The Birth of Modern Sculpture
Tessa VallingaBeeldhouwwerken, glad en glanzend, ze vangen licht en geven het weer terug. In de vleugel van het H’ART Museum in Amsterdam is momenteel de eerste grote overzichtstentoonstelling in Nederland te zien van Constantin Brancusi, de beeldhouwer bij wie – zo wordt gezegd – de moderne sculptuur begon. Met meer dan vijftig werken, van gepolijste bronzen hoofden tot verstilde vogelvormen van marmer, schetst de tentoonstelling een zorgvuldig beeld van een kunstenaar die zijn leven wijdde aan een wereld van eenvoud.
Wat meteen opvalt, is Brancusi’s fascinatie voor contouren. Zijn sculpturen zijn geen portretten in de klassieke zin, maar studies van lijnen en volumes. Ze tonen een fascinatie voor wat een vorm is, niet wat hij voorstelt. Niet het detail, maar de omtrek of, zoals de beeldhouwer het noemt, ‘de essentie’ staat centraal. Door radicale stilering zocht de kunstenaar naar wat er achter het geportretteerde gezicht schuilt, en brengt zo de tand des tijds tot stilstand in brons en marmer. De keuze voor zijn onderwerpen, slapende hoofdjes van kinderen en dierenfiguren, roept vragen op. Waarom deze figuren? Heeft het te maken met bepaalde herinneringen? De tentoonstelling laat het open, en dat maakt mensen nieuwsgierig.
Idealist
Die zoektocht naar eenvoud kwam, zoals H’ART Museum laat zien, niet uit het niets. Brancusi’s achtergrond in Roemenië, de academische scholing in Parijs en de invloed van fotografie (onder meer via zijn vriendschap met Man Ray) vormen de onderlaag van zijn ontwikkeling. Het museum aan de Amstel neemt je mee door zijn wereld. Van Roemenië naar Parijs, van marmer naar brons, en van de academie naar het atelier: dé plek waar alles samenviel. Over zijn werk De kolom zonder einde zegt de kunstenaar het volgende: ‘Ik zou graag mijn eindeloze zuil in Central Park willen zetten. Die steekt dan boven alles daar uit. De zuil maak ik van metaal. In elke piramide zitten appartementen, waarin mensen kunnen wonen.’ Middels citaten op de muren zet de tentoonstelling Brancusi neer als dromer en idealist.
Tot diep in de nacht
Dat past binnen de tijdgeest van het bruisende Parijs in de jaren twintig, waarin zijn atelier uitgroeide tot ontmoetingsplek voor kunstenaars, schrijvers en dansers. In het zuiden van Parijs, later het kloppend hart van de avant-garde, woonde en werkte Brancusi in zijn drukbezochte studio. Er werd vele avonden gedineerd, dansoptredens uitgevoerd tussen de sculpturen, en gekletst en gediscussieerd tot diep in de nacht. De films en foto’s, onder andere van Man Ray, tonen dat universum en brengen een licht gevoel van FOMO teweeg bij diens aanschouwers.
De brug naar nu
Toch blijft de tentoonstelling zelf in het geheel wat braaf. Alles is netjes uitgelicht en zorgvuldig gepresenteerd. Alleen haalt precies dat iets weg van de radicaliteit die typerend is voor het oeuvre van de beeldhouwer. Zijn atelier, ooit een levendige sociale ruimte vol experiment, klinkt hier slechts zachtjes door. Bovendien mis je af en toe een brug naar het nu. Een breder perspectief op zijn invloed op latere generaties beeldhouwers had niet misstaan.
En toch: tussen al die gladgestreken vlakken voel je de aanwezigheid van de kunstenaar zijn hand. Een man die zijn beelden koesterde en er kopieën van maakte voor zichzelf. Brancusi, The Birth of Modern Sculpture is een wereld waarin stilte spreekt. Een plek om te vergeten waar je bent en alleen nog te kijken.

Pixabay
Bart Grietens