Tag Archief van: landscape

Film / Films

The Hole

recensie: The Hole

Tiener-slasher-films zijn er in alle soorten en maten. Meestal komt het neer op een stelletje anatomisch correcte mensen die in plaats van mee te doen aan een modeshow even geslashed worden door een sukkel met een overwerkt trauma. Sommige regisseurs willen nu eens wat anders. Met een kleine aanpassing aan de formule denken ze dit vaak te kunnen bereiken.

~

Nadat Scream het genre nieuw leven had ingeblazen kon je in de videotheek weer struikelen over de goedkope rip-offs. De meest suffe in dat rijtje zijn voor mij wel de I Know What You Did Last Summer-films. Meisje met grote borsten hoort een geluid. Schaduw vliegt achter in het beeld even langs een muur. Meisje schrikt van… een kat of een voorwerp. Opgelucht haalt meisje adem. Dan komt het onvermijdelijke moment dat de echte moordenaar alsnog door het beeld springt. Poehpoeh! Dat was weer even schrikken geblazen!

Claustrofobisch effect

In The Hole gooien de makers het over een andere boeg. Net als in het geniale Blair Witch Project probeert men een meer claustrofobisch effect te bereiken. Een groepje tieners wil niet mee op een gedwongen schoolkamp. Ze laten zich door een klasgenoot voor drie dagen insluiten in een oude bunker. In eerste instantie lijkt het allemaal een leuk feest te worden, tot de dag komt dat ze weer naar buiten willen. Hun klasgenoot komt niet opdagen, dus kunnen ze de bunker niet uit.

Oorverdovend

~

Het begin van de film hakt er gelijk goed in: Thora Birch loopt bloedend door het verlaten universiteitscomplex, vindt een telefoon en belt 911. Als er opgenomen wordt slaakt ze zo’n oorverdovende schreeuw dat de sfeer er meteen goed inzit. Birch blijkt de enige overlevende van het groepje, maar is psychisch zo in de war dat de politie uit haar gebrabbel niet kan opmaken wat er is gebeurd. Aan de psycholoog de taak om achter de waarheid te komen. Birch lijkt echter niet te willen vertellen wat er echt gebeurt is, en dat levert twee versies van het verhaal op.

Creepy sfeertje

Het eerste uur lijkt vrij standaard te worden afgewerkt, net als in de doorsnee tiener-horror, maar dan neemt het verhaal een aardige wending, en wordt het toch nog een beetje leuk. Het goede idee wordt namelijk plichtmatig afgewerkt, en de personages blijven toch te Cosmopolitan om echt te boeien. Met een beetje meer diepgang had dit een fantastische film kunnen worden. De muziek zorgt voor een aardig creepy sfeertje, en is daarmee het beste wat ik kan melden over deze film. Niet slecht, maar ook niet heel goed.

Film / Films

The Hole

recensie: The Hole

Tiener-slasher-films zijn er in alle soorten en maten. Meestal komt het neer op een stelletje anatomisch correcte mensen die in plaats van mee te doen aan een modeshow even geslashed worden door een sukkel met een overwerkt trauma. Sommige regisseurs willen nu eens wat anders. Met een kleine aanpassing aan de formule denken ze dit vaak te kunnen bereiken.

~

Nadat Scream het genre nieuw leven had ingeblazen kon je in de videotheek weer struikelen over de goedkope rip-offs. De meest suffe in dat rijtje zijn voor mij wel de I Know What You Did Last Summer-films. Meisje met grote borsten hoort een geluid. Schaduw vliegt achter in het beeld even langs een muur. Meisje schrikt van… een kat of een voorwerp. Opgelucht haalt meisje adem. Dan komt het onvermijdelijke moment dat de echte moordenaar alsnog door het beeld springt. Poehpoeh! Dat was weer even schrikken geblazen!

Claustrofobisch effect

In The Hole gooien de makers het over een andere boeg. Net als in het geniale Blair Witch Project probeert men een meer claustrofobisch effect te bereiken. Een groepje tieners wil niet mee op een gedwongen schoolkamp. Ze laten zich door een klasgenoot voor drie dagen insluiten in een oude bunker. In eerste instantie lijkt het allemaal een leuk feest te worden, tot de dag komt dat ze weer naar buiten willen. Hun klasgenoot komt niet opdagen, dus kunnen ze de bunker niet uit.

Oorverdovend

~

Het begin van de film hakt er gelijk goed in: Thora Birch loopt bloedend door het verlaten universiteitscomplex, vindt een telefoon en belt 911. Als er opgenomen wordt slaakt ze zo’n oorverdovende schreeuw dat de sfeer er meteen goed inzit. Birch blijkt de enige overlevende van het groepje, maar is psychisch zo in de war dat de politie uit haar gebrabbel niet kan opmaken wat er is gebeurd. Aan de psycholoog de taak om achter de waarheid te komen. Birch lijkt echter niet te willen vertellen wat er echt gebeurt is, en dat levert twee versies van het verhaal op.

Creepy sfeertje

Het eerste uur lijkt vrij standaard te worden afgewerkt, net als in de doorsnee tiener-horror, maar dan neemt het verhaal een aardige wending, en wordt het toch nog een beetje leuk. Het goede idee wordt namelijk plichtmatig afgewerkt, en de personages blijven toch te Cosmopolitan om echt te boeien. Met een beetje meer diepgang had dit een fantastische film kunnen worden. De muziek zorgt voor een aardig creepy sfeertje, en is daarmee het beste wat ik kan melden over deze film. Niet slecht, maar ook niet heel goed.

Film / Films

The Royal Tenenbaums

recensie: The Royal Tenenbaums

De ellende van jong zijn is al niet te overzien, laat staan de jeugd van een wonderkind. De drie kinderen van Royal Tenenbaum waren stuk voor stuk uitschieters in alle uithoeken van het leven. Waar de een een groot financieel wonderkind werd, blonk de ander uit in sport en om alles nog mooier te maken was er ook nog een succesvol (geadopteerd) toneelschrijfstertje bij. Het leek allemaal niet op te kunnen. Maar kinderen hebben meer nodig dan succes. Ouders bijvoorbeeld. Royal (Gene Hackman) was niet bepaald een goede en zorgzame vader. Hij was meer een eersteklas klootzak. De kinderen waren beter af geweest zonder hem. Maar ja, je vader kies je niet uit.

~

Jaren later is er niets van de kinderen terechtgekomen. Allemaal depressief en neurotisch als de pest. Chas (Ben Stiller), het voormalig zakenmannetje, heeft zijn vrouw verloren in een vliegtuigongeluk Samen met zijn twee zoontjes waren zij enige overlevenden. Zijn zoontjes mogen niets en worden getraind tot nieuwe zakelijke monsters. Richie (Luke Wilson) kreeg een zenuwinzinking op de tennisbaan en vaart sindsdien met zijn schip de wereld rond. In zijn Björn Borg-uitrusting kijkt hij gelaten voor zich uit, niet wetende hoe te leven.

Oliver Sacks-kloon

Na eenmalig vijftigduizend dollar ontvangen te hebben voor haar eerste toneelstuk is er van de beloftes als toneelschrijfster weinig terechtgekomen voor Margot (Gwyneth Paltrow). Ze is getrouwd met een Oliver Sacks-kloon. Margot kan alleen nog maar tv kijken in bad en stiekem haar sigaretten roken. Dit is dan wat er overblijft van een leven waar zulke hoge verwachtingen van waren.

Smeerlap

~

Wanneer Royal na twintig jaar uit zijn hotel wordt gezet, besluit hij zijn gezin weer op te zoeken. Ten eerste voor gratis onderdak en hopelijk om het verleden weer wat recht te kunnen zetten. Met de boodschap dat hij ongeneeslijk ziek is meldt hij zich bij zijn vrouw Ethel (Anjelica Huston). Al gauw weet Royal zich weer een plaatsje in het huis te bemachtigen. Zoals altijd roeit hij op zijn eigen wijze tegen de stroom in, maar langzamerhand wordt hij geconfronteerd met de schade die hij al die jaren heeft aangericht. Zich schuldig voelend, probeert hij het verleden ongedaan te maken. Dat dit een onbegonnen zaak lijkt voor een man die van nature een smeerlap is moge duidelijk zijn. Toch zet hij alle zeilen bij om er nog iets van te maken.

Kolderiek

The Royal Tenenbaums is de derde film van Wes Anderson. Na Bottle Rocket en het onvolprezen Rushmore lijkt Anderson op weg te zijn een van de grote regisseurs van de toekomst te worden. De sfeer die hij in zijn films weet op te roepen in combinatie met de inhoud is uniek. De combinatie tussen tragiek en komedie, surrealisme en werkelijkheid zorgt steeds voor kijkverschuivingen. Waar we in het begin een stel kolderieke excentriekelingen aan het werk zien, worden deze personen aan het eind van de film uitgekristalliseerd tot verlengstukken van onze eigen persoonlijkheden. Anderson weet feilloos tussen deze twee uitersten te laveren.

Eigenzinnig

De cast is voor een film van 21 miljoen dollar uniek te noemen. Volgens Anderson was het slechts een kwestie van goed onderhandelen. Zoveel bescheidenheid is niet nodig: het is een aanduiding dat grote acteurs graag met het talent Anderson willen samenwerken. En dit is dan ook volkomen terecht. The Royal Tenenbaums is de commerciële doorbraak geworden voor Wes Anderson. Hij heeft hiermee niet alleen een van de beste films gemaakt van het jaar, maar heeft ook bewezen dat je met talent en doorzettingsvermogen een groot publiek kunt bereiken met een eigenzinnige film.

8WEEKLY

Akimbo: Kung-Fu Hero

Artikel: Akimbo: Kung-Fu Hero

Op een rustige dag zat Akimbo zijn eigen boontjes te doppen, totdat een geheimzinnige boodschap hem opriep om een eiland en de twintig wijzen daarop te redden van een boze draak. Of zoiets. Blablabla dacht Akimbo. Maar ja, je bent natuurlijk niet voor niets Kung-Fu held, dus trok hij zijn pyjamabroek (of zoiets) aan, en ging op avontuur (of zoiets).

~

Hop klaar!

Akimbo is een 2D platform spel. Nu ben ik vroeger best wel gek geweest op Sonic the Hedgehog en Jazz Jack Rabbit, maar verder vind ik al die 3D platformspelletjes niet altijd om over naar huis te schrijven. Lastige controls, onoverzichtelijk, etc, etc… Daarom was ik in eerste instantie best benieuwd of Akimbo me nog een beetje kon boeien. De eerste aanblik deed me echter al in lachen uitbarsten. Wat een povere graphics! Ik heb Super Nesspelletjes gespeeld die er beter uitzagen. Dit kan anno 2002 dus echt niet meer. Platformpje hier, bruggetje daar, hop klaar moeten de makers gedacht hebben.

Aanraken is sterven

Maar een platformspel is natuurlijk niet compleet zonder wat vijanden. Dus zijn er wat schelpen, oesters, skeletten en muggen om Akimbo lastig te vallen. Ze zullen het onze Kung-Fu held niet echt lastig maken. Wel lastig zijn de controls. Akimbo loopt niet, maar glijd een beetje. Verder is de besturing wat traag en dat zorgt al snel voor de nodige frustratie. Het feit dat je bij de minste aanraking gewoon dood bent maakt het al niet veel beter.

~

Jump, Jump!

De makers van Akimbo hebben zelf kennelijk nooit veel games gespeeld, want alle elementen die een platformspel leuk maken zitten dus niet in Akimbo. Vaak is een sprong naar een ander platform een letterlijke sprong in het diepe omdat je sommige platforms niet kunt zien, maar ergens buiten het scherm bungelen. Verder kan Akimbo hier en daar een suf wapen of een geheim wereldje vinden, en dat was het dan wel.

Conclusie

Akimbo is een spel wat anno nu niet echt meer kan… Hoewel, mijn vriendin leek het aanvankelijk door het schattige muziekje wel aardig te vinden. Doordat ze al snel enkele levels wist op te lossen speelde ze nog even door, maar uiteindelijk had zij er ook genoeg van. Akimbo is misschien alleen leuk voor de allerkleinsten onder ons, en in elk geval niet heel duur. Zelf zie ik echter geen enkele reden om dit spel aan te schaffen.

Systeemeisen

OS: Win 95 / 98
PC: PII-233
RAM: 32 MB
HD: 20 MB
Video: 3D-kaart

Film / Films

From Hell

recensie: From Hell

Eind 19e eeuw werd Londen opgeschikt door enkele gruwelijke moorden op straat prostituees. Gruwelijk verminkt werden de meisjes in de meest duistere steegjes van de stad gevonden. De moordenaar werd in de volksmond al snel Jack the Ripper genoemd. Net zo plotseling als de moorden begonnen stopten ze ook weer. Wie Jack the Ripper was, en waarom hij deze gruwelijkheden heeft aangericht zou niemand ooit te weten komen…

~

Over de legende van Jack the Ripper zijn sindsdien talloze films, tv series, strips, boeken en computerspelletjes gemaakt. Het sinistere en geheimzinnige aspect van Jack en zijn evil deeds spreekt mensen erg aan. Jack beging zijn moorden op een moment dat de mensheid afscheid nam van een tijdperk. Sprookjes, legendes, sagen en mythen hadden hun bovennatuurlijke kracht en geloofwaardigheid verloren. De mensheid was nu geciviliseerd geworden, en voor spoken en heksen was geen plaats meer in onze beleefwereld. Misschien dat een moordenaar als Jack daarom zo populair werd bij de media en haar lezers, de mens wil nu eenmaal graag een stukje geheimzinnigheid in zijn leven.

~

Geschiedvervalsing

From Hell moet het vooral hebben van sfeer en beelden, want het verhaaltje is een beetje rommelig en gezocht. Met heeft geprobeerd een politieke intrige in de Ripperlegende te bouwen, en daar is de film niet bij gebaat. Voor Ripperfans zal deze geschiedvervalsing namelijk afbreuk doen aan de mythe, en horrorfans zitten er evenmin op te wachten.

Misschien dat dit project beter tot zijn recht was gekomen in de handen van bijvoorbeeld Tim Burton. Het is sowieso al vrij duidelijk dat de Hughes broertjes met deze film Burton’s werk in mind hadden. De casting van Johnny Depp versterkt dat alleen maar. Depp is in From Hell goed op zijn plaats. Zijn rol in Sleepy Hollow zal menig kijker weer in de herinnering schieten bij het zien van From Hell. In deze film probeert Depp niemand minder dan de vermaarde Jack the Ripper te pakken te krijgen. De originele Ripper is nooit gepakt, dus of dat in deze film zal gebeuren… kijkt u zelf.

Geen killer

Al met al is From Hell niet de sinistere film geworden waar ik op had gehoopt. Het mist gewoon net dat beetje diepgang en kunst die Burton wel in zijn films weet te leggen. Heather Graham is als hoertje en love-interest van Depp absoluut niet overtuigend. Waar haar vriendinnen bijvoorbeeld de ene klant naar de andere afwerken blijft zij de hele film door de moeder Theresa van de straatprostitutie. Wel leuk is Robbie Coltrane (speelde vroeger in de geweldige serie Cracker), een inspecteur met een voorliefde voor Shakespeare-quotes. Een leuk tussendoortje, maar geen echte killer.

Muziek / Concert

Nederlandse dubbelslag

recensie: Kirsten en de Dollybirds live

Wat een luxe, op één avond twee aanstormende Nederlandse acts na elkaar op het podium. Zowel de Dollybirds en Kirsten hebben zeer recentelijk een goed ontvangen album uitgebracht en bestormen nu het Nederlandse clubcircuit. De Dollybirds doen dat met leuke vrolijke liedjes met als duidelijk voorbeeld de surfmuziek van the Beach Boys, terwijl Kirsten het publiek in vervoering brengt met prachtig singer/songwriter materiaal. Maar dan net als op haar album The Chick Singer versterkt door een band.

“Er mag gedanst worden hoor!”

Soms beginnen concerten gewoon te vroeg. Met als gevolg dat het publiek er dan nog niet helemaal in zit. Terwijl de meeste bezoekers net hun eerste drankje hadden gehaald, begonnen de Dollybirds al met hun set. Voor het podium bleef het daardoor helaas gedurende het hele optreden verschrikkelijk leeg. Volkomen onterecht, want de Dollybirds zetten een energieke set neer met mooie puntige liedjes en een gezonde dosis humor. Het publiek bleef echter stilstaan, ondanks de vele smeekbeden van de muzikanten: “Er mag gedanst worden, hoor!”

Ani DiFranco

Het bleek wel dat de meeste mensen op Kirsten af waren gekomen, want het publiek was vanaf het begin enorm enthousiast over de vierentwintig jaar jonge singer/songwriter. Ze speelde ongeveer alle liedjes van haar debuut en gaf ons ook nog een extraatje in de vorm van een nummer van haar grootste voorbeeld Ani DiFranco. Dat Kirsten al behoorlijk op niveau is geraakt werd duidelijk uit het feit dat DiFranco’s nummer naadloos aansloot op Kirstens eigen nummers. Goed voorbeeld doet goed volgen.

Akoestische gitaar

Veel afwijken van de plaat deed ze niet. Ze gaf de nummers echter wel meer intensiteit, van albumstuk tot live-sensatie. Haar stem klonk fantastisch en haar gitaarspel begint werkelijk te lijken op dat van één van haar andere voorbeelden: Dave Matthews. De band speelde geweldig, maar de singer/songwriter intensiteit bleef toch bewaard door de prominente rol van de akoestische gitaar. Haar soloversie van Incompatible klonk geweldig en het kippenvel kwam aan het eind van de avond tijdens het dromerige Sleepless.

Een goede plaat en een uitstekende live performance. Het moet toch wel helemaal goedkomen met deze jonge artieste. Net als met de Dollybirds overigens. De heren maken heerlijke liedjes en hebben een podiumpresentatie waar je u tegen zegt. Altijd leuk voor een feest of een festival, als het publiek maar in the mood is, zoals bij Kirsten.

Film / Films

The One

recensie: The One

Na het alleraardigste niemendalletje Final Destination van het duo James Wong en Glen Morgan verheugde ik me enigszins op hun nieuwe creatieve uitspatting met in de hoofdrol Jet Li. Maar wat een teleurstelling is deze film! De makers lijken alles waar ze zo goed in zijn overboord gegooid te hebben om ons schaamteloos lastig te vallen met een oppervlakkige en saaie actiefilm.

~

Het verhaal van de film lijkt nog het meest op een computerspelletje. Naast ons eigen universumpje zijn er nog maar liefst 123 andere waar allemaal een evenbeeld van ons leeft. Door heen en weer te reizen en deze evenbeelden af te maken worden we steeds sterker, als het eenmaal geslaagd is, de 123 andere ikken uit te schakelen ben je “The One” met de kracht van 124 man!

~

Dat was het dan eigenlijk met de film. Yulaw (Jet Li) is goed op weg om alle anderen uit te schakelen. Alleen weer die laatste – immer een moeilijke zaak. De laatste is Gabe (ook Jet Li). Gabe is geen machtswellusteling als Yulaw, maar een brave burger met een gezond verstand. Een strijd tussen goed en kwaad met als eindgevecht Jet Li die zichzelf op zijn flikker geeft.

De film zit slordig in elkaar. Het gebrek aan verhaal wordt niet gecompenseerd door leuke grappen of scherpe dialogen. Het is elke keer wachten op de kunsten van Jet Li. Li weet met zijn eigen kunnen de kijker dan toch een paar minuutjes te vermaken. De special effects zijn bij tijd en wijle boeiend, ware het niet dat je ze wel beter gezien hebt.

Wat blijft er dan nog van deze film over? Weinig, verdomd weinig. De hardcore Jet Li-fans zullen teleurgesteld de bioscoop verlaten met slechts een paar aardige Li-acties in hun achterhoofd. Wanneer je deze mensen over een maand vraagt waar de film over ging, dan zullen ze slechts zwijgen.

8WEEKLY

Street Fighter Alpha 3 upper

Artikel: Street Fighter Alpha 3 upper

Toch nog niet zo heel erg lang geleden schreef ik op deze site een recensie van Street Fighter 2 Turbo. Een mooie en degelijke port van de Super Nintendo naar de GBA. Misschien een beetje blikkerige muziek, maar wel erg leuk. En wat schetst mijn verbazing? Nu ligt hier zomaar ineens Street Fighter Alpha 3 op mijn bureau? Een blik op het doosje doet vermoeden dat ze gewoon nog een keer hetzelfde spel hebben uitgebracht.

~

Met enig argwaan schoof ik het spel in mijn GBA. De reden waarom ik destijds Mortal Kombat op de Mega Drive leuker vond dan Street Fighter was het feit dat MK2 en MK3 ook echt andere spelletjes waren. Street Fighter bleef steeds nieuwe versies uitbrengen met slechts één extra karakter of een extra turbo speelmode. Nadat Capcom Street Fighter in een stuk of vijf versies had uitgemolken op de SNES, deden ze het nog eens dunnetjes over op de PSX. En nu lijkt de GBA aan de beurt.

33 karakters

~

Street Fighter is een vechtspel. In dit deel kan de speler maar liefst kiezen uit 33 karakters, en er zitten nog enkele “hidden characters” in het spel. Daarover valt alvast niet te klagen. Vervolgens is het knokken geblazen. En tja, wat kan ik zeggen dat ik al niet mijn vorige stukje gezegd heb? Minus wat extra vechters en achtergronden is dit spel qua graphics en gameplay gewoon exact hetzelfde als Street Fighter II Turbo.

Conclusie

Street Fighter Alpha 3 upper is een eersteklas vechtspel, laat daar geen misverstand over bestaan. De conversie naar de GBA is prima gelukt, en als je nog geen dergelijk spel bezit voor de GBA, dan is dit spel een goede keuze. Mocht je echter Street Fighter II Turbo al hebben, dan mag je wat mij betreft gaan klagen bij Capcom. Ze hadden dit deel net zo goed een jaar eerder uit kunnen brengen, dan had jij ook alle 33 vechters gehad. Absolute geldklopperij!

Boeken / Fictie

Lange halen snel thuis

recensie: De klopgeest

Komrij mag dan Dichter des Vaderlands heten, zijn nieuwe roman De klopgeest is een flop. Dat is het unanieme oordeel van de gevestigde Nederlandse critici. Zeeman zou zich afvragen waar de noodzaak van dit boek ligt, Arjan Peters ziet Komrij met de slaapmuts opzitten en schrijven bij kaarslicht, “zo sloom wordt het potentiële conflict uitgewerkt”. Er blijft op voorhand al niet veel meer over van De klopgeest.

~

Wie van elke staccato zin een alinea weet te maken heeft al gauw een boek van het formaat van een roman. Komrij laat bewuste stiltes vallen tussen de korte zinnetjes die de gedachten van hoofdpersoon Hector weergeven. Hector is een nadenkend figuur. Hij denkt in afgeronde, korte zinnetjes, en zwijgt tussendoor veel om weer nieuwe zinnetjes te bedenken. Dat klinkt alsof De klopgeest een moeizaam verhaal is, maar die uitwerking heeft het staccato proza nu juist weer niet. Binnen de kortste keren is het boek van kaft tot kaft gelezen.

Lui en traag

~

Het verhaal van de dandy Hector begint traag. Eind negentiende eeuw presenteert Hector zichzelf als medium, iemand die met geesten communiceert en aan hypnose doet. Zijn levenskunst is overal van te genieten, de eeuwige toeschouwer te zijn die met een glimlach om de lippen aan de zijlijn staat. Maar wanneer er tijdens een van zijn seances bij een rijke familie wordt ingebroken, lijkt er aan dat luie leventje een einde te komen.

Even wordt De klopgeest opgeschrikt door een vleugje spanning, als Hector in een obscuur kamertje een deel van de gestolen goederen terugvindt. Maar Komrij hecht de draad niet af. Voorbij de laatste bladzijde mogen we nog altijd raden naar wie het gedaan heeft. Net zoals we mogen raden naar het nut van die diefstal voor de voortgang van het verhaal. Wat wil Komrij duidelijk maken aan zijn lezer?

Schande

Een beschouwing op het negentiende-eeuwse gevoel wellicht. Een weemoedig terugdenken aan die tijd van pruiken en koetsen en wereldhervormers. Komrij voelt zich thuis in die tijd, zoveel is duidelijk. Maar waarom hij daar een roman over schrijft die niemand kan boeien, blijft een raadsel. De klopgeest leidt helemaal nergens toe. Schande, voor iemand van het kaliber van Komrij. En schande voor de uitgever, die dit keer alleen op de grote naam is afgegaan. Papierverspilling.

Boeken / Fictie

Voorspelbaar en onvoorstelbaar

recensie: Waarom ze viel op

Amerikanen zijn geen Engelsen. Dat wordt maar weer eens duidelijk uit de debuutroman van Lucinda Rosenfield uit New York. De titel en de voorkant van het boek deden mij even denken met een nieuwe Helen Fielding te maken te hebben, maar niets is minder waar. Waarom ze viel op en dan een hele rij namen van mannen waarmee hoofdpersoon Phoebe Fine een of andere relatie had, haalt bij lange na niet het niveau van de subtiele en humoristische Bridget Jones-boeken.

Phoebe Fine houdt er in haar leven heel wat mannen op na. Dat is ook niet verbazingwekkend, gezien haar psychologische omstandigheden, die Rosenfield zo overduidelijk als doctor Phil bij Oprah schetst. Opgegroeid in een saaie buitenwijk van New Jersey, net niet the place to be, ouders die hun geld verdienen met klassieke muziek en een zus die altijd overal beter in is. Geen wonder dat Phoebe boulimia krijgt, van preuts meisje in een nymfomane verandert en haar hart verliest aan all the wrong guys, toch?

Schotse kilt

De mogelijkheid tot identificatie is vaak een criterium voor een goed boek. Identificatie in combinatie met verbazing. Lucinda Rosenfield slaat de plank daarin mis. De verhalen over Phoebe’s jeugdliefdes in de eerste hoofdstukken zijn te voorspelbaar. Ze zouden uit mijn eigen dagboek afkomstig kunnen zijn en dat lees ik altijd met schaamrood op mijn kaken. De daarop volgende verhalen gaan weer mijn verbeeldingsvermogen te boven. Phoebe blijft een plat karakter, die het plotseling aanlegt met een anarchist in Schotse kilt, een getrouwde professor, een oude neger in een nappa jas en nog meer weirdo’s.

En aan het eind van het verhaal heeft zij plotseling een ontwikkeling doorgemaakt. Hoera! In drie pagina’s beseft Phoebe (die al haar psychologische kronkels op haar relaties heeft geprojecteerd) plotseling dat het anders moet. “Eind goed, al goed”, zeggen ze wel eens. Nou, in dit geval niet. Zeker niet als de schrijfster mij trakteert op het volgende: “Phoebe begon steeds meer te denken dat de beloningen op deze van ellende en vernedering vergeven aarde dun gezaaid waren.”

Maar wie Amerikaanse retoriek prefereert boven Engelse bescheidenheid, moet dit boek vooral lezen.

Muziek / Album

Ongelooflijk krachtig

recensie: Clint Mansell - Requiem for a Dream

.

Requiem For A Dream is de tweede film van Darren Aronofsky, regisseur van ? (Pi) en laat de downward spirals zien van de vier hoofdpersonen die allemaal met drugs te maken krijgen. De film heeft in Amerika de gevreesde NC-17 keuring gekregen, wat meestal het commerciële einde van een film betekent omdat de meeste bioscopen hem niet willen draaien en grote kranten en tijdschriften er niet voor willen adverteren.
Toch schijnt de film de moeite waard te zijn: hij krijgt op internet uitsluitend lovende kritieken (alhoewel de gevestigde pers [Variety, Newsweek] minder enthousiast is).

Voor zijn tweede film riep regisseur Aronofsky opnieuw de hulp in van Clint Mansell, ooit voorman van de techno-rock-formatie Pop Will Eat Itself uit het begin van de jaren negentig, die hier met Requiem For A Dream een beklemmende soundtrack aflevert in samenwerking met het Kronos Quartet. Dit kwartet, bekend van hun samenwerking met componist Philip Glass, werkte voor een klein deel van hun gewoonlijke tarief mee aan deze soundtrack – meestal een goede indicatie voor de kwaliteit van een film.

req000.gif
req001.gif
req002.gif

In de eerste paar nummers worden de thema’s geïntroduceerd die gedurende de rest van het album terugkeren. De beste daarvan zijn die waarin de boventoon wordt gevoerd door de strijkers, die verrassend goed klinken in combinatie met Mansell’s synthesizerklanken (die soms zo ijl klinken dat je geneigd bent naar een zuurstofmasker te grijpen) en diens desolate beats, die steeds verder naar de achtergrond verdwijnen naarmate het album vordert.

Twee vrijwel identieke tracks vallen uit de toon want klinken als een opname uit een Russische kroeg met medewerking van een Mexicaanse trompettist en enkele leden van het huisorkest van de Muppet Show, terwijl sommige momenten doen denken aan de briljante Fight Club-soundtrack.

Grootste punt van kritiek zou kunnen zijn dat sommige thema’s wel erg vaak herhaald worden. Maar doordat de melodiëen zo goed zijn en de verschillende instrumenten zo goed op elkaar aansluiten is het een genot om naar deze CD te luisteren – en vaak.

Als je over een goeie computer met bijbehorende internetverbinding beschikt, moet je vooral eens gaan rondkijken op de officiele website. Geniaal gebruik van Flash zorgt voor een beleving die uniek is op het web. (De trailer is trouwens ook erg mooi!)