Oorlog, gezien door vrouwenogen

Oorlog is een mannenzaak, die leidt tot een mannenverhaal. Vrouwen komen daarin op de tweede plaats. Zij zijn vooral slachtoffer, achterblijver, vluchteling. Tegen de achtergrond van de oorlog in Oekraïne maakt Dood Paard Women in Troy, as told by our mothers: als je de vrouwen aan het woord laat, welk verhaal over de oorlog hoor je dan? Een interessant gedachtenexperiment. Helaas overtuigt het resultaat niet helemaal.
Oorlog is een mannenhobby. Vrouwen realiseren zich bij het begrip ‘oorlog’ vooral dat hun mannen en zoons het leven kunnen laten; zijzelf en hun dochters verkracht kunnen worden; dat er aan alles gebrek zal zijn. Het archetype voor alle oorlogen is de -al dan niet fictieve- tien jaar durende Trojaanse oorlog in het klassieke Griekenland. In het licht van de oorlog in Oekraïne is het een origineel idee vrouwen eens op de voorgrond te laten treden.
Slachtoffer
De Portugese schrijver en acteur Tiago Rodrigues nam als uitgangspunt de klassieke teksten over de Trojaanse oorlog. Die kennen we vooral als het verhaal van mannen zoals Achilles, Agamemnon, Hektor. De belangrijkste vrouw die langskomt is de verleidelijke Helena, om wie de oorlog zou zijn begonnen; terwijl je Helena volgens Rodrigues ook kunt zien als slachtoffer, als slaaf, als misbruikte vrouw, die opgesloten zit in dat vermaledijde Troje.
Zo zijn alle vrouwen die een rol spelen in de Trojaanse oorlog het slachtoffer. Ze zijn geen zelfstandig individu, maar de echtgenote, de dochter, de moeder van een man. Kassandra, Hecuba, Briseïs. Ze worden niet geloofd, er wordt over hen heen gewalst, ze worden doorgegeven van man naar man.
Omslachtig
De vier personages in Women in Troy, as told by our mothers verplaatsen zich in de Griekse vrouwen. Daarnaast proberen de acteurs hun eigen -niet aanwezige- moeders te laten vertellen over de Trojaanse oorlog, terwijl de portretten van die moeders worden geprojecteerd op de schermen die dienen als achterwand bij de voorstelling. Dit alles werkt niet helemaal: de associaties schieten alle kanten op.
Deze manier van vertellen is nogal omslachtig. De geschiedenis van de Trojaanse oorlog wordt bekend verondersteld; anders zijn de verwijzingen lastig te volgen. Misschien is het voor toeschouwers het verstandigste die Trojaanse oorlog meer te zien als kapstok voor het gesprek, dan als onderwerp van de voorstelling.
De tekst is Engelstalig, er is een Nederlandse boventiteling. Die keuze is te billijken: acteur Alesya Andrushevska is samen met haar moeder gevlucht uit Oekraïne, en spreekt geen Nederlands. Dat gegeven maakt deze voorstelling actueler en urgenter. De oorlog in Troje mag lang geleden zijn, in feite is oorlog natuurlijk nooit ver weg.
Beddensprei
Het toneelbeeld is minder gelukkig gekozen. Hoe zet je vier mensen neer die een gesprek voeren over vrouwen? Je laat ze met zijn allen haken aan dezelfde reuzensprei. De vier acteurs zitten elk op een krukje, hebben elk een haaknaald en haken al vertellend verder aan het beddengoed. Dood Paard geeft zijn voorstelling over vrouwen in oorlogstijd op deze manier vorm met behulp van een bijna pijnlijk clichébeeld. Het beste wat je hiervan kunt maken is dat een bed symbool staat voor huiselijkheid, rust en intimiteit.
Het achterliggende idee is volgens het gezelschap dat diverse textielkunstenaars dit materiaal gebruiken als vorm van protest; maar die betekenis haalt de nietsvermoedende toeschouwer er niet uit. Het gezamenlijk haken maakt van deze personages huisvrouwen. Een vreemde keuze voor een voorstelling die juist gaat over de feministische kijk op oorlog. Bovendien zitten de acteurs ongeveer aan die sprei vastgeknoopt, waardoor ze worden beperkt in hun spel en het geheel nogal statisch oogt. Je kunt deze voorstelling zien als een vorm van storytelling, maar dan nog gebeurt er wel erg weinig.
Urgentie
Zoals de vier vertelde verhalen nogal van elkaar verschillen, zo verschillen ook de acteeropvattingen. Sterk is vooral Manja Topper. Ze
schakelt overtuigend tussen rustig vertellen, schreeuwen, verdrietig of juist sarcastisch zijn. Kuno Bakker zet een woedende Hecuba neer, schreeuwend, hatend. De Oekraïense Alesya Andrushevska is vooral dienstbaar vanwege het besef dat juist zij doorvoelt hoe ingrijpend en verwoestend oorlog is. Tomer Pawlicki krijgt het minst interessante gegeven mee van auteur Rodrigues: zijn personage leest samen met zijn moeder Homerus’ Ilias, wat een nogal gekunstelde vorm is om het te hebben over oorlog. Mooi is Pawlicki wel als hij de Trojaanse koningin Hecuba wraakzuchtig laat zijn over alle dierbaren die ze tijdens de oorlog verloor.
Women in Troy, as told by our mothers is zo een tamelijk onevenwichtige voorstelling, maar wel een met een actuele urgentie.





heks kleeft niet de negatieve betekenis die vaak aan het woord wordt gehecht. Zij komt eerst niet bepaald sympathiek over, maar gaandeweg het verhaal kantelt dit beeld. Wat ze doet, is de waarheid vertellen en dat is iets dat niet iedereen kan waarderen. Het is allemaal niet zwart-wit. Ook niet in het overwegend witte toneel; de waard (de Nederlandse bariton Roger Smeets) heeft een zwart accent (zijn beurs!), enkele bijfiguren zijn in een gewoon pak gekleed. Het gevaar zit erin dat het geld en het volk de macht krijgen; hoe actueel wil je het hebben!


© Daniele Petrovic
Annemieke van der Togt
Sanne Peper
Rosa Quist
Rosa Quist
© Photo by Scott Garfield
Malin Hollaar 




Tim Mintiens Photography 



door heel Nederland. Deze musical uit 2016 is in 2020 verfilmd en werd een Netflix-hit met Meryl Streep en James Cordon, maar de musical in het theater blijkt nóg leuker.
wat doe je als je als Broadwayster te arrogant gevonden wordt en je alleen maar slechte recensies krijgt? Dan laat je zien dat je onbaatzuchtig bent en jij je naasten lief hebt. Maar hoe? Huizen bouwen voor de armen lijkt de sterren wat ver te gaan, ze zoeken makkelijk oplosbaar leed en dat denken ze te vinden in het ‘lesbienneleed’ van Emma (Julliëtte van Tongeren). Dit meisje uit Indiana wil graag met haar vriendin naar het gala, maar de ouderraad is bang dat hun kinderen hierdoor ook homoseksueel worden en lassen het gala af. Een probleem dat de extravagante gay(iconen) Broadwaysterren wel even oplossen, toch?
Internationale musicalster Pia Douwes speelt haar rol als theaterdiva Deedee met verve. Ze zingt en speelt de sterren schijnbaar moeiteloos van de hemel. Het is erg fijn haar weer zo op het podium te zien, nadat ze in 2019 plots haar stem had verloren. Aan Dennis Willekens, Barry, heeft ze een goede tegenspeler die met regelmaat de lachers op zijn hand heeft, maar ook af en toe zorgt voor wat ontroering. Ook de over de top Trent (Barry Beijer) zorgt voor veel humor op het podium. Bovendien is het erg fijn om Joke de Kruijf te zien schitteren als vermoeide Broadwayster en Winneke Remmers als boze voorzitter van de ouderraad. Te midden van alle glitter en glamour zet de jonge Juliette van Tongeren juist een hele ontroerende, zonder poespas, Emma neer. Waar de andere acteurs veel shownummers hebben, staat Juliëtte regelmatig alleen op het podium en weet te ontroeren met haar geloofwaardige en kleine spel. Net als Emma laat Juliëtte zich niet gek maken door alle grote namen op het podium.
feestjes uitgepakt qua kostuums en is de glitter nooit ver weg. Sterk is ook de keuze om de musicalversie uit 2016 te volgen en niet de filmversie van Netflix. Het verhaal is namelijk genuanceerder en laat Emma nu goed in de spotlight staan, terwijl er in de filmversie (te) veel aandacht gaat naar het drama uit Barry’s jeugd.


Marco Borggreve


Accenten
Thisbe op ter gelegenheid van het huwelijk van Theseus en Hippolyta. Opvallend is, dat Theseus en Hippolyta in het libretto van Britten en zijn partner tenor Peter Pears pas heel laat in de opera op het toneel verschijnen. Maar dan heb je ook wat: bas-bariton Quirijn de Lang zong zijn rol koninklijk en het timbre van de alt-mezzo Eva Kroon is prachtig.
Willem Walderveen
Bol.com