Boeken / Non-fictie

De zondvloed deel 5

recensie: Boeken in de boekenweek

Nog meer bekende namen in deze boekenweek. Ditmaal Ruud de Wild, ons aller dj, die al vijftien jaar schildert en nu uit de kast komt met een boek met daarin vijftig van zijn schilderwerken. Eveneens uit dj-land klinkt de roep van de alweer bijna vergeten Easy Aloha’s. Onlangs maakten ze een heuse comeback, waarna ze meteen ook maar even een gezellig boekje uitbrachten met, hoe kan het ook anders, hun verzamelde columns.

Ruud de Wild – Every poet is a thief

Ruud de Wild is met zijn verzamelde kunstwerken niet uit de media te slaan: in populaire programma’s als Met het oog op morgen, Kunststof, De Wereld Draait Door en Barend en Van Dorp vertelde hij afgelopen week breeduit over zijn door muziek geïnspireerde schilderijen. De massa die De Wild vooral kent als succesvol DJ maakt nu voor het eerst kennis met de schilder De Wild.

Rollercoaster, 1999 (afbeelding uit besproken boek)
Rollercoaster, 1999 (afbeelding uit besproken boek)

In Every poet is a thief zijn ruim vijftig werken van De Wild verzameld, die stuk voor stuk gebaseerd zijn op flarden songtekst. Duidelijk wordt dat De Wild door zeer veel verschillende muzieksoorten wordt geroerd: Robbie Williams, Andre Hazes, Depeche Mode, Alanis Morissette, The Beatles , Dido – allemaal komen ze voorbij. Niet dat De Wild alleen zijn favoriete muziek in zijn schilderijen verwerkt. Over Rollercoaster, dat hij vlak na de dood van zijn moeder maakte, zegt De Wild: “Denk overigens niet dat ik van Ronan Keating hou. Dit doek bewijst dat je zelfs bij de allerstomste muziek emotie kunt voelen.”

Klaar is Ruud

De teksten die De Wild gebruikt staan allen prominent op het doek. Steeds trekt een voor De Wild belangrijke term of zin de aandacht. Dat zijn vaak bekende fragmenten of titels als ‘Lust for Life’ (Iggy Pop), ‘Beautiful Day’ (U2) of ‘Our house is a very fine house’ (Crosby, Stills, Nash & Young). Andere, minder bekende tekstflarden uit de liedjes zijn daar losjes omheen geschreven. Onwelwillende kritiek zou kunnen zijn dat De Wild zich er makkelijk van af maakt, dat zijn schilderkunst niets meer dan een steeds weer herhaaldtrucje is: pak een liedje, haal er een zinnetje uit, smeer wat verf op het doek, plak er wat letters over, en klaar is Ruud.

Het is verleidelijk De Wild weg te zetten als een bekende Nederlander die ook zonodig moet schilderen, maar daarmee doe je hem echt onrecht. Hij schildert al vijftien jaar, en al die tijd is muziek zijn uitgangspunt geweest – en dat zal het waarschijnlijk blijven ook. Every poet is a thief maakt ook duidelijk dat De Wild steeds naar nieuwe technieken en andere uitgangspunten zoekt, en vooral dat hij zich er niet met een Jantje van Leiden vanaf maakt. De Wild is een perfectionist die lang heeft getwijfeld over zijn kwaliteiten als schilder.

Where Taxi Drivers Never Stop Talking, 2004 (afbeelding uit besproken boek)
Where Taxi Drivers Never Stop Talking, 2004 (afbeelding uit besproken boek)

Openhartig?

De schilderijen in het boek worden begeleid door enkele beschrijvingen en verklaringen door De Wild, zoals opgetekend door Maarten Dessing. De Wild vertelt ‘openhartig’, als we al zijn interviewers op radio en televisie moeten geloven. Nu is het waar dat hij vertelt over de moord op Fortuyn, over het sektarische geloof van zijn ouders en over de geestelijke problemen die deze twee complexen bij hem hebben veroorzaakt. Maar echt openhartig zijn de teksten niet te noemen; De Wild lijkt zich altijd bewust te zijn van wat hij wel en wat hij niet zegt.

Aardig is dat de begeleidende tekstjes op twee manieren te lezen zijn: enerzijds is het een biografie van De Wild, maar tegelijkertijd geeft het de lezer inzicht in zijn manier van werken, kijken en luisteren. Jammer is dat er geen logische opbouw in de teksten zit; de schilderijen zijn op kleur gegroepeerd, terwijl de teksten chronologisch bedoeld lijken. Nu wordt soms aan gebeurtenissen gerefereerd waarover de lezer pas een paar pagina’s later op de hoogte wordt gesteld. Niet onoverkomelijk, maar toch storend. Voor het overige: een mooi vormgegeven boek dat een onbekende Ruud de Wild laat zien. (Jaun Auke Brink)

Uitgever: Podium • Prijs: € 25,- • 192 pagina’s (full colour) • ISBN: 9057591375

Easy Aloha’s – Zeepaardje met een hoed op (+ cd)

“De wereldmuziek verkocht fantastisch in het Amerika van de jaren vijftig. Mannen kochten het om weg te zwijmelen, terwijl hun vrouwen lagen te dromen van Ali Baba en zijn veertig ondeugende rovers. Sindsdien is het helemaal misgegaan. De oosterse vrouw is van verleidelijk veranderd in een onderdrukte of een heks met een Zwarte Ku Klux Klan-Jurk. En de man van een exotische minnaar in een terrorist met een theedoek.”

Het is een iets ingekort citaat uit het boek Zeepaardje met een hoed op van de Easy Aloha’s. De Easy Aloha’s zijn Bas Albers en Gerard Janssen. Ze waren halverwege de jaren negentig de hoofdrolspelers in de inmiddels vergeten hype die easy tune heette. ‘Liftmuziek’ of ‘nieuwe truttigheid’ waren de termen die erop geplakt werden. Zelf noemden ze hun easy tune graag ‘niets aan de hand’-muziek. Hun boek bestaat uit een verzameling columns die eerder in Vrij Nederland en de VPRO-gids verschenen, aangevuld met het nog niet eerder verschenen essay: Over mooi en lelijk en zo. Het geheel is een ‘gezellig’ boekje vol lieve en rake observaties.

‘Niets aan de hand’ zou een goede ondertitel zijn voor Zeepaardje met een hoed op. Het is een collectie van ‘niets aan de hand’-columns aangevuld met een ‘niets aan de hand’-essay. Dit betekent gelukkig niet automatisch dat het boek niet boeiend is. Of het nu gaat over spreeuwerigheid of grote gevoelens, de twee muzikanten leveren kleine, maar rake observaties af. Ondertussen komt de lezer ook nog eens te weten dat een bedrijf in Barcelona voor 1000 euro aangeeft of je plaatje een hit wordt. Verder leren we in Rocky dat er in de jaren vijftig een Amerikaanse arabier was die wereldmuziek maakte en op zijn platenhoezen werd afgebeeld naast de blote borsten van buikdanseressen. Dat laatste lijkt nu misschien ondenkbaar, maar dat is een hype die easy tune heet ook. (Pieter van Megen)

Uitgever: Nieuw Amsterdam • Prijs: 14,95 • 192 pagina’s • ISBN: 90 468 0036 9

Lees ook: Boekenweek 2006 – een overzicht

Piazza groot

Reageer op dit artikel