Boeken / Achtergrond
special: Nijmeegse nachten 2 - slotavond Wintertuinfestival

Faust en een verjaardagsfeestje

.

Alweer voor de veertiende keer organiseerde Literair Productiehuis Wintertuin eind november in Nijmegen en Arnhem het Wintertuinfestival. Een week lang was er een bomvol programma met muziek, poëzie, theater en vooral heel veel literatuur.

Faust

Moustafa Stitou

Moustafa Stitou

Zoals elk jaar had het festival een actuele invalshoek. Dit jaar was er gekozen voor Faust. Actueel omdat Goethe tweehonderd jaar geleden het eerste deel van zijn Faust afrondde. Faust, die een pact sluit met de duivel en in ruil voor kennis zijn ziel verkoopt. De Wintertuin stelde haar deelnemers de volgende vraag: hoe hou jij de duivel buiten?

Ruim honderd schrijvers, dichters, dj’s, muzikanten en wetenschappers lieten hun licht schijnen over deze vraag. Een verslag van een kleine selectie hiervan, die optrad tijdens ‘Nijmeegse Nachten 2’, 29 november 2008 in het Lindenbergtheater in Nijmegen.

Krochten van de ziel

De Steigerzaal van het Nijmeegse Lindenbergtheater is omgetoverd tot een sfeervolle ruimte. Op het podium een dj, een piano, een videoscherm en doeken met daarop prachtige, wisselende projecties van de duivel en andere figuren. Vol trots kondigt Frank Tazelaar, sinds 1999 directeur van de Wintertuin, de gasten van de avond aan.

Wim Brands in gesprek met Oek de Jong

Wim Brands in gesprek met Oek de Jong

De avond begint met een gesprek tussen Wim Brands en Oek de Jong. Zij gaan vooral in op De Jongs roman Hokwerda’s kind, dat oorspronkelijk begon als verhaal voor de daklozenkrant. Brands wil van Oek de Jong weten of hij bij het schrijven van dit boek met zijn eigen duivel in aanraking kwam. De Jong bekent bij het schrijven van zijn ‘psychologie van een moord’ meer door Proust dan Goethe geïnspireerd te zijn. Maar bij het schrijven van elk verhaal, aldus De Jong, raak je dingen van jezelf, ga je op onderzoek uit in de diepste krochten van je ziel.

Twee buurvrouwen


In hoeverre draag je als schrijver verantwoordelijkheid voor je personages, wat zeggen zij over jezelf en wanneer wordt dat gevaarlijk? Interessante thema’s en vragen, die Wim Brands samen met Erik Jan Harmens later op de avond nogmaals voorlegt, dit keer aan de schrijfsters Vrouwkje Tuinman en Esther Gerritsen. Beiden schreven een roman waarin buurvrouwen een belangrijke rol spelen (respectievelijk Buurvrouw en De kleine miezerige god). Na een moeizame start ontwikkelt ook dit gesprek zich toch tot een interessante dialoog over buurvrouwen, geweld en vreemde vriendschappen.

Vrouwkje Tuinman zich liet inspireren door haar eigen ervaringen met het wonen in een afbraakpand en een van haar personages, een jongetje dat na een geweldsincident van school werd verwijderd, liep letterlijk haar verhaal binnen.

Esther Gerritsen verwerkte haar eigen ervaringen op een andere manier in haar roman De kleine miezerige god. Hoofdpersoon Dominique sluit vriendschap met haar buurvrouw. Ze wil deze opdringerige, irritante vrouw redden en gaat hierin erg ver. Schrijven, vertelt Gerritsen, is een manier om orde in de chaos te scheppen, grip te houden op de werkelijkheid. Allesbehalve gevaarlijk of grensoverschrijdend dus.

Best cool


Tussen deze twee interviews door wordt er nog een intiem verjaardagsfeestje gevierd en wel dat van H.H. ter Balkt, die de respectabele leeftijd van zeventig jaar bereikt. De Wintertuin wil hier aandacht aan besteden en nodig Ter Balkt, zijn vrouw en een aantal van zijn vrienden en collegaschrijvers uit. Wat het raakvlak met Faust is, blijft onduidelijk, maar een lief feestje is het wel.

H.H. ter Balkt

H.H. ter Balkt

Piet Gerbrandy en Frans Kusters spreken Ter Balkt toe, waarna twee jonge dichters, Saskia de Jong en Moustafa Stitou, voordragen uit eigen werk en werk van Ter Balkt. Michiel Braam speelt piano en tussendoor draait de dj Ter Balkts favoriete plaatjes. Ten slotte gaat Ter Balkt in gesprek met J.H. de Roder. Een van zijn studenten vatte de reikwijdte van Ter Balkts gedichten samen met de woorden ‘die vent is best cool’. En dat is hij zeker.

Het Wintertuinpubliek is breed: tegen het eind van de avond vertrekken de leesclubjes met hun gesigneerde boeken naar huis en stroomt de dansvloer vol met jonger publiek. Dronken dichters mengen zich moeiteloos tussen hen. Wat nou scheidslijn tussen feest en poëzie? Bij het Wintertuinfestival gaan zij hand in hand.




Reageer op dit artikel