Theater / Voorstelling

De grootmeester komt nog eenmaal tot leven

recensie: Servaes Nelissen - Mijn vader was poppenspeler

Servaes Nelissen wordt bij zijn opkomst direct met een warm applaus ontvangen door zijn publiek en neemt ons mee in een wereld vol herinneringen aan zijn overleden vader Jan Nelissen – een legende die kan worden beschouwd als de grondlegger van het naoorlogse poppentheater in Nederland. Als verhalenverteller heb je aan Servaes zeker geen slechte: het is vanaf het eerste moment duidelijk dat zijn komisch talent met de paplepel is ingegeven.

Als kleine jongen reisde Servaes al stad en land af in het rode Citroënbusje van zijn vader. Hierin speelde Jan zijn voorstellingen en zoonlief mocht helpen met de techniek. Vol trots keek Servaes toe hoe zijn vader de kost verdiende ‘door met zijn handen in de lucht te staan’ en leerde hij de geheimen van het vak kennen. Hoewel Servaes lange tijd niet wist of poppentheater nu wel werkelijk een vak is en hij zijn leeftijdsgenootjes liever niet over het beroep van zijn vader vertelde, spreekt hij nu juist zijn verwondering uit en treedt hij zelfs in zijn voetsporen. Zo nu en dan maakt zijn verwondering plaats voor een kritische noot, maar ironisch genoeg lijkt hij daardoor nog sterker op zijn vader, die zijn mening ook niet onder stoelen of banken stak.

~

‘Het gaat om wat je niet ziet, maar wel voelt – de kracht van de illusie.’
Het decor is sober ingericht met een poppenkast en een bescheiden tafel met stoel. Twee koffers vol poppen staan veelbelovend klaar en de tafel wordt gesierd door een miniatuuruitvoering van het welbekende busje. Onder luid gelach geeft Servaes toe wat gespannen te zijn, omdat zijn vader hem vanuit het publiek op de vingers kijkt. Opvallend is de ontroerende wijze waarop Servaes nog steeds zijn vader durft te jennen en uit te dagen en hoe eerlijk hij het gesprek met hem durft aan te gaan. Jan keert terug op het toneel in de vorm van een pop en komt tot leven in de handen van zijn zoon. Zelf schakelt Servaes ijzersterk tussen de dialoog met het publiek en zijn poppen en verschijnt ook hijzelf in de vorm van een pop ten tonele in de poppenkast. Samen stelen vader en zoon de show en wordt door middel van verhalen, poppenspel, dia’s en foto’s een kleurrijk portret geschetst van de eens zo harde werker met een zeer bewogen levensgeschiedenis. We gluren door de poppenkast naar Jans leven vol idealistische ambitie, spanning, drank en anekdotes. Keer op keer weet Servaes de magie van het poppenspelen tot een hoogtepunt te brengen om deze vervolgens weer net zo hard te verbreken.

Een kast vol herinneringen
Wanneer Servaes tussen de poppen uit koffers zijn moeder tevoorschijn tovert, vertelt hij hoe ze samen drie jaar na zijn vaders dood op een poppententoonstelling erachter kwamen dat Jan al veel te snel in de vergetelheid was geraakt. In een kast op de donkere zolder van het Theater Instituut lag de verzameling poppen in slechte staat te verstoffen. Inmiddels wordt deze verzameling klimatologisch bewaard in een depot op een industrieterrein waarop Servaes stelt: ‘Hun stem en publiek zijn verloren. Je kunt ze beter begraven. Ze zijn dood.’ Jan vindt dit een uitstekend idee (‘Dát is een scène, jongen!’) en vervolgens is in de poppenkast te zien hoe de twee weten in te breken in het Theaterdepot om de poppen te stelen; de herinneringen komen weer in handen van de rechtmatige eigenaren.

~

‘Dit zijn geen rekwisieten, dit zijn personages. Deze poppen hebben ooit geleefd.’
Als laatste eerbetoon aan zijn vader geeft Servaes de poppen hun laatste rustplaats in het familiegraf. Een enigszins absurde vertoning in de poppenkast die op de lachspieren werkt, maar tegelijkertijd weet te ontroeren – de grote kracht van Servaes. De voorstelling eindigt met bewegende beelden van de familie Nelissen waarop onder andere te zien is hoe Jan zijn befaamde busje inlaadt. Even lijkt het alsof je er ook een beetje bij bent geweest. Ook al is Servaes dan niet zo religieus als zijn vader (‘Bid voor deze kleine kunstenaar’), laten we in ieder geval hopen dat zijn vader vanavond echt in het publiek zat. Het doek van de poppenkast gaat dicht en met een gevoel van heimwee verlaat het publiek de zaal.