Berichten

Boeken / Non-fictie

De kunst van het dagboekschrijven

recensie: Vrouw doet dit, dat – van Sytske Frederika van Koeveringe
Dagboekfotohttps://unsplash.com/photos/I3adKpDNAjM

In Vrouw doet dit, dat – grijpt auteur Sytske van Koeveringe terug op dagboekschrijven wanneer ze de diagnose van borstkanker krijgt. Wat volgt is een waar kunstwerk vol essays, hersenspinsels, een lach en een traan.

Als Sytske van Koeveringe de diagnose borstkanker krijgt, helpt dagboekschrijven haar door die periode heen. Verschillende passages uit die tijd zijn gebundeld in het boek Vrouw doet dit, dat –. Maar het werk is meer dan een verzameling alleen. Het is een kunstwerk dat je door scherpe waarheden laat lachen en aan het denken zet.

Dagboekschrijven

In 2019 krijgt Van Koeveringe de diagnose borstkanker. In die periode pakt ze het dagboekschrijven weer op, iets wat ze in haar kinderjaren ook al veel deed. Denk daarbij niet aan verhalen die beginnen met ‘Lief dagboek’, maar eerder aan essay-achtige gedachtes. Aan de hand van werken van bekende schrijvers als Susan Sontag, Doeschka Meijsing en Mensje van Keulen herontdekt Van Koeveringe de schoonheid van dagboekschrijven.

‘Het is dat kleine. Dat alledaagse. Dat wat er allemaal in je hoofd omgaat maar niet per se boeiend is om te vertellen. Maar óók dat wat zich allemaal om je heen afspeelt, niet per se boeiend is om te benoemen. Of misschien wel boeiend is om te vertellen maar het simpelweg geen ruimte heeft omdat er constant zoveel is om te vertellen terwijl ondertussen alles doordendert.’

In Vrouw doet dit, dat – laat Van Koeveringe haar gedachtes de vrije loop gaan over allerlei onderwerpen die veelal met haar ziekte gepaard gaan. Zo houdt ze een relaas over dat ze veel moet huilen, en zich daar niet voor schaamt. ‘Sowieso dik huilen bij frisse lucht na een slechte nacht slapen (ja toch)’. Ze vertelt uitgebreid over het verliezen van haar haar door de bestralingen en over de angst die ze ervaart, bijvoorbeeld ‘voor verwachtingen, voor het altijd naar meer verlangen, voor teleurstellingen.’

Taal centraal

De essays zitten vol waarheden en rake zinnen die je aan het denken zetten. Die je emoties in korte tijd veranderen van een lach naar bittere ernst. Van Koeveringe heeft het niet alleen over haar ziekte, maar stelt in Vrouw doet dit, dat – ook schrijven en taal centraal. Dat je als schrijver bijvoorbeeld veel teleurstellingen te verwerken krijgt. Indien je een relatie hebt én schrijver bent, betwijfelt Van Koeveringe of het eerste niet ten koste gaat van het tweede. ‘Als ik bij hem zou blijven, zou ik mezelf op de tweede plek zetten. Hij belemmerde me op allerlei vlakken.’

Het meest komische van het hele boek is de quiz die je antwoord geeft op de vraag wat voor een kankerpatiënt jij zou zijn. Op het eerste gezicht niet iets waar je om zou moeten lachen, wel als je de mogelijke meerkeuze antwoorden van Van Koeveringe leest. Zo luidt een van de vragen: ‘Wanneer je goede dagen hebt, loop je een rondje, of lopen? Het is eerder schuiven. Je schuift een blok om. Altijd hetzelfde kleine rondje.’ Of ‘Het viel je eergister op dat er een stokbrood op de hoek van de straat lag, gisteren lag er nog een stokbrood bij, vandaag ligt er óók een bakje hummus naast. Wat doe je?’

Ernst

Is Vrouw doet dit, dat – een komisch boek? Ja. Gaat het ten koste van de ernst van het onderwerp? Zeker niet. Uit dialogen met onder meer haar ouders en scharrels maak je op hoe bekrompen, kort door de bocht en egoïstisch je omgeving kan zijn als je kanker hebt. Zoals deze sms van een ex-scharrel:

Hey, ik ben in het land, zin in bier?

Hey, lijkt me leuk, maar ben ziek dus dat wordt hem niet –

Oh jammer, beterschap!

Haha beterschap, goeie!

Huh? Zeg ik iets verkeerds?

Door het spel met taal, haar openhartige essays en kwetsbare dialogen heeft Van Koeveringe met Vrouw doet dit, dat – een kunstwerk in elkaar gezet, met vele facetten verpakt in een mooie compositie. Het boek zet je aan het denken, is filosofisch en kun je gerust nog eens oppakken en herlezen. Omdat je op zoek bent naar een rake wijsheid, omdat je behoefte hebt aan een lach of een traan, omdat je verrijkt wilt worden. Dan is Vrouw doet dit, dat – het kunstwerk waar je keer op keer rustig voor kunt gaan zitten.

Boeken / Non-fictie

De kunst van het dagboekschrijven

recensie: Vrouw doet dit, dat – van Sytske Frederika van Koeveringe
Dagboekfotohttps://unsplash.com/photos/I3adKpDNAjM

In Vrouw doet dit, dat – grijpt auteur Sytske van Koeveringe terug op dagboekschrijven wanneer ze de diagnose van borstkanker krijgt. Wat volgt is een waar kunstwerk vol essays, hersenspinsels, een lach en een traan.

Als Sytske van Koeveringe de diagnose borstkanker krijgt, helpt dagboekschrijven haar door die periode heen. Verschillende passages uit die tijd zijn gebundeld in het boek Vrouw doet dit, dat –. Maar het werk is meer dan een verzameling alleen. Het is een kunstwerk dat je door scherpe waarheden laat lachen en aan het denken zet.

Dagboekschrijven

In 2019 krijgt Van Koeveringe de diagnose borstkanker. In die periode pakt ze het dagboekschrijven weer op, iets wat ze in haar kinderjaren ook al veel deed. Denk daarbij niet aan verhalen die beginnen met ‘Lief dagboek’, maar eerder aan essay-achtige gedachtes. Aan de hand van werken van bekende schrijvers als Susan Sontag, Doeschka Meijsing en Mensje van Keulen herontdekt Van Koeveringe de schoonheid van dagboekschrijven.

‘Het is dat kleine. Dat alledaagse. Dat wat er allemaal in je hoofd omgaat maar niet per se boeiend is om te vertellen. Maar óók dat wat zich allemaal om je heen afspeelt, niet per se boeiend is om te benoemen. Of misschien wel boeiend is om te vertellen maar het simpelweg geen ruimte heeft omdat er constant zoveel is om te vertellen terwijl ondertussen alles doordendert.’

In Vrouw doet dit, dat – laat Van Koeveringe haar gedachtes de vrije loop gaan over allerlei onderwerpen die veelal met haar ziekte gepaard gaan. Zo houdt ze een relaas over dat ze veel moet huilen, en zich daar niet voor schaamt. ‘Sowieso dik huilen bij frisse lucht na een slechte nacht slapen (ja toch)’. Ze vertelt uitgebreid over het verliezen van haar haar door de bestralingen en over de angst die ze ervaart, bijvoorbeeld ‘voor verwachtingen, voor het altijd naar meer verlangen, voor teleurstellingen.’

Taal centraal

De essays zitten vol waarheden en rake zinnen die je aan het denken zetten. Die je emoties in korte tijd veranderen van een lach naar bittere ernst. Van Koeveringe heeft het niet alleen over haar ziekte, maar stelt in Vrouw doet dit, dat – ook schrijven en taal centraal. Dat je als schrijver bijvoorbeeld veel teleurstellingen te verwerken krijgt. Indien je een relatie hebt én schrijver bent, betwijfelt Van Koeveringe of het eerste niet ten koste gaat van het tweede. ‘Als ik bij hem zou blijven, zou ik mezelf op de tweede plek zetten. Hij belemmerde me op allerlei vlakken.’

Het meest komische van het hele boek is de quiz die je antwoord geeft op de vraag wat voor een kankerpatiënt jij zou zijn. Op het eerste gezicht niet iets waar je om zou moeten lachen, wel als je de mogelijke meerkeuze antwoorden van Van Koeveringe leest. Zo luidt een van de vragen: ‘Wanneer je goede dagen hebt, loop je een rondje, of lopen? Het is eerder schuiven. Je schuift een blok om. Altijd hetzelfde kleine rondje.’ Of ‘Het viel je eergister op dat er een stokbrood op de hoek van de straat lag, gisteren lag er nog een stokbrood bij, vandaag ligt er óók een bakje hummus naast. Wat doe je?’

Ernst

Is Vrouw doet dit, dat – een komisch boek? Ja. Gaat het ten koste van de ernst van het onderwerp? Zeker niet. Uit dialogen met onder meer haar ouders en scharrels maak je op hoe bekrompen, kort door de bocht en egoïstisch je omgeving kan zijn als je kanker hebt. Zoals deze sms van een ex-scharrel:

Hey, ik ben in het land, zin in bier?

Hey, lijkt me leuk, maar ben ziek dus dat wordt hem niet –

Oh jammer, beterschap!

Haha beterschap, goeie!

Huh? Zeg ik iets verkeerds?

Door het spel met taal, haar openhartige essays en kwetsbare dialogen heeft Van Koeveringe met Vrouw doet dit, dat – een kunstwerk in elkaar gezet, met vele facetten verpakt in een mooie compositie. Het boek zet je aan het denken, is filosofisch en kun je gerust nog eens oppakken en herlezen. Omdat je op zoek bent naar een rake wijsheid, omdat je behoefte hebt aan een lach of een traan, omdat je verrijkt wilt worden. Dan is Vrouw doet dit, dat – het kunstwerk waar je keer op keer rustig voor kunt gaan zitten.

Boeken / Non-fictie

De zangeres dicht

recensie: Eva van Manen - Hoe zijn we hier gekomen? (boek) & De diepte in (album)
Joost Festen

We kennen Eva van Manen al van haar album Politiek & Liefde. Nu verschijnt de opvolger De diepte in, maar tevens een dichtbundel van haar hand. Een mooi moment om de veelzijdige artiest extra aandacht te geven voor beide uitingen. Op spreekwoordelijke weegschaal twee kunstuitingen van dezelfde artiest.

Welbeschouwd zijn liedteksten feitelijk poëzie op een melodie en in een voordracht vastgelegd. Gedichten afgedrukt op papier moeten het puur van de kale woorden hebben. Wat dat betreft steekt de muzikant Eva van Manen haar nek uit om te debuteren als dichter. 

Hoe zijn we hier gekomen? 

De dichtbundel Hoe zijn we hier gekomen? is van groot formaat richting A5. Een boek dat opvalt in de boekenkast. De teksten hebben allen min-of-meer dezelfde titel. Alle titels zijn drumbeat met een cijfer erachter van 1 t/m 70. Niet alle cijfers van de reeks zijn aanwezig wat de suggestie wekt dat we niet het complete beeld hebben gekregen. De titel drumbeat heeft natuurlijk een directe link naar de muzikant Van Manen. 

Inhoudelijk is de bundel een relaas van iemand die getroffen wordt door covid-19. Sommige gedichten zijn feitelijk een stijlbreuk, want ze zijn in verhaalvorm. Zoals drumbeat 45 en het daarop volgende drumbeat 47 hebben een heel bijzondere vrije vorm. Een mengeling tussen gedicht en proza met woorden die geheel onleesbaar gemaakt zijn door een zwarte balk. De teksten zijn ingedeeld in de secties zinken, eb en vloed. 

Wie de bundel leest voelt de ziekte die de schrijfster ondergaat en leeft mee. De kwaliteit van de geboden teksten zijn van een wisselend karakter. Vaak zijn ze heel verhalend en ontbreekt de beeldspraak die poëzie zo boeiend kan maken. De gedichten en teksten lezen als het verhaal van een zware periode. 

Van Manen lijkt het mooiste voor het allerlaatst te hebben bewaard. drumbeat 70 is het afsluitende gedicht en bevat de werkelijk prachtige regel: ‘mijn lijf mijn zendtijd’. In het algemeen kunnen we de bundel Hoe zijn we hier gekomen? typeren als een product van de tijd waarin we leven en lezen als het relaas van ziek worden tot de bijna genezing. Makkelijk te lezen maar op de barometer van de dichtkunst scoort Van Manen hier geen hoge punten mee. 

De diepte in 

Het tweede album van Evan van Manen duurt iets meer dan een half uur en telt een tiental composities van eigen hand. Haar debuut album Politiek & Liefde verscheen aan het begin van 2020 en werd te doop gehouden tijdens EuroSonic. We zagen haar destijds live bij Coffee Company. Dat was een tijd dat concerten nog konden plaatsvinden. De hoop dat ze haar debuut daarna op het podium kon vertolken is verdampt in de pandemie die ons nog steeds teistert.
Haar debuutalbum keek vooral naar de buitenwereld zoals Van Manen die waarnam. Met De diepte in maken we kennis met de binnenwereld, het gevoelsleven van Van Manen. Thematisch lijkt er een verbinding te bestaan tussen het album en de dichtbundel Hoe zijn we hier gekomen?  

Muzikaal kunnen we Van Manen een zusje van Spinvis noemen. Ze is multi-instrumentalist, de teksten worden soms op een vergelijkbare manier als Spinvis vertolkt. Teksten hebben een belangrijkere waarde in de muziek dan de melodie, die vaak op De diepte in van een achteloze ondersteuning van de woorden lijkt te zijn. Helaas lijdt dit laatste ertoe dat de liedjes maar moeilijk beklijven. Een positieve uitzondering moeten we hier maken voor het een na laatste liedje van het album. ‘Regenpak’ lijkt met kop en schouders boven de rest van de liedjes uit te steken. Toch kan één liedje het algemene beeld van het album niet redden. De jazzy klanken gelardeerd met elektronische klanken geeft minder voldoening dan we op basis van haar debuut hadden verwacht.  

 

Boeken / Fictie

De serie is compleet

recensie: Jackie van Laren – Herfstrood & Winterzon
rode besjes in de sneeuwhttps://unsplash.com/photos/xuaw6T_iKOk

Enige tijd geleden schreven we hier over Lentegroen, het eerste deel van de Onder de bomen-serie van Jackie van Laren. Inmiddels verschenen de andere drie delen van de serie en is deze compleet. Na het lezen van het eerste en tweede deel gaan we hier dieper in op de twee laatste delen: Herfstrood en Winterzon.

De kunst van een serie-schrijver is om de lezer aan zich te binden. Jackie van Laren weet hoe ze honger naar het volgende deel opwekt en de lezer blijft boeien! Reikhalzend uitzien naar een volgend boek is onderdeel van de leespret. Alle boeken zijn afzonderlijk leesbaar omdat ze steeds een korte weergave geven van wat vooraf is gegaan, maar als kwartet het heerlijkst te verorberen.

Herfstrood

Daar waar Zomerloof zenuwslopend afsloot met een meltdown door overprikkeling van de aan Aspergerlijdende graaf Freek, opent Herfstrood natuurlijk enigszins in verwarring. De prille liefde tussen Sylvie en Freek heeft een moeilijke periode opgelopen. Ties, de dochter van Sylvie, heeft een vriendje die het thuis moeilijk heeft en daarom vaak bij hen in huis is. Jan Willem is een puberende jongen die stevig in de groei is en bij Sylvie en Ties een goed kosthuis heeft gevonden. Een veilige omgeving waar hij de liefde voelt ontluiken tussen hem en Ties. Twee tieners die langzaam maar zeker ontdekken dat twee geslachten elkaar gaan vinden.

Sylvie worstelt met de liefde tussen haar en Freek. Freek die last heeft van zijn Asperger-aandoening is onhandig in relaties en vooral heel onzeker in de liefde die hij absoluut en onvoorwaardelijk voelt voor Sylvie. Vermakelijke verwikkelingen tussen volwassenen op een niveau dat je niet verwacht. Leerzaam voor iedereen die geen besef heeft van autisme en Asperger. Vermakelijk leesvoer waarbij de spanning oploopt in de relatie en de misdaad in de nabije omgeving de kop op steekt. Een oude liefde van Sylvie die tevens roet in het eten dreigt te gooien, terwijl de tortelduifjes om elkaar heen draaien. Deze atypische wending voor een kasteelroman maakt het juist spannend. Een tienerdochter die ad rem genoeg is om uit te spreken dat ze niet kan wachten tot ze weer gaan seksen. Dat is volgens Ties dé sleutel tot een normale situatie in huis.

Ondanks dat Herfstrood net als de twee eerdere delen vooral een feelgoodroman is, blijft Van Laren voldoende spanning in het verhaal stoppen zodat je alsmaar wilt doorlezen. Het is zo erg dat je bijna niet kan wachten tot het volgende deel in de schappen ligt. Een cliffhanger biedt deel drie niet, en toch wil je het verhaal verder lezen. Fraai ontspannen leeswerk dat geschreven is in een taal die je doet hongeren naar de volgende bladzijde.

Winterzon

Het vierde en laatste deel van de Onder de bomen-serie diende zich netjes op tijd aan voor de winter van 2021. Dat het gepaard gaat met het gevoel dat dit het laatste deel is en dat daarna de koek dus op zal zijn, geeft een dubbel gevoel. De lezer die reikhalzend uitkeek naar het afsluitende deel wordt door Van Laren ruimschoots beloond. Winterzon heeft alle elementen in zich die het lezen aangenaam maakt. Een flinke scheut spanning, zelfs een vleugje angst en dat allemaal gelardeerd met voldoende ontluikende liefde. Dat naast een vondst van een som geld, ook een erfenis van de adellijke familietak spanningen meebrengt, is een welkome afwisseling.

De familieontwikkelingen van een jong gezin worden vermengd met moeilijke omstandigheden tussen mensen in het dorp. Dorpelingen worden soms met een klein gemikt zetje in de goede richting geduwd, waardoor complexe situaties kunnen uitmonden in eenvoudige positieve veranderingen in hun liefdesrelaties. Van Laren weet een fraaie dwarsdoorsnede van de dorpsgemeenschap te betrekken in het verhaal. Hierdoor verbinden Sylvie en Freek zich aan velen en sturen aan op een groots einde waar de nodige spanning vanaf spettert. De lezer wil niets liever dan geboeid blijven doorlezen terwijl de pagina’s als seconden van een jaar voorbij tikken. Het verhaal eindigt op een dusdanige manier dat het een open einde lijkt, terwijl het toch ook een slot kan zijn. Sylvie en Freek hebben elkaar gevonden in een evenwicht dat een verbintenis logisch maakt, maar hoe zal dat gaan in zo’n huwelijk?

De Onder de bomen-serie als geheel

Jackie van Laren sluit haar Onder de bomen-serie af met een kleine inkijk in hoe de vier boeken tot stand kwamen. Ze bedankt een aantal mensen die een rol speelden bij het schrijven en verrichtte onderzoek naar autisme en Asperger.

Wie op zoek is naar makkelijk leesbare boeken met een hoog feelgoodgehalte en daarnaast houdt van (romantische) spanning heeft aan deze serie een flink aantal uren leesplezier. De schrijfstijl van Van Laren is prettig en het taalgebruik eigentijds. De situaties zijn alle zeer realistisch en de personages treffend getypeerd.

Voor iedereen die genoten heeft van het verhaal, zou na de laatste bladzijde wel het gevoel van leegte kunnen ontstaan. Een gevoel van: welke serie kan dit gat nu gaan opvullen? Of misschien het gevoel van: doe nu maar iets voedzamers!

Boeken / Fictie

Het ouderschap afgedwongen

recensie: De Mitsukoshi Troostbaby Company - Auke Hulst

Auteurs omschrijven hun romans wel vaker als ‘hun kindjes’, maar De Mitsukoshi Troostbaby Company moet wel dé roman zijn waarvoor dit het meeste opgaat. Auke Hulst heeft hiermee een meesterlijke sci-fi roman afgeleverd over het verlies van een ongeborene.

Alleen al de naam van de hoofdpersoon (Auke van der Hulst), zijn beroep (schrijver) en zijn afkomst (Groningen) doen de ruimte tussen roman en echte wereld verkleinen. In een nabije toekomst wordt roman-Auke getormenteerd door het verlies van zijn ongeboren kind; zijn ex-vriendin Mila laat het na weken van twijfel weghalen. Wanneer hij er dan ook nog achterkomt dat Mila niet veel later opnieuw zwanger raakt en ditmaal het kind wél besluit te houden, gaat Auke over tot een onorthodoxe oplossing. Hij reist af naar Japan om daar uit genetisch materiaal een niet van echt te onderscheiden robotkind te laten vervaardigen.

Droste-effect

Het meisje, door Auke tot Scottie Valentine gedoopt, doet hem weer wat opleven. Het vergt weinig moeite om te vergeten wat Scottie werkelijk is. Ontroerend en overtuigend is hun dynamiek. Hij kookt graag ‘ratjetoe’ met haar, hun eigen variant op ‘ratatouille’. In de ogen van Auke groeit ze veel te snel op, ook al verandert haar verschijning niet. Eindelijk komt Auke ook weer aan schrijven toe. Zijn uitgever verwacht van hem zowel zijn nieuwe sciencefictionroman De lasso van de tijd als een ‘Privé-domein-achtige uitgave’ (de echte Privédomeinreeks is uiteraard al lang gestaakt), waarin hij verslag doet van zijn dagelijks leven om de ietwat aan relevantie inboetende schrijver opnieuw in de kijker te zetten.

De Mitshikosu Troostbaby company bestaat uit de manuscripten van beide werken en deze wisselen elkaar in flinke delen af. De Privé-domein-achtige uitgave handelt vooral over Aukes geschiedenis met Mila en zijn leven als vader van Scottie. De lasso van de tijd is een vervormde verwerking van dezelfde tragedie. Niet Auke en Mila maar Kaj en Sam zien hun liefde bekoelen in het broeierige Myanmar. Ook Sam raakt op de valreep zwanger, om deze zwangerschap vervolgens in de kiem te smoren.

Gestileerde sci-fi

Hulsts omgang met het sci-fi genre is verfrissend. Geen ellenlange beschrijvingen van futuristische werelden. Slechts mondjesmaat komen we meer te weten over Nederland anno 2032: zoals dat een deel van Groningen – de zogeheten ‘Zone’–  door alle gasboringen bijvoorbeeld geëvacueerd is en tot verboden terrein is verklaard. De FvD-achtige ‘Partij’ is aan de macht, maar toch is De Mitshikosu Troostbaby company geen dystopische roman. Op de voorgrond staat Auke, die dermate gepreoccupeerd is met zijn verleden dat al het andere bijzaak is.

De manuscripten worden op ingenieuze wijze met elkaar verstrengeld, twee variaties op exact hetzelfde thema. Maar in De lasso van de tijd pakt Auke zijn misgelopen vaderschap anders aan. Vergevorderde technische ontwikkelingen staan hem toe tijdreizen te maken en in te grijpen op cruciale momenten in zijn relatie. Wat volgt, is een schijnbaar eindeloze ontketening van verhaallijnen die vagelijk doen denken aan een film van Christopher Nolan. Auke raakt verstrikt in een web dat hijzelf én de Aukes uit alle andere tijdlijnen zelf creëren. Met De Mitshikosu Troostbaby company heeft Hulst vooralsnog zijn magnum opus te pakken.

Boeken / Non-fictie

Eigen universum

recensie: Waarheidszoekers - Cees Zweistra

In Waarheidszoekers analyseert filosoof Cees Zweistra minutieus het hedendaagse complotdenken. Hij betoogt dat er een breuk is met het ‘klassieke complotdenken’, dat deze sterk samenhangt met de opkomst van digitale technologieën én dat dit ons zorgen zou moeten baren.

Zweistra promoveerde in 2019 op een proefschrift over de invloed van digitale technologie op het menselijke leven. In 2021 bracht hij maar liefst twee boeken uit. Zijn debuut, Verkeerd verbonden, beschrijft hoe sociale media ons niet méér, maar juist mínder verbonden maken. Waarheidszoekers kan gelezen worden als een vervolg op Zweistra’s eerdere werk. In dit boek laat hij zien op welke manier complotdenken een gevolg kan zijn van een wereld waarin de mens steeds meer online en individueel en steeds minder offline en gezamenlijk leeft.

Complotten

Waarheidszoekers begint onderzoekend. Zweistra beschrijft bijeenkomsten die hij bijwoont van hedendaagse complotdenkers. Daar ontmoet hij mensen die er uiteenlopende visies op de werkelijkheid op na houden. De meesten zijn het erover eens dat de MSM (Main Stream Media) geen nieuwsgaarders zijn, maar bedrijven die worden aangestuurd door de Illuminati om ons mak en volgzaam te houden.

Hoofdrollen in veel van de theorieën over de werkelijkheid die Zweistra krijgt te horen zijn weggelegd voor De Rothschilds, George Soros en Bill Gates. Zij hebben iets te maken met the New World Order en Agenda 21. Verder gaat het over babybloed drinkende pedofiele wereldleiders, een platte aarde én over drankjes om je immuunsysteem te boosten.

Het precieze verhaal verschilt van persoon tot persoon, maar dat lijkt niet het allerbelangrijkste. Zo is het complotdenken van nu verworden tot: ‘een anarchistische smeltkroes waar commercie, spiritualiteit en kritisch vragen zonder probleem kunnen samenkomen. De enige test die moet worden doorstaan is van het individu en diens particuliere logica.’

Begrijpen

Zweistra neemt je mee door de geschiedenis van het wetenschappelijke onderzoek naar complotdenken. Doel van Waarheidszoekers is het hedendaagse complotdenken te begrijpen en niet te debunken door diep op de inhoud in te gaan. Zweistra onderzoekt het complotdenken als een fenomeen dat ons iets vertelt over onze tijd en de manier waarop we leven. Zo trekt hij het complotdenken in een filosofische discussie.

Klassiek- en hedendaags complotdenken

Volgens Zweistra verschilt het hedendaagse complotdenken van het klassieke complotdenken zoals dat steeds door wetenschappers is onderzocht en gedefinieerd. In de klassieke visie wordt de complotdenker gezien als een ontspoord individu dat met feiten en logische redeneringen weer op het rechte pad gezet kan worden. Deze visie is niet voldoende om het hedendaagse complotdenken te begrijpen.

Een voorbeeld van het klassieke complotdenken is de theorie dat de aanslagen op de Twin Towers op 9/11 een inside job was. De aanhangers van deze theorie, truthers geheten, geloven in een alternatief verhaal rondom deze gebeurtenis. Op basis van alternatieve feiten bevestigen ze de waarheid van dat verhaal.

Het hedendaagse complotdenken verschilt hier radicaal van. Meestal is het juist géén theorie, is er geen verhaal en zijn er geen alternatieve feiten. Het ‘verhaal’ dat wordt verteld biedt geen uitleg over een gebeurtenis, het verklaart niets. Het is een monologisch zenden en vragen stellen, maar er wordt geen theorie opgesteld. Denk aan topmodel en influencer Doutzen Kroes die ‘zo veel vragen’ had. Dit just asking questions heeft ook tot gevolg dat mensen zich niet meer verantwoordelijk voelen voor wat ze insinueren. Je stelt namelijk niks, je stelt je alleen kritisch op, dat is toch voldoende? Ook in die neiging om ‘slechts vragen te stellen’ zie je hoe het hedendaagse complotdenken weggaat van de inhoud. Met iemand die slechts vragen opgooit en geen antwoord geeft kun je niet in discussie.

De link met onze technologische omgeving is hierbij van belang, stelt Zweistra. We kunnen op internet van alles roepen, zonder écht in gesprek te gaan en zelfs zonder achter ons standpunt te gaan staan. Je hoeft niet te gaan staan voor wat je naar voren brengt, je bent slechts een vraagsteller die een balletje opgooit.

Inhoudsloos

Bij het hedendaagse complotdenken gaat het dus niet zozeer om de inhoud. Er is geen theorie en er zijn geen alternatieve feiten die deze theorie bewijzen. Dat maakt ook dat debunken geen enkele zin heeft, of zelfs onmogelijk is.

Hoe kunnen we het hedendaagse complotdenken dan wel zien? Volgens Zweistra als een ‘gemeenschap waar individuen samenkomen met eigen waarheden.’ Binnen deze ruimte, die door de moderne technologieën enorm is vergroot, wordt het niet alleen mogelijk om je eigen waarheid te hebben, maar belangrijker nog, om je eigen (online) wereld te creëren. In die wereld hoef je niet langer in gesprek met je medemensen die een andere visie hebben om zo samen tot een consensus te komen, omdat er nou eenmaal maar één werkelijkheid is waarin je moet samenleven.

De hedendaagse complotdenker snijdt zich los uit die gemeenschappelijke werkelijkheid, waar hij niet langer onderdeel van wil zijn. Vervolgens vormt hij zijn eigen werkelijkheid om zich zo weer thuis te voelen in de (zijn eigen) wereld. ‘Het complotdenken van vandaag heeft niets of bijna niets te maken met het onthullen van complotten en reële problemen. De complotdenker spreekt niemand tegen, want hij relateert tot niemand.’

Zonder verbinding

Wat kunnen we leren van de constatering van het hedendaagse complotdenken? Dat het mogelijk is om in onze huidige samenleving zonder verbinding in onze eigen werkelijkheid te leven. Dat zegt iets over onze samenleving. Zweistra vergelijkt de hedendaagse complotdenker met de Romeinse keizer Caligula uit het toneelstuk van Albert Camus uit 1938. Caligula wil de werkelijkheid niet omarmen, maar veranderen. Precies dat wil de hedendaagse complotdenker ook, en kán hij ook, in de onbegrensde ruimte van de moderne technologie.

‘Onlife’ leven

Zweistra’s nadruk op de rol die moderne technologieën spelen in het steeds verder verindividualiseren van de samenleving doet soms wat conservatief aan. Toch is dat niet hoe hij het lijkt te bedoelen, blijkt aan het eind van zijn boek. Daar geeft Zweistra een betoog voor meer regulering van onze technologie zodat ze ons juist meer verbonden en minder losgezongen kan maken. Technologie is niet de reden van het hedendaagse complotdenken, maar de manier waarop technologie vandaag de dag tot onze beschikking staat (en slechts wordt gereguleerd door de techbedrijven die er geld aan verdienen) maakt het wel mogelijk.

Door een andere, meer gereguleerde vorm van technologie kunnen we zowel online als ‘in de wereld’ leven, waarbij de relatie daartussen juist wordt vergroot. ‘We zouden onlife moeten leven, in de zin dat we met technologie een wereld bouwen die op aarde is.’

Waarheidszoekers is een gedegen en echt filosofisch onderzoek naar het fenomeen complotdenken én naar onze huidige tijd, waarin een nieuwe vorm van complotdenken mogelijk wordt. Zweistra is goed ingelezen, legt helder uit én komt met een interessante nieuwe invalshoek. Het boek is rijk aan informatie maar wordt nergens saai. Waarheidszoekers is een mooie toevoeging aan het denken over complotdenken en een goed startpunt voor een meer filosofische kijk op dit fenomeen.

Boeken / Fictie

Bridgerton is er niets bij

recensie: Het familiegeheim van Florence Grace – Tracy Rees
Bron: Richard Norris via Pixabay

Ze mag dan nog niet zo lang schrijven, maar Tracy Rees weet haar lezeressen (en eventuele lezers) wel in te palmen met haar romans over heldhaftige jongedames. Tenminste, voor de liefhebber van het genre ‘onrealistische, overgedramatiseerde bouquetroman, maar dan goed geschreven’, is haar nieuwe boek Het familiegeheim van Florence Grace één groot feest.

Een allerzieligst weesmeisje

Het is niet de eerste roman – en het zal ook zeker niet de laatste zijn – waarin Tracy Rees de lezer eerst laatst kennismaken met een zielig hoofdpersonage. Het devies lijkt: hoe zieliger, hoe beter. De protagonist lijkt ook almaar sneuer te worden: waar personage Nora in Mijn zomers aan zee (2018) enkel een eenzame single is en Josie Westgate uit Het geheim van Silvermoor (2021) een verwaarloosd kindje dat tenminste ouders heeft, spant hoofdpersonage Florence Buckley uit Trees’ nieuwste roman toch écht wel de kroon. Dit weesmeisje verliest op jonge leeftijd beide ouders. Omdat haar vader een zeeman is, wordt ze opgevoed door haar oma, die ook al vrij vroeg in het boek het loodje legt. Degene die Florence – liefkozend ‘Florrie’ genoemd door iedereen in het dorp Braggenstones – echt veel kennis bijbrengt, is Oude Rilla. Een soort van kruidenvrouwtje, dat allerlei visioenen heeft over de inwoners van het dorp. Lang hoeven we niet met Florrie mee te leven, want de verlossing dient zich al snel aan. Als haar oma ongeneeslijk ziek blijkt, wil ze nog één groot geheim delen met Florrie. Florence’ moeder, Elizabeth Wade, blijkt een ware ‘Grace’ te zijn en behoort tot een adellijke familie. Een familie die haar niet al te graag wil omarmen, maar Florrie toch opneemt in de familie na de dood van haar oma.

Nieuwe familieleden

Op een dag staat Florrie’s nicht Annis voor de deur om haar op te halen. En zo begint Florrie, in het jaar 1850, aan haar nieuwe leven en verruilt ze Braggenstones, dat naast Truro in het graafschap Cornwall ligt, voor Londen. Daar maakt ze kennis met haar ‘nieuwe familieleden’: haar verwaande, trotse tante Dinah, naïeve nicht Judith, krankzinnige nicht Calantha, goedhartige oom Irwin, mopperkonterige opa Hawker en twee ontzettend knappe neven Turlington en Sanderson. Samen wonen ze in het groteske ‘Helicon’: een grote, witgepleisterde villa in de buurt van Belgravia Square. Vanaf hier is de vergelijking met hitserie Bridgerton (van Netflix) snel gemaakt: Florrie wordt – net zoals Daphne Bridgerton uit de gelijknamige serie – klaargestoomd door haar tante om zich aan de ‘bon ton’ – de upper class society van Londen – te kunnen showen. Een klein probleempje: Florrie is stronteigenwijs en houdt er een eigen willetje op na. Haar tante Dinah pakt haar daarom meteen goed aan en sluit Florrie op in een kleine ruimte naast de zolder (ter illustratie: Harry Potter in zijn bezemkast is er niets bij). De enige die voor Florrie’s belangen opkomt, is de door haar familie ‘knettergek’ genoemde Calantha. Helaas willen de Graces Calantha in een gekkenhuis stoppen en als Calantha hier lucht van krijgt, peert ze ‘m snel. Als Florrie haar boetedoening heeft gedaan en naar de regels en wetten van haar tante begint te leven, verwordt ze langzaam tot een beeldschone, welopgevoede jongedame. Dat ze zó’n schoonheid is, valt vooral haar neef Turlington op en hij begint avances te maken. Een prille, incestueuze relatie: heeft zo’n vorm van liefde enige bestaansrecht?

Onrealistisch doch romantisch

Hoe ongepast haar gevoelens ook zijn, Florence spreekt ze heel nadrukkelijk uit. Tenminste, richting de lezer. Er is sprake van een ‘vertellende ik’, een ik-verteller die terugblikt op haar leven. Ze vertelt hoe Turlington en zij om elkaar heen dansten, hoe ze vriendschap sloot met het winkelmeisje, hoe haar beste vrienden het huwelijksbootje in stapten en over nog vele andere futiliteiten. Het feit dat Turlington en Florence neef en nicht van elkaar zijn, maakt dat je nooit helemaal staat te springen om de gelukzalige momenten die ze met elkaar beleven. Het is net te… tja, hoe zeg je dat: not done? De dialogen werken soms ook niet mee. Soms converseren de twee geliefden zo poeslief met elkaar (‘Lieveling dit’, ‘Lieveling dat’), dat je niets anders kunt doen dan met je ogen rollen. Hoe onrealistisch het verhaal ook doordendert, de schrijfstijl van Rees is goed en lijkt almaar beter te worden. Ze kan alles op een prachtige manier beschrijven. Mocht de inhoud je tegenstaan, dan kun je aldus nog altijd genieten van de schrijfstijl. Het jammere is dat het verhaal op een gegeven moment een beetje ‘klaar’ is. Op een gegeven moment is het helder hoe het verhaal gaat eindigen. Toch is en blijft het een volwaardige roman, die met veel luister zal worden ontvangen door zij die Jane Austens boeken als zoete koek slikken.

Boeken / Fictie

De teloorgang van het domste dorp van België

recensie: Walter van den Broeck - Crossroads

Je geboortedorp heeft altijd een bijzondere plek in je hart. Dat geldt ook voor Walter van den Broeck, die in zijn boek Crossroads nog één keer terugkeert naar het Belgische Olen, de stad van zijn oorsprong. De Vlaming schrijft met humor, maar krijgt de lachers onvoldoende op zijn hand.

Olen is het domste dorp van België. Schrijver Walter van den Broeck is er zelf geboren en getogen, dus hij kan het weten. In Crossroads neemt hij de lezer mee terug naar zijn geboorteplaats. Op humoristische wijze ontvouwt zich in de novelle de historie van het kleine Vlaamse dorp, maar het verhaal beklijft niet.

De parking

Van den Broeck vangt Crossroads aan met een beknopte geschiedenis van België. De auteur zet uiteen hoe het land tot stand komt en lange tijd fungeert als een bufferstaatje bestaande uit stadsstaatjes. De auteur schrijft met humor. Hij stelt onder meer dat de Antwerpenaar bekend staat om zijn eigendunk en ‘vindt dat de nulmeridiaan lijnrecht door zijn reet loopt. De rest van de provincie, de Kempen, noemt hij schamper “de parking”.’ Deze komische schrijfstijl wakkert in het eerste hoofdstuk een zeker enthousiasme aan en smaakt naar meer.

Langzaam zoomt Van den Broeck in op het dorpje Olen. Een plaats die samenhangt van enkele gehuchten. Hij vertelt onder meer hoe de spoorlijn die door het dorp loopt, de plaats in tweeën splitst en daardoor indirect twee kampen creëert. Hier leg je de eerste link met de titel Crossroads in de letterlijke vorm van een kruispunt. Op symbolisch niveau kan het kruispunt refereren aan de diverse mensen die je in een mensenleven tegenkomt. Later in het verhaal blijkt dat Olen ook een kroeg heeft die Crossroads heet.

Nooit trouwen

Rondom het spoor concentreren zich enkele stationscafés. Eén daarvan, In de Kroon, speelt de hoofdrol in het boek. Jos Boeckx is eigenaar van het café, dat hij zelf in 1931 opent. Jos trouwt met Irma en samen krijgen ze drie kinderen: Gust, Jen en Maria. Negen jaar later verongelukt Jos. Moeder Irma moet alleen het café draaiende houden. ‘Van trouwen kan geen sprake zijn, er moet hier gewerkt worden’, zegt ze tegen haar kinderen.

En zo geschiedt. Gust gaat buiten de deur werken, Jen neemt het café over en Maria gaat aan de slag als kleuterleidster. Aan de hand van de levensloop van Jen en Maria vertelt Van den Broeck hoe een dorpje in de loop der jaren verandert. Hoe inwoners uit het dorp vertrekken en steeds minder vaak een bezoek brengen aan hun geboortegrond. Hoe er nieuwe cafés rond het station geopend worden en weer sluiten. Ook de invoering van het btw-systeem en de euro passeren de revue. ‘Zo verandert de wereld, een stad, je geboortedorp, de munt waarmee je betaalt, de wijze waarop je je belastingen betaalt’, schrijft hij.

Dorpsgewoonten

In 2001 sluiten Jen en Maria de kroeg en gaan ze boven het café wonen. Het café wordt niet verhuurd of verkocht. En zoals dat gaat in een dorp, maken omwonenden zich op een gegeven moment zorgen. De twee zussen worden steeds minder in het openbaar gezien. Als op een donderdagmiddag de postbode bij het huis stopt, puilt de brievenbus uit. Het is niets voor Jen en Maria…

Hoewel Van den Broeck zelf een Olenaar is, drukt hij de lezer aan het begin op het hart dat alle figuren in het boek romanpersonages zijn, hijzelf inbegrepen. Als je googelt op de kroegen in Olen kom je het verhaal van Jen en Maria in café In de Kroon echter tegen. De gelijkenissen met het verhaal van Van den Broeck zijn zo groot en dat maakt de fictieve verhaallijn twijfelachtig is.

Doordat het boek ruim honderd pagina’s telt, is de verhaallijn beknopt en blijven de personages vlak. Het zorgt ervoor dat het boek niet beklijft. Van den Broeck weet de veranderingen in het dorp echter wel mooi en met humor te beschrijven. Die geestigheid van het eerste hoofdstuk weet hij alleen onvoldoende vast te houden in de rest van het boek, waardoor Van den Broeck de lezer niet genoeg mee weet te krijgen.

Boeken / Non-fictie

Vrijheid tegen wil en dank

recensie: Lale Gül – Ik ga leven
Vrijheid tegen wil en dankShamsher Ali Khan Niazi via Pixabay

Intussen heeft schrijfster Lale Gül met haar debuut Ik ga leven de NS Publieksprijs in ontvangst mogen nemen. Verdiend? Méér dan terecht. Haar openhartige relaas over opgroeien in een streng islamitisch gezin is tot de laatste letter zeer beklemmend doch erg ontroerend.  

Big Brother is watching you

Wie herinnert zich zijn eerste geliefde niet? O, het geluk om samen hand in hand te mogen flaneren in het stadscentrum, zwijmelend samen oog in oog staan voor menige winkelruit. Of achterop de fiets springen bij een ander, samen op zoek naar een nieuw avontuur. Ook Büsra – Güls alter ego – wordt verliefd. Smoorverliefd op haar Haagse Freek. In zijn armen voelt Büsra zich geborgen. Maar ook veilig? Dat nooit. Büsra is immers een moslima en de islamitische leer wordt thuis met strenge hand nageleefd. Vooral Büsra’s moeder – die de kwade bijnamen ‘Karbonkel’ en ‘Droogstoppel’ krijgt toegedicht door Büsra – houdt haar dochter streng in de gaten. Iedere stap die Büsra zet, wordt als een potentiële misstap gezien. Alsof dat nog niet genoeg is, heeft Büsra ook letterlijk een ‘Big Brother’ die op haar let: Halil, die zoveel meer mag dan Büsra zelf: 

“Moeder vindt het ook niet erg dat Halil een vriendin heeft, maar als ze het van mij wist, werd ik tot appelmoes gemept, verstoten, op straat gezet, naar Turkije gestuurd of God weet wat meer. En als je ze wees op hun hypocrisie was er altijd wel een moreel excuus voorhanden om ze te ontslaan van de plicht te handelen volgens hun eigen morele eisen.” – pagina 71 

Naast een ‘Vader’ en ‘Moeder’ (consequent aangeduid met een hoofdletter, zonder een échte naam prijs te geven), heeft Büsra nog een ‘Oma’, een schare aan bemoeizuchtige tantes en een zusje: Defne (wier ogen ze graag wil openen). Haar Oma is een stuk coulanter dan haar ouders. Maar goed ook dat Büsra – vanwege de krapte in haar ouders huis – bij haar Oma mag intrekken: 

“In de bajes hebben ze meer leefruimte dan bij ons thuis.” – pagina 48 

Schijnleven

In de veilige haven van haar Oma’s huis begint Büsra steeds meer kleine stukjes vrijheid te claimen en zorgt ze ervoor dat haar Oma haar levenslust herwint. Naast haar studie Nederlands, besteedt Büsra haar tijd en energie in haar bijbaan in een restaurant en bij de Albert Heijn én in haar vriend Freek. Diens ouders staan in eerste instantie niet te springen om hun gehoofddoekte schoondochter, maar als Büsra op een dag bijna stikt en haar schoonvader haar redt, ontstaat er een magische, onbreekbare band tussen hen twee. Büsra gaat gebukt onder haar dubbele identiteit en het schijnleven dat ze angstvallig verborgen houdt voor haar ouders. ‘Chronisch moe’ wordt ze van de vele rollen die ze iedere dag weer moet spelen: die van de ‘ideale dochter, kleindochter, vriendin en zus’. Ze ziet de vriendschappen die ze heeft, langzaam ‘’verdampen’. Haar ouders zouden een hartverzakking krijgen als ze te weten zouden komen dat hun rebellerende dochter zich zou toegeven aan zina: buitenechtelijk seksueel contact. Constant hebben haar ouders vermoedens over het onzedelijke leven van hun dochter. Als Büsra één keer te laat thuiskomt – dat wil zeggen rond elf uur in de avond – wordt ze meteen om de oren geslagen door haar vader. Die heeft intussen al lang en breed gecheckt hoelaat haar dienst bij de AH eindigde. Vanaf dat moment willen haar ouders zowel haar studie- als werkrooster zien.  

Het temperament van Multatuli

Gül laat heden en verleden met elkaar vervlechten om te laten zien in wat voor hardvochtige wereld ze opgroeit. Telkens blijft de spanning in de lucht hangen: lukt het haar alter ego Büsra om te kiezen voor het leven dat ze wil leiden en komt ze ooit onder het juk van haar ouders vandaan? Wie de hele mediahype niet heeft meegekregen omtrent dit boek, zal tot de laatste letter van dit boek zijn of haar adem inhouden. Je leeft intens mee met deze intelligente, jonge vrouw, die in zo’n schril contrast staat met de cultuur die haar wordt opgedrongen. Ze schiet ver door in haar kritiek, voornamelijk wat betreft haar moeder. Haar Moeder – ‘Karbonkel’ – heeft haar letterlijk vele oorvegen gegeven en met dit boek geeft Gül haar moeder talloze, hetzij figuurlijke, oorvegen terug. Het is niet voor niks dat Gül haar moeder vergelijkt met Multatuli’s Droogstoppel. In de roman Max Havelaar (1860) is deze figuur één van de vertellers, die staat voor de Hollandse koopman uit die tijd die enkel handelt vanuit zijn eigen, egoïstische ambities en bekrompen ideologie. Een treffende vergelijking, zo lijkt. Ook de imam krijgt een kritische bijnaam: imam Wawelaar, naar de dominee uit Max Havelaar. Die dominee predikte dat de Javanen destijds heidenen waren en ook Büsra’s moeder haalt maar liefst de godsvruchtige woorden aan van haar geliefde imam, die andersgelovigen of niet-gelovigen hekelt. 

Pretentieuze schrijverij

Een aspect dat bijna onderbelicht zou blijven, maar ondanks de anti-agenda van Gül opvallend is, is het feit dat dit boek is opgetekend door een student Nederlands aan de VU. Vanaf pagina één slaat Gül je om de oren met chique woorden, waarvan je bijna niet gelooft dat ze bestaan. Zou ze bewust hebben gekozen voor deze archaïsche woorden om haar lezer te imponeren? En talloze verwijzingen maken naar klassiekers uit de Nederlandse literatuur om te laten zien hoe eigen ze zich de Nederlandse cultuur heeft gemaakt – en wellicht zelfs meer omarmd dan die van haar voorvaderen (de Turkse)? Als lezer voel je je bijna nietig bij het lezen van de duizelingwekkende, complex geformuleerde zinnen van Gül, die met veel omwegen iets duidelijk probeert te maken. Voor een pagina of vijf is het te doen, maar na een tijdje begint deze haast ‘pretentieuze’ stijl je te irriteren. De schrijfstijl staat je als lezer namelijk in de weg: je komt totaal niet vlot door het boek heen. En ook komen de dialogen niet realistisch over: niet alleen Gül, maar ook haar ouders en vrienden bedienen zich van de taal die Gül bezigt. Ook staat het boek vol met gevloek en getier en met passages waarin heel open en (letterlijk) bloot wordt prijsgegeven hoe een hete vrijpartij eraan toe gaat. Toegankelijk voor de middelbare scholier? Op het randje. Hoezeer de schrijfstijl je ook tegen kan staan, het neemt niet weg dat dit een gelaagd boek is. Het geeft een kijkje in de belevingswereld van een jonge moslima die zich niet alleen los wil rukken van haar familie, maar ook van haar religie en daarmee in zekere zin ook haar wortels. Dat verdient het welverdiende applaus dat ze al van menigeen kreeg.  

Film / Achtergrond
special: The best of 2021 volgens de filmredactie
Mads Mikkelsen drinkt champagne in Another RoundHenrik Ohsten

De Favoriete Films & Series van 2021

De eerste vijf maanden van dit jaar bleven de bioscopen potdicht. En ook de laatste twee weken van 2021 werd de weg naar de bioscoop geblokkeerd. Op The Matrix Resurrections en Paul Thomas Anderson’s (naar verluidt nieuwe meesterwerk) Licorice Pizza moeten we dus nog even wachten. Maar gelukkig zijn er dit jaar heel wat films wél uitgekomen! Van een spectaculair einde in de 25ste Bondfilm No Time To Die tot het einde van de wereld in Adam McKay’s Don’t Look Up. En daarnaast was er met al die lockdowns natuurlijk genoeg tijd om series te bingen…

Op de filmredactie van 8WEEKLY had ieder zo zijn eigen favorieten. Welke dat zijn lees je hieronder en wie weet doe je zo nieuwe kijkinspiratie op!

Don’t Look Up (Adam McKay)

Feline van Vliet: In Don’t Look Up ontdekt PhD kandidaat Kate (Jennifer Lawrence) een komeet die de mensheid met uitsterven kan bedreigen. Het is aan haar en Professor Mindy (Leonardo DiCaprio) om de mensheid te overtuigen van het gevaar van de komeet. Don’t Look Up onderstreept hierbij de verdeeldheid tussen mensen in kritieke situaties, en doet heel erg denken aan de maatschappelijke problemen die zijn ontstaan rond informatie omtrent het coronavirus. Regisseur Mckay zei dat Don’t Look Up is ontstaan omdat hij een film wilde maken over ‘hoe het voelt om te leven in deze tijd’.

TOP FILMS
1: Don’t Look Up                               
2: Ballad of The White Cow           
3: Dune                                               
4: The White Tiger
5: Spencer

TOP SERIES
1: Shadow and Bone
2: Squid Game
3: The Night Stalker

The Last Duel (Ridley Scott)

Sander De Beule: De film The Last Duel, van de befaamde regisseur Ridley Scott, vertelt het verhaal van het laatste proces door middel van een duel in het 14e-eeuwse Frankrijk. Het drievoudig verhaalperspectief zorgt voor een originele noot, maar het is vooral het plot dat mij zo aansprak aan de film. Marguerite de Carrouges (Jodie Comer) doorbreekt even de patriarchale machtsverhouding in het middeleeuwse Frankrijk door, samen met haar man Sir Jean de Carrouges (Matt Damon), een rechtszaak aan te spannen tegen haar verkrachter. Het tijdloze waargebeurde plot en het uitzonderlijke verhaalperspectief in een middeleeuwse setting maakt deze film mijn favoriet van het jaar. Ook de acteerprestaties mogen zeker gezien worden, vooral Jodie Comer schittert in haar rol als Marguerite.

TOP FILMS
1: The Last Duel                                
2: Dune                                               
3: Shadow Game                              
4: No Time To Die                          
5: Jazz on a Summer’s Day

TOP SERIES

1: Curb Your Enthousiasm (S11)
2: Kinderen van de migratie
3: Het Leven in Kleur
4: Grond
5: Undercover (S3)

The Green Knight (David Lowery)

Deborah Nergui: The Green Knight is gebaseerd op het epische gedicht ‘heer Gawein en de groene ridder’. De film, geregisseerd door David Lowery, is een frisse verrassing op het gebied van verfilmde middeleeuwse heldenverhalen. Achter de bovennatuurlijke landschappen en scènes is het heroïsche verhaal te vinden van een jonge heer (Dev Patel) die de uitdaging van een groene ridder aanvaardt. De film volgt Gawein op zijn reis en speelt in op vraagstukken rondom eer, verleiding en de vrijheid in het maken van keuzes. Ondanks dat de film zich langzaam en zorgvuldig opbouwt, blijft het je vasthouden en word je direct meegezogen in dit fantasierijke verhaal.

TOP FILMS
1: The Green Knight      
2: Last Night in Soho                       
3: Promising Young Woman         
4: The Night House                          
5: Raya and The Last Dragon

TOP SERIES
1: The Witcher (S2)
2: Reservation Dogs
3: Only Murders in The Building
4: Loki
5: Squid Game

Red Notice (Rawson Marshall Thurber)

Vick ten Wolde: In het populaire actie/komedie-genre doet Red Notice precies wat het moet doen. Achtervolgingen, knokpartijen, explosies. Alles zit erin qua actie, maar de film maakt vooral onderscheid in de humor. De dialogen zijn hilarisch en vooral Ryan Reynolds als agent Booth laat eens te meer zien cynisme onder de knie te hebben. “Ik stuur je naar de ergste plek op aarde”, zegt een agent. Waarop Booth antwoordt: “Wat, je Instagram-account?”. En uiteraard zit er weer een verwijzing naar Vin Diesel in, zoals wel vaker het geval is in films met Reynolds. Ook zijn er nog veel meer grappige referenties naar bijvoorbeeld Titanic en Jurassic Park.

TOP FILMS
1: Red Notice
2: Shang-Chi and the Legend of the Ten Rings
3: No Time to Die                                 

TOP SERIES
1: Squid Game
2: Loki
3: Kastanjemanden
4: The Witcher (S2)
5: The Serpent

Another Round (Thomas Vinterberg)

Sanne Kortooms: Another Round is een film die je niet loslaat. Niet wanneer je hem kijkt, en ook niet lang nadat je hem gezien hebt. Hij voert je moeiteloos van blijdschap naar verdriet, verbazing, euforie en weer terug. Middelbare school docent Martin (Mads Mikkelsen) zit net als zijn drie dierbare collega’s in een dikke midlifecrisis. Niets kan hen nog beroeren. Maar dan bedenken ze een experiment: Een obscure Noorse psychiater stelt dat ieder mens een tekort van 0.5 promille alchohol heeft… Dus wat als ze voortaan zorgen dat ze de hele dag door (ook tijdens het lesgeven) lichtelijk beschonken zijn? Komen ze dan weer ‘tot leven’? De film zelf is een genotsmiddel op zich en Vinterberg bevestigt dat hij een van de beste verhalenvertellers van zijn generatie is.

TOP FILMS
1: Another Round (Druk)
2: Promising Young Woman
3: The Power of the Dog
4: The Hand of God (È stata la mano di Dio)
5: Benedetta 

TOP SERIES
1: Mare of Easttown
2: Ted Lasso (S2)

3: MAID

outdoor bench
Boeken / Fictie

De Amerikaanse bril en andere verhalen

recensie: Veranderlijke blikken op toen en nu, hier en daar – verhalen van Robert Menasse
outdoor bench

Robert Menasse is een Oostenrijkse schrijver wiens naam hier te lande niet heel veel oproept. De Amerikaanse bril vormt een uitgelezen bundel voor de liefhebber van verhalen die organisch samenhangen.

Die samenhang is subtiel uitgewerkt. In de dagelijkse beleving zijn verbanden tussen mensen en dingen uit verschillende tijden en plaatsen eigenlijk in ruste. Je focust je op het hier en nu. Maar Menasse probeert de betekenis en houdbaarheid van die verbanden zo bewust mogelijk tot zich door te laten dringen. Dat levert het ene na het andere besef op, eerder in de vaart van het verhaal dan theoretisch. De feiten lijken losjes autobiografisch, zo beschreven dat ze evengoed van de lezer kunnen zijn.

Tijdsverschillen

De hoofdpersonen associëren zich met wie ze zich herinneren dat ze destijds waren, natuurlijk dénken dat ze waren. Wat waren hun verwachtingen en wat is daar van uitgekomen? Hoe ervoeren ze vroeger gebeurtenissen als de val van de Muur, 11/9, de moord op Allende en John F. Kennedy, toen mateloos populair? Maar wat is zijn imago nu? Zo gaan op een realistische manier feit en fantasie een open verbond aan.

Grappig is dat de wordingsgeschiedenis van de bundel ook enigszins duizelt van tijdsverschillen. De Weense schrijver leefde deels in Amsterdam. De verhalen uit de bronbundel Ich kann jeder sagen (2009) én in De Amerikaanse bril (2021) stonden eerder in Nederlandse bladen, inclusief die van ná 2009. Ra ra, hoe kan dat?

Menasse is vindingrijk in de variaties op zijn thema.De uitwerkingen zijn verhaaltechnisch even vernuftig, waarbij ook het element spanning niet ontbreekt. En dat alles in een directe stijl en op een goedgehumeurde toon, hoe akelig gebeurtenissen ook zijn. Scheutig met onnodige uitweidingen is hij niet. Heel wat zinnen zijn zo bijzonder geformuleerd dat je ze graag herleest.

Menasse begint de bundel met een citaat van zichzelf. Daarin vraagt hij zijn moeder naar haar Amerikaanse bril (met jaloezieën voor de glazen), die modegril die niet tot Europa is doorgedrongen. Had ze die nog?

Jazeker had ze die! Ze zocht en zocht, maar vond alleen de foto die haar met die bril liet zien. ‘De realiteit is verdwenen. Het beeld bleef.’ Op de voorkant van het boek prijkt die foto. Zo te zien niet echt een bril die je heel veel beter naar de werkelijkheid laat kijken.

In de slotalinea van het laatste verhaal scheidt de ik van zijn vrouw, verhuist in 2001 naar Amerika, ‘weg uit Wenen. Ik had het gevoel een ramp overleefd te hebben. Ik had de mooiste vooruitzichten.’ Enfin, of die uitkwamen lezen we later wel ergens.