Boeken / Achtergrond
special: T.S. Eliotprijs: de genomineerden dragen voor

Britse poëzie in 2012

Rond de tweeduizend mensen waren zondagavond 15 januari verzameld in de Royal Festival Hall in Londen om de acht genomineerden van de T.S. Eliotprijs te horen voordragen. ‘Welkom op de literaire Oscars’, zegt een medebezoeker.

In het kader van Gedichtendag op 26 januari besteedt 8WEEKLY extra aandacht aan poëzie. We beginnen met een kijkje over de grens: in Londen werd op maandag 16 januari de T.S. Eliotprijs uitgereikt, de jaarlijkse prijs voor de beste poëziebundel uit Engeland of Ierland. De avond voor de prijsuitreiking lazen alle genomineerden voor.

De genomineerden

De genomineerden

De T.S. Eliotprijs is een van de belangrijkste Britse poëzieprijzen. Uitreikende instantie Poetry Book Society houdt zich niet alleen bezig met het bekronen van bundels, maar ook met de verkoop, verspreiding, educatie en ondersteuning van dichters en hun werk. Het Southbank Centre, waar ook de Londense poëziebibliotheek is gevestigd, is een logische partner, die naast de grote programmering regelmatig gratis lezingen en besprekingen organiseert. Dit alles resulteert erin dat het publiek van de avond opvallend gevarieerd is: jong en oud zijn hier naartoe gekomen om de beste dichters van dit moment te horen lezen. Presentator Ian McMillan spoort aan tot emotionele reacties: ‘zuchten, lachen, snikken, dijenkletsen – maakt niet uit van wie, wij worden niet boos als je anderen slaat!’ De avond kan beginnen.

Vergeet nooit dat je naam een van velen is


‘Ik heet Daljit,’ begint Daljit Nagra, ‘maar een aantal neven van mij heten ook Daljit, en weer anderen heten Kaljit, en Naljit…’ Die creativiteit in Indiase namen speelt een belangrijke rol in zijn verhalende gedicht, dat hij grijnzend voordraagt met verschillende stemmetjes en accenten. Deze introductie werkt, maar bij zijn tweede gedicht gaat hij net iets te ver: ‘Deze zin refereert aan Shakespeare, en die regel aan Auden…’ Nog los van het feit dat niemand dit onthoudt, dreigt het de voordracht tot een college te maken. Nagra toont zijn vakmanschap terloops, tussen de geintjes door: ‘full of gung-ho fury’ en ‘who believes a bleached yarn?’

Bernard O’Donoghue vraagt zich af wanneer politiek overgaat in geschiedenis. Zijn gedicht verhaalt van de vierjarige Maggie op haar vaders schouders tijdens de begrafenis van Abraham Lincoln. ‘Vergeet nooit dat je bij Abraham Lincolns begrafenis was,’ zegt hij tegen haar. De oude Maggie vertelt het later aan de jonge ik-persoon: ‘vergeet nooit dat je iemand kende die bij de begrafenis van Abraham Lincoln was’ – en de ik-persoon vertelt het gewichtig verder: ‘vergeet nooit dat je ooit iets hebt gelezen van iemand die iemand anders kende die bij de begrafenis van Abraham Lincoln was’.

Esther Morgan

Esther Morgan

De dingen die achterblijven

Ian McMillan introduceert de volgende dichter als ‘iemand die ontzettend hard werkt om de gedichten zo goed te maken als ze mogelijkerwijs kunnen zijn’. Dat doet niet iedereen volgens hem: ‘bij sommige dichters denk je: had er nog een half uurtje langer aan gezeten’. Hij slaat de spijker op z’n kop: de vriendelijke telefoonstem van Esther Morgan draagt alleen perfect gepolijste werken voor.

It looks simple: the glass vase holding
whatever is offered –
cut flowers, or the thought of them –

simple, though not easy
this waiting without hunger in the near dark
for what you may be about to receive.

Ze is, zo zegt Morgan, meer geïnteresseerd in wat er gebeurt wanneer we met de rug naar de dingen toe staan.

Licht- en zwaargewichten

Als er iemand in staat is Morgan op te volgen, is het David Harsent wel, een van de favorieten van de avond.  Hij oogt als een personage uit het werk van Philip Roth; de gewaardeerde oude academicus die graag met de studenten rommelt – met name wanneer hij op gewichtige toon leest:

There’s a chance you’ll see her naked at noon among roses;
a fair chance, too,
that in bending to cup a bloom, she’ll show you the little widget

of her arsehole, damson – sweet and, some say, the very fount
of knowledge’

Harsent is een uitmuntende dichter. Toch is er iets wat verveelt aan zijn voordracht; het is wat te georganiseerd, te netjes en beheerst. Zoals voormalig prijswinnares Alice Oswald schrijft, heeft poëzie iets radicaals wat voorbij het alledaagse gaat. Die destabiliserende kracht van poëzie speelt een kleinere rol in de poëzie van deze avond, die massapoëzie genoemd kan worden. De grootte van de zaal werkt hierbij niet in het voordeel; het verontrustend mysterieuze in Harsents werk overleeft de microfoon ternauwernood. Een avond als deze is toch meer een tentoonstelling om te bekijken, dan de intieme ervaring te spreken met een vreemde die gedachten leest.

John Burnside

John Burnside

Daar hebben de volgende dichters geen last van. John Burnside verzucht dat elke dichter tegenwoordig een ars poetica schrijft, maar dat hij zijn inspiratie vooral moet hebben van nachtelijke televisie en zijn lievelingsdieren, hyena’s: ‘waking at dusk to anatomy’s Hosanna’. Leontia Flynn stamelt regelmatig en struikelt over haar woorden tijdens haar zeven minuten durende gedicht over verhuizen. De spullen van het verleden brengen reflectie op de maatschappij en het eigen leven teweeg; ‘feel, and feel again’. Ze is voor het publiek nog herkenbaar als de angstige twintiger die ze bespot, maar haar ongemak past bij de informele toon van haar poëzie.

Ingehouden adem en uitgerekt applaus


‘We have no love for one another, only uses for the defeated’, leest Sean O’Brien uit zijn gedicht ‘The Citizens’, een zwaar en indringend werk geïnspireerd op nationalistische gevoelens. Dit is de eerste keer dat het publiek een aantal seconden stil blijft na afloop, met stomheid geslagen. Je kunt de ingehouden adem horen. Zijn zware stem benadrukt de sardonische ondertoon van zijn werk in zowel het humoristische ‘The Plain Facts of the Matter’ als het gedicht over een oude bioscoop/bingozaal/tapijtwinkel: ‘One weekday afternoon when we are dead we will be readmitted here for free’.

Carol Ann Duffy

Carol Ann Duffy

De meest besproken dichter van de avond, Poet Laureate (dichter des vaderlands) Carol Ann Duffy, spreekt zo gewichtig als haar titel doet verwachten. ‘Als jonge dichter had ik niet gedacht dat ik ooit een protestgedicht zou schrijven aan het postkantoor. Maar ja, zo gaat het’, introduceert ze haar klaagzang op het verbod op countyvermeldingen (graafschappen) in het adres. Haar laatste gedicht, The Human Bee, toont aan waarom juist deze vrouw namens het land schrijft: de bijensterfte als beginpunt van een metaforische fantasie, beschreven in een zintuiglijke, realistische taal.

Een begroting van de poëzie


De avond komt ten einde. De zaal applaudisseert voor de dichters, het Southbank Centre, de Poetry Book Society en hun nieuwe sponsor; Aurum. Dit beleggingsfonds is de reden dat zowel Alice Oswald als John Kinsella zich hebben terugtrokken uit de shortlist. Zo’n kapitalistische corporatie, daar moet de poëzie niet mee in zee gaan, vinden zij. Tegelijkertijd heeft Aurum het mogelijk gemaakt dat ook in 2012, ondanks de zware cultuurbezuinigingen, weer tweeduizend mensen de beste dichters van dit moment kunnen horen voor maximaal 15 pond per ticket.

Het Southbank Centre, dat een huis biedt aan vele kunstvormen, als een oase te midden van restaurantketens en winkels, schippert succesvol tussen winstgevend en maatschappelijk verantwoord. Tijdens de Olympische Spelen in juni organiseert het de ‘Poetry Parnassus’. 204 dichters, uit elk land dat meedoet aan de Spelen, zullen dan poëzie voordragen in Londen. De vraag over financiering en onafhankelijkheid blijkt ook dan weer een optel- en aftreksom van principes tegenover mogelijkheden en toegankelijkheid tegenover soevereiniteit. Juist deze discussies over de plaats van poëzie in de hedendaagse maatschappij zorgen voor een veelheid aan dichters, en de mogelijkheid die poëzie biedt tot het veranderen van gedachten.

Op maandag 16 januari ontving John Burnside de T.S. Eliotprijs voor zijn bundel Black Cat Bone, ‘a haunting book of great beauty’, aldus de jury bij monde van jurvoorzitter Gillian Clarke. Black Cat Bone is Burnsides elfde bundel.

Reageer op dit artikel