Film / Achtergrond
special: Noordelijk Film Festival 2010

Uiteenlopend programma

Het 32e Noordelijk Film Festival te Leeuwarden bood een zeer uiteenlopende programmering; wij zagen onder andere Scandinavische misère, een hilarische documentaire, Servische verveling en arthousehorror. De grootste verrassing kwam uit 1919.

INHOUD: Applaus | Am Anfang war das Licht | Tilva Roš | The Angel | Red, White & Blue | The House of Branching Love | Bad Faith | J’accuse! | 8WEEKLY zag eerder

Vingeroefening

Applause (Applaus)
Martin Zandvliet • Denemarken, 2009

~

Thea is een theaterdiva die aan de alcohol verslaafd is geweest en zodoende onder andere de voogdij over haar kinderen kwijt geraakt is. We zien haar worstelen met haar alcoholprobleem en hoe ze dit uiteindelijk lijkt te overwinnen. Om het plaatje compleet te maken ontmoeten we haar man, die hertrouwd is en langzaamaan de kinderen voor korte periodes aan Thea toevertrouwt. Met een camera die gedurende de gehele film erg dicht op de huid zit en een wat Dogme-achtige benadering krijgen we als kijker bijna inzicht in de gedachten van Thea. De film wordt gered door de korte duur en de goede acteerprestaties. Het verhaal is echter flinterdun en zeer voorspelbaar: een leuk inkijkje in de psyche van een alcoholiste, meer niet. Dit debuut van Martin Zandvliet lijkt dan ook een vingeroefening, waarbij Paprika Steen laat zien hoe je een karakterrol neerzet. (Ralph Evers)
Terug naar boven

Zonder eten en drinken

Am Anfang war das Licht
P.A. Straubinger • Oostenrijk, 2010

~

De nieuwsgierige Oostenrijkse documentairemaker P.A. Straubinger zag eens een documentaire op televisie waarin werd beweerd dat de Zwitserse heilige Nicolaas von Flüe twintig jaar puur op licht zonder eten en drinken leefde. Dat fascineerde de regisseur en dus ging hij op zoek. Via een reis langs mediums, hippies, paradijsvogels, wetenschappers, yogameesters, taobeoefenaars, sceptici en zichzelf brengt hij op een luchtige manier de vele invalshoeken van het zogenaamde breatharianism aan het licht.

De manier waarop de verschillende sprekers getoond worden, werkt soms op de lachspieren, in het bijzonder de kungfu-dansende taoïsten en het Australische medium Jasmuheen, dat in haar soepjurk nog het meest op Jomanda lijkt en uiteraard vertelt dat er geen risico’s aan breatharianism kleven. Daarnaast is er nog de typische cynische wetenschapper die, ondanks al het bewijsmateriaal tegen zijn stelling, bij hoog en laag volhoudt dat breatharianism onzin is. En de wetenschappers die dit weer tegenspreken. Het enthousiasme waarmee Straubinger deze film laat zien, werkt aanstekelijk en geeft genoeg invalshoeken zodat er voor ieder wat wils is. De afronding van de film is echter broddelwerk: er komen nog snel allerlei gerenommeerde wetenschappers en universiteiten in beeld om het fenomeen in te kaderen. (Ralph Evers)
Terug naar boven

Gruwel en verveling

Tilva Roš
Nikola Lezaic • Servië, 2010

~

Een coming-of-agedrama dat leuk gebruik maakt van de huidige tijd, door bijvoorbeeld YouTube-achtige handcamerafragmenten te integreren in een strakke, panoramisch geschoten film. Tilva Roš is de naam van de omgeving van het plaatsje Bor, waar deze film zich afspeelt, en vormt een verlaten kopermijn, die een enorm gat heeft achtergelaten in het landschap. Een groep jongeren verveelt zich en vermaakt zich met Jackass-achtige praktijken, zoals het schuren van hun ballen, naalden in wangen steken en elkaar aftuigen met een rietje.

De film concentreert zich op Toda en Stefan, twee vrienden die hun eerste zomer na de middelbare school beleven. Dunja, een gemeenschappelijke vriendin, komt terug uit Frankrijk en de vrienden strijden met elkaar om zoveel mogelijk in de gunst bij Dunja te komen. Gaandeweg komt hun vriendschap meer en meer onder druk te staan, tot een staking de gelegenheid geeft tot een grootse plundering in een supermarkt. De afwisseling tussen de lichamelijke gruwelen en de verveling maakt deze film interessant, omdat de regisseur in staat is gebleken de verveling voelbaar op het kijkende publiek over te brengen. (Ralph Evers)
Terug naar boven

Visuele nuance

The Angel (Engelen)
Margreth Olin • Noorwegen, 2009

Junk Lea (een overtuigende Maria Bonnevie) bezoekt na het zetten van een slordige shot heroïne op de wc haar dochter, die ze heeft overgedragen aan een pleeggezin. Vervolgens wordt haar trieste geschiedenis uit de doeken gedaan: een stiefvader met losse handjes, een emotioneel van hem afhankelijke moeder, de eerste keer heroïne, de eerste keer tippelen, enzovoort.

~

Door uitsluitend op vrouwen de focussen (de enige man van belang is de bruut, wiens karakter nooit wordt uitgediept) neigt Margreth Olin iets te veel naar feminisme om de film geheel te laten overtuigen. Enig origineel inzicht in de problematiek biedt The Angel ook niet, waardoor de film niet veel meer dan een geslaagd melodrama vormt. Er wordt wel sterk in geacteerd, en wat het meest opvalt is een visuele nuance: de vormgeving is glashelder, vol kleurrijke details en geraffineerde beeldcomposities. Het is de eerste keer dat de gevierde beeldende kunstenaar, illustrator en muzikant Kim Hiorthøy als cameraman voor een speelfilm optreedt, en zijn werk hier lijkt een voorbode van een ijzersterke carrière. (Paul Caspers)
Terug naar boven

Cynische klap

Red, White & Blue
Simon Rumley • VS, 2010

~

Heel even lijkt het een oprecht moreel vraagstuk: verdient een moordenaar mededogen als zijn slachtoffer degene is die hem moedwillig met HIV heeft besmet? Door een uur lang — met opvallend knap digitaal camerawerk — geduldig een drama op te bouwen houdt regisseur Rumley de kijker redelijk geïnteresseerd. Maar halverwege de film wordt je aandacht, zoals in veel recente horrorfilms, beloond met een cynische klap in je gezicht: al het voorgaande blijkt niet meer dan een excuus voor een geweldsexplosie. Het zal aan de arthousestijlgrepen die Rumley hier en daar hanteert liggen dat zijn film naast de horrorfestivals ook nog steeds op serieuze festivals rouleert, maar iets van betekenis biedt Red, White & Blue absoluut niet. (Paul Caspers)
Terug naar boven

Vlot vergezocht

The House of Branching Love (Haarautuvan rakkauden talo)
Aki Kaurismäki • Finland, 2010

~

Familietherapeut Juhani en zijn vrouw Tuula, een welvarende motivatiecoach, gaan scheiden, maar besluiten nog een tijdje in hun villa te blijven wonen. Dat gaat mis zodra Juhani een andere vrouw mee naar huis neemt: wat volgt is een reeks pesterijen, die door allerlei misverstanden uitmonden in een conflict met onderwereldfiguren. Het heeft weinig zin de plot uit te leggen: die is sowieso grappiger dan hij klinkt.

Aki bewijst weer dat hij de minst pretentieuze van de gebroeders Kaurismäki is: zijn laatste film is een schunnige screwball comedy. Maar wel een van de betere soort: door serieus acteerwerk, sterke timing en een goed tempo verveelt de vergezochte plot niet. Bovendien is er, voor wie daar van houdt, grove verbale humor: Juhani’s makker probeert hem in een nachtclub aan te sporen twee vrouwen te veroveren met ‘Blitzkrieg in Polen’ als motto. (Paul Caspers)
Terug naar boven

Pretentieuze fiasco’s

Bad Faith (Ond tro)
Kristian Petri • Zweden 2010

~

Vermoedelijk niet gezien alvorens te programmeren; deze onuitdrukkelijk vervelende film doet geen enkele moeite handelingen te motiveren en verwacht dat de kijker geboeid blijft bij vage, volstrekt onlogische verwikkelingen. Dat lukt niet zonder enig gevoel van stijl of zonder interessante personages. Degene met wie de kijker zich moet identificeren is Mona, een onbeholpen Deense emigree in Zweden die een stervende man op straat aan treft. Dit is het begin van een tergend oninteressant ‘mysterie’ waarin Mona een vermeende moordenaar op eigen houtje achtervolgt. Mona, die hulpeloos rondloopt en tekstregels heeft van het niveau van ‘Ik heb me nog nooit zo vreemd gevoeld’, wordt gespeeld door Sonja Richter, die vorig jaar opvallend genoeg ook de hoofdrol in het op exact dezelfde manier pretentieuze fiasco The Woman That Dreamed About a Man speelde. Zelfs het camerawerk van Hoyte van Hoytema (Let the Right One in), aan wie op het festival een prijs werd uitgereikt, valt niet op. (Paul Caspers)
Terug naar boven

Gruweldaden

J’accuse!
Abel Gance • Frankrijk, 1919

~

De verrassing van het festival: de klassieker van Abel Gance uit 1919, onlangs gerestaureerd door onder andere het Filmmuseum, hier voorzien van livemuziek. De eerste antioorlogsfilm uit de geschiedenis, en wat voor een! ‘J’accuse, j’accuse!‘, proest de regisseur regelmatig in de film. De oorlog heeft de mens gereduceerd tot een getalsmatige eenheid, waarmee een veldslag gewonnen of verloren kan worden, en hiertegen protesteert Gance. Hij verpakt zijn gruwelijkheden in een liefdesfilm. François, een man met brute aard, is getrouwd met Edith. Jean, een zachtaardig, poëtisch persoon en daarmee de tegenpool van François, is haar minnaar. Ze worden tot elkaar veroordeeld wanneer de oorlog uitbreekt. De oorlog laat diepe sporen na. De verkrachting van Edith is een van de mooiste suggestieve beelden die de stille cinema rijk is, evenals haar verlossing. Tegelijkertijd veranderen de beide mannen. Een vriendschap ontstaat, de bruut ontdooit en de poëet wordt langzaam gek.

Gance laat zien tot welke gruweldaden de mens in samenwerking met de machine in staat is. Dit wordt nog eens onderstreept doordat echte beelden uit de Eerste Wereldoorlog worden gebruikt. Daarnaast is een groot deel van zijn cast later werkelijk in de oorlog omgekomen op het slagveld. Het protest van Gance past in de kunst- en filosofiestromingen die vlak na de Eerste Wereldoorlog opkwamen, waarin de uniciteit van de mens weer centraal stond. De film is daarmee een waarschuwing voor onze huidige maatschappij, waarin een steeds verdergaande nivellering van menselijke waarden ten behoeve van winstmaximalisatie tot een onteigening van onze uniciteit leidt. (Ralph Evers)
Terug naar boven

8WEEKLY zag eerder:
Deliver Us from Evil
Episode III – ‘Enjoy Poverty’

Les Barons

Nymph

Rapt

The Runaways

Vlees

Terug naar boven

 

Reageer op dit artikel