geprogrammeerd is dat Justitia de controle over hem heeft en hem keer op keer kan uitschakelen. Het ligt natuurlijk in de lijn der verwachting dat de hedendaagse technologie roet in het eten gooit. Giels technologie crasht, waardoor De Kosmonaut een vrije wil krijgt en de mensen begint aan te vallen… Dé kans voor De Liga om zich één laatste keer te bewijzen: De Liga to the rescue!

Oppervlakkige flauwiteiten

De grote vraag is: wie redt de acteurs van het eindeloze gekibbel over ditjes en datjes? Er zijn maar weinig écht spannende en actieve dialogen. Wat het publiek voorgeschoteld krijgt, heeft meer weg van oppervlakkig geneuzel over de voorbeeldfunctie die de superhelden hebben. Zo blijft Ilana net iets te lang drammen tegen het besluit om de superheldenpakjes weer uit de kast te trekken. De welles-nietes-discussie tussen De Liga-helden gaat maar door, waardoor je als toeschouwer soms wordt gedwongen om een lome houding aan te nemen. Op den duur werken de flauwe grapjes  niet meer om het publiek uit die houding te verlossen. Dit in groot contrast met Watskeburt?!, de vorige voorstelling van schrijvers Lucas de Waard en Daan Windhorst, waarin ze voor melige taferelen zorgden. Het spel en de dialogen die destijds voor knetterend vuurwerk zorgden, bleven nu uit. Het tempo van de voorstelling ligt laag – niet echt wat je verwacht bij superhelden – het is een afspiegeling van de loomheid waarin de helden zijn beland. Deze superhelden vechten hun ruzies uit mét woorden, niet met hun vuisten.

Op stelten staan

Toch blijft de voorstelling in zijn geheel een genot om naar te kijken. Zo past het decor, bestaande uit donkere skyscrapers en huizen, goed bij het superheldenthema. De acteurs dragen grappige superheldenpakjes en het ene na het andere opzienbarende attribuut wordt uit de coulissen getrokken. Het pak van slechterik De Kosmonaut is opzienbarend: op hoge stelten en in zwart pak met talloze kleine lampjes erop stampvoet acteur Denzel Goudmijn over de toneelvloer. Daarnaast horen we de gedachten van de personages, die Joost De Denker kan horen, als voice-overs terug. Dit zorgt voor grappige scènes, waarin Giel zijn fantasieën loslaat op Justitia of Ilana een erotisch boek leest.

De magie van deze grappige voice-overs wordt enigszins doorbroken door de niet altijd even zuivere zang. Giel heeft na Justitia de meeste zangpartijen en kantelt op de grens tussen zuiver en vals. Het is maar goed dat de liedjes zo aanstekelijk zijn dat je die ene valse noot hier en daar voor lief neemt. Justitia heeft wel een bekorende stem die ze in enkele solo’s laat horen.

Superslecht of superpotentieel?

Na de eerdere voorstelling van BOS Theaterproducties (Watskeburt?!) zijn de verwachtingen hoog opgelopen. Daar wordt voor het grootste gedeelte aan voldaan. Zowel de kleding van de personages als het decor zijn indrukwekkend en de vrolijke liedjes blijven nog lang in je hoofd hangen. Toch rest een knagend gevoel. Dat heeft vooral te maken met de energie van de acteurs en hun spel: wanneer spat nu écht de actie van het podium? Er is sprake van een hoop gelul en weinig actie. Dit zijn superhelden met een meer vredelievende aanpak: ze kibbelen maar voort, terwijl de wereld te grazen wordt genomen door De Kosmonaut. Show, don’t tell!

Theater / Voorstelling

Mannenmusical scoort punten

recensie: MORE Theater Producties - All Stars de Musical

Voetbal en musicals, niet de combinatie die je meteen zou verwachten, maar met deze eigenaardige samenvoeging scoort MORE Theater Producties veel (hoogte)punten. All Stars de Musical belooft makkelijke grappen, die een tikkeltje beledigend kunnen zijn, en veel vermakelijke vertoningen. Een musical waarvoor je je man van de bank trekt…

Al bij het beginakkoord is het raak. Uit de grote boxen schalt het openingslied van The Lion King. Het is een knipoog naar de wereldberoemde – van oorsprong – Broadway Show. Daar waar je in The Lion King wilde dieren verwacht, reken je in All Stars op een paar fanatieke voetballers. De negen voetballers van de Swift Boys 8 zijn inmiddels tegen de dertig en vertonen eerder lui dan energiek gedrag. De enige die nog zin heeft om een balletje te schoppen, is aanvoerder Bram (Alex Hendrickx). Hoewel hij voor zijn werk de hele wereld rondreist, rent hij zich rot om de 500ste wedstrijd van zijn voetbalteam in goede banen te leiden – van nieuwe shirtjes tot een teamuitje op een golfbaan. Zijn teamgenoten zijn ondertussen met geheel andere zaken bezig. Hero (Jim Bakkum), ex-filosofische student, is een hopeloze romanticus die liedjes schrijft totdat hij kan werken in zijn vaders bedrijf. Samen met Johnny (Lucas Hamming), die op zijn beurt zowel zijn vader ‘Meeuwse’ (Kees Boot) als zijn vriendin Deborah (Ruth Sahertian) tevreden moet zien te houden. Dat laatste geldt al helemaal voor notoire vreemdganger Mark (Urvin Monte) die ‘zijn laatste kans’ bij zijn zwangere vriendin Roos (Withney Sawyer) dreigt te verspelen. Niet dat het huwelijk van Willem (Mike Weerts) met Anja (Sara Janneh) nu zo’n succes is; Anja ziet graag dat Willem op zijn dierbare zondagen ook eens met haar meegaat naar zijn schoonmoeder. De enigen die niet kampen met relatieproblemen, zijn vrouwenversierder Paul (Jasper Demollin) en de nerd-achtige Peter (Bart van den Donker).

Niets verhullende dansjes

De vluchtige interactie tussen de acteurs maakt deze voorstelling zo humoristisch. Steeds maken de jongens gemene opmerkingen als Peter zijn mond opentrekt om een voorstel in de groep te gooien: hij hoort er als laatkomer ‘toch niet echt bij’. Het begint als een echte mannenmusical: flauwe grappen met een neiging naar racisme en discriminatie (‘Homo’s!’) – waar buiten de voetbalwereld om veel controverse over is – vliegen je om de oren. Daarnaast wordt de doorgaande begroeting van deze voetballers, die stoer willen ogen, niet diepgaander dan ‘Hé pik’. Vrouwen schijnen in de ogen van de mannen voornamelijk zeurderige wijven te zijn. Het leuke is dat dit steeds meer verschuift. De mannen moeten op den dure boeten voor hun luie gedrag. De vrouwen – die op hilarische wijze op Whatsapp via spraakberichten contact hebben (‘Aapje met handen voor zijn gezicht’; ‘Deborah is aan het typen!!!’) – komen in actie. Hun plan om voor hun rechten op te komen? Een potje voetbal tegen hun eigen mannen.

Aan die allesbepalende wedstrijd, gaat natuurlijk van alles vooraf. Het grootschalige decor wordt hierbij functioneel ingezet. Van flatappartement gaan we naar voetbalveld en bejaardentehuis en van bedrijf naar woonkamer en golfbaan: het decor beweegt net zo snel als de voeten van de acteurs. Het is letterlijk een dynamische voorstelling, waarin de verhalen van zeven voetbalvrienden worden uitgelicht. Deze vrienden hebben allemaal een geheel divers, eigen karakter en komen daardoor ook als geloofwaardig voetbalteam over. Niet alleen is het spel goed getimed en ontzettend grappig, het gezelschap trakteert het publiek op (niets verhullende) opzwepende en onverwachte dansjes – shout outnaar de geweldige choreografie van Daan Wijnands – en liedjes (die Thomas Acda voor zijn rekening nam). De afwisseling in spel, muziek en dans, maar ook de samenkomst daarvan, is een genot om te zien.

Bombarie buiten de vloer

Niet alleen de voorstelling pakt uit. Het beïnvloedt geenszins de receptie van deze musical, maar het is het vernoemen waard dat het rondlopend personeel in het Luxor Theater geheel in voetbaltenue is gehuld. Ook het gros van de bezoekers heeft zich uitgedost als nooit tevoren: de voetbalsokken zijn hoog opgehesen en buiten de zaal flitsen de kleuren kleurt het van de verschillende soorten voetbalt-shirts. En alsof dat nog niet al genoeg kostelijk vermaak is voor het oog, staat een “hoempapa band” ouderwetse Nederlandse liedjes te spelen. Hierdoor waan je je met het omringend publiek net in een voetbalkantine. Een feestje in de voetbalkantine, om precies te zijn, want deze musical is meer dan geslaagd.