
IDFA 2009
Afgelopen zaterdag, op de derde dag van het IDFA, was het dan eindelijk zover: de Nederlandse première van When You’re Strange, de anderhalf uur durende documentaire over de Amerikaanse psychedelische rockband The Doors. Al jaren kijken fans uit de hele wereld naar de film uit, maar vreemd genoeg bleef juist het Amerikaanse publiek tot nu toe verstoken van een bioscooproulement.
Deel 1 | Deel 2 | Deel 3: When You’re Strange | Deel 4 | Deel 5
Voice-over Johnny Depp vertelt het verhaal van The Doors, dat begint in 1965, in een als oefenruimte ingericht strandhuis in Santa Monica. De geboorte van een band waarvan de gitarist pas een half jaar elektrische gitaar speelt, de drummer een fanatiek jazzadept is, de toetsenist met de linkerhand baslijnen op zijn keyboard speelt en de zanger nog nooit gezongen heeft.
Archiefbeelden
~
Van een concert tijdens de Europese tour in 1968 werden de gruizige zwartwitbeelden vastgelegd door een televisieploeg die het vooropgezette plan had The Doors als een politiek geëngageerde popgroep te portretteren. Tijdens een interview in Londen bevestigt Morrison dat beeld wanneer hij stelt dat ‘these days, I think you have to be a politician or an assassin to really be a superstar‘. Eerder dat jaar had hij verklaard dat zijn band een stel ‘erotic politicians‘ was. Ook Morrisons roadmovie-zonder-plot HWY (1969) levert enige memorabele – overigens volstrekt niet politiek getinte – fragmenten op, zoals het shot van een jonge, luid jankende en hijgende coyote, die zieltogend op het asfalt ligt te sterven na te zijn aangereden. Verder biedt HWY weinig opzienbarends: ellenlange, trage shots van een highway in de woestijn, een lifter (gespeeld door een zwaar bebaarde Jim Morrison) en een auto. Als er al een statement van deze beelden uitgaat, is dat er een van de zoektocht naar de eigen innerlijke diepten. Overgeleverd aan de krachten van afzondering in de soms wrede natuur.
~
Honger naar spektakel
In onze moderne tijd, waarin grote sterren personal assistants, imagodeskundigen en andere begeleiders ter beschikking hebben, zijn de omstandigheden waarin The Doors werkzaam waren aandoenlijk en naïef. Zij werden steevast begeleid door een entourage van vrienden, bodyguards en ‘hangers-on‘, een kliek die zich voornamelijk rondom de erop los levende Morrison schaarde. Op een gegeven moment huurden de bezorgde bandleden beroepsdrinkers in, die moesten zorgen dat Jim zijn excessieve alcoholgebruik binnen de perken zou houden. ‘They couldn’t keep up with him,’ vertelt Johnny Depp met nauw verholen bewondering in zijn stem.
~
Eerbetoon of mythevorming?
Dat When You’re Strange zo zwaar leunt op soms inferieur beeldmateriaal en zich voornamelijk op één persoon richt, is tegelijk de charme en de tekortkoming van de film. DiCillo had een andere aanpak kunnen volgen, bijvoorbeeld door de oude beelden af te wisselen met nieuwe (reportages, interviews), door de andere bandleden meer aan bod te laten komen, of door een relevante thematiek te behandelen. De rol die literatuur en poëzie in de muziek van The Doors speelt bijvoorbeeld. Maar de titel zegt eigenlijk al genoeg: het was uitsluitend Jim Morrison die ‘strange‘ was, en zijn mysterieuze aantrekkingskracht heeft in het verleden ruimschoots bewezen geld in het laatje te brengen. En daarmee dringt zich heimelijk de vraag op of deze documentaire een min of meer objectief eerbetoon is, of toch heel commercieel de mythevorming in stand houdt.