Berichten

Theater / Voorstelling

Interessante spin-off over radicaliserende Duindorper

recensie: Het Nationale Theater - De wereld volgens John

Een Netflix-serie op het toneel, zo werd The Nation vorig jaar genoemd. De zesdelige marathon werd zo gretig gebingewatched dat een prequel of sequel niet uit kon blijven. Dit seizoen is de spin-off te zien, met de rechtse radiopresentator John Landschot in de titelrol. De wereld volgens John gaat echter verrassend weinig over John, en veel meer over de wereld die hij schept.

De wereld van John

Die wereld zit scenografisch slim in elkaar. John (Bram Coopmans) loopt vanuit de zaal naar zijn radiostudio aan de rand van het podium. Voordat zijn show goed en wel begonnen is, zendt hij een remix van opruiende audiofragmenten de lucht in. Hij is een vernuftige DJ die precies weet welke knoppen hij in moet drukken om een reactie te veroorzaken. De ‘linkse gekkies’ die hij te kakken zet zijn verontwaardigde luisteraars die ver verwijderd van het publiek, achter een raam, staan te bellen. Eric de Vroedt en decorontwerper Maze de Boer vatten de atmosfeer van politieke podcasts en vlogs in tijden van polarisatie: het andere geluid functioneert als figurant in het narratief van de presentator.

Ten midden van grappen over Zwarte Piet en de mainstream media ontvangen John en co-host Cernaz twee bijzondere nieuwsberichten. Op het strand van Duindorp is een brand uitgebroken, met een sterfgeval als gevolg, en in Blijdorp heeft een man zich opgesloten in het gorillaverblijf. Die twee gebeurtenissen hebben beiden te maken met Jan K., een Duindorper die met zijn vrienden niets liever doet dan het maken van vreugdevuren.

De wereld van Kim

Kim, podcastmaker bij De Correspondent, maakt een serie over zijn leven en zo ontstaat er een tweede wereld op het toneel: één waar een links geluid de boventoon voert. Met het gorillaverblijf als decor en een gorilla die als fremdkörper over het podium loopt zien we hoe Kim steeds dieper in het leven van Jan duikt. Jans jaarlijkse vreugdevuur dreigt verhinderd te worden door de bouw van het Soho Beach House, een gebouw waar vooral hippe, rijke millennials baat bij hebben. Een eerlijk betaalde baan is ver te zoeken. Zijn vader heeft moeten werken met kankerverwekkende stoffen en is daar ernstig ziek door geworden.

De uiteindelijke radicalisering van Jan K. wordt inzichtelijk gemaakt door een samenleving te laten zien die hem continu kleineert en benadeelt. Even lijkt er sprake te zijn van een romance, waarin Jan en Kim – links en rechts, rijk en arm – over elkaars verschillen kunnen kijken en samenkomen. Maar uiteindelijk blijkt Jan toch een project van De Correspondent te zijn. John en Kim gebruiken hem, ieder op hun eigen manier, voor hun eigen belangen.

Dan valt de gorilla – en de reden waarom Jan in zijn verblijf is gaan staan – op zijn plek. Het is een dier dat weliswaar gevaarlijk is, maar wel volledig oprecht. Als Kim, het eerste ‘linkse’ personage dat als gelijke bij John aan tafel zit, en John over het lot van Jan ruziën wordt de hypocrisie van beiden duidelijk. Beiden veronderstellen empathie te hebben voor Jans lot, maar geen van beiden hebben echt een verbinding met hem kunnen leggen.

Empathie…voor wie?

De wereld volgens John gaat niet om een boze witte man, maar over een witte man die boos wordt, en de redenen die hij heeft om boos te worden. Het vraagt een publiek om empathie te voelen voor een radicaliserende jongen als Jan. Tegelijkertijd is die empathie een voorrecht voor diegenen die niet door Jans homofobie, racisme of seksisme worden geraakt. Kims vriend Timo – met blonde highlights, want homo – bestaat in dit stuk alleen om in elkaar geslagen te worden en een donkere kant van Jan te onderstrepen. Voor een gezelschap dat zo begaan is met inclusiviteit is het teleurstellend om te zien dat LHBTI-personages zo worden ingezet. Bovendien verzwakt het de finale. Het is immers een stuk lastiger om empathie op te brengen voor een personage als Jan K. , als hij een bedreiging is voor jouw fysieke veiligheid. Een tegenvallend slotakkoord voor wat verder een interessante spin-off is.

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Interessante spin-off over radicaliserende Duindorper

recensie: Het Nationale Theater - De wereld volgens John

Een Netflix-serie op het toneel, zo werd The Nation vorig jaar genoemd. De zesdelige marathon werd zo gretig gebingewatched dat een prequel of sequel niet uit kon blijven. Dit seizoen is de spin-off te zien, met de rechtse radiopresentator John Landschot in de titelrol. De wereld volgens John gaat echter verrassend weinig over John, en veel meer over de wereld die hij schept.

De wereld van John

Die wereld zit scenografisch slim in elkaar. John (Bram Coopmans) loopt vanuit de zaal naar zijn radiostudio aan de rand van het podium. Voordat zijn show goed en wel begonnen is, zendt hij een remix van opruiende audiofragmenten de lucht in. Hij is een vernuftige DJ die precies weet welke knoppen hij in moet drukken om een reactie te veroorzaken. De ‘linkse gekkies’ die hij te kakken zet zijn verontwaardigde luisteraars die ver verwijderd van het publiek, achter een raam, staan te bellen. Eric de Vroedt en decorontwerper Maze de Boer vatten de atmosfeer van politieke podcasts en vlogs in tijden van polarisatie: het andere geluid functioneert als figurant in het narratief van de presentator.

Ten midden van grappen over Zwarte Piet en de mainstream media ontvangen John en co-host Cernaz twee bijzondere nieuwsberichten. Op het strand van Duindorp is een brand uitgebroken, met een sterfgeval als gevolg, en in Blijdorp heeft een man zich opgesloten in het gorillaverblijf. Die twee gebeurtenissen hebben beiden te maken met Jan K., een Duindorper die met zijn vrienden niets liever doet dan het maken van vreugdevuren.

De wereld van Kim

Kim, podcastmaker bij De Correspondent, maakt een serie over zijn leven en zo ontstaat er een tweede wereld op het toneel: één waar een links geluid de boventoon voert. Met het gorillaverblijf als decor en een gorilla die als fremdkörper over het podium loopt zien we hoe Kim steeds dieper in het leven van Jan duikt. Jans jaarlijkse vreugdevuur dreigt verhinderd te worden door de bouw van het Soho Beach House, een gebouw waar vooral hippe, rijke millennials baat bij hebben. Een eerlijk betaalde baan is ver te zoeken. Zijn vader heeft moeten werken met kankerverwekkende stoffen en is daar ernstig ziek door geworden.

De uiteindelijke radicalisering van Jan K. wordt inzichtelijk gemaakt door een samenleving te laten zien die hem continu kleineert en benadeelt. Even lijkt er sprake te zijn van een romance, waarin Jan en Kim – links en rechts, rijk en arm – over elkaars verschillen kunnen kijken en samenkomen. Maar uiteindelijk blijkt Jan toch een project van De Correspondent te zijn. John en Kim gebruiken hem, ieder op hun eigen manier, voor hun eigen belangen.

Dan valt de gorilla – en de reden waarom Jan in zijn verblijf is gaan staan – op zijn plek. Het is een dier dat weliswaar gevaarlijk is, maar wel volledig oprecht. Als Kim, het eerste ‘linkse’ personage dat als gelijke bij John aan tafel zit, en John over het lot van Jan ruziën wordt de hypocrisie van beiden duidelijk. Beiden veronderstellen empathie te hebben voor Jans lot, maar geen van beiden hebben echt een verbinding met hem kunnen leggen.

Empathie…voor wie?

De wereld volgens John gaat niet om een boze witte man, maar over een witte man die boos wordt, en de redenen die hij heeft om boos te worden. Het vraagt een publiek om empathie te voelen voor een radicaliserende jongen als Jan. Tegelijkertijd is die empathie een voorrecht voor diegenen die niet door Jans homofobie, racisme of seksisme worden geraakt. Kims vriend Timo – met blonde highlights, want homo – bestaat in dit stuk alleen om in elkaar geslagen te worden en een donkere kant van Jan te onderstrepen. Voor een gezelschap dat zo begaan is met inclusiviteit is het teleurstellend om te zien dat LHBTI-personages zo worden ingezet. Bovendien verzwakt het de finale. Het is immers een stuk lastiger om empathie op te brengen voor een personage als Jan K. , als hij een bedreiging is voor jouw fysieke veiligheid. Een tegenvallend slotakkoord voor wat verder een interessante spin-off is.

Reageer op dit artikel

Theater / Voorstelling

Over de vitale en soms fatale liefde

recensie: Het Nationale Theater / Toneelgroep Oostpool - Ondine

Ondine, de feestelijke zomerproductie van Het Nationale Theater in samenwerking met Toneelgroep Oostpool, ziet er prachtig uit en spettert letterlijk het theater uit, maar stroomt qua inhoud een stuk minder vloeiend. Na een langdradig begin komt er gelukkig een flitsend en erg geestig middengedeelte. Het laatste bedrijf is dan weer, op een paar grappige momenten na, nogal vlak maar het einde van het stuk is bloedmooi en erg ontroerend.

Het toneelstuk Ondine van Jean Giraudoux gaat over de waternimf Ondine die verliefd wordt op een mens – Ridder Hans, een leuke Joris Smit – met hem meegaat naar het hof maar het uiteindelijk niet redt in de mensenwereld. Ze is te puur en te eerlijk én ze is geen mens.

Orkestbak vol water

Ondine is de eerste grote zaal productie van Jeroen De Man. Hij heeft voor dit stuk werkelijk alles uit de kast getrokken qua aankleding en vormgeving. De orkestbak van de Koninklijke Schouwburg is gevuld met water, er zijn schitterende achterdoeken, een storm woedt, er is een majestueus paleis en de normaal zo plechtige voorgevel van de schouwburg is getransformeerd tot een terras met allerlei trappen, doorkijkjes en intieme zitjes.

Qua inhoud is de voorstelling een stuk minder indrukwekkend. Het is nauwelijks te geloven als je te maken hebt met acteurs als Jaap Spijkers en Sylvia Poorta, maar het begin is houterig en saai. Dat komt  vooral door de van clichés en flauwe grappen bol staande tekst. Dat Ridder Hans een makkelijk beïnvloedbare ijdeltuit is en Ondine wel heel erg naïef helpt ook niet. Maar gelukkig komt Mark Rietman, in een glinsterend schubbenkostuum, uit het water kruipen om de voorstelling te redden. Hij is Ondines gemene oom, de Koning der Watergeesten.

Het tweede bedrijf is totaal over de top en buitengewoon leuk. We zijn aan het hof, de kostuums inclusief overdadige pruiken zijn schitterend, het barst van de gemeneriken en er zijn veel grappen, soms alleen leuk voor theaterinsiders, maar meestal voor iedereen te vatten en erg geestig. Ook nu heeft Rietman een fijne rol: hij doet zich voor als illusionist met als doel de liefde tussen Hans en Ondine te torpederen.

Sprookje

Evgenia Brendes heeft het perfecte gezicht om een waternimf te spelen. Haar Ondine is kinderlijk, gaat haar eigen gang en is af en toe behoorlijk irritant. (Mij doet ze een beetje denken aan Saga uit The Bridge, zij het jonger en veel vrolijker.) Gedurende de loop van het stuk verandert haar houding, ze groeit als het ware op. Ze past zich niet aan, ze blijft haar eigen weg gaan, maar ze zoekt manieren om te redden wat er te redden valt. Haar grote moment komt aan het einde als ze laat zien hoe diep haar liefde voor Hans is en hoe ze zich zonder meer op wil offeren om hem te redden. Op dat moment kun je niet anders dan van haar houden.

Ondine is soms een feest om mee te maken, soms een bezoeking maar met drie uur absoluut minstens drie kwartier te lang. Geweldig dat De Man zoveel lef en fantasie heeft, maar voor de genietbaarheid van het stuk zou het hebben geholpen als hij wat darlings had gekilld, zoals het bijna een verplichting lijkende item over de plastic troep in onze oceanen dat in de hier gevonden vorm geen enkele impact heeft, integendeel. En wat meer diepgang zou ook fijn zijn geweest. After all, het gaat hier om een sprookje, het soort verhaal dat door psychoanalytici wordt gebruikt om hun cliënten het een en ander bij te brengen.

Desalniettemin maakt het ontroerende zeer sprookjesachtige einde heel veel goed.

Reageer op dit artikel