Boeken / Achtergrond
special: Een interview met Philippe Claudel

Zo ontstaat de ‘humain stupide’

.

~

Travail“, zucht Philippe Claudel als hij opstaat om zich naar de plek van interview te begeven. Hij is één van de best verkopende Franse auteurs in Nederland. En ja, dan moet je wel eens wat vragen beantwoorden – wat hij met grote gelatenheid doet. Sinds het uitkomen van Grijze Zielen, een bedachtzame whodunnit met de Eerste Wereldoorlog als decor, maakt Claudel ook buiten zijn thuisland naam. In Frankrijk verkocht Grijze zielen uitermate goed en ontving het belangrijke prijzen. In de Nederlandse boekhandel waren eveneens grote stapels van de historische thriller aan te treffen. De kritieken waren daarnaast stuk voor stuk lovend.

Claudels prozasucces is een handig gecomponeerde monoloog van een gedesillusioneerde politieman. In droevige, gezwollen taal denkt deze terug aan een dag in 1917; de dag dat het tienjarige meisje Belle de Jour gewurgd wordt aangetroffen in de sneeuw. De moord schudt de wereld van een hele reeks tragikomische, stripfiguurachtige personages op. Opvallend genoeg heeft Claudel het vaak over de ‘complexe personages’ van Grijze Zielen. Maar zo liggen de verhoudingen kennelijk in het werk van Claudel. Neem bijvoorbeeld zijn eerdere novelle Zonder mij – als hoofdpersonen tref je er drie karikaturen. Of zijn nieuwe boek Het kleine meisje van meneer Linh, over de vriendschap tussen twee wat onwerkelijk aandoende simpele zielen.

Zonder mij

~

Gevraagd naar het waarom van de eendimensionale personages in Zonder mij, heeft Claudel zijn antwoord al klaar liggen. Kijk eens naar de collega van de naamloze hoofdpersoon: een overdreven seksistische en gevoelloze voetbalhooligan. “Natuurlijk is die collega een simpel figuur. Hij is een model, een prototype. Zonder mij is beïnvloed door de schilderkunst. Je zou het boek kunnen zien als een schilderij van Pollock; ik gooi de dingen eruit. Grijze Zielen lijkt meer op een schilderij van Breughel; er zitten verschillende lagen in.” Hoe zit het dan met de uit dát boek afkomstige rechter Mierck, om maar iets te noemen? Mierck: een wreedaard in hart en nieren, die staande naast het lijkje van het meisje eerst een hoeveelheid zachtgekookte eitjes bestelt, om vervolgens te gaan zitten wachten op zijn jachtstoeltje waarover zijn dikke billen puilen. Een complex personage? “Helaas is hij geen karikatuur”, reageert Claudel. “Zo zijn er genoeg voorbeelden in de geschiedenis. Als iemand macht krijgt, dan misbruikt hij zijn positie. Neem het nazisme, neem Pol Pot. Dit soort mensen bestaat echt.”

“Wat die collega uit Zonder mij betreft,” zo voegt Claudel toe, die is – zo realiseerde hij zich ná het schrijven – “afschuwelijk normaal.” “Ik maak me zorgen als ik in Frankrijk om me heen kijk. De meeste mensen houden er niet van om na te denken. Men leest steeds minder de krant. Als men al wat leest, dan is het ter ontspanning en niet om na te denken over complexere zaken. Men steekt de kop in het zand en wil de wereld als heel simpel zien. Een paar jaar geleden werd in Frankrijk een 35-urige werkweek ingesteld. Ik had gehoopt dat die extra vrije tijd iets zou veranderen. Maar men zit eigenlijk alleen maar voor de tv. De gemiddelde Fransman kijkt vier uur per dag naar televisieprogramma’s die steeds dommer en dommer worden. Zo ontstaat op den duur een humain stupide.” Maar dit soort cultuurkritiek is toch van alle tijden? “Ik ben niet zo’n ‘vroeger-was-alles-beter’ type. Totaal niet. Ik heb zelf een dochtertje van 7,5 jaar. Nu ik bezig ben met de opvoeding, besef ik de verantwoordelijkheid als ouder om je kind te sturen. Zij is niet beter dan andere kinderen. In een warenhuis blijft ze altijd stilstaan voor een televisie. Maar thuis kijkt ze niet. Ik probeer haar het lezen van boeken bij te brengen. Dat heeft tijd nodig. Vroeger las ik haar voor, nu verslindt ze zelf boeken.”

Vriendschap

~

Claudels novelle Het kleine meisje van meneer Linh is het derde boek van zijn hand dat in Nederland verschijnt. De oude meneer Linh, een Aziatische asielzoeker, komt met zijn kleindochter op de arm aan in een westers land. Hij spreekt de taal niet, snapt de mensen niet en weet totaal niet waar hij is. Tijdens zijn dagelijkse wandeling rust hij steevast uit op een bankje tegenover een pretpark. Daar houdt een corpulente man hem gezelschap. Deze vertelt Linh in een voor de Aziaat onbegrijpelijke taal over zijn onlangs overleden vrouw. Het verdriet dat beiden delen, doet op een wat sentimentele manier een vriendschap ontstaan. Gelooft Claudel werkelijk in de mogelijkheid van zoiets? “Aan de ene kant is het een hoop, een droom. Aan de andere kant is het realiteit: ik bracht zelf een paar nachten door bij een stam in Indonesië. Met hen kon ik niet praten, toch voelde ik me heel dichtbij hen. Ik heb ook met gehandicapten gewerkt waarvan sommigen niet konden horen of spreken. Je communicatiemiddel is dan een aanraking of oogcontact.” De novelle is met opzet zo simpel gehouden. “Ik probeer met weinig middelen een diepgaand verhaal te vertellen. Ik hoop dat de lezer eerst gegrepen wordt door het verhaal en dan gaat nadenken. Ook over zichzelf. Het grootste compliment dat ik kan krijgen, is dat iemand zegt: ‘Door het lezen van dit boek ben ik – bijvoorbeeld – anders gaan kijken naar buitenlanders. Ik ben anders gaan handelen.’ Ik wil de lezer vertellen dat we in hetzelfde schuitje zitten. We delen iets.”

Zo sluit Claudel achteraan bij de niet al te lange rij van maatschappelijk betrokken auteurs. “Ik probeer niet publiekelijk het woord te nemen. Ik ben geen geëngageerd schrijver zoals je die twintig, dertig jaar geleden had. Ik wil wel wat zeggen, maar ik ben meer iemand van gevoelens. Daaruit zijn mijn boeken opgebouwd. Als ik schrijf, ben ik hypergevoelig. Alsof ik alles van mijn lijf scheur tot er alleen spieren en botten over zijn, alsof ik naakt ben. Vanuit die toestand probeer ik te werken. Intelligentie ga ik uit de weg.”

Op die wijze wil hij zijn zoektocht naar het ‘mysterie van de mens’ ondernemen. Die exploratie van de vleesgeworden paradox – ieder mens verenigt volgens Claudel het goede en het kwade in zich – legitimeert het bestaan van zijn boeken, vindt hij zelf. “We leven in de 21e eeuw; alles is bekend. Het enige continent dat nog te ontdekken valt, is de mens zelf. Maar de mens is eigenlijk ondoordringbaar.” Waarmee hij zelf aangeeft dat zijn werk in essentie al faalt. “Ik stel het me voor alsof ik in een grot loop. Het enige licht komt van de kaars in mijn hand. Ik weet niet hoe diep de grot is: 10 meter of 300 meter. Het schrijven zie ik op die manier. Het boek is het lichtpuntje. Ik weet niet of ik het einde zal naderen, maar ik probeer het. En op een gegeven moment is het boek af, dan dooft de kaars uit.”

Philippe Claudel • Het kleine meisje van meneer Linh • Uitgever: De Bezige Bij • Prijs: € 17,50 • 142 bladzijden • ISBN 9 789023 418559

Philippe Claudel • Zonder mij • Uitgever: De Bezige Bij • Prijs: € 14,90 • 109 bladzijden • ISBN 9023417135

Philippe Claudel • Grijze zielen • Uitgever: De Bezige Bij • Prijs: € 17.90 • 237 bladzijden • ISBN: 90 234 1486 1

Reageer op dit artikel