Muziek / Album

Anders, maar toch Meindert Talma

recensie: Meindert Talma & The Negroes – Nu geloof ik wat er in de bijbel staat

Vertrouwde onderwerpen als Ome Hajo, Rommie, de Stille Genieter en het leven op het Friese platteland werden even gepasseerd, want Meindert Talma verdiepte zich samen met zijn Negroes in de muzikale oerbron van Verenigde Staten. Op het destilaat daarvan, Nu geloof ik wat er in de bijbel staat, staan bewerkingen van songs van onder meer Mississippi John Hurt, Crockett Kelly Harrell en Bascom Lamar Lunsford. Een frisse kijk op oude muziek, die niet uit de toon valt binnen de rest van het werk van Talma.

~

Voor het Harry Smith-festival in Paradiso, een muzikaal eerbetoon aan de maker van The Anthology of American Folk, maakte Talma met zijn Negroes negen Nederlandse bewerkingen van songs van artiesten die door Harry Smith werden gezien als de grondleggers van de populaire muziek uit de Verenigde Staten. Artiesten die zongen over onderwerpen die horen bij ‘the weird old America’. Onderwerpen waar Talma ook veelvuldig, al dan niet in het Fries, over schrijft en zingt.

Oud-kerkorganist Talma

Harry Smiths Anthology bestaat uit zes elpees waarop vierentachtig nummers staan die tussen 1927 en 1932 zijn opgenomen en uitgebracht. Vierentachtig, van gospel doordrongen, nummers waarin de dramatiek de boventoon voert. Het is de kunst dit soort nummers naar je hand te zetten. En dat lukt oud-kerkorganist Talma met zijn Negroes bijzonder goed. In de thematiek van de nummers blijft hij trouw aan het origineel, maar verder maakt Talma er elke keer weer een tijdloze Meindert Talma & the Negroes-song van. Zo gaf hij de bewerking van Single Girl, Married Girl van the Carter Family de titel Vrijgezel Meisje mee.

De bewerkte teksten passen bij het soort recht-voor-je-raapvertellingen waarop Talma zelf patent lijkt te hebben. De bewerkingen Stackalee, oorspronkelijk van de witte mijnwerker Frank Hutchison, Gevangeniscel Blues van Blind Lemon Jefferson en het vurige Charles Guiteau van Crockett Kelly Harrell passen in de lijn die Talma met de zijn vorige titelloze plaat inzette. Moord en geloof. Alleen de toon van de banjo en de mondharmonica maakt het geheel net ietsje anders.

Ooit werd Talma’s muziek beschreven als ‘no-budgetrock van grote klasse’. Dat geldt ook weer voor deze coverplaat, al lijkt het soms dat Talma gepassioneerder overkomt dan wij op plaat van hem gewend zijn. Nu geloof ik wat er in de bijbel staat heeft de passie in zich van een Meindert Talma & The Negroes-optreden. En dat betekent grote klasse.