Boeken / Fictie

Postmodern proza van de koude fjord

recensie: Gunnhild Øyehaug - Knopen

Øyehaug schreef met Knopen een verzameling (zeer) korte verhalen aan het begin van dit millennium en in Noorwegen verscheen het boek in 2004. De omloopsnelheid van literaire modes wordt steeds korter en dat is te merken aan de stijl. Het ultrakort proza doet hier en daar gekunsteld en gedateerd aan, de surrealistische vondsten zijn soms flauw.

Knopen is een bijzondere bundel met zeer verschillende verhalen over gewone mensen in vreemde situaties. Bij de titel kun je denken aan de onontwarbare knoop waar we soms in raken in een poging het dagelijks leven en de hogere aspiraties met elkaar te verenigen.

Ikea-blues

In het openingsverhaal ‘Mooi en mild’ heeft een man het ferme besluit genomen nu eindelijk een rolgordijn voor de kinderkamer te gaan kopen. Het kale raam is al geruime tijd onderwerp van echtelijke discussies en het regent verwijten aan zijn adres. Hij pakt zijn ferme daad filosofisch aan en mijmert over daadkracht, ironische afstand tot zichzelf en het leven als tenniswedstrijd. De aankoop gaat niet zonder problemen en het slot is heel geestig.

Het laatste verhaal ‘Twee aan twee’ combineert dezelfde elementen: absurditeit en verhoogd bewustzijn binnen een doodgewone echtelijke situatie. Een vrouw wacht op haar man die niet thuis komt en vermoedt dat hij bij zijn minnares is. Ze stopt hun slapende peuter in de auto en rijdt het besneeuwde landschap in om hem te betrappen. Ze heeft na een cursus ‘Symbolen in de literatuur’ de neiging alles wat ze doet en ziet ‘symbolisch’ te interpreteren en ook hier leiden de melodramatische gebeurtenissen tot een humoristische ontknoping.

Overmaat aan beroemde namen

Waar de literaire cursus in ‘Twee aan twee’ de verhaallijn op natuurlijke wijze verbindt met andere boeken en schrijvers – Sylvia Plath en Ted Hughes – wordt op andere plaatsen een schrijver er geforceerd bijgehaald. In ‘Vitalie ontmoet een officier’ en ‘Een befaamd ingenieur’ introduceert de schrijfster de Franse dichter Arthur Rimbaud. De eveneens Franse auteur Maurice Blanchot figureert in een gelijknamig verhaal dat nergens over gaat en komt daar zijn collega Julio Cortazar tegen. We ontmoeten de componisten Arvo Pärt en Eric Satie, de filmregisseur Andrej Tarkovski, het kan niet op. Na een tijdje komt het over als namedropping. De verhalen worden er niet beter door en de lezer moet wellicht zijn toevlucht zoeken tot Wikipedia.

Sommige korte prozastukken zijn totaal onbegrijpelijk (‘Transcenderen’) of gewoon melig, zoals het relaas van iemand van wie de navelstreng niet kon worden doorgeknipt (‘Kleine knoop’). Øyehaug is eigenlijk op haar best waar ze in de langere verhalen mensen schildert in hun onderlinge verhoudingen: verknoopt in eigen bewustzijn en niet in staat het zelf en de ander te ontwarren.

Gunnhild Øyehaug is literatuurwetenschapper en een bewonderaar van haar in 1980 overleden Franse collega Roland Barthes. Wellicht had hij haar vondsten subliem gevonden.

Reageer op dit artikel