Film / Films

Vader en dochter, plebs en elite

recensie: Toni Erdmann

Wilfried en zijn dochter Ines leiden totaal verschillende levens. Hij is een grappende muziekdocent, zij een stijve zakenvrouw. Als Wilfried op een dag bij haar op de stoep staat, lopen de spanningen hoog op. Kunnen deze tegenpolen elkaar leren te verdragen?

Opeens staat een geduldige postbezorger oog in oog met een grote bananenvretende ex-gevangene met een nepgebit en één geboeide hand. Het is een typetje van 65-jarige muziekdocent Wilfried (Peter Simonischek), wiens flauwe grappen kamers vullen met gezelligheid. Hij leidt een rustig leven samen met zijn hond. Heel anders is het leven van zijn dochter Ines (Sandra Hüller), die als succesvolle zakenvrouw de wereld rondreist. Lollige vader en stijve dochter zien elkaar nauwelijks. Totdat Wilfried op een dag onaangekondigd op de stoep staat in Boekarest.

In de dagen die volgen leren vader en dochter meer over elkaar dan ze misschien zouden willen. Wrijving ontstaat niet alleen vanwege hun verschillende persoonlijkheden, maar komt ook voort uit de werelden die ze bewonen. Wilfried komt van een krap, rommelig huis in een klein Duits dorp terecht in Ines’ jetsetbestaan. Ze schiet van vergaderruimtes door naar de club, van luxe restaurants naar netwerkborrels. De twee vertegenwoordigen respectievelijk plebs en elite. Is de kloof tussen hen te overbruggen?

Absurd

De Oscar voor beste buitenlandse film ging dit jaar aan Toni Erdmann voorbij, maar bij de Europese tegenhanger, de European Film Awards, nam het Duitse familiedrama toch maar mooi vijf prijzen in ontvangst: die voor beste film, regie, acteur, actrice en scenario. En, dat is het mooiste nieuws, geheel terecht. Met name Hüller valt op. Haar blikken verraden achtergehouden boosheid, onderdrukte teleurstelling in de leegte van haar carrière. Slechts af en toe doorbreekt een ongeplande lach haar stijve voorkomen. Maar haar sterkste moment beleeft ze toch wanneer ze op een eierschilderbijeenkomst, met onverhulde tegenzin, een waanzinnige cover van Whitney Houstons The Greatest Love of All ten gehore brengt.

Dat klinkt absurd, misschien, en dat is het ook. Toni Erdmann zit vol met zulke eigenaardige, tegendraadse, maar altijd emotioneel resonerende momenten. Zo infiltreert Wilfried als titelfiguur in de zakelijke wereld van zijn dochter, gaan de twee aan elkaar geboeid richting een belangrijke vergadering en culmineert het geheel in misschien wel de grappigste naaktscène van dit decennium. Af en toe kan zo’n moment wat geforceerd overkomen. Regisseuse Maren Ade grondt deze momenten echter in de gevoelens haar realistische personages, waardoor de film nooit ongeloofwaardig wordt.

Menselijk

‘Bist du überhaupt ein Mensch?’ vraagt een wanhopige Wilfried na de zoveelste netwerkborrel. Het antwoord laat lang op zich wachten – de film duurt ruim tweeënhalf uur –, maar de reis maakt het de moeite meer dan waard. Toni Erdmann is grappig en ontroerend, absurd en serieus, maar net als vader en dochter: boven alles vooral menselijk. Geschikt voor plebs én elite dus!