Theater / Voorstelling

Jeroen Spitzenberger redt rommelige Cyrano

recensie: Cyrano – Bos Theaterproducties/Inge Bos
Cyrano 1Willem Walderveen

Iemand die lelijk is, legt het in de liefde altijd af tegen een Lekker Ding. Zelfs wanneer de lelijkerd intelligent is en het Lekkere Ding een sukkel, want de lelijkerd krijgt zijn liefde niet over het voetlicht. Eigenlijk is dat de boodschap van de onevenwichtige Cyrano van Bos Theaterproducties/Inge Bos.

Hoe kun je een intelligente mens, die met zijn scherpe tong iedereen op zijn nummer zet, niettemin buitenspel zetten? Door hem aan te vallen op een kwetsbare plek waarop hij zelf geen invloed heeft: zijn uiterlijk. Bij Cyrano de Bergerac is dat zijn gedrochtelijke, lange neus. Die neus ontneemt hem zelfs de liefde waarnaar hij snakt.

Franse garde

Cyrano de Bergerac (1897) is een beroemd stuk van Edmond Rostand (1868-1918), veel gespeeld en ook verfilmd. Het personage is gebaseerd op een Fransman die in de zeventiende eeuw echt heeft geleefd.
Cyrano maakt deel uit van de Franse garde. Het land is in oorlog, soldaten staan voortdurend op het punt naar het slagveld gestuurd te worden. Ondertussen vermaken ze zich in herbergen, met ruzie zoeken, met eten en drinken. Bos Theaterproducties/Inge Bos voegt daaraan muzikanten en gezang toe.

Oliedom

Cyrano is heimelijk al een half leven verliefd op zijn achternichtje, de keurige Roxanne. Maar omdat hij lelijk – en arm – is, ziet zij hem niet staan. Bij gebrek aan inkomsten dreigt Roxanne een huwelijk te moeten aangaan met de nare, opdringerige, kapitaalkrachtige Graaf De Guiche.
Maar dan wordt de knappe Christian toegevoegd aan de garde. Roxanne valt onmiddellijk als een blok voor hem. Christian is echter oliedom, hij weet niks, hij snapt niks, hij zegt niks. Cyrano stelt aan Christian voor in diens naam liefdesbrieven te schrijven aan Roxanne om haar aan het lijntje te houden. Onderliggend motief: dan kan Cyrano meteen zelf zijn gevoelens verwoorden. Christian weet niets van de geheime verliefdheid en stemt in. Maar dan moeten Christian, Cyrano én De Guiche opeens naar het slagveld, met alle gevolgen van dien.

Neus

Bij Rostand is Cyrano de Bergerac een zeer gelaagd en complex tragikomisch personage. Hij is intelligent, liefdevol, spitsvondig, moedig, geestig, kritisch, loyaal, verdrietig, verlegen. Dat hij een absurd lange neus heeft, maakt hem onzeker en het jaagt hem in de verdediging. Het verhaal wil dat hij lelijk is, en daar schreeuwt de man niet overheen, al probeert hij het wel. Zijn onzekerheid laat hem steeds op het verkeerde moment gas terugnemen.

Lelijk en luid

De Cyrano (Jeroen Spitzenberger) waarvoor regisseur Jasper Verheugd kiest is een stuk vlakker dan de versie van Rostand. Zijn Cyrano is weliswaar rad van tong, maar hij moet vooral lelijk en nogal luid zijn, en hij heeft de lach aan zijn kont.
Regisseur Verheugd geeft Jeroen Spitzenberger feitelijk niet de ruimte de diepte op te zoeken, de lagen van zijn personage te laten zien. Bovendien is de door Roxanne afgewezen lelijkerd laten spelen door Spitzenberger bij voorbaat ongeloofwaardig, omdat Spitzenberger onbetwistbaar een mooie man is, ook al geef je hem een matje in zijn nek en een aanplakneus.

Actualisering

Verheugd maakt van Cyrano een hybride voorstelling die het midden houdt tussen teksttoneel, musical en muziektheater, weinig organisch gemonteerd. Alsof de makers niet konden kiezen tussen genres, met een rommelig geheel tot gevolg. Natuurlijk: er zijn eerdere musicalbewerkingen van Cyrano de Bergerac, bijvoorbeeld die met de ijzersterke Bill van Dijk in de titelrol (1993-94). Maar daar hingen muziek, zang en dans er niet bij, daarin waren ze geïntegreerd in de handeling.

De tekstbewerking, goeddeels op rijm, van Jibbe Willems streeft naar actualisering om het stuk naar het ‘nu’ te halen, maar schiet daarbij haar doel voorbij omdat te veel wordt gezocht naar koddigheid. Het resultaat is een aaneenschakeling van taalgrappen, woordspelingen, misverstanden en verdraaiingen.

Jongleren

Regisseur Verheugd mag zich gelukkig prijzen dat hij de beschikking heeft over een uitmuntend acteur als Jeroen Spitzenberger voor zijn Cyrano. Spitzenberger redt deze rommelige voorstelling. Hij jongleert met de lastige tekst, die ook nog eens deels op rijm is. Hij kijkt en luistert naar zijn medespelers en reageert voortdurend, maar zonder woorden. Zijn gezicht glijdt van emotie naar emotie naar emotie, van lachend naar sluw, voor boos naar geamuseerd. Hij improviseert probleemloos op kleinigheden die misgaan, terzijdes tegen het publiek zijn snel en scherp. Hij fladdert lichtvoetig over het podium, waarmee hij in zekere zin ook zijn tegenspelers inspireert en ze een extra zetje geeft. Hij steelt moeiteloos de show.

Shelley Bos als Roxanne heeft het niet makkelijk: Verheugd kiest niet of zij nou een keurig meisje is of een openlijk geile wijsneus. Daarbij moet ze alles wat Roxanne ‘zegt’ ook ‘spelen’: woorden krijgen een gelijkluidend handgebaar, haaks commentaar op haar tekst ontbreekt daardoor.

De spelers – deels ook muzikanten – hebben allemaal een heleboel dubbelrollen, op Cyrano, Roxanne, Christian (Keanu Visscher) en De Guiche (Finn Ponci) na. Dat is voor de spelers een enorme uitdaging, en ze verdienen daarvoor dan ook een pluim.

Balans

Alles aan het decor is scheef en uit balans in Cyrano van Bos Theaterproducties/Inge Bos. De houten speelvloer helt fraai schuin voorover, wat spelers voortdurend dwingt hun evenwicht te zoeken. Dat is een mooi idee in een stuk waarin alle balans voortdurend zoek is.
Merkwaardig is wel dat de spelers zijn gekleed in een soort piratenpakjes, waardoor ze eerder lijken op zeerovers dan op gardisten (decor en kostuumontwerp: Joris van Veldhoven).

Jeroen Spitzenberger is vandaag de dag weinig live te zien, hij staat vooral vaak voor de camera. Cyrano is een kans om met eigen ogen te gaan zien hoe ongelooflijk goed deze acteur is.

Tekst: Edmond Rostand
Bewerking: Jibbe Willems
Muziek: Fons Merkies
Decor- en kostuumontwerp: Joris van Veldhoven
Lichtontwerp: Bart van den Heuvel