Boeken / Non-fictie

Hannah Arendt en het probleem van het kwaad

recensie: Hannah Arendt

De Duits-Joodse filosofe Hannah Arendt ging de problemen van haar tijd op eigenzinnige en krachtdadige wijze te lijf en was wars van dogma’s en systemen. Haar vele boeken en beschouwingen gaan op een lucide wijze in op concrete, vaak politieke vraagstukken. Dertig jaar na haar dood hebben haar inzichten nog nauwelijks aan relevantie ingeboet.

Abstracties interesseerden Arendt niet. Ze hield zich weliswaar bezig met grote vraagstukken als ‘het kwaad’, dat ze als het fundamentele probleem van de twintigste eeuw zag, maar ze deed dit altijd vanuit een concreet vertrekpunt. Deze houding komt goed naar voren in de eindelijk in het Nederlands vertaalde biografie Hannah Arendt: For love of the World van Elisabeth Young-Bruehl. Het is een uitstekende biografie die zowel recht doet aan Arendts veelbewogen leven, als aan haar dwarse en vaak aanstootgevende werk. Young-Bruehl houdt precies genoeg afstand tot haar onderwerp, waardoor ze weet te ontsnappen aan de belerende en psychologiserende toon die biografieën zo vaak ontsiert.

Talent voor vriendschap

Hannah Arendt, 1928.
Hannah Arendt, 1928.

Hoewel Arendt een lichtgeraakt en ongeduldig karakter had, had ze in de woorden van Hans Jonas “een talent voor vriendschap”. Ze onderhield nauwe contacten met belangrijke schrijvers en denkers als Hermann Broch, Walter Benjamin en Karl Jaspers en had verder vrienden van allerlei pluimage met wie ze uitgebreid correspondeerde. Young-Bruehl weet hun verhalen op een ingetogen wijze met het levensverhaal van Arendt te vermengen, zonder daarbij sensatiebelust te worden. Uit haar biografie wordt ook duidelijk hoe groot de invloed is geweest van Arendts echtgenoot Heinrich Blücher. Hij was een autodidact met een scherpe geest die vele gesprekken met Arendt voerde over haar boek The Origins of Totalitarianism (1951). Hij was ook degene die als eerste nadacht over het kwaad als ‘een oppervlakkig fenomeen’, waarmee hij Arendt inspireerde tot haar invloedrijke ideeën over de banaliteit van het kwaad.

Het totalitarisme

In 1943 hoorde Hannah Arendt (die inmiddels al geruime tijd in het veilige Amerika woonde) voor het eerst geruchten over gevangenkampen waarin Joden massaal werden opgesloten en mishandeld. Ondanks dat ze de omvang en de gruwelijkheid van deze kampen op dat moment nog niet kon bevroeden, besefte ze dat zich hier een radicaal, nieuw soort kwaad manifesteerde. Dit schokkende inzicht vormde de directe aanleiding voor The Origins of Totalitarianism, waarvan het derde en laatste deel onlangs in vertaling verscheen onder de titel Totalitarisme. In deze belangwekkende en uiterst leesbare studie scheidt Arendt het totalitarisme van alle andere repressieve systemen, zoals de dictatuur, de tirannie of het despotisme. Het totalitarisme is volgens haar de enige staatsvorm die er systematisch op uit is om de mens te beroven van elke vorm van menselijkheid. Met deze staatsvorm is volgens haar het radicale kwaad verbonden, dat zich bij uitstek manifesteerde in de kampen. Dit kwaad is niet langer een middel tot een bepaald politiek, ideologisch of economisch doel (het staat daar in veel gevallen zelfs haaks op), maar is enkel uit op ontmenselijking. Wie iets wil begrijpen van totalitaire systemen kan niet om Arendt heen, ze schrijft met groot inzicht en komt tot verassende conclusies die niet per definitie juist zijn, maar wel een zinvol nieuw perspectief bieden.

Controverse

Eichmann tijdens zijn proces in Jeruzalem in 1961
Eichmann tijdens zijn proces in Jeruzalem in 1961

In het onlangs in herdruk verschenen Eichmann in Jeruzalem: De banaliteit van het kwaad benadert Arendt de problematiek van het totalitarisme en het kwaad vanuit het perspectief van de in 1961 begonnen rechtszaak tegen een enkel individu: Adolf Eichmann. Ze was bij dit beladen mediaspektakel aanwezig als verslaggever van het Amerikaanse tijdschrift The New Yorker. Haar reportages verschenen in 1963 in vijf delen in The New Yorker en brachten een ongekend protest teweeg. Arendt werd verweten dat ze geen ‘ziel’ had en zelfs haar vrienden keerden zich tegen haar. Het waren vooral de joden die zich gekwetst voelden door Arendts reportages. Niet alleen vanwege haar kritiek op de Joodse Raden en op de staat Israël, maar vooral vanwege de emotieloze manier waarop ze deze kritiek formuleerde. Young-Bruehl vertelt dat de controverse zo bekend werd dat er een Duitse bloemlezing over verscheen, die kortweg Die Kontroverse heette.

Bureaucratische mentaliteit

Het meest gevoelig lag Arendts idee van de banaliteit van het kwaad, dat in de discussie eindeloos herhaald en uit z’n verband gerukt werd. Tijdens de rechtszaak raakte Arendt er steeds meer van overtuigd dat Eichmann niet als een demonisch monster gezien moest worden, zoals de aanklager niet naliet te benadrukken, maar als een normale zij het ietwat fantasieloze ambtenaar. In het Voorbericht zegt ze hierover:

Behalve een ongewone ijver om alles te doen wat bevorderlijk kon zijn voor zijn carrière bezat hij [Eichmann] in het geheel geen motieven. En ook deze ijver was op zichzelf nog geenszins misdadig; hij zou beslist nooit een van zijn superieuren hebben vermoord om op diens stoel te komen. […] Hij was niet dom. Het was in zekere zin pure gedachteloosheid – heel iets anders dan domheid – die hem ervoor predisponeerde een van de grootste misdadigers van zijn tijd te worden.

Hannah Arendt.
Hannah Arendt.

Young-Bruehl vertelt dat Arendt aanvankelijk grote moeite had met haar eigen bevindingen dat Eichmann in feite een ‘normaal’ mens was en geen monster; deze ongebruikelijke conclusie trekt ze dan ook niet zomaar. Arendt gaat heel genuanceerd te werk. Ze gaat uitgebreid in op de rechtszaak zelf, Eichmanns bureaucratische mentaliteit en het politieke klimaat tijdens de regering van Hitler. Ze laat zien dat er bij Eichmann (en vele andere Nazi’s) in het geheel geen sprake was van persoonlijke haat tegen de joden. Hij was iemand zonder ideologie, een echt massamens. Met dit verschil dat hij medeverantwoordelijk was voor miljoenen doden; niet door zijn demonische aanleg of zijn kwaadaardige natuur, maar door zijn ijver en zijn onvermogen om goed en kwaad van elkaar te onderscheiden.

Eichmann in Jeruzalem is een belangrijk, maar ook genadeloos boek. Arendt doet een zinvolle poging om op een eerlijke en niets verhullende wijze de problematiek van het kwaad te bespreken. Het is haar verdienste geweest dat ze de moeilijkheden niet uit de weg is gegaan, maar haar visie op de zaak zonder terughoudendheid uiteenzette. Haar huiveringwekkende conclusies zijn wellicht onaangenaam en emotieloos, maar ze roepen wel cruciale vragen op die niet zomaar van tafel geveegd kunnen worden.

Hannah Arendt • Totalitarisme • Uitgever: Boom • Prijs: € 39,90 • 440 bladzijden • ISBN: 90-8506-876-4

Hannah Arendt • Eichmann in Jeruzalem • Uitgever: Atlas • Prijs: € 24,90 • 448 bladzijden • ISBN: 90-450-0457-7

Elisabeth Young-Bruehl • Hannah Arendt: Een biografie • Uitgever: Atlas • Prijs: € 39,90 • 702 bladzijden • ISBN: 90-450-1145-X

Peter Venmans • De ontdekking van de wereld: Over Hannah Arendt • Uitgever: Atlas • 300 bladzijden • Prijs: € 19,90 • ISBN: 90-450-0658-8

Reageer op dit artikel