Theater / Voorstelling

Vanuit een beklemmende jeugd naar toekomst zonder angst

recensie: Patrick Nederkoorn - Het komt nu wel heel dichtbij

Esthetisch oogt het niet heel fraai, de tweede voorstelling van Patrick Nederkoorn (1983). Het decor bestaat uit een luxaflex, waar zo nu en dan projecties op verschijnen van belabberde kwaliteit. Dat het wat amateuristisch aandoet, kan Nederkoorn waarschijnlijk niet zoveel schelen. Hij is een man van de inhoud. Toch ontbreekt net de finesse om er een mooi geheel van te maken.

Waar hij in zijn eerste programma Code Rood nog in ging op de staat van de zorg, kiest Nederkoorn nu duidelijk voor een geheel andere invalshoek. Dit keer vormen religie en angst de rode draad van zijn verhaal. Dat begint al in zijn vroegste jeugd, wanneer zijn moeder hem dreigend toespreekt wanneer een situatie lijkt te escaleren. Als Nederkoorn alle varianten van het christelijk geloof opsomt en zichzelf indeelt bij de ‘gereformeerd synodalen’, en aangeeft dat de ‘vrijgemaakte gereformeerden’ een gevaar vormen, is het discours duidelijk. Religie werkte als een rem en Nederkoorn ervoer daardoor zijn jeugd als beklemmend, zelfs in een saaie wijk in Amersfoort.

Fundamentalistisch opgevoed

Die angst voor het noodlot ziet hij, wanneer hij student is, ook terug bij de politie. Nederkoorn vertelt over een onschuldige grap die hij met zijn vrienden wil uithalen, waarop hij wordt gearresteerd en in de cel moet plaatsnemen. Na een huiszoeking zijn er aanwijzingen dat hij mogelijk een terrorist is; een telefoonnummer van een inmiddels roemruchte klasgenoot, een vluchtdocument van IranAir en een schoolschriftje met hakenkruizen zouden wijzen op een nogal ‘fundamentalistische opvoeding’. Voor de politie een reden om hem langer vast te houden.

Contrast

Nederkoorn vertelt het allemaal met een oprechte verontwaardiging, die zijn afkeer tegen religie voedt. Daarbij doet hij enkele verrassende uitspraken die aanzetten tot nadenken. Dat is gelijk het sterkste gedeelte van het programma: zijn stellingen werken eerder prikkelend dan dat ze om te lachen zijn. Het is een bijzonder contrast in Nederkoorns werk: zo kaal als de voorstelling wordt opgevoerd, zo rijk is de inhoud als het aankomt op actuele thema’s als veiligheid en angst.

Inhoudelijk sterk

Toch is het eindresultaat net niet bevredigend. De humor doet soms wat braaf en erg flauw aan, bijvoorbeeld wanneer hij een Marokkaans accent imiteert of over zijn seksuele onzekerheid rept. Het doet wat puberaal aan, en dat heeft Nederkoorn niet nodig. Beter concentreert hij zich op inhoudelijk sterke grappen, want hij toont aan dat dat hij originele gedachten heeft en ook iets zinnigs kan zeggen. Wellicht dat hij met zijn derde voorstelling vorm en inhoud naar een hoger niveau kan tillen.