Kunst / Achtergrond
special: Een interview met Tomas Schats

Absurditeit en het normale

.

Tomas Schats (1976) gebruikt verschillende middelen om zich uit te drukken. Hij tekent, dicht en maakt animatiefilms. Af en toe waagt hij zich aan een installatie. Zijn werken lijken getuigenissen van een zoektocht naar hoe de wereld in elkaar zit; niet de grote systemen, maar juist de kleine gebeurtenissen, de bouwstenen van onze levens. Welke vorm hij ook gebruikt, één ding staat centraal: met zo min mogelijk middelen een poëtische boodschap overbrengen.

Schats observeert het dagelijkse leven. Op zoek naar een element om een actie of moment levend te maken. Alleen als een tekening, één beeld, echt niet voldoende is om te vertellen wat hij voor ogen heeft, stapt hij over naar animatie, die dan opgebouwd is uit een reeks tekeningen. Het grafische aspect staat altijd centraal in zijn werk. Op dit moment is hij ‘lekker’ bezig. Zijn werk Tenthuisje is onder andere te zien in de tentoonstelling SHELTER Tenten, hutten en andere schuilplaatsen in Museum De Fundatie in Zwolle. In 2006 had hij een tentoonstelling in het Stedelijk Museum van Schiedam. Zijn animaties zijn tot in Rusland op grote filmfestivals te zien. Ook werkt hij als illustrator, onder meer voor NRC Next en de VPRO-gids.

Tomas Schats, 'Tenthuisje' <br>Courtesy RAM Galerie
Tomas Schats, ‘Tenthuisje’
Courtesy RAM Galerie

Eliminatie van het overbodige


Ik zoek hem op in zijn gloednieuwe appartement in Rotterdam. Eigenlijk om te praten over zijn bijdrage aan Shelter, maar al snel gaat het over veel meer. Opvallend in Schats’ zijn woning, is dat het er ontzettend netjes is. Vooral zijn werkplek, een bureautje met daarnaast een kast, is een en al orde. In de kast staan papierbakjes, waarin schetsen op onderwerp geordend zijn. Op de wand voor zijn bureau zijn met punaises schetsen bevestigd, zorgvuldig gerangschikt. De schetsen dienen als aanloop tot een definitieve tekening, waarin al het overbodige is weggelaten. Je ziet dat zijn lijnen in deze ‘probeersels’ steeds trefzekerder worden.

Ik vraag Tomas hoe belangrijk orde voor hem is. Hij vertelt dat het vooral praktisch is, het is prettig om het overzicht te houden. “‘Maar” zegt hij, “het voelt ook fijn, zeker wanneer het in je hoofd soms een grote chaos is”. Dat zijn hoofd nogal vol zit kan ik me voorstellen. Hij lijkt mij een erg opmerkzaam persoon, gevoelig voor de absurditeit in het normale. Niet dat je dat in een oogwenk te weten komt. Op het eerste gezicht lijkt hij vooral (zacht)aardig, gezellig en gastvrij. Ik krijg namelijk sloten koffie en hij blijft zeggen: “Neem nog maar een koekje, hoor!”.

Tomas Schats, 'Sneeuwstappen' <br>Courtesy RAM Galerie
Tomas Schats, ‘Sneeuwstappen’
Courtesy RAM Galerie

Observaties van het alledaagse

Zijn opmerkzaamheid wordt vooral duidelijk als je zijn boekje Fisherman’s Friend leest, waarin teksten van zijn eigen hand zijn gepubliceerd. De teksten zijn voornamelijk observaties van alledaagse zaken. Hij stelt zich hierin opvallend afstandelijk en – opnieuw – nauwkeurig op. Toch hebben deze teksten altijd een wat melancholiek karakter: ‘Zoveel wind waait er in mijn gezicht en zo weinig dat ik ervan kan inademen’. Als je dit soort zaken waarneemt in een wereld waar altijd nog veel sterkere prikkels aanwezig zijn, is het inderdaad altijd vol in je hoofd.

Om te tekenen moet hij zich dan ook helemaal afsluiten. “Ik luister tijdens het werken naar countrymuziek. Omdat ik hetzelfde liedje steeds herhaal, kom ik een soort trance. Dat werkt gewoon lekker.” De observatie met betrekking tot de wind is tekenend voor het werk van Schats. Het is zowel positief, humoristisch als tragisch. Volgens Schats is er zoveel dat je niet onder woorden kunt brengen, dat tekeningen en animaties voor hem een noodzakelijkheid zijn. “In een tekening kun je heel veel uitdrukken met slechts één beeld”. De teksten zijn dan ook iets uit het verleden en de tekeningen zijn wel te karakteriseren als een soort getekende gedichten. Dromerig, melancholisch, verrassend maar toch herkenbaar.

Tomas Schats, 'Huisduwen' <br>Courtesy RAM Galerie
Tomas Schats, ‘Huisduwen’
Courtesy RAM Galerie

(Vrij) werk

“Ik heb eerst kort een bouwkundige opleiding gevolgd, maar dat was niks voor mij. Na een beroepskeuzetest ging ik naar de Grafische School. Ik heb altijd getekend. Als ik het niet doe, ga ik het echt missen.” Schats werkt tegenwoordig nog één dag in de week als onderwijsassistent op de Grafische School. Ook werkt hij bij NRC Next en de Vpro-gids als illustrator, maar zijn vrije werk heeft voorrang. Bij een krant als NRC Next moet hij met deadlines werken. Soms moet een illustratie al binnen vier uur af zijn. Schats is perfectionistisch en neemt dus liever de tijd voor zijn tekeningen. Toch is hij ook wel trots op zijn illustraties, waarin hij in tegenstelling tot zijn vrije werk, kleur gebruikt. Hoewel hij zich moet forceren om in een kort tijdbestek iets te maken, lukt het hem telkens weer om iets goed af te leveren.

“Ik wil graag van mijn werk kunnen leven”, zegt Schats,”maar het vrije werk kost me ontzettend veel tijd en het werken in opdracht haalt me uit mijn concentratie.” Bij zijn werk in oplage tekent hij bijvoorbeeld elk exemplaar opnieuw. Hij kan het er eigenlijk niet bijhebben overspoeld te worden door werk. Schats laat weten dat hij nu een goede balans gevonden heeft. RAM, de galerie die hem vertegenwoordigt, geeft hem alle vrijheid te doen wat hij belangrijk vindt. Hij heeft een vast inkomen door het illustratiewerk en het onderwijs en genoeg tijd voor zijn eigen werk, dat steeds meer waardering krijgt. Maar uiteindelijk wil hij zich alleen nog maar op het vrije werk richten.

Tomas Schats, 'Weg over huizen' <br>Courtesy RAM Galerie
Tomas Schats, ‘Weg over huizen’
Courtesy RAM Galerie

Grote voorbeelden heeft Schats eigenlijk niet en hij heeft ook niet het idee dat hij tot een bepaalde groep grafici of kunstenaars behoort. “Het is alleen niet zo dat ik niemand bewonder. Ik vind de filmpjes van David Shrigley bijvoorbeeld heel goed en Dan Perjovschi die nu in het Van Abbemuseum in Eindhoven exposeert, maakt hele goede tekeningen”. Het is duidelijk: Schats doet zijn eigen ding. “De buitenwereld heb ik niet nodig in mijn werk.”

Getekend door de tijd

In het tekenen kan Schats heel veel kwijt, maar niet alles is in een tekening uit te drukken. Animatie heeft ‘tijd’ als extra dimensie. Daarnaast bestaat de mogelijkheid geluid toe te voegen. “Het meest trots ben ik op de animatie Boom uit 2005 – waarom weet ik eigenlijk niet precies, hij is gewoon heel goed gelukt.” In dit filmpje verandert een bloeiende in een kale boom. Tragisch, maar toch ook heel mooi, ontroerend zelfs. En de boodschap is duidelijk: ‘Alles gaat voorbij, dus geniet maar van wat je nu hebt’. Schats denkt dat een langere film er ooit wel van gaat komen, maar helemaal uitgekristalliseerd is dat idee nog niet.

Tomas Schats, 'Ladehuisje'<br>Courtesy RAM Galerie
Tomas Schats, ‘Ladehuisje’
Courtesy RAM Galerie

Verder zegt hij van zichzelf: “Ik zie mezelf niet zozeer als kunstenaar, maar meer als tekenaar.” Dit lijkt mij te bescheiden. Het is voor Schats belangrijk een inhoudelijke boodschap aan mensen mee te geven. “Ik wil dat de mensen die mijn werk zien, nadenken over de wereld waarin ze leven. Dat ze het alledaagse met meer aandacht bekijken.” Schats’ werk is voor iedereen geschikt. Mensen van elke nationaliteit, leeftijdscategorie of ‘intellect’ begrijpen het. Als je werk een ieder kan bereiken en raken, is dat een belangrijke kwaliteit. Er zijn maar weinig kunstenaars die dat kunnen zeggen – misschien noemt hij zich daarom liever een tekenaar.

Tomas Schats exposeert van 8 september 2007 t/m 7 oktober 2007 in Pictura
te Dordrecht

Get the Flash Player to see this player.

Tomas Schats, ‘Boom’, Courtesy RAM Galerie