Tag Archief van: film

Film
special: Odyssee – Homerus
Filmstill The OdysseyUniversal Studios. All Rights Reserved. (via Filmdepot)

‘Hoe het leven de dood overwint’

Van het Griekse epos Odyssee van Homerus zijn al heel wat hervertellingen gemaakt. Na de film The Return (2024) zijn er ook daarna heel wat verschenen. Recent zijn dat een bewerking in taal en tekeningen door Barry Powell en Joanna Lisowiec en een film in IMAX 70mm, geschreven en geregisseerd door Christopher Nolan en in beelden gevangen door Hoyte van Hoytema.

Een hervertelling is wat anders dan een vertaling, maar de basisvragen voor de verteller, vertaler en filmmaker zijn dezelfde: hoe dicht blijf je bij de brontekst, hoeveel sfeer roep je op, wat zet je extra aan, wat laat je eventueel weg? We kunnen het Homerus niet meer vragen, maar je maakt als herverteller en filmmaker je eigen afwegingen en interpretatie: iets meer van dit, iets minder van dat. Vragen als hoe dicht je bij het oorspronkelijke taaleigen en metrum blijft, laat je primair aan vertalers over.

Powell, Lisowiec en Nolan

Barry Powell is auteur van onder meer Classical Myth en specialist in het werk van Homerus (ca. 820 voor Chr.). Hij heeft zowel de Ilias als de Odyssee vertaald. Joanna Lisowiec is bekend door de verschillende kinderboeken die ze illustreerde, maar ook van de Meditaties van Marcus Aurelius, die net als De geïllustreerde Odyssee bij Noordboek is uitgegeven.
Christopher Nolan is een bekende naam in de filmwereld, dus de verwachtingen waren hoog gespannen. Maar eerst het boek van Powell en Lisowiec.

Het tijdloze epos herverteldOmslag De geïllustreerde Odyssee

In de inleiding van Powells geïllustreerde hervertelling geeft de bewerker al veel prijs over zijn interpretatie van het verhaal van Homerus. ‘De hoofdlijn’, schrijft hij, ‘bestaat uit een oud verhaal over hoe het leven de dood overwint.’ Odysseus staat voor het leven, de monsters en de zee staan voor de dood. De Odyssee ‘schetst (…) een moreel universum waarin gerechtigheid heerst’. Het leed van de mens is het gevolg van eigen keuzes (hoe modern is dat!) en niet van het noodlot. ‘De vrijers hebben domweg geen respect voor de goden of de morele orde. Dat is hun eigen beslissing. En daarom moeten ze sterven.’

Het begin van Powells hervertelling zal veel gymnasiasten bekend voorkomen:

O Muze, laat mij het verhaal zingen
van Odysseus, man van vindingrijkheid,
moed en wijsheid, en van zijn epische reis
naar huis vanuit Troje!

Moesten gymnasiasten niet, om het metrum in de vingers te krijgen, dit uit het hoofd leren en hardop reciteren? Bij een andere hervertelling, van Stephen Fry (Thomas Rap, 2024), ontbreekt dit iconische begin. Hij vertelt het verhaal op een toegankelijke manier, waar Powell poëtischer is. Iets meer belerend ook dan Fry. Neem bijvoorbeeld een opmerking als: ‘De meeste mensen zijn snel boos, heb ik ondervonden.’ Daar staan de vele dichterlijke beelden tegenover, zoals die over de dood: ‘De pezen klemmen het vlees niet langer op de botten en de ziel vlucht weg als een droom.’
Zelfs Powells fantasie is gebaseerd op wat op grond van gegevens wordt verondersteld. Odysseus heeft, schrijft hij bijvoorbeeld, ‘krachtige handen’. Even verderop lezen we dat onze held een goede discuswerper was, wat weer anticipeert op een later, doorslaggevend moment met een speer en een boog in het verhaal.

Ook de tekeningen zijn fantasievol, hoewel duidelijk gebaseerd op de ‘realiteit’. Zo is er een amfoor in zwartfigurige stijl met een roodbruine achtergrondkleur. Wie iets van de Griekse kunstgeschiedenis weet, herkent de oud-Griekse stijl. De stijl van de tekeningen doet soms ook denken aan die van negentiende-eeuwse litho’s of aan de Japanse kunstenaar Katsushika Hokusai uit dezelfde eeuw.

Penelope, Odysseus’ vrouw, wordt afgeschilderd als een vrouw die weet wat ze wil. Ze wil haar man terug en met list en bedrog de vrijers die op haar azen van zich afhouden. Eumaios, de dienaar van de hoofdfiguur, wil haar met veel omhaal van woorden van een plan afbrengen. Ze gaat er niet op in en blijft bij haar standpunt. Zo standvastig komt ze ook over op de grotendeels uit panelen bestaande, kleine tentoonstelling Tegendraads in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden: ‘van gelijke roem als Odysseus’ (nog t/m 9 augustus 2026 te zien).

Het tijdloze epos verfilmd

Laten we vervolgens bekijken in hoeverre de observaties bij het boek van Powell en Lisowiec van toepassing zijn op Nolans verfilming van de Odyssee. Een kijkervaring van bijna drie uur, die omvloog.

Ook de film begint met een lofzang, ditmaal op de Griekse beschaving. De film eindigt met een indrukwekkende epiloog waarin de teloorgang van die beschaving wordt genoemd en die te wijten zou zijn aan een man. Dat betrekt Odysseus op zichzelf, maar je mag er ook een toespeling op de man met het oranje haar in zien. Toch biedt de epiloog ook hoop. De zon gaat weliswaar telkens weer onder, maar komt ook weer op. Een beeld dat door heel Homerus’ Odyssee en aan het begin en eind van de film wordt gebruikt, zoals Powell het beeld van het leven dat de dood overwint bezigt.

Het morele universum dat Nolan schildert, is dat van wat de Wet van Zeus wordt genoemd: de code uit de Griekse mythologie die stelt dat vreemdelingen als gasten moeten worden behandeld. Een code die in de Odyssee dikwijls wordt geschonden, maar waar in de film telkens op wordt gewezen. De scène met de vrijers, die geen respect voor welke morele orde dan ook hebben, is in de film wel erg spectaculair en duurt wat aan de lange kant. Andere passages uit het boek zijn juist ingedikt en er zijn ook scènes aan toegevoegd, zoals de oorlog in Troje, die in de Odyssee wel het startpunt is, maar verder geen rol van betekenis meer speelt.

Odysseus benadrukt dat het verhaal moet worden gezongen. In die zin speelt muziek in de film een grote rol. De muziek is gecomponeerd door de Zweed Ludwig Göransson. Het is muziek die in het verlengde ligt van realistische klanken; bijvoorbeeld wanneer de boog wordt gespannen en de speer wegvliegt. Net zoals Powell aan het begin en aan het eind de kracht waarmee Odysseus de boog spant benadrukt. In beide gevallen, aan het begin en aan het eind, is de muziek hetzelfde, zodat je van een Wagneriaans leitmotiv kunt spreken. Iets soortgelijks, waarbij de muziek aansluit op in de werkelijkheid voorkomende geluiden, gebeurt wanneer de schapen in de grot van de cycloop (gespeeld door Bill Irwin) worden getoond.

Net als Powell (‘De meeste mensen zijn snel boos’) is ook Nolan op z’n tijd aan de uitleggerige kant. Met name Helena van Troje (een dubbelrol van de zwarte actrice Lupita Nyong’o, die ook Klytaimnestra speelt) lijdt aan dit euvel wanneer ze aan haar man Menelaos een en ander zit uit te leggen.
De vrouwen bij Nolan zijn overigens allemaal sterke vrouwen, die staan voor hun mening. Ook Penelope, maar het blijft een beetje bij een aanzet. Ze is zeker niet ‘van gelijke roem als Odysseus’, zoals ze in de tentoonstelling in Leiden wordt neergezet.

Ook de details in de film zijn aan de ‘realiteit’ ontleend, net als de muziek. Al zijn de amforen die in het paleis van Odysseus staan zeldzame, niet-gedecoreerde exemplaren, in tegenstelling tot die op de tekeningen van Joanna Lisowiec. Ook in de aanloop naar de film werd in artikelen op zulke afwijkende details gewezen, al wist Nolan die opmerkingen telkens te pareren.

Het is al met al te hopen dat het filmspektakel en meer dan dat, bezoekers nieuwsgierig maakt naar het verhaal van Homerus waarop het is gebaseerd. Als ze het niet al kennen natuurlijk. Daarbij is de geïllustreerde hervertelling van Barry Powell en Joanna Lisowiec een fijne gids. Je hoeft er geen Grieks voor te kennen of weet te hebben van kunststijlen. Pak het op en geniet ervan, ook los van elkaar.

De geïllustreerde Odyssee. Het tijdloze epos herverteld
Bewerker: Barry Powell

Illustraties: Joanna Lisowiec
Uitgever: Noordboek
Prijs: € 29,90
Bladzijden: 256
ISBN: 9789464714814
Beoordeling: 4,5 sterren

The Odyssey
Script en regie: Christopher Nolan

Jaar: 2026
Distributeur: Universal Pictures
imdb: https://www.imdb.com/title/tt33764258/
Beoordeling: 4,5 sterren

Film
special: Odyssee – Homerus
Filmstill The OdysseyUniversal Studios. All Rights Reserved. (via Filmdepot)

‘Hoe het leven de dood overwint’

Van het Griekse epos Odyssee van Homerus zijn al heel wat hervertellingen gemaakt. Na de film The Return (2024) zijn er ook daarna heel wat verschenen. Recent zijn dat een bewerking in taal en tekeningen door Barry Powell en Joanna Lisowiec en een film in IMAX 70mm, geschreven en geregisseerd door Christopher Nolan en in beelden gevangen door Hoyte van Hoytema.

Een hervertelling is wat anders dan een vertaling, maar de basisvragen voor de verteller, vertaler en filmmaker zijn dezelfde: hoe dicht blijf je bij de brontekst, hoeveel sfeer roep je op, wat zet je extra aan, wat laat je eventueel weg? We kunnen het Homerus niet meer vragen, maar je maakt als herverteller en filmmaker je eigen afwegingen en interpretatie: iets meer van dit, iets minder van dat. Vragen als hoe dicht je bij het oorspronkelijke taaleigen en metrum blijft, laat je primair aan vertalers over.

Powell, Lisowiec en Nolan

Barry Powell is auteur van onder meer Classical Myth en specialist in het werk van Homerus (ca. 820 voor Chr.). Hij heeft zowel de Ilias als de Odyssee vertaald. Joanna Lisowiec is bekend door de verschillende kinderboeken die ze illustreerde, maar ook van de Meditaties van Marcus Aurelius, die net als De geïllustreerde Odyssee bij Noordboek is uitgegeven.
Christopher Nolan is een bekende naam in de filmwereld, dus de verwachtingen waren hoog gespannen. Maar eerst het boek van Powell en Lisowiec.

Het tijdloze epos herverteldOmslag De geïllustreerde Odyssee

In de inleiding van Powells geïllustreerde hervertelling geeft de bewerker al veel prijs over zijn interpretatie van het verhaal van Homerus. ‘De hoofdlijn’, schrijft hij, ‘bestaat uit een oud verhaal over hoe het leven de dood overwint.’ Odysseus staat voor het leven, de monsters en de zee staan voor de dood. De Odyssee ‘schetst (…) een moreel universum waarin gerechtigheid heerst’. Het leed van de mens is het gevolg van eigen keuzes (hoe modern is dat!) en niet van het noodlot. ‘De vrijers hebben domweg geen respect voor de goden of de morele orde. Dat is hun eigen beslissing. En daarom moeten ze sterven.’

Het begin van Powells hervertelling zal veel gymnasiasten bekend voorkomen:

O Muze, laat mij het verhaal zingen
van Odysseus, man van vindingrijkheid,
moed en wijsheid, en van zijn epische reis
naar huis vanuit Troje!

Moesten gymnasiasten niet, om het metrum in de vingers te krijgen, dit uit het hoofd leren en hardop reciteren? Bij een andere hervertelling, van Stephen Fry (Thomas Rap, 2024), ontbreekt dit iconische begin. Hij vertelt het verhaal op een toegankelijke manier, waar Powell poëtischer is. Iets meer belerend ook dan Fry. Neem bijvoorbeeld een opmerking als: ‘De meeste mensen zijn snel boos, heb ik ondervonden.’ Daar staan de vele dichterlijke beelden tegenover, zoals die over de dood: ‘De pezen klemmen het vlees niet langer op de botten en de ziel vlucht weg als een droom.’
Zelfs Powells fantasie is gebaseerd op wat op grond van gegevens wordt verondersteld. Odysseus heeft, schrijft hij bijvoorbeeld, ‘krachtige handen’. Even verderop lezen we dat onze held een goede discuswerper was, wat weer anticipeert op een later, doorslaggevend moment met een speer en een boog in het verhaal.

Ook de tekeningen zijn fantasievol, hoewel duidelijk gebaseerd op de ‘realiteit’. Zo is er een amfoor in zwartfigurige stijl met een roodbruine achtergrondkleur. Wie iets van de Griekse kunstgeschiedenis weet, herkent de oud-Griekse stijl. De stijl van de tekeningen doet soms ook denken aan die van negentiende-eeuwse litho’s of aan de Japanse kunstenaar Katsushika Hokusai uit dezelfde eeuw.

Penelope, Odysseus’ vrouw, wordt afgeschilderd als een vrouw die weet wat ze wil. Ze wil haar man terug en met list en bedrog de vrijers die op haar azen van zich afhouden. Eumaios, de dienaar van de hoofdfiguur, wil haar met veel omhaal van woorden van een plan afbrengen. Ze gaat er niet op in en blijft bij haar standpunt. Zo standvastig komt ze ook over op de grotendeels uit panelen bestaande, kleine tentoonstelling Tegendraads in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden: ‘van gelijke roem als Odysseus’ (nog t/m 9 augustus 2026 te zien).

Het tijdloze epos verfilmd

Laten we vervolgens bekijken in hoeverre de observaties bij het boek van Powell en Lisowiec van toepassing zijn op Nolans verfilming van de Odyssee. Een kijkervaring van bijna drie uur, die omvloog.

Ook de film begint met een lofzang, ditmaal op de Griekse beschaving. De film eindigt met een indrukwekkende epiloog waarin de teloorgang van die beschaving wordt genoemd en die te wijten zou zijn aan een man. Dat betrekt Odysseus op zichzelf, maar je mag er ook een toespeling op de man met het oranje haar in zien. Toch biedt de epiloog ook hoop. De zon gaat weliswaar telkens weer onder, maar komt ook weer op. Een beeld dat door heel Homerus’ Odyssee en aan het begin en eind van de film wordt gebruikt, zoals Powell het beeld van het leven dat de dood overwint bezigt.

Het morele universum dat Nolan schildert, is dat van wat de Wet van Zeus wordt genoemd: de code uit de Griekse mythologie die stelt dat vreemdelingen als gasten moeten worden behandeld. Een code die in de Odyssee dikwijls wordt geschonden, maar waar in de film telkens op wordt gewezen. De scène met de vrijers, die geen respect voor welke morele orde dan ook hebben, is in de film wel erg spectaculair en duurt wat aan de lange kant. Andere passages uit het boek zijn juist ingedikt en er zijn ook scènes aan toegevoegd, zoals de oorlog in Troje, die in de Odyssee wel het startpunt is, maar verder geen rol van betekenis meer speelt.

Odysseus benadrukt dat het verhaal moet worden gezongen. In die zin speelt muziek in de film een grote rol. De muziek is gecomponeerd door de Zweed Ludwig Göransson. Het is muziek die in het verlengde ligt van realistische klanken; bijvoorbeeld wanneer de boog wordt gespannen en de speer wegvliegt. Net zoals Powell aan het begin en aan het eind de kracht waarmee Odysseus de boog spant benadrukt. In beide gevallen, aan het begin en aan het eind, is de muziek hetzelfde, zodat je van een Wagneriaans leitmotiv kunt spreken. Iets soortgelijks, waarbij de muziek aansluit op in de werkelijkheid voorkomende geluiden, gebeurt wanneer de schapen in de grot van de cycloop (gespeeld door Bill Irwin) worden getoond.

Net als Powell (‘De meeste mensen zijn snel boos’) is ook Nolan op z’n tijd aan de uitleggerige kant. Met name Helena van Troje (een dubbelrol van de zwarte actrice Lupita Nyong’o, die ook Klytaimnestra speelt) lijdt aan dit euvel wanneer ze aan haar man Menelaos een en ander zit uit te leggen.
De vrouwen bij Nolan zijn overigens allemaal sterke vrouwen, die staan voor hun mening. Ook Penelope, maar het blijft een beetje bij een aanzet. Ze is zeker niet ‘van gelijke roem als Odysseus’, zoals ze in de tentoonstelling in Leiden wordt neergezet.

Ook de details in de film zijn aan de ‘realiteit’ ontleend, net als de muziek. Al zijn de amforen die in het paleis van Odysseus staan zeldzame, niet-gedecoreerde exemplaren, in tegenstelling tot die op de tekeningen van Joanna Lisowiec. Ook in de aanloop naar de film werd in artikelen op zulke afwijkende details gewezen, al wist Nolan die opmerkingen telkens te pareren.

Het is al met al te hopen dat het filmspektakel en meer dan dat, bezoekers nieuwsgierig maakt naar het verhaal van Homerus waarop het is gebaseerd. Als ze het niet al kennen natuurlijk. Daarbij is de geïllustreerde hervertelling van Barry Powell en Joanna Lisowiec een fijne gids. Je hoeft er geen Grieks voor te kennen of weet te hebben van kunststijlen. Pak het op en geniet ervan, ook los van elkaar.

De geïllustreerde Odyssee. Het tijdloze epos herverteld
Bewerker: Barry Powell

Illustraties: Joanna Lisowiec
Uitgever: Noordboek
Prijs: € 29,90
Bladzijden: 256
ISBN: 9789464714814
Beoordeling: 4,5 sterren

The Odyssey
Script en regie: Christopher Nolan

Jaar: 2026
Distributeur: Universal Pictures
imdb: https://www.imdb.com/title/tt33764258/
Beoordeling: 4,5 sterren

Film / Films

Hitsige bovenburen: leuk of lastig?

recensie: The Invite – Olivia Wilde
The-Invite_st_2_jpg_sd-highFilmdepot

Het huwelijk van Angela en Joe is akelig sleets geraakt. Ze leven langs elkaar heen, ergeren zich te pletter aan elkaar en maken bijgevolg voortdurend ruzie. In die sfeer is de seks feitelijk verdwenen uit hun relatie. Dus is het irritant dat de nieuwe bovenburen met veel herrie de pannen van het dak seksen. Tijd om eens kennis te maken met die hitsige buren, in deze verrassende en geestige arthousefilm The Invite.

Beroepsmusicus Joe is bij gebrek aan passend werk al jaren muziekleraar op een school. Zijn vrouw Angela heeft voor de zoveelste keer hun fraaie appartement in San Francisco verbouwd, met alle lawaai van dien. De riante woning zelf hebben ze geërfd van de ouders van Joe.

Luidruchtige seks

Angela en Joe hebben sinds kort nieuwe bovenburen, die ze eigenlijk alleen vluchtig kennen. Deze Hawk en Pina moeten last hebben gehad van het verbouwingslawaai. Daar staat dus tegenover dat het nieuwe koppel zelf overlast veroorzaakt met hun luidruchtige seks. Tijd voor een kennismaking. De nieuwe buren zullen komen eten.

Verliefd

Vanaf het eerste moment is duidelijk dat Hawk en Pina een totaal andere kijk op leven en liefde hebben dan Angela en Joe. Zij hebben een open relatie, daar waar Angela en Joe monogaam zijn. En terwijl Joe en Angela aldoor in dezelfde groef doormodderen, ook al is het leven allang niet meer leuk, zoeken de verliefde Hawk en Pina naar geluk en genot. Daarmee wordt de confrontatie met de vrijpostige bovenburen een test voor de houdbaarheid van de relatie van Angela en Joe.

Toneelstuk

The Invite is gebaseerd op de Spaanse film Sentimental (2020) van regisseur Cesc Gay, naar een toneelstuk dat Gay zelf schreef. Dat het van oorsprong om een toneelstuk gaat, merk je: op een paar momenten na speelt het hele verhaal zich af binnen de muren van het appartement van Joe en Angela. Regisseur en acteur Olivia Wilde heeft voor haar versie van dit verhaal een topcast tot haar beschikking. De vier acteurs maken de film tot een waar genoegen om naar te kijken.

Mimiek

Wilde neemt zelf de rol van Angela voor haar rekening, met Seth Rogen als haar man Joe. Veel van de geloofwaardigheid van de film komt voort uit de tekstbehandeling: deze twee acteurs schreeuwen, vloeken, schelden, en – wat zeer naturel overkomt – ze vallen elkaar in de rede en praten door elkaar heen. Veel van de interactie blijft opzettelijk beperkt tot de manier waarop ze elkaar aankijken en tot betekenisvolle mimiek om elkaar tot de orde te roepen of te waarschuwen.

Verleidelijk

Maar de echte sterren van The Invite zijn Edward Norton als ex-brandweerman Hawk en Penélope Cruz als zijn uitdagende vriendin, therapeut Pina. Zij acteren ogenschijnlijk moeiteloos de sterren van de hemel. Vooral Norton als Hawk is sterk: hij gaat bijvoorbeeld gewoon door met wat hij aan het doen was, terwijl de hoofdhandeling een andere wending neemt.

Cruz is als Pina zo begripvol, wijs, vriendelijk, verleidelijk en geil dat je helemaal gelooft dat zowel mannen als vrouwen voor haar vallen.

Aan het denken gezet

Mooi is dat de slimme, grappige plot van The Invite ruimte biedt aan totaal uiteenlopende onderwerpen en eigenschappen, zoals trouw en ontrouw, jaloezie, vertrouwen, onzekerheid, angst de ander te verliezen, behoefte aan warmte en liefde, maar ook walging en afgrijzen. De meeste van deze thema’s komen overigens aan bod zonder tekst, dus alleen in lichaamstaal, in blikken en geluiden.
Voor de goede verstaander neemt de plot aan het einde nog een verrassende wending, waardoor je extra aan het denken wordt gezet. Erg knap gedaan.

The Invite draait vanaf donderdag 3 juli 2026 in de bioscopen.

Film / Films

AI maakt eenzaam

recensie: Toy Story 5 - Andrew Stanton
TOY STORY 5Filmdepot: 2025 Disney/Pixar. All Rights Reserved.

Wat zou er gebeuren als kinderen niet meer spelen met elkaar en met tastbaar speelgoed, maar alleen nog met beeldschermen, voornamelijk in hun eentje? Disney en Pixars lieve film Toy Story 5 laat de gevolgen zien van het vervangen van fysieke spelletjes door digitale, en van echte mensen door AI-gestuurde. Die gevolgen zijn herkenbaar en ze zijn niet geruststellend.

De laatste keer dat we keken naar Toy Story, waren de enigszins sleetse poppen Woody, Jessie, Buzz Lightyear plus hun vrienden terechtgekomen in de speelgoedkist van het meisje Bonnie. In deel 5 wordt Bonnie acht jaar. Ze speelt graag met poppen, hoewel ze daar volgens de kinderwereld eigenlijk ‘te oud’ voor wordt.
Bonnie voelt zich eenzaam: ze speelt veel alleen, is te verlegen om op andere kinderen af te stappen en heeft eigenlijk geen vriendjes om mee te spelen.

Tablet

Bonnie zou best willen spelen met de twee kinderen van de buren. Maar die zien haar niet staan, omdat ze schijnbaar iets beters te doen hebben. Bij de buren naar binnen glurend, blijken de buurkinderen allebei een eigen tablet te hebben, waarop ze afzonderlijk van elkaar spelletjes doen.

Zo’n tablet hebben Bonnies schoolgenoten ook: een beeldscherm met een buitenrand in de vorm van een beest of van een bloem. Zij doen daar spelletjes op. En de klasgenoten delen op die tablet een chatgroep. De hoofdstroom aan contacten verloopt via die chatgroep.
Bonnie heeft geen tablet, en voelt zich daardoor buitengesloten. Ten langen leste zwichten Bonnies ouders: vooruit dan maar, zij krijgt er ook een: een ‘Lilypad’, een kikkertje met oogjes.

Voorbij

Natuurlijk is meteen het hek van de dam: die digitale Lilypad vervangt al het normale speelgoed; dat gaat stof liggen vangen. Het speelgoed ziet deze ontwikkeling met schrik aan: ‘De speelgoedtijd is voorbij.’
Grappig is dat de Lilypad dezelfde eigenschap heeft als al het speelgoed in Toy Story: als de mensen niet kijken, leeft en praat het ding uit zichzelf.

Zoals te verwachten, wordt Bonnie alleen maar eenzamer door de digitale communicatie. Chatgroepen zijn een bron van misverstanden en worden gebruikt voor onaardige, roddelachtige berichten: over Bonnie, vooral.

Kunstgreep

Het speelgoed besluit daarop dat Bonnie terug moet worden gebracht op het rechte pad: naar gewoon speelgoed en naar vrienden van vlees en bloed.
De roodharige cowboypop Jessie (stem van Joan Cusack) is gepromoveerd toy sheriff, zij neemt de leiding.
In (de veel beter gelukte) Toy Story 4 namen we afscheid van Woody, die bij zijn vriendinnetje Bo Peep (het herderinnetje) achterbleef in een pretpark. Via een kunstgreep worden Woody (zoals het hoort: voorzien van de stem van Tom Hanks) en Bo Peep niettemin opgetrommeld om te komen helpen Bonnie een vriendje van vlees en bloed te bezorgen.

Zijstraatjes

Wat volgt is een nogal omslachtig verhaal. Tekstschrijver en regisseur Andrew Stanton heeft er een vertelling van gemaakt met een heleboel zijstraatjes, nevenplots en zelfs droombeelden die soms niet helemaal te volgen zijn. Er zijn bruiloften tussen poppen, en het speelgoed komt ook nog het hertje Bambi en het konijn Stampertje tegen. Door al die uitweidingen duurt Toy Story 5 – inclusief titels – meer dan twee uur. Erg lang. Hier en daar een flodderig zijstraatje schrappen had de film en de vertelling meer gefocust en daarmee beter gemaakt.

Stad versus platteland

In die twee uur zet Stanton het stadsmeisje Bonnie af tegen het plattelandsmeisje Blaze. Zij woont op een ranch met paarden. Blaze is totaal anders dan de complotten smedende stadskinderen.

Andrew Stanton tekende eerder voor de regie en het script van onder andere Finding Nemo, WALL-E en Finding Dory. De boodschap van Stanton en zijn team in Toy Story 5 is natuurlijk zonneklaar, al komt die in deze verregaand gedigitaliseerde wereld rijkelijk laat: kinderen (en ouders) moeten niet zo veel tijd besteden aan beeldschermen. Speel met elkaar en met tastbare dingen.

Fenomenaal animatiewerk

Om deze boodschap te kunnen verkondigen, heeft Stanton duidelijk een ongeëvenaard arsenaal aan technologie tot zijn beschikking dankzij computeranimatie (en AI?!). Daarmee maakt hij een onvoorstelbaar rijke animatiefilm. Alleen al het enorme scala aan gelaatsuitdrukkingen van het speelgoed en de menselijke personages is verpletterend. Net als de extreme zorg waarmee interieurs zijn vormgegeven. Zo is het (getekende!) hout van traptreden en deurposten naturel afgesleten en weer overgeschilderd: het is fenomenaal animatiewerk.

En verder heeft Stanton uiteraard gelijk: laat de kinderen (en de volwassenen) alsjeblieft minder tijd verspillen op beeldschermen.

Toy Story 5 draait vanaf donderdag 18 juni 2026 in de bioscopen.

FINDING EMILY
Film / Films

Assepoester in het digitale tijdperk

recensie: Finding Emily – Alicia MacDonald
FINDING EMILY

De situatie is herkenbaar, het probleem dat eruit voortkomt niet ondenkbaar: je ontmoet op de dansvloer een gevalletje liefde-op-het-eerste-gezicht, maar opeens moet die weg. Hoe vind je die crush dan nog óóit terug?! Met dit probleem kampt Owen in het gezellige hedendaagse Assepoester-verhaal Finding Emily.

Owen is een kansarme jongvolwassene. Hij woont met zijn broer Matt en diens vriendin in een achterstandswijk onder de spoorbrug. Owen verdient zijn schamele brood als geluidstechnicus in de club op de campus van de universiteit van Manchester. Een niet-student tussen studenten. In die studentenclub ontmoet hij een prachtig meisje. Maar haar vriendinnen trekken haar onder zijn neus vandaan: ze moet mee naar een volgend feest. Het meisje kan nog net haar naam roepen voordat ze haar vriendinnen volgt: Emily. Zonder achternaam. Owen vraagt inderhaast wel nog haar telefoonnummer en dat krijgt hij zowaar van haar. Maar de volgende dag blijkt dat telefoonnummer niet helemaal te kloppen. Wat nu?

Crush

Zijn Emily moet toch te vinden zijn, aan zo’n universiteit. Het eerste meisje dat Owen vindt dat inderdaad Emily heet, ene Emily Raine, blijkt echter niet de gezochte crush te zijn. Sterker: het wemelt aan de universiteit van Manchester van de Emily’s.

Proefkonijn

Emily Raine studeert geesteswetenschappen en zoekt voor haar afstudeerscriptie nog een onderwerp. In de obsessief verliefde Owen ziet Emily Raine opeens een vruchtbaar afstudeeronderwerp. Ze besluit hem te helpen met het zoeken naar ‘zijn’ Emily, echter zonder hem haar dubbele agenda te vertellen: Owen weet niet dat hij opeens een proefkonijn is.

Bridget Jones

Wat volgt is een gekke, lieve, bij tijd en wijle hilarische hedendaagse Assepoester-plot, waarin Owen de zoekende prins is. Dat verkeerde telefoonnummer neemt de plaats in van het glazen muiltje.
Deze romantische komedie is geproduceerd door Tim Bevan en Eric Fellner, van productiemaatschappij Working Title Films. Zij hebben ook Love Actually (2003) en Bridget Jones’s Diary (2001) op hun naam staan.

Stalken

Op zijn zoektocht naar Emily zet Owen alle digitale communicatiemiddelen in, waardoor zijn kwestie viral gaat. Gevolg is dat Owen door de halve campus wordt beticht van stalken. Er ontstaat tweestrijd tussen studenten die hem schattig vinden en mensen die hem eng vinden omdat de onvindbare Emily hem misschien wel expres het verkeerde telefoonnummer heeft gegeven. Owen zelf verandert gedurende de film van Lelijk Jong Eendje in een volwassen zwaan.

Minnie Driver

De plot (script: Rachel Hirons) is hier en daar voorspelbaar. Enorm fijn aan Finding Emily is echter dat je de personages gelóóft. Owen (Spike Fearn), zijn broer Matt (Jack Riddiford), Emily Raine (de Australische Angourie Rice), de onuitstaanbare professor Westlake (Prasanna Puwanarajah), die Emily Raine het leven zuur maakt: ze gaan allemaal vol voor het personage dat ze spelen. Regisseur Alicia MacDonald haalt het beste uit haar acteurs.

De enige die op de vlakte blijft, is Minnie Driver als de dean van de universiteit. Driver is nogal gewoontjes in deze rol.

‘Bitter Sweet Symphony’

Feestelijk is dat er een reeks klassiekers uit de Britpop langskomt, plus ‘Wordy Rappinghood’ van de Amerikaanse groep Tom Tom Club. Owen ziet er met zijn zwarte mod-kapsel uit als een kind van de jaren zestig. Als uitsmijter loopt Spike Fearn tijdens de aftiteling in Manchester over de stoepen, onverstoorbaar doorzingend wanneer hij per ongeluk een passant aantikt, zoals Richard Ashcroft van The Verve in de videoclip van ‘Bitter Sweet Symphony’.
Je gunt die jongen dat hij zijn grote liefde vindt.

Finding Emily draait vanaf donderdag 28 mei 2026 in de bioscopen.

Film / Films

Mode in het digitale tijdperk

recensie: The Devil Wears Prada 2 – David Frankel
THE DEVIL WEARS PRADA 220th Century Studios

The Devil Wears Prada was zó’n succes, dat een sequel bijna niet kon uitblijven. Deel 2 draait nu in de bioscopen, twintig jaar later. Voor liefhebbers van deel 1 is dit beslist smullen. Wie de eerste film niet heeft gezien, zal het vervolg niet tot in detail snappen, laat staan de karakterverschuivingen. Maar een kniesoor die daarop let: The Devil Wears Prada 2 is visueel buitengewoon sterk, en de topcast zit duidelijk lekker in zijn vel.

Twintig jaar nadat hun wegen zich scheidden, komen journalist Andy Sachs en Runway-hoofdredacteur Miranda Priestly elkaar opnieuw tegen. Als dat maar goed gaat: Andy was bij Runway het manusje-van-alles van Miranda, de voetveeg. Miranda was tegen Andy neerbuigend, laatdunkend, vernederend… en ook nog onaardig, gemeen, onvriendelijk op het vileine af. Aan het einde van deel 1 kiest Andy voor het beroep dat haar het meeste ligt: ze verlaat modetijdschrift Runway en wordt een serieuze journalist bij een belangrijk tijdschrift.

Verplichte samenwerking

Maar zonder dat ze dat zien aankomen, kijken Andy en Miranda in deel 2 beiden aan tegen dreigende werkloosheid. En deze keer moeten deze vrouwen, die nauwelijks samen door één deur kunnen, over hun schaduwen heen stappen om elkaar te helpen. Die verplichte samenwerking levert een amusante The Devil Wears Prada 2 op.

Digitale tijdperk

Het is lastig de inhoud van deze film te beschrijven zonder een heleboel te verklappen, dus dat zullen we niet doen.
Relevant is dat Andy (Anne Hathaway) twintig jaar later geen beginnende journalist meer is die met zich laat sollen. En Miranda (Meryl Streep) moet zich tot haar grote schrik aanpassen aan het digitale tijdperk, waarin succes afhangt van het aantal pageviews op internet. Papier raakt uit de mode, gedrukte tijdschriften en kranten hebben steeds meer moeite het hoofd boven water te houden. Wat we willen weten, halen we van internet. Wat dat betreft is The Devil Wears Prada 2 zeer realistisch en actueel: papieren media zitten inderdaad in zwaar weer, steeds minder mensen zijn bereid te betalen voor nieuws en informatie.

Woke

Voor Miranda Priestly betekent aanpassen niet alleen dat internet een belangrijk medium is dat haar werk kan maken en breken. Daarnaast is het niet meer van deze tijd je personeel te behandelen als tot slaaf gemaakten, zoals haar gewoonte was. Of lompe taalgrappen te maken. Kortom: Miranda moet ‘woke’ worden, van haar gedrag tot haar woordgebruik.
In die vibe is Andy dan weer wel erg op haar gemak. Sterker: ze neemt Miranda ongeveer bij de hand om haar de weg te wijzen in deze nieuwe, digitale wereld.

Dictator

De twintig jaar ouder geworden Anne Hathaway (de actrice is nu 43) heeft het personage Andy simpelweg nog in de vingers. Andy was altijd al vrij sterk, hooguit nu en dan misplaatst onzeker. Het kost Hathaway zo te zien weinig moeite het personage opnieuw neer te zetten.

Meryl Streep (inmiddels 75 jaar) moet daarentegen een sterk veranderde Miranda neerzetten. Ze mag niet meer de commanderende dictator zijn. Ze moet tegelijkertijd enerzijds de sterke, vlijmscherpe hoofdredacteur zijn, anderzijds zo vriendelijk mogelijk, zelfs slijmerig. En Miranda moet haar taalgebruik dus aldoor in de gaten houden, wat haar onzeker maakt.
Daarbij wordt Streep heel vaak in close-up gefilmd; we zien elk rimpeltje, we zien de lippenstift die in de plooien rond haar mond is getrokken.
Regisseur David Frankel maakt het Streep op deze manier niet makkelijk: Miranda mocht in deel 1 lekker rechtlijnig lomp en bot zijn, nu moet ze opeens aarzelend en genuanceerd zijn. Miranda moet dankbaar zijn, in plaats van alles volkomen vanzelfsprekend te vinden. Gelukkig heeft Streep wel voor hetere vuren gestaan. Ze maakt van deze ouwe rot in het tijdschriftenvak een geloofwaardige, onzekere oudere vrouw, die blij is dat ze nog grond onder de voeten voelt.

Emotie

Een heel grote pluim verdient Stanley Tucci als art director Nigel. Tucci is in deze cast misschien wel de sterkste speler. Met heel kleine bewegingen van zijn gezicht – zijn mond, zijn ogen, zijn wenkbrauwen – laat Tucci Nigel veranderen van emotie. Van bang, naar onzeker, naar blij. Van arrogant naar lief.

Emily Blunt is heden ten dage een veelgevraagde, bloedserieuze filmmaker. In The Devil Wears Prada, deel 1 speelde ze Andy’s jaloerse conculega Emily Charlton. Emily is in deel 2 overgestapt van tijdschrift Runway naar een baan bij modehuis Dior. Blunt is als een vis in het water in deze rol. Ze zet de onhandige Emily lekker vet aan. Het is een genoegen om naar te kijken.

In deze sequel heeft Miranda Priestly niemand minder dan de Britse steracteur Kenneth Branagh naast zich gekregen in de rol van haar knusse, huiselijke partner, met hond en al.

Milaan

De makers (producent: Wendy Finerman) hebben visueel alles uit de kast getrokken om hiervan een fraaie film te maken. De fotografie is prachtig, het camerawerk sterk. Voor de styling zijn kosten noch moeite gespaard. De film is zowel in New York City als in Milaan gedraaid, en vooral de scènes in Milaan zijn oogverblindend.

Gaga

Zoals te verwachten, komt er bij een stevige, Milanese modeshow-passage een stoet cameo’s langs: bekenden uit de modewereld, die in feite zichzelf spelen. Modeontwerpers zoals Marc Jacobs en Stefano Gabbana, modellen zoals Heidi Klum. Emily mag lunchen met Donatella Versace.

Als klap op de vuurpijl verschijnt Lady Gaga als zichzelf ten tonele, gehuld in een zwart catwoman-achtig pak. Staand op een groot rond podium zingt ze ‘The Shape of a Woman’. Het soort kers op de taart dat van een film voor de liefhebber al helemaal een plezierig uitje maakt.

Deel 1 was weliswaar origineler, scherper, frisser en daardoor beter. Maar wie van die film een goed humeur kreeg, mag The Devil Wears Prada 2 niet missen.

‘The Devil Wears Prada 2’ draait vanaf donderdag 30 april 2026 in de bioscopen.

Film / Films

De waardigheid van een invalide

recensie: Joe Speedboot – Sam de Jong
Joe-Speedboot_st_5_jpg_sd-highFilmdepot

Aan het verstand van Fransje mankeert niets. Omdat hij in een rolstoel zit en ook niet kan praten, behandelt iedereen in het dorp hem echter als een kleuter. Maar vanaf het moment dat nieuwkomer Joe Speedboot ten tonele verschijnt, gaat in Fransjes leven de zon schijnen.

‘Er wordt gezegd dat de samoerai een tweevoudige weg heeft, van het penseel en het zwaard’, aldus het geschreven motto aan het begin van Joe Speedboot. De spreuk is ontleend aan de zeventiende-eeuwse Japanse samoerai en filosoof Miyamoto Musashi. De pen staat dan voor cultuur, het zwaard staat voor de strijd. Voor de invalide hoofdpersoon Fransje Hermans wordt dit motto de werkelijkheid: hij kan goed schrijven, maar hij blijkt ook uit te blinken in de merkwaardige sport armworstelen.

Dagboek

De middelbare scholier Fransje (Daan Buringa) zit sinds een onzinnig ongeluk in een rolstoel. Na veel oefenen kan hij wel zijn armen en handen gebruiken, maar hij kan niet praten. Schrijven kan hij daarentegen als de beste: hij schrijft het ene na het andere dagboek vol met eigen overpeinzingen en met alles wat er gebeurt in zijn (fictieve) dorp Lomark.

Fransje is erg intelligent, zijn hersenen zijn door het ongeluk niet geraakt. Helaas groeit hij op in het kansloze gezin van een autosloper, met een onbruikbare broer (Chris Peters). Zijn ouders (Janni Goslinga en Rogier Schippers), onervaren in dit soort tegenslag, proberen in hun onmacht de gehandicapte zoon het gevoel te geven dat hij nuttig is.

In zijn waarde

Maar het licht gaat bij Fransje pas aan als de onaangepaste, creatieve, goedlachse Joe Speedboot ten tonele verschijnt. Joe neemt Fransje als eerste serieus, laat hem in zijn waarde en kan Frans’ gezelschap waarderen. Wanneer blijkt dat Fransje door al het rijden met de rolstoel en door zijn taak in de autosloperij een ijzersterke rechterarm heeft ontwikkeld, bedenkt Joe dat Fransje wel kan gaan meedoen aan wedstrijden armworstelen, waarbij stevig wordt gegokt.

Succesroman

Het verhaal kent een onderstroom van lichtvoetig gebrachte filosofie, leunend op de eerdergenoemde Miyamoto Musashi. Die komt ook aan de orde in Joe Speedboot (2005), de meeslepende en hilarische succesroman van Tommy Wieringa die aan de film ten grondslag ligt. Het is niet verstandig de vergelijking met het boek ver door te voeren. De plot is onvermijdelijk flink ingedikt en er zijn stevige elementen weggelaten.
Knap is dat het scenario van Jan Eilander en Daniël Samkalden de essentie van het coming-of-age verhaal desondanks overeind laat. Zij hebben het verhaal van Tommy Wieringa meer dan verdienstelijk omgezet in een filmscript. Het script laat het oorspronkelijke verhaal intact, en het nodigt de kijker uit mee te gaan in het wel en wee van Fransje.

Uiteraard zijn daartoe aanpassingen gedaan. De meest opvallende is die van de verteller: de stem van vriendin PJ (spreek uit: PieDjé) vertelt in de voice-over het verhaal van Fransje. Aan het einde van de film blijkt waarom, dat moeten we hier niet verklappen.

Waagstuk

Regisseur Sam de Jong heeft een flinke dobber gehad aan de verfilming van de roman van Wieringa. Het boek wordt beschouwd als een moderne klassieker, het is per definitie een waagstuk dat te willen verfilmen. De Jongs filmplannen lagen er sinds 2021, de opnames startten begin mei 2024. De film is er nu, bijna twee jaar later. Een van de tegenvallers was dat hoofdspeler Daan Buringa een arm brak, waardoor de opnames moesten worden stilgelegd.

Geestig

Deze verfilming is het wachten waard. Het is een fijne, geestige film geworden. Belangrijk voor dat succes zijn de drie hoofdrolspelers: Tobias Kersloot als Joe Speedboot, Daan Buringa als Fransje, en QiQi van Boheemen als PJ. Drie sterke jonge acteurs die ervoor zorgen dat we dit verhaal geloven. Vooral de charismatische Tobias Kersloot (Joe) is een groot talent. Daan Buringa moet het als zwijgende invalide voornamelijk hebben van zijn mimiek. Dat gaat hem behoorlijk goed af, Buringa heeft een heel scala aan gelaatsuitdrukkingen in zijn mars.

Voorts valt Chris Peters op, als Fransjes lamlendige broer Dirk. Peters mag lekker vet een sukkel spelen, met als gevolg dat we serieus medelijden krijgen met het feit dat Fransje het van deze grote broer moet hebben voor het vertier in zijn leven.

Ongezelligheid

Dit alles tegen de achtergrond van een landschap dat afwisselend boerenland, industrie en rivieren laat zien. Veel ongezelligheid: Nederland biedt geen herbergzame aanblik in deze film.
In de score zorgt een wisselwerking van Hollandse smartlappen, gabberhouse, house en zachte singer/songwritermuziek (we zien Froukje!) voor commentaar op de locaties waar we zijn. Dit alles dient ter ondersteuning van de ontwikkeling die de personages doormaken: van verwarde, dorpse pubers bij wie langzaam enig besef ontstaat van wat ze willen, tot strijdvaardige jongvolwassenen. Joe Speedboot is een vrolijke, hoewel nogal dik aangezette, feelgoodfilm.

Film / Films

Warme tragikomedie over vrienden in de rouw

recensie: To New Beginnings - Paprika Steen
To New BeginningsNordisk Film Production via Filmdepot

Tijdens een oudejaarsavond met een hechte vriendengroep zorgt de komst van een nieuweling voor een reeks ongelukkige gesprekken, die even pijnlijk als herkenbaar zijn. To New Beginnings (Det nye år in het Deens) is een verrassende zwarte komedie over rouw, ongemak en alles wat onuitgesproken blijft tussen jarenlange vrienden. Regisseur Paprika Steen maakte eerder naam als actrice (Kristine Steen) in de eerste Dogma 95-films, waarin groepsdynamiek en onderdrukte conflicten centraal stonden. In deze komedie keert zij als regisseur terug naar dit thematische terrein.

De oude vrienden Nomi (Tuva Novotny), Jens (Anders W. Berthelsen), Charlotte (Birgitte Hjort Sørensen) en Kris (Christian Tafdrup) komen traditiegetrouw samen op oudejaarsavond voor een avond vol gezelligheid. Maar er ontbreekt iemand: Martin. Hij overleed een aantal jaar geleden bij een tragisch ongeluk. Zijn beste vriend Jens heeft het er zichtbaar moeilijk mee. De rouw drukt zwaar op hem tijdens dit etentje. Maar voor Nomi, Martins ex-vriendin, is het anders. Zij neemt dit jaar voor het eerst haar nieuwe vriend Finn (Lars Brygmann) mee. En dat zorgt voor onenigheid.

Oude tradities versus de nieuwe realiteit

De film legt de verhoudingen bloot binnen langdurige vriendschappen en toont hoe mensen anders omgaan met verlies en verandering. Finn is een nuchtere en onbeholpen radioloog. Terwijl Jens probeert vast te houden aan tradities, heeft Finn een andere avondplanning voor ogen. De nieuwkomer probeert allesbehalve likable te zijn. Hij stelt ongemakkelijke vragen en kaart gevoelige onderwerpen aan. Dit alles leidt tot confrontaties met uitbarstingen van lang onderdrukte gevoelens en spanningen.

Imperfecte volwassenen

Wat Steen sterk in beeld brengt, zijn de kwetsbaarheden van mensen. Lastige thema’s behandelt ze met humor en het nodige ongemak, zoals het eeuwenoude onderwerp de vermogenskloof. Zo deelt Finn graag zijn ideeën over wat Jens met zijn geld kan doen. Ook het contrast tussen de imperfecte volwassenen en de kinderen wordt mooi belicht. Volwassenen horen evenwichtiger te zijn dan kinderen, maar hier zijn het juist de kinderen die open en volwassen gesprekken voeren met elkaar.

Warme film over echte onderwerpen

De vrienden zijn aandoenlijk om naar te kijken. Wel is een kritiekpunt dat de personages meer uitgediept kunnen worden. Als kijker raak je niet écht overtuigd dat je kijkt naar jarenlange vriendschappen. Een gelaagdere dialoog had daaraan kunnen bijdragen. Zo is het verleden tussen Martin en Jens evident, maar hoe zit dat met de rest van de groep? De laatste dertig minuten zijn onderhoudend, maar Steen had deze niet nodig om een sterke film neer te zetten. Toch verdoe je, ondanks de langere zit,  geen tijd met dit Deense stuk. Met humor en veel menselijkheid toont To New Beginnings hoe moeilijk het is om samen verder te gaan wanneer alles verandert.

Gezien in Filmkoepel, Haarlem. ‘To New Beginnings’ is vanaf 25 maart te zien op Picl.

Film / Films

Hamlet naar letter en geest

recensie: Hamnet - Chloé Zhao
HAMNET2025 Focus Features, LLC. All Rights Reserved.

Aan het begin van de film Hamnet van de Chinees-Amerikaanse regisseur en co-auteur Chloé Zhao (bekend van onder meer Nomadland) beweegt de camera zich door een bos. Op de grond ligt Agnes (Anne) Hathaway (gespeeld door Jessie Buckley), de latere vrouw van William Shakespeare (gespeeld door Paul Mescal). Dit openingsshot benadrukt meteen dat het bos een grote rol speelt in de film. Van begin tot eind.

Deze cinematografie (van Łukasz Żal) doet denken aan bijvoorbeeld The Tree of Life van de Amerikaanse filmer Terrence Malick, door wie Zhao is beïnvloed. Die bovennatuurlijke sfeer van het begin van Hamnet wordt geaccentueerd door het feit dat Agnes vervolgens wordt voorgesteld als het kind van een bosheks. Pas aan het eind van de film evolueert het bovennatuurlijke beeld naar de metafysische sfeer van de roman Hamnet (2020) van de Ierse Maggie O’Farrell, waarop de film is gebaseerd.

Tussen begin en eind gebeuren fraaie dingen en zaken waar je vraagtekens bij kunt plaatsen.
Fraai zijn de Shakespeare-achtige spiegelingen in het verhaal: William komt als kind thuis en krijgt ervan langs, Agnes komt thuis en krijgt eveneens op haar donder. Zij gaat het huis uit wanneer ze zwanger blijkt te zijn. Dat William met haar wil trouwen, valt bij zijn aanstaande schoonouders niet in goede aarde. Want ook hij zou behekst zijn. Hun eerste kind, Susanna, wordt geboren in … het bos.

De tweeling Hamnet en Judith

Na haar volgt de tweeling Hamnet en Judith, die aan elkaar zijn verknocht. Hamnet speelt met haar en met zijn vader. Met hem doet hij zogenaamd aan zwaardvechten, wat een voorafschaduwing is van latere beelden in de film (het zwaardgevecht tussen Hamlet en Laertes in het toneelstuk Hamlet). Net zoals er ook steeds terugkerende frases zijn, zoals ‘The rest is silence’ en ‘To be or not to be’ (leven of dood), allebei citaten uit hetzelfde stuk. En zo citeert ook de componist van de fraaie filmmuziek, Max Richter, zichzelf (bijvoorbeeld met het lied ‘Arrival’) of schrijft stijlcitaten die aan de muziek van Shakespeares tijdgenoot Henry Purcell doen denken. Dat is het fraaie deel van de film.

Inspiratie voor Hamnet en Hamlet

Op een gegeven moment zegt Hamnet tegen zijn moeder: ‘She got it’, waarna Agnes het gezicht van het meisje in close-up naar de camera keert. Het is de toeschouwers duidelijk: zij heeft de pest. Iets wat Hamnet helaas nog eens uit gaat leggen. Een voorbeeld van overbodige zaken in de film; we zien en weten het zo ook wel. Dit voorbeeld betreft overigens een scène die in het boek van O’Farrell niet voorkomt.
Het kruidenvrouwtje in Agnes speelt weer op, wanneer zij de ziekte met huismiddeltjes en rabarber uit de omgeving van het bos probeert te genezen. En zowaar: Judith overleeft, maar Hamnet sterft op elfjarige leeftijd. Twee schitterende rollen overigens, door Olivia Lynes en Jacobi Jupe, leeftijdsgenootjes van Hamnet.

Volgens O’Farrell en Zhao zou Hamlet zijn geïnspireerd door de dood van Hamnet. Dat is inlegkunde, want de realiteit is dat het toneelstuk is gebaseerd op onder anderen Amleth, een prins uit een dertiende-eeuwse Deense legende. Die inlegkunde mag natuurlijk, als je de film maar niet als waargebeurd beschouwt, want dat klopt maar deels.

Natuurlijk, The Globe Theatre in Londen bestond en is weer opgebouwd. Daar speelt de slotscène van de film zich af, waar Agnes vooraan bij het toneel in de zogenaamde Standing Yard de première van Hamlet van haar man bijwoont. De achterwand van het toneel is een afbeelding van een bos. Wéér dat bos, maar nu is het beeld inhoudelijk uitgestegen boven de beginshots. Agnes en William zijn geen kinderen van een (bos)heks, maar twee volwassen mensen die een groot verlies hebben geleden. Ze kijken elkaar aan en begrijpen elkaars diepste verdriet. Ze kunnen samen verder.

Jessie Buckley won recent voor haar rol in Hamnet een Golden Globe Award (What is in a name!) voor beste actrice, terwijl de film ook een Golden Globe won voor beste dramafilm. Of ze dit waard zijn, kan de kijker zelf beoordelen. De film kent in ieder geval ook wat zwakkere elementen en momenten, maar een goede totaalindruk blijft.

Film / Serie

Visueel indrukwekkend epos met barsten in het verhaal

recensie: War of the Kingdoms | Cyrill Boss, Philipp Stennert
oVEZQmzgUu5IoiWBeYHfqGbth9sAgcCFIT0qL0lTCANAL+

Het Duitse epos Hagen leek alles mee te hebben: een budget van meer dan vijftig miljoen euro, een legendarisch verhaal en een internationale cast. Toch flopte de film vorig jaar hard. Met nog geen tweehonderdduizend bezoekers bleef het succes ver uit. Als zesdelige miniserie krijgt het project nu een tweede kans onder de naam War of the Kingdoms, met Gijs Naber wederom als de centrale figuur.

De serie is gebaseerd op het beroemde Nibelungenlied, een middeleeuwse sage die zo invloedrijk is dat zelfs J.R.R. Tolkien zich erdoor liet inspireren. War of the Kingdoms kiest voor een uitgesproken, filmische stijl en zet meteen de toon. Je wordt zonder veel uitleg het verhaal ingetrokken, wat de wereld fascinerend maakt, maar ook verwarrend kan zijn voor wie het verhaal nog niet kent.

Het verhaal

Hagen von Tronje is een soldaat en opperbevelhebber, gedreven door plicht en loyaliteit aan zijn koning en koninkrijk. Achter zijn zwijgzame façade schuilt echter een verboden liefde voor prinses Kriemhild, een gevoel dat hij nooit openlijk kan tonen. Tegelijk draagt hij een onontdekt verleden met zich mee, dat wel littekens heeft achtergelaten.

Wanneer de koning sterft, staat het rijk op instorten. De Hunnen vallen vanuit het oosten binnen, Romeinse legers naderen vanuit het zuiden en de jonge Gunther erft de troon. Zijn vastberadenheid om het koninkrijk te redden leidt hem naar Brunhild, de legendarische Walkurenkoningin met mysterieuze krachten. Om haar hand te winnen heeft hij zowel de hulp nodig van Hagen als van Siegfried, de charismatische drakendoder die voor extra onrust zorgt.

Een productie die indruk maakt

Het enorme budget is op vrijwel elk moment zichtbaar. War of the Kingdoms blinkt uit in indrukwekkende locaties, zorgvuldig ontworpen kostuums en overtuigende mythische wezens. Het camerawerk is dynamisch en filmisch, waardoor de serie soms meer aanvoelt als een grote bioscoopproductie dan als televisie. Dat de film en serie gelijktijdig zijn opgenomen, een unicum in Europa, werpt hier duidelijk zijn vruchten af.

Ook het acteerwerk ligt op hoog niveau. Gijs Naber overtuigt als de getormenteerde Hagen von Tronje, een man die veel voelt, maar weinig zegt. De ontwikkeling van Siegfried (Jannis Niewöhner), die begint als een irritante opschepper en langzaam verandert in een tragisch figuur, is eveneens sterk gespeeld. Opvallend prettig is bovendien de aanwezigheid van meerdere krachtige vrouwenrollen, die meer zijn dan enkel bijfiguren in een mannenepos.

Te veel losse eindjes

Waar de serie visueel excelleert, laat het verhaal steken vallen. In zes afleveringen worden veel verhaallijnen geïntroduceerd, maar niet allemaal bevredigend afgerond. Zo wordt Hagens verleden wel onthuld, maar nauwelijks verbonden aan zijn verdere ontwikkeling als personage. Ook het verhaal rondom de verminkte hand van Gunthers jongere broer voelt afgeraffeld. Het meest frustrerend is misschien wel dat de breuk tussen Siegfried en Brunhild totaal onverklaard blijft.

War of the Kingdoms haalt inhoudelijk niet het niveau van series als Game of Thrones of filmreeksen als The Lord of the Rings. Toch maakt de serie veel goed met zijn visuele kracht, sterke acteerprestaties en ambitieuze opzet. Wie bereid is door narratieve tekortkomingen heen te kijken, krijgt een indrukwekkend en stijlvol epos voorgeschoteld dat ondanks alles de moeite waard is.

De serie is vanaf 25 november 2025 exclusief te streamen bij CANAL+ en vanaf 29 november 2025 wekelijks om 20:30 uur te zien op CANAL+ Action.

Film / Films

Een krachtige aanklacht tegen kindhuwelijken

recensie: Nawi, Dear Future Me | Vallentine Chelluget, Apuu Mourine, Kevin & Tobias Schmutzler | 2024
Nawi_st_1_jpg_sd-highFilmdepot

Dear Future Me, schrijft de dertienjarige Nawi in haar dagboek. Het schrift krijgt ze van haar lerares, die haar ziet als een slim en leergierig meisje met goede cijfers en grote dromen. Schrijf je dromen op en maak ze waar, lijkt de boodschap. Maar in een traditioneel Afrikaans dorp blijkt dromen voor een meisje niet vanzelfsprekend, laat staan realiseerbaar.

‘Niets meer en niets minder.’ Zo omschrijft Nawi haar waarde wanneer ze hoort dat ze wordt uitgehuwelijkt voor zestig schapen, acht kamelen en honderd geiten. In de afgelegen regio Turkana, in het noorden van Kenia, zijn kindhuwelijken officieel verboden, maar in de praktijk nog altijd wijdverbreid. De bruidsschat kan voor arme families het verschil betekenen tussen overleven en verhongeren.

Gedwongen keuzes

Nawi wordt beloofd aan een veel oudere, welgestelde man. Haar vader worstelt met het besluit, maar staat machteloos tegenover de traditie én een schuld bij zijn broer die moet worden afbetaald. Als enige dochter rust op Nawi de verantwoordelijkheid om haar familie te redden. Haar argumenten dat ze met onderwijs later meer kan betekenen, vinden geen gehoor. Het huwelijk wordt voltrokken. Nawi is pas dertien.

Met een slimme smoes weet ze de consumptie van het huwelijk uit te stellen. Wanneer een overstroming het dorp treft, grijpt ze haar kans en slaat ze op de vlucht. Vanaf dat moment wordt de film niet alleen een aanklacht tegen kindhuwelijken, maar ook een verhaal over moed, verzet en zelfbeschikking.

Lokaal verteld, lokaal geworteld

De film is gebaseerd op een kort verhaal van Milcah Cherotich, geschreven voor een nationale verhalenwedstrijd in Kenia. Die lokale oorsprong voel je. Nawi is geen van buitenaf opgelegd drama, maar een verhaal dat van binnenuit wordt verteld door makers die het onderwerp van dichtbij kennen.

Opvallend is het collectieve regisseurschap: vier regisseurs werkten samen aan de film. Onder hen Apuu Mourine, afkomstig uit Turkana, en Vallentine Cheluget uit Kisumu. Voor beiden is dit hun speelfilmdebuut. De Duitse broers Tobias en Kevin Schmutzler maakten eerder al sociaal geëngageerde films en brengen die betrokkenheid hier opnieuw mee.

Goede intenties, wisselende uitvoering

De boodschap van de film is helder en urgent, maar de uitvoering is niet altijd even sterk. Op verschillende momenten verraadt de film zijn beginnende makers. Sommige camerakeuzes suggereren dreiging of actie die vervolgens uitblijft, wat verwarrend werkt en de spanning ondermijnt. Vooral de camerahoeken die gepakt worden, kloppen niet helemaal met het verhaal dat ze willen vertellen.

De toevoeging van de oudere, toekomstige Nawi, passend bij de ondertitel Dear Future Me, is een mooi idee, maar blijft dramaturgisch onderbenut. De lijn wordt niet consequent doorgetrokken, waardoor het concept meer belofte dan uitwerking heeft.

Ook het slot voelt te nadrukkelijk optimistisch. De plotselinge realisatie van Nawi’s droom, verbeeld in een school die letterlijk lijkt te zijn ontsproten aan haar dagboektekeningen, komt geforceerd over. De nuance maakt plaats voor een bijna sprookjesachtig einde.

Indrukwekkend ondanks tekortkomingen

Toch weet Nawi te overtuigen. De weidse landschappen van Turkana zijn adembenemend gefilmd, de muziek is aanstekelijk en Michelle Lemuya Ikeny speelt de rol van Nawi met grote overtuigingskracht en natuurlijke kwetsbaarheid. Haar spel draagt de film.

Nawi is een sympathieke, betrokken film met een belangrijke boodschap, die ondanks zijn oneffenheden weet te raken. Niet voor niets is de film de officiële Keniaanse inzending voor de Oscars van 2025.