Film / Achtergrond
special: Movies that Matter

Publieksfestival met heldere boodschap

.

Het past wel bij de doelstelling van Movies that Matter om ogen te openen voor onrecht in de wereld. Dat levert echter een niet altijd evenwichtige mix van cinema en activisme op. Het festival is in de eerste plaats een publieksfestival met een duidelijke morele boodschap: wij mogen de ogen niet sluiten voor onrecht in de (derde) wereld. De meeste films weten effectief verontwaardiging en ontsteltenis aan te wakkeren, zelfs als dat – een festival eigen – weer vervliegt bij het verlaten van de zaal.

Wit

Wit Licht
Wit Licht

Zo was Wit Licht er, zeker gezien de negatieve ontvangst in de pers vorig jaar, goed op zijn plaats. Het is een recht-toe-recht-aan verhaal over een Oegandees jongetje dat als kindsoldaat geronseld wordt en de naïeve Nederlandse expat Eduard (Marco Borsato) die hem gaat zoeken in de bush. De film dendert met drummende spanning voort, al zijn de heftige scènes in het kinderrebellenleger schijnbaar behoorlijk realistisch. Wit Licht is immers een joint venture van regisseur Jean van de Velde en War Child. War Childambassadeur Borsato kan niet echt acteren, maar komt met zijn gebruikelijke charme een heel eind. Het maakt het publiek op de eerste rijen dat speciaal voor de q&a met Borsato en Van de Velde is gekomen, schijnbaar weinig uit. Ze flitsen erop los, terwijl de heren vertellen over het Lord’s Resistance Army in Oeganda, het filmproces en de voor autoriteit gevoelige kindacteurs.

Wit Licht hanteert het klassieke uitgangspunt van een Westers personage door wiens perspectief we de Afrikaanse situatie aanschouwen. ‘We wilden een breed publiek aanspreken en dan is dat de beste manier’, aldus Van de Velde. Het kwam de film op kritiek te staan van het Nederlandse filmjournaille. Deels terecht, want het weliswaar goed uitgevoerde verhaal van de ontvoerde Abu staat soms in schril contrast tot dat van Eduard, die bovendien een persoonlijke catharsis najaagt. Aansprekend? Tja.

Op weg naar school

Ramchand Pakistani
Ramchand Pakistani

Subtieler zijn de documentaire On the Way to School en fictiefilm Ramchand Pakistani. In de eerste wordt een jonge Turkse leraar gefilmd tijdens het jaar dat hij, verplicht, lesgeeft in een Koerdisch dorp. Een simpel gegeven dat in mooie beelden de soms tragische werkelijkheid van Zuidoost-Turkije weergeeft: zijn leerlingen verstaan (bijna) geen woord Turks. In de Pakistaans-Indiase productie Ramchand Pakistani loopt Ramchand in plaats van naar school per ongeluk de grens naar India over. Zijn vader komt hem bezorgd achterna, beiden worden ingerekend en belanden in de Indiase cel. Zijn moeder blijft in het ongewisse achter. De pijnlijke gevolgen voor elk familielid worden door gepaste dramatiek zichtbaar.

On the way to school
On the Way to School

Mooi aan deze films is hoe ze onrecht en wanhoop laten zien en niet hoeven te benoemen. De documentaire Close Up Kurdistan bijvoorbeeld doet geen van beide en ploetert richtingloos voort langs beelden van PKK-strijders en het onherbergzame Oost-Turkse landschap.

Zichtbare confrontatie is blijkbaar een belangrijk ingrediënt voor de geëngageerde film. Snow, het indrukwekkende debuut van de jonge Bosnische filmmaker Aida Begic, vormt een prettige uitzondering op de regel. Begic is de noodzaak van confrontatie voorbij. De vrouwen in haar film zijn hun mannen kwijt en wie weet wat meer, maar dat is een gegeven, zoals de ruines om hen heen. Zij moeten verder en Begic brengt dat treffend in beeld. Geslaagde cinema, ook that matters.