Theater / Achtergrond
special: Theaterfestival van Nederland en Vlaanderen 2008

Een staalkaart van het theater

Van 4 tot en met 14 september vindt in Amsterdam het Theaterfestival van Nederland en Vlaanderen plaats. Dit festival laat aan het begin van het nieuwe theaterseizoen zien welke voorstellingen van het afgelopen seizoen je gezien móét hebben. Een jury, dit keer onder leiding van Raoul Heertje en festivaldirecteur Jeffrey Meulman, hebben een keuze gemaakt uit het ruime en diverse aanbod en laten die keuzes nog een keer zien. Gelukkig weten ze ook zelf dat het altijd een subjectieve keuze is.

~

Tegelijkertijd is er naast TF-1 – de officiële juryselectie dus – een ander festival gaande, het Amsterdam Fringe Festival (TF-2). ‘Fringe’ betekent ‘rand’. Het Amsterdam Fringe Festival speelt zich dus aan de rand van het Theaterfestival af. Het is inmiddels al weer de derde aflevering, waarbij nog steeds dezelfde criteria worden gehanteerd: het publiek maakt hier namelijk uit wat ze wel en niet goed vindt, er is geen programmeur maar een open inschrijving. Naast deze twee festivals, zijn ook nog het TF-3, dat vooral over het theater gaat en TF-4, de Vlaamse keuze, te bezoeken. De laatste laat een keuze zien van vier voorstellingen die waren geselecteerd voor de Vlaamse tegenhanger.

8WEEKLY is de hele week in Amsterdam te vinden en doet op deze plek verslag.

Lees nu de recensies van: Missie – KVS | That’s why they call us drama – The Hiphop Circus | Parkeerterreinenblues – Krakatau | Helmet – ISH | 40 Feathered Winks – The Paper Birds | Mr. Theater komt thuis -Theatergroep Larf | 8WEEKLY zag eerder

Een meeslepende, belangwekkende missie


Missie – KVS
Stadsschouwburg, Amsterdam – TF1 • 8 september 2008

Als er iets is waar wij Nederlanders liever niet mee worden geconfronteerd, is het wel met ons koloniale verleden. Algemeen beschouwd als een zwarte pagina in de geschiedenis, zouden we alle slavernijgruwelen en paternalistische misstanden rondom christelijk zendingswerk het liefst zo snel mogelijk uit ons collectieve geheugen wissen. In het nog altijd van katholicisme doordrenkte België is de situatie echter anders; de voormalige kolonie Kongo vormt daar voor velen nog altijd een onderdeel van het koninkrijk.

Met dit gegeven in het achterhoofd, is het relaas van Pater André des te indringend. In Missie, een productie van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg, vertelt hij over zijn leven, over vijftig jaar als ‘witte pater’ op missie in duister Kongo. In een simpele toneelsetting, achter een katheder, staat een man in pak. Op het eerste gezicht geen pater, met zijn gestreepte blouse en eenvoudig pak. Maar als hij begint te vertellen is het meteen duidelijk, we hebben hier te maken met een man die vijftig jaar lang vol overtuiging invulling heeft gegeven aan zijn besluit als zeventienjarige jongen om pater te worden. Alsof hij een lezing houdt voor toekomstige missionarissen en andere geïnteresseerden, richt hij zich tot zijn publiek. In smeuïg, ietwat ouderwets West-Vlaams weet hij zijn publiek een vol uur lang te boeien met zijn complexe en meeslepende verhaal. Hij vertelt over zijn jeugd, “als zoon van een kolenboer was ik gewoon om tussen de zwarten te zitten,” en zijn keuze om zich bij de paters aan te sluiten, vanuit een diepgeworteld gevoel van urgentie. Tot in detail vertelt hij over de scholen en seminaries die hij bezocht (zijn verkering moest hij verbreken), zijn priesterwijding, waar hij in Kongo werkte en hoe lang, en wat hij daar zoal deed. Uiteraard veel eucharistievieringen, maar ook lesgeven, zieken en gehandicapten verplegen, nieuwe ‘zwarte witte paters’ opleiden, wegen aanleggen en kiezen trekken.

Foto: Koen Broos

Foto: Koen Broos

Minutieus vertelt Peter André hoe in die vijftig jaar de gruwelen van stammenoorlogen, Hutu’s en Tutsi’s, leiders als Lumumba, Kabila en Mubutu, elkaar steeds hebben afgelost in een eindeloze, langgerekte oorlog. Als een sluimerende heidebrand, steeds weer op onverwachte momenten oplaaiend. Hij schets de gruwelijkheden op een nuchtere en indringende toon, maar tegelijkertijd vol woede. De anekdote hoe hij met een jeep tussen de lijken door reed en er voor zijn ogen baby’s tegen een muur werden doodgeslagen gaat door merg en been.

Niet alleen bij de negatieve kanten van Kongo staat de pater stil, ook de mooie aspecten komen aan bod. Als hij de overweldigende schoonheid van het Tanganika-meer beschrijft of spreekt over de vrienden die hij voor het leven maakte, loopt hij over van liefde voor dit complexe land. De moeilijke tijden, de eenzaamheid en wanhoop die hij zo vaak ervoer, als enige pater in een enorme, dikwijls door moessonregens onbegaanbare parochie, relativeert hij bovendien met de nodige humor. “Kongo zit vol beestjes. Ik wil niet teveel kritiek hebben op de schepping van Onze Lieve Heer, maar hij had wel wat minder beestjes kunnen maken.” Ook zijn werk als pater beziet hij pragmatisch en met de nodige humor. Het celibaat is niet gemaakt voor Afrika, meent hij. In een land met zulke mooie en goedgeklede vrouwen is het onmogelijk om niet af en toe eens een complimentje uit te delen. Dat moet gewoon kunnen. De biecht neemt hij allang niet meer individueel af, dat duurt veel te lang. De oplossing is collectief biechten, met wel driehonderd man tegelijk. Naar de geest van het evangelie wil hij leven, niet naar de letter. Het gaat om hulp bieden, niet om zieltjes winnen. Dus deelt hij gewoon condooms uit, al mag dat van de Paus niet.

Nu hij even voor vakantie terug is in België, kan hij maar moeilijk wennen. Hij verbaast zich erover dat iedereen nu een bad heeft met “broebelskes.” Word je daar dan nog schoner van? Hij hekelt hoe mensen omgaan met hun zogenaamde ‘quality-time’. “Ze willen efkes niks, maar ze willen altijd alles.” Maar ja, wie niet gelooft dat er na dit leven nog iets komt, moet het er nu uithalen. Pas echt fel wordt hij om zijn jongere broer die zijn vrouw wil verlaten voor een jonger exemplaar. Zijn broer ziet het huwelijk als een ‘hoofdstuk’ uit zijn leven dat hij ‘af kan sluiten’. André kan daar niet over uit. Vijftig jaar geleden besloot hij pater te worden en dat heeft hem richting gegeven, duidelijkheid. Hoe mensen delen uit hun leven kunnen ‘afsluiten’, dingen waarvoor ze ooit vol overtuiging gekozen hebben, wil hij niet begrijpen.

Niet dat André geen twijfels heeft. Zo nu en dan sust hij zichzelf: “Om goed te kunnen leven, moet je aan iets anders een beetje sterven.” Maar vaak genoeg twijfelt ook hij en is hij de wanhoop nabij. Van die emotie wordt het publiek in een onverwacht en overdonderend theatraal einde deelgenoot gemaakt. Na een uur indringend documentaire verteltheater slaat dit moment in als donder bij heldere hemel, onthutsend en verbijsterend. Missie biedt op een oprechte en ongekunstelde manier inzicht in iemand die zijn leven in dienst van een hoger doel heeft gesteld. Zodoende is Missie niet alleen een meeslepende, maar bovenal, een belangwekkende voorstelling. (Sara van der Kooi)
Terug naar boven

Doen waar je het beste in bent

That’s why they call us drama – The Hiphop Circus
Melkweg theater, Amsterdam • 11 september 2008

~

Ze zijn niet de beste dansers, zeggen ze zelf, maar het gaat om het plezier, het familiegevoel, de liefde voor elkaar en voor dans en doen wat je leuk vindt. The Hiphop Circus is een uit zijn voegen gegroeide streetdance & theater-crew, die zich kenmerkt door een grote diversiteit aan dansdisciplines. De tien jongeren komen energiek op in gekke en felle kledingcombinaties met hier en daar wat schmink op hun gezicht. Hiphop is een cultuur die vooral bekend staat om zijn muziekstijl, maar voor The Hiphop Circus blijft hiphop niet hangen in de bekende muziekstijlen als rap en R&B en de onlosmakende dansvorm breakdance. Voor de jongeren gaat hiphop en de lifestyle verder. Met een sensuele buikdansoptreden van een van de danseressen openen ze de avond. Vanaf dat moment is het een aaneenschakeling van verschillende dansstijlen, die vooral op straat en in de clubs terug te vinden zijn. Lockin’, poppin’, breaking, moderne dans en zelfs majorette komen in de half uur durende show voorbij. Terwijl de meisjes op nummers als ‘Lady Marmelade’ en andere popmuziek schudden met alles wat Moeder Natuur hen op hun leeftijd heeft gegeven, laten de jongens tijdens hun momenten op de vloer veel acrobatische bewegingen zien. De breakdancer, popper en lockers geven alles wat ze in huis hebben. Poppin’ wordt ook wel eens electric boogie genoemd. Helemaal swingend wordt het als twee lockers laten zien hoe soepel en vooral snel ze zijn. Synchroon locken ze en ze brengen door hun kleding de jaren vijftig even tot leven.. 

The Hiphop Circus is een groep jongeren met een liefde voor dans. Een strakke voorstelling, waarin de verschillende dansdisciplines in elkaar overlopen, is ´That’s why they call us drama´ niet. Ze laten voornamelijk zien dat ze verschillende dansstijlen beheersen. Dat de jongens, tussen het wisselen van de muziek en dansers op de vloer door, de microfoon pakken om van gedachten te wisselen met het publiek, moet volgens hen ook gewoon kunnen. ‘Just go with the flow’ is hun motto. Het is jammer dat tussen het wisselen van de dansers en de muziek stiltes vallen en de verschillende stijlen niet in een vloeibare beweging in elkaar overlopen. Dit haalt de snelheid uit de show. The Hiphop Circus is een parel die zich nog aan het ontwikkelen is in de schelp. De skills zijn aanwezig, nu nog een vloeiende lijn in de show en Amsterdam gaat nog veel horen van The Hiphop Circus. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven


Een dader is niet puur een dader


Parkeerterreinenblues – Krakatau
Coffee Company, Amsterdam – TF2 • 11 september 2008

Het ergste dat een ouder kan overkomen, is een kind verliezen. Het brengt veel verdriet met zich mee en laat een grote leegte achter. Hoe kan je hier het beste mee omgaan? En ís er eigenlijk wel een manier om ermee om te gaan? De vrouw in Parkeerterreinenblues is ten einde raad en besluit de man uit te nodigen die dit allemaal heeft aangericht. Want hoe gek het ook klinkt, hij is de enige op de hele wereld die haar begrijpt.

~

Samen zitten ze op een hotelkamer en na een lange stilte begint ze tegen hem te praten. Er klinkt woede in haar stem, ze wil dat hij ervan doordrongen is wat hij haar heeft aangedaan, hij heeft immers haar dochter doodgereden. Maar naarmate de tijd verstrijkt, komt ze erachter dat ze niet eens boos op hem kan zijn: ‘Ik zou u willen haten, maar vind u sympathiek.’ De man vraagt zich af wat ze van hem wil en na lang nadenken zegt ze dat niemand begrijpt wat ze doormaakt, behalve hij. Naarmate de avond vordert vertellen ze elkaar steeds meer en wordt hun band inniger. Slachtoffer en dader zijn zo erg met elkaar verstrengeld dat ze elkaar, in ieder geval voor die dag, niet los kunnen laten.

Het onderwerp van deze voorstelling is aangrijpend en laat je twee kanten van een verhaal zien. Een dader is niet puur een dader en een slachtoffer niet puur een slachtoffer. Iedereen is een mens die zoekt naar wat erkenning. Door ook het verhaal van de man erin te betrekken, is dit goed neergezet. Leonard van Herwijnen, die de rol van de man op zich neemt, weet echter niet erg te overtuigen. Hij praat veel binnensmonds, waardoor je hem niet altijd verstaat. Het helpt hierbij niet dat in de Coffee Company veel lawaai komt van de apparaten. Ook los van de man is dit irritant, omdat je hierdoor vaak afgeleid wordt. Van Herwijnen lijkt ook wat minder in zijn rol te zitten; soms speelt hij te overdreven en soms juist een beetje oppervlakkig. Joke Raes, die de rol van de vrouw speelt, weet wel te overtuigen en laat de wisselingen in de emoties goed zien. De ene keer is ze woedend, de andere keer verdrietig en soms weet ze helemaal niet wat ze met zichzelf aan moet. Ook als ze ingetogen speelt, doet ze dat op een aangrijpende manier; deze vrouw is volledig gebroken.

Parkeerterreinenblues laat op een indringende wijze zien wat een ongeluk kan aanrichten in het leven van de nabestaanden. Het goede is dat de voorstelling op geen enkele manier een oordeel velt. Het laat je juist zien dat iedereen mens is en dat ieder zijn eigen verhaal heeft. Een goed concept dat waarschijnlijk beter tot zijn recht was gekomen in een klein intiem theatertje dan in de Coffee Company. Misschien was Van Herwijnen dan ook veel beter te verstaan? (Fenna Vlekke)
Terug naar boven

Het leven is geen spelletje

Helmet – ISH
Rozentheater, Amsterdam – TF2 • 10 september 2008

~

Wij leven in een wereld die geregeld is door computers. En sommigen leven in een wereld, waarin ze de werkelijkheid niet meer kunnen onderscheiden van de virtuele wereld van computerspelletjes. Net als Helmet. Het publiek loopt de zaal in, terwijl de gamemaster hier achter in de zaal zijn gamekarakters aan het uitproberen is. De voorstelling wordt uitgevoerd in de vorm van een Playstation-game. De vloer is het beeldscherm waarbinnen de game met de karakters Sal, de eigenaar van gameshop ‘The Zone’ en ‘Helmet’, de puber Roddy die niet uit de gameshop is weg te slaan, de confrontatie met elkaar aangaan. De winkel is Sal’s gevangenis en Helmet’s heiligdom. Via verschillende levels, probeert de gamemaster hun ‘full lives’ op peil te houden. Bij iedere teleurstelling voor de karakters verliezen ze een deel van hun ‘lives’. Maar zij worden aangevuld als de gamemaster het level opnieuw speelt. Voor elk level heeft de gamemaster de keuze uit drie karakters die Sal kunnen spelen. Drie spelers van ISH. Hetzelfde geldt voor Helmet. Via een spot wordt het karakter gekozen. In het begin van het spel is Helmet nog een irritant hyperactieve jongen, die Sal maar vragen blijft stellen. Langzaam wordt de tragedie van beide karakters duidelijk. Maar ook de gamemaster blijkt uiteindelijk deel uit te maken van het verhaal van de game.

Helmet is een vertaling van het stuk van de Schotse schrijver Douglas Maxwell uit 2002. Het verhaal is gebaseerd op games en is in Groot-Brittannië zeer lovend ontvangen. Zoals het publiek van ISH kan verwachten is het een humoristische en energieke voorstelling, die zich helemaal afspeelt in de denkwereld van jongeren. Niet alleen de teksten worden in razend tempo geciteerd, ook de bewegingen van de zes jongeren zijn soepel, los en energiek. Het decor, dat totaal gemaakt is uit bruin karton, ziet er in het begin nog wat goedkoop uit. Maar staat uiteindelijk symbool voor de winkel. De shop is de kartonnen doos waarin Sal en Helmet kunnen wegvluchten voor de werkelijkheid. Het is alleen jammer dat de gamemaster, die achter in de zaal het spel bestuurt, niet altijd even goed te horen is. Zijn rol wordt pas laat in het spel duidelijk. Tot die tijd is hij slechts de zichtbare beatboxer die op een gameconsole speelt en voor de bijbehorende spelgeluiden zorgt. (Mariëlla Pichotte) 
Terug naar boven

In bed kan alles


40 Feathered Winks – The Paper Birds
Frascati, Amsterdam – TF2 – 6 september 2008

Foto: Robin Chamberlain

Foto: Robin Chamberlain

Twee bedden staan op de speelvloer, met lekker zachte kussens en dikke witte dekens erop. En eronder liggen twee mensen te slapen. Een wekker klinkt en de een rekt zich uit, de ander gaapt. Dan ineens steken vijf voeten en handen buiten de dekens. Daarna plots weer acht handen. Er liggen niet twee mensen in de bedden, het zijn er wel vijf. Gemiddeld brengt een mens een derde deel van zijn gehele leven in bed door. Dit gegeven prikkelde de verbeelding van de jonge Britse theatergroep The Paper Birds. Want wat doe je zoal in bed behalve slapen? In hun voorstelling 40 Feathered Winks onderzoeken ze wat er gedurende een mensenleven allemaal in bed kan gebeuren. De performers – drie vrouwen, twee mannen, allen gekleed in pyjama of nachtpon – tonen in sneltreinvaart de meest uiteenlopende situaties in of rond een bed. Van ingelukkig tot diepbedroefd, van springlevend tot (bijna) dood. Met acrobatische toeren en razendsnelle, strak gezette scènewisselingen schetsen ze op innemende wijze zeer herkenbare scènes.

Zo is daar het koppel dat – liefde op het eerste gezicht – niet kan wachten om met elkaar het bed in te duiken. Gretig trekken ze elkaar de kleren uit en beleven een geweldige nacht, gevolgd door een pijnlijk ongemakkelijke ochtend. In een volgende scène zien we hun tegenpolen: een ingekakt stel dat in bed alleen nog maar leest. Zelfs de liefdesdaad verrichten ze lezend, bij elk nieuw standje slaan ze een pagina om. Ook nachtmerries, slapeloosheid, dronkenschappen en geboortes (naïef verbeeld als een vlokje veertjes dat uit een onderbroek dwarrelt) komen voorbij. Aangrijpend is de vrouw met postnatale depressie die haar huilende kind niet kan troosten. In haar onmacht begraaft ze haar hoofd onder de dekens. Echter de meest verrassende scène is de scène tussen twee zussen in een ziekenhuis. De ene ligt in coma, de ander leest haar voor uit een Spaans woordenboek en organiseert uit verveling een heuse blind date met een mede-kasplantje. De zus in coma dwaalt intussen rond in een droomlandschap vol woordenboeken en continu verschuivende bedden. 40 Feathered Winks is een soepel lopende, dynamische, humoristische en vaak ronduit schattige voorstelling. De goed getimede live muziek en verrassende samples in ‘Amelie-sfeer‘ dragen hier mooi aan bij. Een onvervalste feelgood-voorstelling, voor iedere nachtvogel en zevenslaper. (Sara van der Kooi)
Terug naar boven

Een krachtige, intieme voorstelling die verrast

Mr. Theater komt thuis -Theatergroep Larf
Rozentheater, Amsterdam – TF2 • 6 september 2008

Niet vaak zie je zo’n intieme en krachtige voorstelling waar je nog uren van onder de indruk bent. De monoloog Mr. Theater komt anders thuis pakt je vanaf het eerste moment en laat je niet meer los. Het is een wrange beschrijving van de loop van het leven of de hoogtepunten van het theater; opkomst, liefdesscène, sterfscène en afgang.

Mr. Theater is gebaseerd op de voorstelling Thom Pain (Based on Nothing) van de Amerikaanse toneelschrijver Will Eno. In 2005 was het stuk genomineerd voor de 2005 Pulitzer Prize in Drama. Het stuk wordt omschreven als een ode aan de verbeelding en het associatievermogen van zowel speler als publiek. Het publiek ziet mr. Theater op een regenachtige dag of avond binnenkomen. Hij schudt zijn paraplu uit en slaat de druppels van zijn jas. Hij kijkt om zich heen en kijkt het publiek recht aan. Met een onderhuidse woede begint hij zijn verhaal te vertellen. Zijn decor, de huiskamer met tafels, stoelen en tapijttegels, gooit hij woest over de vloer en tegen de muren. Sommige rekwisieten, die met tape gerepareerd zijn, breken door de hardhandigheid. Maar dan gaat hij op zijn knieën om in vervoering de liefdesscène op te dragen. Om snel door te gaan naar de volgende scène. Lodder speelt met de klassieke theaterconventies. Hij zoekt de grenzen op en rekt ze uit. In Mr. Theater is niks zoals je verwacht. Het is zwaar en licht tegelijk, diepzinnig en luchtig.

In slechts een half uur ontroert, overtuigt, confronteert en verrast acteur Vincent Lodder in de rol van Mr. Theater. Zijn gevoel voor timing is perfect. Lodder gaat zo in zijn rol op dat het publiek zijn emoties voelt. Op enkele momenten zorgen zijn emoties en spel zelfs voor kippenvel. Het publiek wordt in de persoon van Mr. Theater voor het eerst aangesproken door het theater zelf. Lodder neemt met het spelen van dit stuk een risico. Het is geen makkelijk stuk om te zien en te spelen. Zonder Lodders verbeeldingskracht en associatievermogen en die van de kijker, blijft het stuk een onduidelijke samenhangsel van scènes. Gelukkig voor het publiek is Lodder Mr Theater en weet hij het publiek deelgenoot te maken van zijn verbeelding. Mr. Theater komt thuis is een afgeronde voorstelling die begint bij de opkomst van Mr. Theater en eindigt met precies dezelfde scene. Dit stuk verdient het om meer gezien te worden. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven

8WEEKLY zag eerder
8WEEKLY heeft het afgelopen seizoen natuurlijk ook niet stilgezeten. Op veel plekken in het land, én daarbuiten, streken we neer om te genieten van al het mooie dat theater brengen kan. Laten we de officiële juryselectie eens doornemen. Natuurlijk in willekeurige volgorde. Om te beginnen is daar Tourniquet van het Mechelse Abattoir Fermé. Deze voorstelling werd tijdens het Jonge Harten Festival in Groningen gezien. Meerdere geselecteerde voorstellingen hebben we op festivals gezien. Tijdens de afgelopen twee edities van het Festival aan de Werf zijn er twee voorstellingen gezien. Dries Verhoevens U bevindt zich hier was te zien op de editie van 2007 en dit jaar zagen wij Haar leven haar doden van De Veenfabriek. En we blijven nog even in Utrecht. Op het Tweetakt Festival hebben we Mijnheer Porselein van Studio Orka aanschouwd. Op de laatste editie van het Bossche Boulevard Festival zagen we de veel gehypete voorstelling Kamp Jezus van het onder NTGent opererende Wunderbaum. Tenslotte werd Romeinse Tragedies van Toneelgroep Amsterdam op het Holland Festival van 2007 gerecenseerd. Natuurlijk hebben we ook heel wat voorstellingen uit de juryselectie in de zaal gezien. Zo zagen we aanstormend talent Laura van Dolron haar voorstelling Laatste nachtmerrie opvoeren in de kleize zaal, werd Rococo van Hotel Modern wederom in Groningen gezien, kan Theatergroep Max en Jetse Batelaan ons bekoren met Het geheven vingertje en, tenslotte, zagen we De Pianist van Stichting (Inter)nationale Producties. De twee overgebleven voorstellingen uit de juryselectie, die we helaas niet gezien hebben zijn: www.win-een-auto.com van Bad van Marie en Wuivend graan van Hummelinck Stuurman Theaterproducties.

In tegenstelling tot het TF-1 hanteert het Amsterdam Fringe Festival geen jury. Er is een open inschrijving. 8WEEKLY heeft toch al twee voorstellingen weten te recenseren. Ook deze twee voorstellingen zijn op een festival gezien. Iets met paradijs van Convoi Exceptionnel op het Over ’t IJ Festival en Het koude kind van Toneelacademie Maastricht op de laatste editie van het ITs Festival. Daar hebben zij de ITs Award gewonnen en dat geeft ze het recht enkele voorstellingen op het Fringe te spelen.

De Vlaamse tegenhanger, het Theaterfestival in Antwerpen, laat nagenoeg dezelfde namen op de lijst van de Vlaamse jury zien. Twee voorstellingen van die lijst, naast die reeds genoemd zijn in de alinea over TF-1, hebben we gezien: I/II/III/IIII van Kris Verdonck en Tien geboden van NTGent. In Nederland is er ook een selectie te zien, tijdens het TF-4, en dat allemaal in De Brakke Grond. Van die 4 voorstellingen heeft 8WEEKLY tijdens het Oostendse Theater aan Zee Altijd Prijs van Compagnie Cecilia & HETPALEIS gezien. Op het Noorderzon Festival werd, tenslotte, The Ballad of Ricky and Ronny – a pop opera van het Brusselse MaisonDahlBonnema & Needcompany gezien. (Koen van Hees)

Reageer op dit artikel