Whodunnit mist de ziel van het boek
Giles Keyte, NetflixEen verhaal gebaseerd op een internationale bestseller, een topcast met geliefde acteurs als Helen Mirren, David Tennant en Pierce Brosnan én een flink budget: in theorie heeft de verfilming van Richard Osmans The Thursday Murder Club (2025) alle ingrediënten voor een groot succes. Maar weet de praktijk die verwachtingen waar te maken, of zullen we ook hier zeggen dat het boek beter was?
Laten we maar gelijk starten met het antwoord op die vraag: ja, het boek was beter. Het verhaal van de film volgt grofweg het eerste deel van de Thursday Murder Club-reeks. Gesitueerd in het prachtige Coopers Chase, een seniorengemeenschap met een erg luxe locatie en een verscheidenheid aan gezelschappen en activiteiten, volgen we één zeer exclusief clubje dat zichzelf The Thursday Murder Club noemt. Aanvankelijk bestaande uit voormalig MI6-agent Elizabeth (Helen Mirren), gepensioneerd vakbondsleider Ron (Pierce Brosnan) en gepensioneerd psychiater Ibrahim (Ben Kingsley), wordt de club algauw uitgebreid met oud-verpleegkundige Joyce (Celia Imrie), wier medische expertise goed van pas komt. Elke donderdag buigen ze zich over cold cases, tot er een echte moord plaatsvindt binnen hun sociale kringen. Aannemer Tony Curran, mede-eigenaar van Coopers Chase, wordt dood aangetroffen. Dit opent de weg voor mede-eigenaar Ian Ventham (David Tennant) om de inwoners van Coopers Chase eruit te zetten en het gebouw om te bouwen tot een stel luxeappartementen. Reden genoeg voor onze favoriete vier bejaarden om zich tegen de zaak aan te bemoeien en de politie – ongevraagd – te ondersteunen bij het ontrafelen van het mysterie. Dat ze de zaak weten op te lossen zal je niet verbazen, maar de focus ligt op de manier waarop ze dat voor elkaar krijgen. Het viertal weet het stereotype ‘oud en bejaard’ in hun voordeel te gebruiken en laat keer op keer blijken dat je hen niet moet onderschatten.
Net zo charmant, maar minder krachtig
Het klonk zo veelbelovend toen bekend werd gemaakt dat Netflix een alom geliefde boekenserie ging verfilmen! Met zoveel humor, plotwendingen en een flinke dosis knusheid – en oké, ook de nodige kneuterigheid – leek The Thursday Murder Club bij uitstek geschikt voor een miniserie. Zeker gezien Netflix al eerder een andere favoriet, A Good Girl’s Guide to Murder, tot een vermakelijke miniserie had weten om te toveren.
Dat aanvankelijke enthousiasme sloeg gauw om in verbazing toen bleek dat het niet ging om een serie, maar om een film. Het verhaal lijkt namelijk te rijk om in een schamele twee uur verteld te worden, en na het zien van deze film is die angst alleen maar bevestigd. Belangrijke en mooie verhaallijnen zijn gesneuveld, inclusief veel van de spitsvondigheid, warmte en gelaagdheid die het boek juist zo uniek en vermakelijk maakten. In de boeken draait het niet alleen om de moorden die opgelost worden, maar juist ook om thema’s rondom ouder worden, ziekte, afscheid nemen en de waarde van iemands ervaringen en expertise. De film toont er een afgezwakte versie van: de charme blijft, maar is een stuk minder krachtig.
Kill your darlings
Voor de film is duidelijk gekozen om de nadruk te leggen op de whodunnit. We volgen slimme acties en spannende gebeurtenissen die lijken op te bouwen naar een Poirot-achtig eindmoment, maar dat moment komt uiteindelijk nooit echt. In het boek ontbreekt zo’n moment ook, maar dat draagt juist bij aan de boodschap; het laat zien dat sommige mysteries geen ‘spannende puzzel’ zijn, maar trieste verhalen die onderdeel zijn van iemands leven, waarin een dader niet per se een kwaadwillige slechterik is. Die gelaagdheid en boodschap komen minder goed over in de film. De film heeft een geringe opbouw en er volgen wel heel veel ‘toevallige’ ontdekkingen elkaar op, zeker richting het gehaaste einde. Daardoor voelt de ontknoping afgeraffeld en vlak. Veel van de oorspronkelijke bochten en verhaallijnen zijn afgesneden – juist daarvoor had een serie meer ruimte geboden. Bij deze film werd het principe ‘kill your darlings’ te enthousiast toegepast: er sneuvelen geen personages uit het verhaal, maar juist het verhaal zelf.
Plezier spat van het scherm af
Als we stoppen met vergelijken, is er in The Thursday Murder Club gelukkig best veel te genieten. De setting is prachtig – wie wil er na deze filmbeelden níét in Coopers Chase wonen? – en de cast heeft zichtbaar plezier. Pierce Brosnan en Tom Ellis zijn een heerlijk vader-zoon duo, Jonathan Pryce ontroert als de lieve, dementerende Stephen en Henry Lloyd-Hughes overtuigt als de intimiderende maar goedhartige klusser Bogdan. De mix van spannende, serieuze en soms ronduit bizarre situaties – van aquarobics tot naaktschilderlessen en een soort Sterren Dansen op het IJs – houdt het geheel luchtig en vermakelijk.
Kortom: het boek was beter, maar dat maakt de film niet slecht. Verwacht geen ingewikkelde puzzel met briljante plotwendingen, maar een gezellig, warm moordmysterie met een vleugje Britse ironie. En met deel vijf van de boekenreeks net uitgebracht (september 2025) smaakt de film zeker naar meer; al blijft het een raadsel hoe Netflix verdergaat, nu sommige personages in de film een ander lot treffen dan in de boeken.


Laura Zalenga