Tag Archief van: cultuur

Muziek

Een geslaagd muziekproject van het Mauritshuis

recensie: Bekijk het Mauritshuis  met je oren
Mauritshuispixabay

Wist je dat het Mauritshuis een eigen platenlabel heeft? Bekende artiesten zoals Merol en Willie Wartaal laten zich voor een nieuw nummer inspireren door een schilderij naar keuze in het Mauritshuis. Het muzieklabel is onderdeel van het project Bekijk het Mauritshuis met je oren. Priya Wannet is razend benieuwd hoe deze verfstreken klinken en duikt meteen in de Mauritshuis-playlist op Spotify.

Spinvis – Parel

Spinvis, de eenmansband van Erik de Jong (1961), verschijnt als eerste bovenaan de lijst. Zijn versie van het Meisje met de Parel (c. 1665) van Johannes Vermeer grijpt direct aan door het bijzondere intro. We horen verkeersgeluiden. Een auto die voorbijrijdt en zachtjes afremt. Vlak voordat De Jong begint met zingen hoor je in de verte de kerkklokken luiden. Het is bijna alsof je zelf onderdeel van het verhaal bent geworden en het meisje elk moment tegen kunt komen. Luisterend naar dit nummer vraag je je af: wie was toch deze mysterieuze jongedame die de Hollandse grootmeester zo intrigeerde? Spinvis zelf omschrijft haar als een vogel: ongrijpbaar en vrij. Het Nederlands Kamerkoor is een mooie toevoeging aan het geheel en geeft het nummer een ietwat plechtige, museale sfeer. Voor fans van Spinvis wederom de bevestiging dat Erik de Jong de koning van unieke en originele liedjes is. We weten misschien niet wie ze is geweest, maar door te luisteren naar dit nummer lijkt het net alsof je haar kent. Kortom een pareltje en absoluut het luisteren waard!

Merol – Slippertje

Het kunstwerk Mars en Venus betrapt door Vulcanus (1601) van Joachim Wtewael valt meteen in de smaak bij Merel Baldé (1991), beter bekend onder haar artiestennaam Merol. Het is sexy en een tikkeltje ondeugend; precies hoe we Merol kennen. Op het schilderij is de Griekse godin Venus te zien die ongegeneerd ligt te vrijen met Mars. Ze lijkt precies te weten wat ze doet en maakt zich niet druk om haar man Vulcanus met wie ze ondertussen getrouwd is. Merol raakt meteen geïnspireerd na het zien van de slippers van Venus die achteloos zijn neergegooid naast het bed. Dit doet haar vermoeden dat Venus moedwillig met Mars het bed is ingedoken. Als een echte woordkunstenaar rijgt ze de woorden aan elkaar en is ze niet bang om direct en expliciet te zijn. Daarmee houdt ze de maatschappij een spiegel voor. Als luisteraar kun je jezelf afvragen of monogame relaties eigenlijk nog wel van deze tijd zijn. Zijn open relaties niet veel interessanter? We leven immers in een maatschappij waarin alles draait om zelfontplooiing. Merol laat met dit nummer horen dat zij buiten geijkte kaders kan en durft te denken. Dit hoor je ook terug in de sound van het nummer. Het refrein is catchy en blijft gegarandeerd de rest van de dag in je hoofd hangen.

Dio – Hoger ft. Gerson Main

Dio, artiestennaam van Diorno Dylyano Braaf (1988), schiet voor de sterren, want het kan hem niet hoog genoeg. De jonge en ambitieuze rapper koos voor twee enorme plafondschilderingen van Ger Lataster als inspiratiebron voor zijn nummer Hoger ft. Gerson Main (2021). De ene plafondschildering is gebaseerd op Icarus die met zijn zelfgemaakte vleugels de zon probeert te bereiken, maar uiteindelijk te hoog vliegt en in zee stort. Hier komt het spreekwoordelijke “Hoogmoed komt voor de val” vandaan. Op de andere plafondschildering komt het thema hoogmoed ook terug. Toen Lataster in 1987 dit plafond schilderde, benauwde het hem dat hij zich omringd wist door grootmeesters als Rembrandt, Vermeer en Rubens. Hoogmoed zou op de loer kunnen liggen. Lataster zag maar één manier om zijn eigen val te voorkomen: hard werken. Met veel felle kleuren en expressie schilderde hij een blauwe werkbroek, werkschoenen en een schep, refererend aan de werkende man. Dio maakt met zijn nummer duidelijk dat hoogmoed, oftewel overdreven zelfvertrouwen, niet altijd iets negatiefs hoeft te zijn. Hij rapt hierover: “Want ik wil niet als ik oud ben moeten denken had ik maar.” Het resultaat is een dromerig, zwevend maar krachtig liedje dat zowel qua sound als qua boodschap prachtig contrasteert met de felle en heldere kleurencompositie van het kunstwerk zelf. Hoogmoed is een bekend thema in de huidige maatschappij en dit nummer zou zeker de jongere generaties kunnen bereiken.

Goldband – Psycho

Met de Haagse groep Goldband reizen we af naar de 90’s, gabbertijd. Op hoge snelheid dendert hun nieuwste festivaltrack Psycho (2022) door je speakers heen. De track begint nog vrij rustig, maar je hoort al snel dat er een woeste storm gaat uitbreken. Richting het refrein barst de ravemelodie los en moet je wel meezingen met de tekst: “Ik ben een psycho, ik word helemaal gek.” Voor deze track lieten de mannen zich inspireren door het schilderij Christus in het voorgeborchte (1597) van Jan Brueghel de Oude en Hans Rottenhammer. Het is een schilderij waarmee ze alle kanten op kunnen. Chaos, licht en donker. Christus in het voorgeborchte heeft het allemaal en dat hoor je terug in de onstuimige beat. Het voorgeborchte of Limbo (Latijn: aan de rand) was in de Rooms-Katholieke Kerk een aanduiding van het verblijf van de zielen die na het sterven niet toegelaten worden tot de hemel en ook niet naar de hel of het vagevuur gezonden worden. Zij wonen aan de rand van de hemel of de hel. Op het schilderij is te zien hoe Jezus Christus afdaalt naar het voorgeborchte om daar Adam en Eva op te halen en naar de hemel te brengen. Het gevoel dat je krijgt bij het schilderij matcht met het gevoel dat het nummer oproept als je het hoort. Goldband is erin geslaagd om het perfecte nummer voor dit schilderij te maken.

Eefje de Visser – Cybele

Van keiharde gabberhouse schakelen we over naar de zoete, dromerige klanken van Cybele (2021). Ook dit lied is gebaseerd op een werk van Jan Brueghel de Oude. Samen met Hendrik van Balen schilderde hij Krans van vruchten rond een voorstelling met Cybele die geschenken ontvangt van personificaties van de vier jaargetijden tussen 1620 en 1622. Cybele was in de mythologie de godin van de vruchtbaarheid, aarde en natuur. Voor haar nummer kruipt Eefje de Visser (1986) in de huid van de 17e-eeuwse gelovige mens en zingt zij Cybele toe om haar te bedanken en om te vragen de aarde vruchtbaar te houden. De verering en weelderige details uit het schilderij komen terug in de welbekende elementen als zwevende vocalen, fonkelende synthesizer sounds en diepe bassen. De sfeer die het schilderij oproept is gelijk aan haar sound en valt hoogstwaarschijnlijk in de smaak bij mensen die op zoek zijn naar een zacht nummer die feminiene kracht uitstraalt.

 

Nog niet genoeg gezien en gehoord? Andere nummers van Bekijk het Mauritshuis met je oren (Harrie Jekkers met Gezicht op Delft, Willie Wartaal met Mootje, The Kik met De ware Jakob en Jett Rebel met Heaven’s Got A Place For You) zijn te beluisteren via de website van het Mauritshuis. Ook zijn alle nummers te vinden op Spotify en YouTube.

 

 

Muziek

Een geslaagd muziekproject van het Mauritshuis

recensie: Bekijk het Mauritshuis  met je oren
Mauritshuispixabay

Wist je dat het Mauritshuis een eigen platenlabel heeft? Bekende artiesten zoals Merol en Willie Wartaal laten zich voor een nieuw nummer inspireren door een schilderij naar keuze in het Mauritshuis. Het muzieklabel is onderdeel van het project Bekijk het Mauritshuis met je oren. Priya Wannet is razend benieuwd hoe deze verfstreken klinken en duikt meteen in de Mauritshuis-playlist op Spotify.

Spinvis – Parel

Spinvis, de eenmansband van Erik de Jong (1961), verschijnt als eerste bovenaan de lijst. Zijn versie van het Meisje met de Parel (c. 1665) van Johannes Vermeer grijpt direct aan door het bijzondere intro. We horen verkeersgeluiden. Een auto die voorbijrijdt en zachtjes afremt. Vlak voordat De Jong begint met zingen hoor je in de verte de kerkklokken luiden. Het is bijna alsof je zelf onderdeel van het verhaal bent geworden en het meisje elk moment tegen kunt komen. Luisterend naar dit nummer vraag je je af: wie was toch deze mysterieuze jongedame die de Hollandse grootmeester zo intrigeerde? Spinvis zelf omschrijft haar als een vogel: ongrijpbaar en vrij. Het Nederlands Kamerkoor is een mooie toevoeging aan het geheel en geeft het nummer een ietwat plechtige, museale sfeer. Voor fans van Spinvis wederom de bevestiging dat Erik de Jong de koning van unieke en originele liedjes is. We weten misschien niet wie ze is geweest, maar door te luisteren naar dit nummer lijkt het net alsof je haar kent. Kortom een pareltje en absoluut het luisteren waard!

Merol – Slippertje

Het kunstwerk Mars en Venus betrapt door Vulcanus (1601) van Joachim Wtewael valt meteen in de smaak bij Merel Baldé (1991), beter bekend onder haar artiestennaam Merol. Het is sexy en een tikkeltje ondeugend; precies hoe we Merol kennen. Op het schilderij is de Griekse godin Venus te zien die ongegeneerd ligt te vrijen met Mars. Ze lijkt precies te weten wat ze doet en maakt zich niet druk om haar man Vulcanus met wie ze ondertussen getrouwd is. Merol raakt meteen geïnspireerd na het zien van de slippers van Venus die achteloos zijn neergegooid naast het bed. Dit doet haar vermoeden dat Venus moedwillig met Mars het bed is ingedoken. Als een echte woordkunstenaar rijgt ze de woorden aan elkaar en is ze niet bang om direct en expliciet te zijn. Daarmee houdt ze de maatschappij een spiegel voor. Als luisteraar kun je jezelf afvragen of monogame relaties eigenlijk nog wel van deze tijd zijn. Zijn open relaties niet veel interessanter? We leven immers in een maatschappij waarin alles draait om zelfontplooiing. Merol laat met dit nummer horen dat zij buiten geijkte kaders kan en durft te denken. Dit hoor je ook terug in de sound van het nummer. Het refrein is catchy en blijft gegarandeerd de rest van de dag in je hoofd hangen.

Dio – Hoger ft. Gerson Main

Dio, artiestennaam van Diorno Dylyano Braaf (1988), schiet voor de sterren, want het kan hem niet hoog genoeg. De jonge en ambitieuze rapper koos voor twee enorme plafondschilderingen van Ger Lataster als inspiratiebron voor zijn nummer Hoger ft. Gerson Main (2021). De ene plafondschildering is gebaseerd op Icarus die met zijn zelfgemaakte vleugels de zon probeert te bereiken, maar uiteindelijk te hoog vliegt en in zee stort. Hier komt het spreekwoordelijke “Hoogmoed komt voor de val” vandaan. Op de andere plafondschildering komt het thema hoogmoed ook terug. Toen Lataster in 1987 dit plafond schilderde, benauwde het hem dat hij zich omringd wist door grootmeesters als Rembrandt, Vermeer en Rubens. Hoogmoed zou op de loer kunnen liggen. Lataster zag maar één manier om zijn eigen val te voorkomen: hard werken. Met veel felle kleuren en expressie schilderde hij een blauwe werkbroek, werkschoenen en een schep, refererend aan de werkende man. Dio maakt met zijn nummer duidelijk dat hoogmoed, oftewel overdreven zelfvertrouwen, niet altijd iets negatiefs hoeft te zijn. Hij rapt hierover: “Want ik wil niet als ik oud ben moeten denken had ik maar.” Het resultaat is een dromerig, zwevend maar krachtig liedje dat zowel qua sound als qua boodschap prachtig contrasteert met de felle en heldere kleurencompositie van het kunstwerk zelf. Hoogmoed is een bekend thema in de huidige maatschappij en dit nummer zou zeker de jongere generaties kunnen bereiken.

Goldband – Psycho

Met de Haagse groep Goldband reizen we af naar de 90’s, gabbertijd. Op hoge snelheid dendert hun nieuwste festivaltrack Psycho (2022) door je speakers heen. De track begint nog vrij rustig, maar je hoort al snel dat er een woeste storm gaat uitbreken. Richting het refrein barst de ravemelodie los en moet je wel meezingen met de tekst: “Ik ben een psycho, ik word helemaal gek.” Voor deze track lieten de mannen zich inspireren door het schilderij Christus in het voorgeborchte (1597) van Jan Brueghel de Oude en Hans Rottenhammer. Het is een schilderij waarmee ze alle kanten op kunnen. Chaos, licht en donker. Christus in het voorgeborchte heeft het allemaal en dat hoor je terug in de onstuimige beat. Het voorgeborchte of Limbo (Latijn: aan de rand) was in de Rooms-Katholieke Kerk een aanduiding van het verblijf van de zielen die na het sterven niet toegelaten worden tot de hemel en ook niet naar de hel of het vagevuur gezonden worden. Zij wonen aan de rand van de hemel of de hel. Op het schilderij is te zien hoe Jezus Christus afdaalt naar het voorgeborchte om daar Adam en Eva op te halen en naar de hemel te brengen. Het gevoel dat je krijgt bij het schilderij matcht met het gevoel dat het nummer oproept als je het hoort. Goldband is erin geslaagd om het perfecte nummer voor dit schilderij te maken.

Eefje de Visser – Cybele

Van keiharde gabberhouse schakelen we over naar de zoete, dromerige klanken van Cybele (2021). Ook dit lied is gebaseerd op een werk van Jan Brueghel de Oude. Samen met Hendrik van Balen schilderde hij Krans van vruchten rond een voorstelling met Cybele die geschenken ontvangt van personificaties van de vier jaargetijden tussen 1620 en 1622. Cybele was in de mythologie de godin van de vruchtbaarheid, aarde en natuur. Voor haar nummer kruipt Eefje de Visser (1986) in de huid van de 17e-eeuwse gelovige mens en zingt zij Cybele toe om haar te bedanken en om te vragen de aarde vruchtbaar te houden. De verering en weelderige details uit het schilderij komen terug in de welbekende elementen als zwevende vocalen, fonkelende synthesizer sounds en diepe bassen. De sfeer die het schilderij oproept is gelijk aan haar sound en valt hoogstwaarschijnlijk in de smaak bij mensen die op zoek zijn naar een zacht nummer die feminiene kracht uitstraalt.

 

Nog niet genoeg gezien en gehoord? Andere nummers van Bekijk het Mauritshuis met je oren (Harrie Jekkers met Gezicht op Delft, Willie Wartaal met Mootje, The Kik met De ware Jakob en Jett Rebel met Heaven’s Got A Place For You) zijn te beluisteren via de website van het Mauritshuis. Ook zijn alle nummers te vinden op Spotify en YouTube.

 

 

Muziek / Concert

Fokko brengt ´Geluksmomentje´ naar Arnhem

recensie: ‘FF Touren’-tour van Fokko, 5 juni 2022 Luxor Live
Malin Hollaar

Nadat Fokko in 2021 een ware coronahit had gescoord met ´Karin Heeft Geen Corona´ was het een kwestie van tijd tot de volledige EP werd uitgebracht. De EP FF werd begin 2022 uitgebracht en in april begon de bijbehorende tour. Het concert van 14 april in Luxor Live in Arnhem kon, ironisch genoeg, niet doorgaan vanwege een coronageval in de band en werd daarom verplaatst. Gelukkig werd dit gemis ruimschoots ingehaald met het energieke optreden dat zich uiteindelijk op 5 juni 2022 afspeelde.

Het concert vond plaats in de bovenste zaal van Luxor Live. Bij binnenkomst waren de leadzanger van Fokko en zijn support act Tim Koehoorn aan te treffen bij de merchandise stand. Toen het natgeregende publiek druppelsgewijs de knusse zaal binnen was getreden werd het tijd voor de show om te beginnen.

Het doorzettingsvermogen van support act Tim Koehoorn

Singer-songwriter Tim Koehoorn verzorgde de support act van deze avond, ondanks de obstakels op zijn reis naar Luxor Live. Zo vertelt hij dat hij vanuit het autoluwe centrum van Arnhem zijn spullen in containers met vuilniszakken en ducttape te voet naar de concertzaal heeft moeten slepen. Dit had gelukkig weinig invloed op zijn stemming en zo opende hij de avond met het nummer ‘Het Gaat De Slechte Kant Op Met Mijn Pessimisme’. De zanger blijkt niet alleen droogkomisch te zijn in de aankondigingen van zijn eigen nummers, maar hij toont in deze nummers ook aan over een goede dosis creativiteit en humor te beschikken. Zo gaan de nummers over de meest uiteenlopende onderwerpen, zoals zijn onafwendbare dood, het missen van Hyves, opgroeien in de provincie en Guus Meeuwis. Voor laatstgenoemde had Tim namelijk nog wat constructieve feedback op hoe geschikt het ritme ‘kedeng kedeng kedeng kedeng’ is voor de geïmpliceerde nachtelijke activiteiten uit het nummer ‘Per Spoor’.

De muzikant omschrijft zijn muziek als ‘alternatieve nederpop voor mensen die grapjes maken als verdedigingsmechanisme’. Hoe dat klinkt valt binnenkort te beluisteren op zijn nieuwe album Suikerspin dat 17 juni verschijnt. Enkele nummers van dit album, zoals het kneuterig romantische nummer ‘Als het moet (maar liever niet)’, liet hij tijdens het concert al horen. Dit toverde duidelijke glimlachen op de gezichten van het publiek.

Wachten tot er iets gebeurt

Het warmgedraaide publiek hoefde niet lang te wachten tot de nederrockband Fokko het podium betrad. Bandleden Fokko, Jurro, Sebastian en Gelke gingen energiek van start met het nummer ‘Wachten Tot Er Iets Gebeurt’, wat zonder aarzelen overliep in het vervolgnummer. Het is meteen duidelijk, de band heeft weer zin om te spelen en het publiek stuitert enthousiast mee. De catchy rocknummers met vrij directe teksten over uiteenlopende onderwerpen slaan duidelijk goed aan bij het publiek. Nummers zoals ‘KTLL’, die gaat over het hebben van een gemeenschappelijke ex-vriendin met iemand die je niet aardig vindt, worden vol volume meegezongen.

Publieksinteractie door quizvragen en fun facts

Gelukkig is er tussendoor nog wel ruimte voor wat adempauzes en die worden door zanger en gitarist goed benut voor de nodige publieksinteractie. Zo vertelt hij bij de aankondiging van ‘Nog Twee Weken Op De Camping’ dat het nummer welgeteld vijf woorden in het Frans bevat en dat degene die ze weet te benoemen een Fokko sticker verdient. Een uitdaging die enthousiast werd geaccepteerd door de fans op de eerste rij, maar lastiger bleek te zijn dan gedacht. Uiteindelijk werd er beloofd dat iedereen een sticker zou krijgen voor de moeite, dat is mooi meegenomen.

Wie een beetje bekend is met de nummers van Fokko heeft vast opgemerkt dat bepaalde vrouwennamen zoals Sanne en Kim vaker in de nummers naar voren komen. Bij de aankondiging van het nummer ‘Wendy’ over zijn korte basisschoolverkering vertelt hij hier wat meer over. Wendy blijkt echt te bestaan, maar ze heet eigenlijk Chantal. Het nummer ontpopt zich in de concertzaal als een ware publieksfavoriet. Waar het publiek eerder al enthousiast leek mee te dansen en zingen, werd er hier zelfs nog heftiger mee gesprongen.

Akoestische onderbreking in het midden van de zaal

‘Wendy’ blijkt niet de enige publieksfavoriet te zijn, vanuit de eerste rij werd tijdens de show al meermaals gevraagd of het nummer ‘Anna’ nog gespeeld zou worden. Toen het eindelijk zover was, werd de elektrische gitaar omgeruild voor een akoestische en kwam Fokko, gevolgd door Gelke en Jurro, de zaal in lopen. De drie bandleden werden gauw omringd door een knusse cirkel van toeschouwers en zette zo het nummer ‘Anna’ in met Fokko op gitaar, Gelke met twee schudeieren en Jurro als tweede stem. Het publiek probeerde voorzichtig mee te zingen terwijl de fan, wiens lievelingsnummer ‘Anna’ was, uiteindelijk het tweede schudei van Gelke kreeg. Deze setting beviel de band dusdanig dat ze besloten het nummer ‘Zondagnacht’ ook in deze cirkel te spelen. Dit nummer werd door het publiek nog enthousiaster meegezongen. Zeker de ‘aah’s die volgden na zinnen zoals ‘dit weekend was er weer een voor de prullenbak’ werden extra hard meegezongen.

Een energieke afsluiting

Toen de volledige band weer op het podium stond, was het tijd voor hun grootste hit: ‘Karin Heeft Geen Corona’, waarmee het tempo en de ambiance weer mee werden opgevoerd. De band zet verder met nummers als ‘Met Een Biertje Op De Bank’ waarin wordt bezongen hoe ze het liefst met een biertje op de bank zitten en verder niks doen. Het is echter duidelijk dat voor dit concert een grote uitzondering wordt gemaakt. De geestdrift en de energie spat van de band af en werkt aanstekelijk op de volledige zaal. Een groot aandeel van het publiek loopt met shirts waar Fokko’s hoofd op geprint staat of T-Shirts met de tekst ‘StaDaarNietZoDoeIets’, wat gelijk het nummer was waarmee deze gebeurtenisvolle avond werd afgesloten.

Een avondje Fokko staat garant voor een strakke rockshow, komische teksten, een stuiterende frontman én dito publiek. Het is dan ook een wijs besluit om dat biertje op de bank om te ruilen voor een biertje bij een optreden van Fokko!

Link naar live video van Fokko:

 

Link naar Tim Koehoorn:

Theater / Voorstelling

EEN WERVELWIND VAN EEN OPERAVOORSTELLING

recensie: A Midsummer Night’s Dream - Opera Zuid

De voorstelling van de opera A Midsummer Night’s Dream van Benjamin Britten (1960) door Opera Zuid begon eigenlijk al op de statige trappen van Internationaal Theater Amsterdam (ITA). Terwijl je tussen bloemetjes op de treden rustig naar boven liep, kwam je gaandeweg toneelspelers tegen die telkens een citaat uit het gelijknamige toneelstuk van Shakespeare voor je opzegden. Zoiets als: ‘Puck zegt: “Hebben wij schimmen u niet bevallen, denk dan: “Ik was in slaap gevallen.” Wat u in die slaap verscheen, vluchtte als een droombeeld heen’.

Zo heb je gaandeweg al heel wat poëtische teksten te horen gekregen, maar als je dacht dat het daarbij bleef, dan had je het als bezoeker mis. De opvoering begon met een vragenvuur dat vanaf het podium op de zaal werd losgelaten. ‘Gaat u staan als u het eens bent met …’. En dat waren vaak geen gemakkelijke vragen, zoals: ‘Heeft u uw grote liefde wel eens bedrogen?’ Citaten, en nu vragen die allemaal voortkwamen uit het stuk van Shakespeare en aan de accenten van regisseur Ola Mafaalani, die hiermee haar debuut maakte bij Opera Zuid.

Accenten

Accenten die varieerden van het benadrukken van het verschil tussen droom en werkelijkheid, liefde en haat, donker en licht. En dat alles te midden van de komedie die A Midsummer Night’s Dream is. Het waren vragen die de komedie te boven gaan.

De hiervoor genoemde Puck, de dienaar van Oberon, de koning der schaduwen en elven, leek wel als een soort tussenpersoon te fungeren. De rol werd uitgevoerd door actrice, regisseur en aerialist (luchtacrobaat) Dreya Weber. De meeste tijd draaide ze rond in stukken stof, aangekondigd door snelle trompetloopjes en tromroffeltjes uit de orkestbak, waarin het op de toppen van hun kunnen spelende philharmonie zuidnederland zat, het orkest van Noord-Brabant, Limburg en Zeeland dat stond onder leiding van de Belgische dirigent Karel Deseure.

De opvoering

Componist Benjamin Britten (1913-1976) vraagt veel van de uitvoerenden. Zowel van het orkest als van de vocale solisten en het kinderkoor (de elfjes, gezongen door de Limburgse koorschool). Onderwijl zijn zij doende om samen met chefkok André Amaro in de keuken van Theseus chocola te smelten. Dit vervangt het magische bloemensap uit het stuk van Shakespeare. Ze zijn er al mee bezig als het publiek de zaal inkomt, net zoals zes werklieden reeds aan het timmeren zijn voor het stuk echt begonnen is. Later voeren zij het stuk Pyramus en Thisbe op ter gelegenheid van het huwelijk van Theseus en Hippolyta. Opvallend is, dat Theseus en Hippolyta in het libretto van Britten en zijn partner tenor Peter Pears pas heel laat in de opera op het toneel verschijnen. Maar dan heb je ook wat: bas-bariton Quirijn de Lang zong zijn rol koninklijk en het timbre van de alt-mezzo Eva Kroon is prachtig.

Eigenlijk is het geen doen om alle solisten bij naam en toenaam te noemen; daarvoor verschijnen er teveel op het podium. En zijn ze stuk voor stuk goed gecast en voor hun rol toegerust.
Opvallend is de teddybeer (!) waarmee Bottom (bas-bariton Marc Pantus) rond zeult. Puck heeft zijn hoofd niet omgetoverd in dat van een ezel, zoals in het origineel, maar in het lijf van een teddybeer; wellicht een toespeling naar de beren die tijdens de pandemie massaal voor de ramen stonden. Een pandemie die twee jaar geleden roet gooide in de toen al geplande première in Eindhoven.

Alles is in de geest van Britten eigenlijk, want ook de componist doet aan (stijl)citaten. Soms denk je het begin van de ouverture uit A Midsummer Night’s Dream van Mendelssohn-Bartholdy te horen, dan weer een barokaria door een countertenor (Oberon, gezongen door Jan Wouters, begeleid door klavecimbel en harp) om slechts twee dwarsstraten te noemen.
Kortom: een avond om met volle teugen van te genieten. Het kan nog tot en met 21 juni (!). Mafalaani heeft weer een prachtige Shakespeareregie op haar conto geschreven. Dit keer van een opera.

 

Kunst / Expo binnenland / Expo buitenland

Zelfportret van een genereuze fotograaf

recensie: Wish I Were Here van Bertien van Manen
Bertien van Manen, Odessa, Ljalja, uit de serie Lets sit down before we go, 1991-2Bertien van Manen

De overzichtstentoonstelling Wish I Were Here van Bertien van Manen in het Antwerpse FOMU belooft een ‘intieme vorm van documentaire’. De expo lost die verwachting ruimschoots in. De tentoonstelling is nog tot 28/08/2022 te bezichtigen.

De overzichtstentoonstelling komt wat stroef op gang met fotoboeken in een vitrinekast waarin Van Manens eerste ‘sociale foto’s’ verzameld staan: geëngageerde fotoreeksen waarin nonnen en vrouwelijke gastarbeiders uit Nicaragua de hoofdrol spelen. Met dank aan de kadrering en het belichaamde perspectief doen de foto’s al wel het grote talent van de fotografe vermoeden; ze fotografeert bijvoorbeeld vanuit een licht schuine hoek, zodat de kijker zich bewust wordt van haar aanwezigheid als fotograaf. Zowel ruimtelijk als thematisch staan deze foto’s echter nog te ver van de kijker af om echt aan te grijpen. Het is bijvoorbeeld niet voldoende duidelijk waarom Van Manen precies deze mensen wilde fotograferen en welke aspecten van hun leven ze precies wilde vatten.

Generositeit en perfecte beelden

In de volgende zaal is het eerste wat men ziet een potloodtekening van Willem van Manen. Hij beeldt zijn geliefde Bertien naakt en in zijaanzicht af, terwijl ze met gezwinde pas vooruit lijkt te lopen. Lang, mager en omgeven door een immense bos haar doet ze denken aan een veel levendiger versie van een Giacometti-beeld. Vanaf dat punt in de expo beklijft Van Manen onophoudelijk. Het is tekenend voor haar generositeit dat ze eerst zichzelf in haar blootje zet vooraleer ze ons haar onderwerpen toont.

De expo blijkt pas echt te beginnen met de reeks die Van Manen in de Appalachen maakte. Het is meteen een van de meest beklijvende series van de hele tentoonstelling. Deze fotoreeks, die het leven van mijnwerkers en hun families toont, bevat perfecte beelden waarnaar je wil blijven kijken. Zoals het beeld van een jongen die zich al schommelend bevindt in de contrastrijke clair-obscur wereld van bomen en lucht: zijn hoofd in de nek geworpen, de duisternis in, zijn blik in het licht. De foto’s van kinderen worden vaak gekenmerkt door die aanwezigheid van licht, zelfs overbelichting. Bij een mindere fotograaf zou dit gemakkelijk tot kitsch vervallen, maar niet bij Van Manen die een rauw thema combineert met visuele perfectie.

Uit ieder beeld rijst de liefde op die Van Manen voor haar onderwerpen voelt. In het bijzonder de liefde voor Mavis en Junior, een mijnwerkerskoppel bij wie ze tijdens haar reizen door de Appalachen inwoonde. Prachtig is dan ook het boek The other side of the moon dat ze in een oplage van drie liet maken als cadeau voor Mavis en waarvan een exemplaar in de expo te bezichtigen is.

Leven en dood

De generositeit van Van Manen zet zich voort in de manier waarop ze anderen toestaat met het werk om te gaan. Jeroen de Vries en muzikante Coco Zhao maakten een video-installatie van het fotoboek East Wind West Wind. Deze reeks, die foto’s toont uit het China van de late jaren negentig, wordt geprojecteerd op strakgespannen doeken. Telkens als iemand er tussendoor loopt deinen ze een tijdlang op en neer, waardoor de foto’s soms een beetje buiten hun kader vallen. Het is een mooie, simpele manier om de reeks tot leven te brengen.

Het laatste deel van de expo, een fotoreeks die van Manen in Ierland maakte na het verlies van haar man Willem, hakt erin. Als kijker word je geconfronteerd met de plotse stuurloosheid van haar werk. Het houden van mensen, waar ze zo goed in is, kan zich niet meer richten op een levenspartner. En opeens zijn het geen mensen meer, maar lege landschappen, die de fotograaf vastlegt.

Het gat in de buik

Een koptelefoon nodigt uit de beelden met muziek te beluisteren. Het is een van de weinige betreurenswaardige ingrepen in de tentoonstelling. De foto’s zijn in combinatie met de muziek bijna onverdraaglijk. Het fijne gevoel dat door de expo heen werd opgebouwd, krijgt hier iets wrangs en de toeschouwer verlaat de tentoonstelling met een gat in de buik. Desondanks is die wrange afsluiter ook een blijk van Van Manens kunnen en van haar veelzijdigheid.

Bertien van Manen is naast een fenomenale fotograaf ook een inspirerend mee-lever, die mensen in al hun schoonheid en lelijkheid mocht afbeelden. De liefde en interesse waarmee ze naar mensen kijkt zijn inspirerend, haar omgang met haar onderwerpen ontroerend. Wish I Were Here toont zoals beloofd een intiem portret van de fotograaf en haar onderwerpen. Van Manens werk is een zelfportret, samengesteld uit beelden van anderen.

Boeken / Film / Kunst / Muziek / Theater / Boeken / Film / Kunst / Muziek
special: De redactieleden van 8WEEKLY bespreken het recente cultuurnieuws en meer!

8WEEKLY podcast – Aflevering 7

De gevarieerde redactie van online cultuurmagazine 8WEEKLY.nl bespreekt het recente cultuurnieuws, nieuwe releases, evenementen en festivals. Wij bespreken scherpe culturele stellingen en geven cultuurtips over boeken, films, muziek, podiumkunsten, beeldende kunst en meer!

In de nieuwe aflevering bespreken Sanne, Vick en Jorien het cultuurnieuws en raden ze de voorstellingen en films aan die ze bezocht en gezien hebben. In deze aflevering worden de volgende zaken besproken:

– Cultuurnieuws: tegenvallende bezoekersaantallen na corona voor de culturele sector, de uitreiking van de oscars en de nominaties van de musical awards.

– Recensies:

  • Come from away en het musicalcollege
  • Documentaire Kanye West
  • Aladdin
  • Concert Sting
  • Tina Turner de musical

– De vraag: in welk tv-, boek-, film- of musicalpersonage herken jij jezelf het meest.

Beluister de podcast via spotify of klik hier:

LAVALU
Muziek / Album

LAVALU lanceert nieuw album ‘Earthbound’

recensie: Earthbound - LAVALU
LAVALU

Vrijdag 8 april presenteerde de Arnhemse zangeres en pianiste LAVALU (Marielle Woltring) haar nieuwe album Earthbound in het Amsterdamse Concertgebouw. Het derde en tevens ook het laatste deel uit de Rise-trilogie die maar liefst zes jaar duurde. Op Earthbound is ze voor het eerst te horen in trio-formatie samen met altvioliste Roos Tuenter en cellist Paul Rittel.

Soms lopen dingen anders dan gedacht en sta je ineens met je voeten in de modder. Al ploeterend door het drassige moeras zak je steeds verder weg in een bodemloze put. Marielle Woltring (1979), beter bekend onder haar artiestennaam LAVALU, ging een periode van stilstand door die ze moest zien te verwerken in combinatie met een burn-out. Haar hele leven was ze gewend om altijd maar te vliegen. Altijd maar te presteren. Tot het moment dat haar vleugels afbraken en ze zichzelf ter aarde zag storten. Het besef kwam dat het zo niet langer verder kon. Met Earthbound laat ze die periode van onrust achter zich. Ze richt zich nu op de toekomst. Waarvan ze zelf zegt dat ze die neemt zoals het komt: ‘Je kunt in het leven wel een glitterpak aantrekken, maar uiteindelijk sta je toch met je poten in de modder’.

Zachte kracht

Door het toevoegen van zang zorgt Woltring er voor dat Earthbound niet alleen een klassiek album is, maar ook een popalbum. Met zachte, kwetsbare zang brengt ze haar muziek en diepe betekenisvolle teksten. Zo zingt ze over teleurstellingen op een manier die gevoelig maar nooit droevig overkomt. Ze nam de meeste liedjes thuis op, in haar woonkamer. Die intimiteit voel je in bijvoorbeeld het bloedstollend mooie Your Hand. Tegelijkertijd bemerk je ook een muzikale gevoeligheid, een stukje perfectionisme wellicht, in de composities. Noten die prachtig vallen, instrumenten die elkaar aandachtig beantwoorden, achtergrondvocalen die Woltrings stem perfect complementeren. Hierdoor wil je niet alleen maar in LAVALU’s stem kruipen omdat het er zo knus en fijn is, maar ook omdat die muziek gewoon heel erg goed in elkaar steekt.

Een album met vooral ingetogen klanken, een beperkt aantal instrumenten en zachte zang, kan over het algemeen snel wat saai worden. Earthbound is echter een album dat tien tracks lang blijft boeien, ongeacht hoe vaak je het album hoort. Ingetogen en tedere klanken domineren. Daarnaast zijn er nummers waarop Woltring laat horen dat ze ook jazzy en poppy kan klinken. Kortom: een prachtige afsluiter van een persoonlijke reis die door dalen en over bergen is gegaan.

 

Theater / Voorstelling

Overweldigend op een geweldige manier!

recensie: OustFaust - Theu Boermans

Op zaterdag 2 april konden theaterliefhebbers een moderne twist op de legende van Faust bekijken. De bekendste bewerking van Faust werd geschreven door de Duitse schrijver Johann Wolfgang von Goethe. Hij schreef het in delen tussen 1790–1887. Tom Lanoye herschreef het verhaal van Goethe naar de indrukwekkende moderne vertaling. Hij noemde het stuk ‘OustFaust’, waarbij ‘oust’ zich vanuit het Engels laat vertalen als ‘verdrijven’. De keuze voor de titel, wordt duidelijk in de allerlaatste scène, waarbij Faust uiteindelijk onomkeerbaar wordt verdreven.

De kunst van acteren

Theu Boermans (1950), regisseur van het stuk, is al heel zijn leven gefascineerd door Faust. Wellicht is het die fascinatie, die zorgt dat het een fantastisch stuk is geworden. De acteurs waren grandioos. Zij wisten het hoge niveau van taal toegankelijk te maken. Het script was in handeling als Barokke taal maar maakte soms een uitstapje naar straattaal. De acteurs droegen foutloos de onvergefelijke rijmende tekst over. Het was ongelofelijk knap voor de ongeveer drie uur durende voorstelling.

Er gebeurde heel erg veel in de voorstelling. Het stuk overkwam je. Zittende in mijn stoel wist ik mij af en toe geen houding te geven. Naakt, seks en waarheden maakte mij als kijker oncomfortabel. Die oncomfortabelheid deed pijn, maar op een goede manier. Het was de pijn van herkenning van waarheden over de menselijke natuur, die je soms liever ontloopt, op een grandioze theatrale manier in je gezicht geduwd.

(16+)

De voorstelling staat verkondigd als 16+. Waarom? Seks, naaktheid, drugs en moord zijn belangrijke thema’s in het stuk. Dat kan een reden zijn om de voorstelling aan te raden voor ouder publiek. Zou ik de voorstelling aanraden voor kinderen of jongeren? Naar mijn mening vraagt de voorstelling een bepaalde levensrijpheid om het echt te kunnen waarderen.

Na de pauze

Wanneer Helena (van Troje) het podium betreedt, in deel 2, lijkt het alsof er ineens een compleet losstaande verhaallijn wordt aangesneden. Toen de Homunculussen (de kunstmatige mens zonder de ziel) kort daarop in morph-pak het podium betraden, leken we mijlenver verwijderd van wat we zagen voor de pauze. Goethe schreef het originele Faust II pas 17 jaar later. Het is wellicht daarom dat deel 1 en deel 2 onverenigbaar lijken. Ik vond deel 1 toegankelijker. Deel 2 kende een hogere mate van abstractie.

Even inlezen

De zaal uitlopend hoorde ik iemand uitroepen ‘ik snapte er helemaal niets van!’. Al geloof ik dat deze persoon in de minderheid was, is het een begrijpelijke reactie. Het script vereiste concentratie van het publiek. Om de voorstelling te kunnen volgen is het wenselijk om de legende van Faust of de bewerking van von Goethe te kennen (of het Wikipedia artikel door te lezen).

De voorstelling geeft de kijker de vrijheid om te interpreteren. Zo worden er in het stuk suggesties gedaan die aan de vrije interpretatie worden overgelaten. Na de voorstelling vroeg ik bijvoorbeeld aan acteur Daniël Kolf of hij het was die zijn zus had bezwangerd, of dat het Faust was. Daarop haalde hij lachend zijn schouders op. Er blijven dus zaken voor mij een mysterie en wellicht ook voor de acteurs? De voorstelling legt je in ieder geval geen woorden in de mond.

Aan het eind van de avond was ik moe, van alles wat ik had gezien, gevoeld en meegemaakt. Precies alles wat ik hoop na een avondje theater. Ik raad u van harte aan om eens naar het Nationale Theater in Den Haag te gaan om deze geweldige voorstelling te zien!

 

Aelbert Cuyp, Riviergezicht met koeien, ca 1650, Museum of Fine Arts, Budapest
Kunst / Expo binnenland

Helemaal terug van weggeweest: Aelbert Cuyp

recensie: In het licht van Cuyp. Aelbert Cuyp & Gainsborough – Constable – Turner
Aelbert Cuyp, Riviergezicht met koeien, ca 1650, Museum of Fine Arts, Budapest

Lange tijd kon je de fraaie landschappen van Aelbert Cuyp, geboren in Dordrecht, alleen bewonderen aan de overkant van de Noordzee. De afgelopen decennia zijn enkele belangrijke doeken teruggekocht door Nederlandse musea. Ter ere van zijn 400e geboortedag eert het Dordrechts Museum haar plaatsgenoot met een prachtige overzichtstentoonstelling: In het licht van Cuyp. Aelbert Cuyp & Gainsborough – Constable – Turner.

Aelbert Cuyp (1621-1690) wordt tegenwoordig tot de grote landschapsschilders van de 17e eeuw gerekend. Maar in zijn eigen tijd was hij nauwelijks meer dan een lokale grootheid. Kenmerkend zijn de stralende landschappen, badend in het heldere licht van een net buiten beeld gepositioneerde zon. Op de voorgrond vaak een aantal minutieus geschilderde koeien, of schepen, op de achtergrond het herkenbare silhouet van zijn geliefd Dordrecht. Buiten die regio begaf hij zich zelden. Op bestelling werkte hij voornamelijk voor plaatselijke notabelen. Pas jaren na zijn dood begon zijn ster echt te rijzen, vooral in Engeland.

Ontdekt door de Engelsen

In Engeland werd Cuyp vanaf het midden van de 18e eeuw een gevierde naam, met bewonderaars als Thomas Gainsborough, William Turner en de rijke landadel die zijn ode aan het buitenleven enorm waardeerde. Die hang naar het buitenleven is opvallend in een periode waarin de grauwe industrialisering een aanvang nam. Als je de overzichtstentoonstelling in Dordrecht bezoekt, valt het op dat  zijn werken nog steeds erg fris, levendig en harmonieus ogen. Ze ademen in alles een groot vakmanschap. Het is meteen begrijpelijk dat Cuyp de Engelsen wist te raken met zijn panorama’s vol warme gloed en ongerepte landelijkheid.

Invloedrijk

Engelse landschapsschilders als John Constable, Gainsborough, en Turner waren allemaal op de één of andere manier schatplichtig aan Cuyp. Zijn lichteffecten, wolkenpartijen, thema’s en composities werden door hen grondig bestudeerd en vervolgens naar eigen hand gezet. Veelzeggend is dat grootmeester Turner in de periode 1817-1835 vier keer naar Dordrecht afreisde om persoonlijk de wereld van Cuyp te bestuderen. De impact van Cuyp op de toonaangevende Engelse kunstenaars is een mooi uitgewerkt thema in de expositie.

Even helemaal terug in Dordrecht

Het gevolg van Cuyps grote overzeese populariteit was dat bijna al zijn werken rond 1800 waren opgekocht door Engelse aristocraten. In Nederland was toen amper nog een schilderij van hem te vinden. Hij raakte hier zelfs een beetje in vergetelheid. Gelukkig is er de afgelopen decennia gewerkt aan een inhaalslag. Eén van de topstukken van de expositie in Dordrecht is Cuyps Rivierlandschap met ruiters (ca. 1653-1657). Dit schilderij werd in 1965 als eerste belangrijke werk van Cuyp aangekocht door het Rijksmuseum in Amsterdam.

Met de expositie In het licht van Cuyp is de schilder weer even helemaal terug, thuis in het Dordrecht waar hij van geboorte tot dood leefde. Vanuit Engeland en de Verenigde Staten zijn meesterwerken als Het Valkhof te Nijmegen (ca. 1660) en De Maas bij Dordrecht (ca. 1650) beschikbaar gesteld. In totaal zijn er bijna 30 van zijn schilderijen te zien, geflankeerd door tientallen werken van Engelse bewonderaars. Een uitgelezen kans om je onder te dompelen in hun weidse landschappen.

Verlengd t/m 8 mei

In verband met onderbreking door de pandemie is de tentoonstelling verlengd en nog te bezoeken t/m 8 mei. Nieuwsgierig? Op de website van het museum kun je vooraf een leuke online rondleiding volgen!

 

Afbeelding boven: Aelbert Cuyp, Riviergezicht met koeien, ca. 1650 (Museum of Fine Arts, Budapest)

Kunst / Expo binnenland / Expo buitenland

Een niet te missen les in vrouwelijk curatorschap

recensie: Portrait of a Lady - Art Deco museum Villa Empain

De tentoonstelling Portrait of a Lady, nog tot 4 september 2022 te zien in het Art Deco museum Villa Empain te Brussel, biedt in vijfentachtig zeer goed geselecteerde kunstwerken een niet te missen bijdrage aan de vervrouwelijking van de kunst.

‘It isn’t easy to inhabit the body, is what I’m trying to say; it isn’t easy to stop being a picture, pretty as or trying to be,’ schrijft Olivia Laing in haar essay Skin Bags[1]. In Portrait of a Lady wordt niet expliciet verwezen naar Laing, maar de expositie roept wel echo’s van Laings werk op door op dezelfde doorwrochte manier te wroeten in het beeldkarakter van de vrouw. In een tiental kamers passeert de toeschouwer een geschiedenis van de vrouw in de kunst.

Geen geschiedenisles

De hoofdstukken waarin de expo is onderverdeeld (zoals: Vrouwen in een interieur en De transformatie van het discours) vormen zeker niet het boeiendste onderdeel van de expo. Al was het maar omdat zich toch steeds de vraag blijft opdringen wat deze hoofdstukken voor hebben op andere thema’s. In vijfentachtig goed gekozen kunstwerken (overigens van consequent hoge kwaliteit), verdeeld over een tiental kamers, loopt het publiek langs een van de schier oneindige versies waarop het verhaal van de vrouw in de kunst verteld kan worden.

Wie deze expo bezoekt met als doel een eenduidige geschiedenisles te krijgen, komt bedrogen uit. Wie die ambitie echter los kan laten, krijgt iets zeer waardevols in de plaats. De expo roept bedrieglijk eenvoudige gevoelens op, waaronder een complex netwerk van interessante, intellectuele opvatting verborgen zit.

Meer dan de male gaze

Neem het voorbeeld van de twee werken in de volledige met azuurblauwe steentjes betegelde badkamer: Girl with Outstretched Arms van Alphonse Mucha en Voluptuous van Felix De Vigne. Frontaal in de nis van de badkamer hangt de potloodtekening van Mucha waarop een jonge vrouw haar armen uitstrekt, de palmen in een afwerend gebaar. Dieper in de nis hangt het schilderij van De Vigne. Het werk straalt sensualiteit uit en toont twee naakte, roomwitte vrouwen die zich baden in een rivier.

De vastberaden vrouw in broze potloodlijnen lijkt haar seksegenoten te willen beschermen tegen begerige blikken. Zodat deze, niet verstoord door schaamte of zelfbewustzijn, naakt kunnen zijn. Hoewel dit contact over kaders en lijsten heen een werkelijk uitzonderlijk moment in de expo is, blijft de dialoog tussen kunstwerken en publiek zich door de hele tentoonstelling manifesteren.

Deze expo overstijgt met verve de eendimensionele antwoorden op het vraagstuk van de male gaze en legt de verantwoordelijkheid voor het denken en voelen bij de kijker. Dat je daarbij en passant ronduit schitterende werken van Seydou Keïta, James Ensor en Irina Rasquinet te zien krijgt, is balsem voor de soms pijnlijke vragen die overblijven. Met betrekking tot het werk van Rasquinet, te zien onder de bomen op het balkon van de villa, valt het overigens tegen alle goede gewoonten in aan te raden het museum op een stralend zonnige dag te bezoeken. Het spel van licht en schaduw op de glasvezel sculpturen is van een hypnotiserende schoonheid.

Museum van empathie

Portrait of a Lady sluit af met een reizende installatie van het Empathy Museum: A Mile in My Shoes. De bezoeker kiest een paar schoenen uit, stuk voor stuk vrouwenschoenen. Ze krijgt vervolgens in een koptelefoon het korte, bijbehorende (levens)verhaal te horen, ingesproken door de eigenaar van de schoenen zelf. Dat kan een heftig en geladen verhaal zijn, maar net zo goed het relaas van een ouder wordende vrouw die haar roeping vond als bloemist.

Door het laatste woord te geven aan vrouwen en aan een verbindend gegeven als empathie lijkt deze expo te willen zeggen dat in de feministische slag om musea, protest en zorg hand in hand moeten gaan.

Het is niet met zekerheid te zeggen, maar het vermoeden rijst dat dit een tentoonstelling is die gemaakt is voor vrouwen. Als het dan al niet de vrouwelijke kunstenaar of de vrouwelijke muze is die als kwantificeerbare winnaar uit deze vergelijking komt, dan toch zeker wel de vrouwelijke toeschouwer, die dankzij haar bezoek een wezenlijke en nog lang nazinderende dialoog over vrouwelijkheid kan aangaan. Portrait of a Lady is op die manier als een goed gesprek met een hartsvriendin, of als een essay van Olivia Laing. En bovenal is de expo een niet te missen les in vrouwelijk curatorschap.

 

[1] Laing, Olivia. 2020. Funny Weather: Art in an Emergency. Londen: Picador.

Muziek / Concert

Mahler in een twijfelachtig jasje

recensie: Symphonic Cinema - The Echo of Being

Kun je muziek verfilmen? Die vraag vormt het uitgangspunt van Symphonic Cinema, een concept bedacht door filmmaker Lukas van Woerkum. In plaats van bestaande beelden te ondersteunen met muziek werkt hij omgekeerd, en probeert zo iconische klassieke muziekstukken te visualiseren en tot leven te wekken. Maar lukt hem dat ook?

Een gezin – moeder, vader, dochter – ploegt zijn weg door de sneeuw, de dochter duidelijk ziek en vermoeid. Ze zijn op weg naar een afgelegen huisje aan de rand van een bergmeer, zodat hun dochter er haar laatste adem kan uitblazen. Deze beelden vormen de openingsscenes van The Echo of Being (2020), het jongste Symphonic Cinema-project. Het verhaal is losjes gebaseerd op het leven van Gustav Mahler, een van de belangrijkste laat-romantische componisten uit de negentiende eeuw. Mahlers jongste dochter overleed op jonge leeftijd, en dit dramatische feit zette van Woerkum aan het schrijven. Een biopic is het echter niet geworden: The Echo of Being speelt zich af in het hier en nu en vertelt een modern, fictief verhaal over het verlies van een kind. In deze film winnen de beelden het van het plot: in plaats van een complex verhaal heeft van Woerkum gekozen voor emotieve beelden die het verdriet van de ouders en de spiritualiteit van de dood illustreren. De film belooft een reflectie op het leven, de dood, en alles daarna. 

Psychedelische beelden

Op het podium van de Grote Zaal in TivoliVredenburg staat het gerenommeerde twaalfkoppige New European Ensemble in een sober decor met op de achtergrond enkel een filmscherm. Naast het orkest neemt van Woerkum ook zelf op het podium plaats: hij synchroniseert namelijk live de film met de muziek zodat beeld en geluid precies overeenkomen. Om te vermijden dat de film de muziek zou inhalen, worden de filmscènes afgewisseld met caleidoscopische beelden die een beetje aan een cliché weergave van een LSD-trip doen denken. De abstracte beelden staan in schril contrast met de winterse taferelen waar de kijker op wordt getrakteerd – zo mooi dat je haast David Attenborough’s stem op de achtergrond verwacht. Later wordt duidelijk dat de psychedelische overgangen de binnenkant van een steen moeten voorstellen, waar de dochter tot aan haar dood gehecht aan was. Toch rijst de vraag of er echt geen betere keuze voorhanden was- de schreeuwerige kleuren werken afleidend en dragen weinig bij aan het verhaal.

Sentimentele clichés

Het bijzondere concept van Symphonic Cinema is ook buitenlandse acteurs niet ontgaan en de cast is dan ook zeker niet de minste. Zo wordt de vaderrol vertolkt door de Britse acteur Greg Wise, bekend van onder andere Sense and Sensibility (1995) en The Crown. Amira Casar, die de moeder speelt, vergaarde faam na haar rol in Call Me By Your Name (2017). Helaas maken goede acteurs niet altijd een goede film: de cast doet zijn uiterste best op de perfect uitgevoerde symfonieën van Mahler, maar toch doet het geheel eerder sentimenteel dan ontroerend aan. De vader die met zijn zieke dochter door de kamer danst terwijl de moeder mistroostig toekijkt van achter het raam, of een woedeaanval van de moeder terwijl de sneeuw met dikke vlokken naar beneden valt – de clichés stapelen zich op. Dat is jammer, want het is ongetwijfeld een knappe prestatie om een verhaal te vertellen zonder dialoog. Wat wél werkt is de combinatie van muziek en natuur: de bijna buitenaardse beelden van de bevroren Dolomieten vullen de muziek zo goed aan dat het bijna lijkt alsof Mahler het zelf zo bedacht heeft.

De klassieke muziek was op zoek naar nieuwe, moderne concertvormen en je moet het van Woerkum nageven: die heeft hij zeker geboden. The Echo of Being had alle ingrediënten om te slagen: een goed orkest, een internationale topcast en schitterende beelden, maar slaat toch nét de plank mis. Kun je muziek verfilmen? Aan het concept en de bereidheid zal het niet liggen, dus wellicht lukt het van Woerkum in zijn andere films beter.